Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 5 van de 78 pagina's
Samenvatting

Volledige samenvatting Media economie en media structuren, Ugent 1e bach communicatiewetenschappen

Document preview thumbnail
Voorbeeld 5 van de 78 pagina's

Deze samenvatting omvat alle hoofdstukken van het boek 'De Media Machine' van Tom Evens voor het vak media economie en mediastructuren. Samenvatting werd gemaakt aan de hand van het boek en de lesslides. Alle belangrijke begrippen staan in het rood aangeduid. Ik heb enkel deze samenvatting gebruikt en ben in eerste zit geslaagd met 15/20.

Voorbeeld van de inhoud

Media economie en
marktstructuren
1. No buisiness like the mediabuisiness
Academisch onderzoek naar de media-economie is een relatief jong vakgebied
(pas laat vorige eeuw)

-> Voorheen: nauwelijks oog voor economische aspecten van mediabedrijven

= niet verwonderlijk: vooral vanuit verwante disciplines zoals sociologie,
psychologie, geschiedenis werd de rol van media in de samenleving bestudeerd.

Mediasector voor jaren 70: nauwelijks commerciele kenmerken (relatief
kleinschalig en onderling weinig concurrentie)

-> Veranderde vanaf jaren 80: mediasector ondergaat door wereldwijde
liberaliseringsgolf een snelle commercialisering

• In Europa werden monopolies van publieke omroepen opengebroken
• Commerciële televisie en radio braken door
• Marketingdenken raakte bij kranten en persbedrijven steeds meer
ingeburgerd
• Besef dat wetenschappelijke inzichten in de financiële en economische
krachten noodzakelijk waren om de werking en structuur van de media-
economie beter te begrijpen

Vanaf jaren 90: vakgebied dijt van Noord-Amerika uit naar andere delen van de
wereld

-> Deze internationalisering van media-economie als vakgebied gaat samen met de
internationale expansie van Amerikaanse mediabedrijven, opkomst van
multinationale media-ondernemingen en de integratie van regionale
mediamarkten in de wereldwijde media-economie

= Intussen uitgegroeid tot een invloedrijk deeldomein binnen
communicatiewetenschappen



1

, - Media-economie als vakgebied past economische theorieën, concepten en
principes toe om de werking en structuur van mediabedrijven en –
industrieën te verklaren
- Houd zich bezig met het begrijpen van financiële en economische
omstandigheden waarin mediabedrijven te opereren + een invloed
uitoefenen op de structuur en strategie van deze bedrijven

Robert Picard: één van de grondleggers van media-economie als onderzoeksveld

- “Media-economien bestuderen hoe mediabedrijven met beschikbare
middelen de informatie- en entertainementbehoeften van publiek,
adverteerders en samenleving vervullen.”

Deze middelen zijn niet onbeperkt en kunnen dus onmogelijk in alle behoeften
worden voorzien -> er ontstaat schaarste

Schaarse middelen nodig voor de productie van goederen en diensten =
productiefactoren

3 soorten productiefactoren

- Arbeid
- Grondstoffen
- Kapitaal

De prijs van deze productiefactoren komt tot stand door vraag en aanbod, deze
wisselwerking is één van de meest fundamentele principes van de
vrijemarkteconomie

Het evenwicht tussen vraag is aanbod is vrijwel altijd in beweging

BOX 1.1 SCHAARSTE OF OVERVLEOD?
Economie draait rond het crëeren van schaarste -> toch lijkt het erop dat het
gekenmerkt wordt door overvloed, niet zozeer door schaarste

- Het aanbod van content, platformen en toestellen is gigantisch
- Media heeft een niet-rivaliserend-karakter (hoe veel het gebruikt wordt,
zorgt er niet voor dat er minder van is)
o Maar toch: schaarste creert waarde (minder aanbod en hogere vraag
zorgt voor een hogere waarde)

DUS: media economie bestudeerd de wisselwerking tussen vraag en aanbod
binnen de media-industrie

2

,-> Hierbij kan micro- of macro-economie worden toegepast

− Micro-economie = focus op vraag en aanbod tussen individuele actoren
o Media-economie want, vraag hoe mediabedrijven hun schaarste
aanwenden
− Macro-economie = focus op gehele economische systeem, het ruimere
plaatje
o Bijzondere focus op economische groei, tewerkstelling, inflatie,
inport/export (...)

Waarom media bedrijven bestaan
Mediabedrijven vervullen verschillende industriële rollen, en komen in
verschillende groottes en vormen voor (producent, agregator)

Ondanks dat alle mediabedrijven verschillend zijn, delen ze een essentieel
kenmerk: ze zijn een onderneming

Economen verklaren het ontstaan, het gedrag en de structuur van ondernemingen
adhv theorieën van de onderneming:

Winstmaximalisatie
Neoklassieke visie: bedrijven stellen winstmaximalisatie voorop als doel + kosten-
en batenanalyse is één van de belangrijkste instrumenten in het economische
beslissingsproces

Omdat productiefactoren op verschillende manieren kunnen worden ingezet,
maken ondernemingen voortdurend, rationele keuzes met als doel: de optimale
uitkomst

− Maar... Kiezen is verliezen: bij elke keuze offert men een alternatief op = de
opportuniteitskosten = de waarde en opbrengst van het best mogelijke
alternatief ten opzichte van de uiteindelijk genomen beslissing

Neoklassieke economen zijn kritisch tegenover de rol van de overheid op de markt

- Niet de overheid, maar marktmechanismen cëeren een gunstige uitkomst
- Overheidsinterventie wordt doorgaans beschouwd als remmend en
verstorend
- Overheid mag zich uitsluitend moeien wanneer marktfalen optreed
o = Wanneer de markt onvoldoende werkt en er niet in slaagt de beste
uitkomst te creëren



3

, - Overheidsingrijpen worden ook geaccepteerd wanneer het aanbod
gerealiseerd door de markt vanuit maatschappelijk oogpunt achterwegen
blijft of schadelijk is
- Kan ook leiden tot overheidsfalen



BOX 1.2 DE NEOKLASSIEKE THEORIE IN DE MEDIA-
ECONOMIE
Door specifieke kenmerken kenmerken van de media-economie -> moeilijk om de
principes van de neoklassieke theorie op mediabedrijven toe te passen

Media-economie = lucratieve sector MAAR niet alle mediabedrijven jagen per
definitie winstmaximalisatie na (VRT,..) Sommige media-eigenaars proberen wel
politieke of culturele invloed te verwerven

Media-industrie wordt gekenmerkt door sterke mate van marktfalen,
overheidsingrijpen zijn vrij gebruikelijk

Mediabedrijven zijn onderhevig aan een uitgebreide regelgeving die het
maatschappelijke belang vd media waarborgt + genieten subsidies die de
productie van commercieel minder evidente genres ondersteunen

Transactiekosten
Bouwt verder op inzichten van Ronald Coase

- Ziet onderneming als een alternatief voor de markt
- Productie van goederen en of diensten kan in principe via een reeks losse
arbeidscontracten die productie per productie worden geregeld
o MAAR elke economische uitwisseling van goederen, geld of arbeid
gaat gepaard met extra transactiekosten (kosten die nodig zijn om
de transactie uit te voeren zoals bv zoek- en informatiekosten,
controle- en nalevingskosten, en contractkosten
o Ondernemingen kunnen deze kosten inperken door personeel via
langdurige arbeidscontracten in een gecentraliseerde structuur aan
zich te binden (Zeker voor seriële producties)
- Tegenover die besparing staan cöordinatiekosten om het werk te
organiseren en op te volgen (directeurslonen, communicatiekosten)

Wanneer de cöordinatiekosten lager zijn dan de transactiekosten biedt de
onderneming een efficiëntere oplossing dan transacties via de markt uit te voeren.



4

, BOX 1.3 DE TRANSACTIEKOSTENTHEORIE IN DE MEDIA-
ECONOMIE
Transactiekosten zijn alomtegenwoordig in creatieve industrieën (aankoop van
progammarechten) Voor specifieke opdrachten wordt doorgaans gebruik gemakt
van freelancers die éénmalig over de loop van een project worden ingehuurd

Mediabedrijven zullen daarentegen vast personeel aanwerven om dagelijkse
onderhandelingen te vermeiden

Tegengestelde belangen
Agency-theorie ziet de onderneming als een bundel van contracten tussen
verschillende patijen -> specifiek aandacht aan relatie tussen aandeelhouders en
het management

Aandeelhouders zijn de eigenaars van een onderneming -> willen maximaal
rendement op hun investering zien (winstmaximalisatie)

- Ze laten het dagelijkse beheer van hun onderneming over aan managers
met als doel de aandeelhouderswaarde op lange termijn te doen
toenemen
o Kan leiden tot opportunistisch gedrag dat tegen de belangen van de
aandeelhouders ingaat (persoonlijke belangen zoals hoge loon,
goede reputatie,..) ten kosten van belangen van aandeelhouders
▪ Principaal-agent-probleem: de opdrachtgever kan niet
volledig controleren of de opdrachtnemer zijn belangen
volledig nastreeft
▪ Via prestatiecontracten worden de belangen van
aandeelhouders en managers gelijkgesteld (bonus wanneer
het de winst gemaximaliseerd wordt, aandeelpaketten,..)

Ondernemingen zijn dus volgens de agency theorie effectieve beheersstructuren
om het risico op opportunistisch gedrag in een onderneming te verminderen

BOX 1.4 DE AGENCY THEORIE IN DE MEDIA ECONOMIE
Verschuivingen in management- en eigendomsstructuur = binnen agency-theorie
hoogst relevant

Sinds jaren 90: mediabedrijven functioneren als management-gecontroleerde
bedrijven waarbij managers niet langer enkel het operationeel beheer uitvoeren




5

Inhoudsopgave

  1. 01 1. No buisiness like the mediabuisiness 1
    1. BOX 1.1 SCHAARSTE OF OVERVLEOD? 2
    2. Waarom media bedrijven bestaan 3
    3. BOX 1.2 DE NEOKLASSIEKE THEORIE IN DE MEDIA-ECONOMIE 4
    4. BOX 1.3 DE TRANSACTIEKOSTENTHEORIE IN DE MEDIA-ECONOMIE 5
    5. BOX 1.4 DE AGENCY THEORIE IN DE MEDIA ECONOMIE 5
    6. Mediabedrijven zijn geen koekjesfabrieken 6
  2. 02 Media in België: Context 9
    1. Unieke context België: 9
    2. Complexe staatstructuur 9
  3. 03 Media in België: context 10
    1. Kleine markt brengt economische uitdagingen 10
    2. De Belgische mediamarkt bestaat feitelijk niet 11
    3. Krachtlijnen van ons medialandschap: 11
    4. 3 gemeenschappen, 3 mediaregulatoren 11
    5. Complexe staatstructuur 11
    6. Federale regulator voor elektronische communicatie 11
    7. - Toezicht op telecomnetwerken (en digitale platformen) 11
    8. Radio: Oudste audiovisuele medium 12
    9. Televisie: publieke monopolie bevestigd 12
    10. Commerciële televisie in liberaliseringsgolf 12
    11. Vanaf jaren ‘80: vrije markt- en neoliberale ideologie breekt door 12
    12. Dagbladpers 13
  4. 04 Media in België: Overzicht 13
    1. = Klavertje vijf van de vlaamse media 13
  5. 05 H2: Marktstructuren (Size matters) 13
    1. Mediamarkten 13
    2. Marktvormen 17
    3. Structuur-gedrag-prestatie 21
  6. 06 H3: De sterkste schakel 23
    1. Waardeketen vs productieketen 23
    2. Schakel 1:Productie 23
    3. Schakel 2: Aggregatie 24
    4. Schakel 3: Distributie 24
    5. Schakel 4: Interactie 25
    6. Structuur van de productieketen: zandloper 25
    7. Waar zitten de poortwachters in de productieketen? 25
    8. Trend 1: fragmentatie 27
    9. Trend 2: Disintermediatie 27
  7. 07 H4: Digitale cocktail 27
    1. Mediaconvergentie 27
    2. Technologie 28
    3. Format 29
    4. Industrie 29
    5. Regelgeving 30
    6. Convergentiestrategiën 30
  8. 08 H5: Hoe groter, hoe beter? 32
    1. Expansiestrategiën 37
  9. 09 H6: Iedereen platform! 42
    1. Kenmerken van platformen 43
  10. 10 H7: Follow the money 48
    1. Abonnementsmodellen 49
    2. Advertentiemodellen 51
  11. 11 H8: Een versnipperd publiek 53
    1. De geëngageerde mediagebruiker 57
    2. In de flow 57
  12. 12 H9: Het huis van vertrouwen 58
    1. Publieke mediaorganisaties : unieke plaats in europese mediaplandschap 58
    2. Een publieke opdracht 59
  13. 13 Tussen marktversterking en marktverstoring 62
  14. 14 H10: Creativiteit verzekerd 63
    1. Zin en onzin van het auteursrecht 64
    2. Exclusieviteit staat centraal 65
    3. Wat is territoriale exclusiviteit? 65
    4. ⚙️ Hoe werkt dit in de praktijk? 66
    5. ? Economische motieven achter territoriale exclusiviteit 66
  15. 15 H11: Het risico waard 67
  16. 16 H12: Drama van eigen kweek 67
    1. De fragillitiet van Vlaamse fictie 68
    2. Financiering en inkomsten 70
  17. 17 H13: Geen bal op de TV (mediasport-rechten) 75
    1. Win-winrelatie 75
    2. De markt van sportuitzendrechten 76
    3. De verkoop van sportuitzendrechten 77
    4. De distributie van sportuitzendrechten 77

Gekoppeld boek
 image
Tom Evens De mediamachine
Uitgever: 12 februari 2025 ISBN: 9789401492713 Druk: 1

Documentinformatie

Studie
Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
14 augustus 2025
Aantal pagina's
78
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€11,96

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
tessvdt
3,7
(3)
Verkocht
31
Volgers
0
Items
4
Laatst verkocht
1 maand geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen