Vraag Antwoord Aantal punten
1 B en C 1
2 B en C 1
3 1B - 2 B - 3A 1
4 C 1
5 Gemiddeld debiteurensaldo is € 1.694.000,-. 1
x € 14.000.000,- x 1,21 = € 1.694.000,-
6 Intensieve financiering is financieren met behulp van de afschrijvingsgelden. 1
Of: intensieve financiering is het zo goed mogelijk benutten van het
beschikbaar vermogen.
7 Omzetsnelheid is 5,6. 1
€ 7.000.000,- / € 1.250.000,-* = 5,6
* (€ 1.200.000,- + € 1.300.000,- ) / 2
8 Opslagduur is 64 dagen. 1
360 dagen / 5,6 = 64,3
(Let op doorwerkende fout vraag 7.)
9 Krediettermijn crediteuren is 43 dagen. 1
(€ 960.000,- + 1.080.000,-) / ,21 / € 7.100.000,-* x 360 dagen =
42,7 dagen
* (€ 7.000.000,- + € 1.300.000,- – € 1.200.000,-)
10 De krediettermijn debiteuren is 29 dagen. 1
* (€ 960.000,- + € 1.200.000,-) / 2 /1,.250.000,- x 360 dagen =
28,6 dagen
* Indien de kandidaat bij de vragen 9 en 10 geen rekening heeft gehouden
met omzetbelasting: dit slechts één keer fout rekenen.
11 Het werkkapitaal per 31 december is € 760.000,-. 1
€ 3.140.000,- – € 2.380.000,- = € 760.000,-
of € 5.500.000,- + € 4.320.000,- – € 9.060.000,- = € 760.000,-
12 De quick ratio per 31 december is 0,8. 1
(€ 1.200.000,- + € 640.000,-) / € 2.380.000,- = 0,77
13 Slechter. Een lagere quick ratio betekent een slechtere liquiditeit. 1
Geen punt indien de toelichting ontbreekt.
14 Eens: door de kredietduur te verlagen wordt het crediteurensaldo lager. 1
De teller blijft ongewijzigd, de noemer wordt kleiner en daardoor een
hogere dus betere quick ratio.
Geen punt indien de toelichting ontbreekt.
Proeftoets F5Kennis bedrijfseconomie, Uitwerkingen 5/9