100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

Hoorcolleges + Literatuur Psychopathologie bij kind en jeugdigen

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
50
Geüpload op
14-06-2025
Geschreven in
2024/2025

Dit document is een samenvatting van zowel de hoorcolleges als de literatuur van psychopathologie bij kind en jeugdigen, vak aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Informatie staat duidelijk in begrijpelijke taal omschreven, waarbij gebruik is gemaakt van zowel plaatjes als dik/ schuin drukkingen om hoofd en bijzaken te onderscheiden. Alle etiologische theorieën zijn duidelijk en bondig samengevat vanuit de literatuur, zodat ze gemakkelijk uit je hoofd te leren zijn. Veel succes met leren allemaal!

Meer zien Lees minder












Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Geüpload op
14 juni 2025
Aantal pagina's
50
Geschreven in
2024/2025
Type
College aantekeningen
Docent(en)
D. smeijers & m. van doorn
Bevat
Alle colleges

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Hoorcollege 1 – Introductie - Psychopathologie bij kind en jeugdigen

Afwijkend gedrag = als het op een bepaald moment WEL vertoond wordt, terwijl het niet in
overeenstemming is met wat volgens onze opvattingen gemiddeld en idealiter bij die
ontwikkelingsfase en de daarbij behorende ontwikkelingstaken behoort of NIET vertoond wordt,
terwijl dat volgens diezelfde opvattingen wel zou moeten.

Stoornis = als het gedrag afwijkend is als dat:
- Langdurig en niet meer situatie gebonden persisteert; dus over meerdere situaties
- De overgang naar nieuwe ontwikkelingsfasen en –taken blokkeert
- Voor de persoon en zijn/haar omgeving aanzienlijk lijden oplevert; beide aspecten belangrijk
- Meestal in bepaalde combinaties van gedragingen/symptomen voorkomt en in andere niet. Bv.
Bij ADHD komt druk zijn voor, samen met concentratieproblemen en impulsiviteit (alleen druk
zijn is geen stoornis). Dus een patroon met gedragingen die vaak samen voorkomen.
Het is niet ZWART of WIT; meest stereotype voorbeelden worden genoemd, maar veel individuele
verschillen. Belang is als basis goed in je hoofd zit, kan je net die afwijkingen van de norm ontdekken.

Ontwikkelingspsychopathologie = verwijst naar perspectief of denkkader dat je gebruik om
psychische problemen bij jongeren te begrijpen. Combinatie van ontwikkelingspsychologie (hoe
kinderen zich normaal gesproken ontwikkelen) en psychopathologie (studie van psychische stoornis)
➢ Hoe psychische problemen zich ontwikkelen binnen de normale ontwikkeling van een kind.
Vragen waar ontwikkelingspsychopathologie zich mee bezig houdt:
- Verband tussen ontwikkeling en psychopathologie
o Wanneer gaat niet-pathologisch gedrag over in pathologisch gedrag?
o Men kan bewegen tussen pathologisch en niet-pathologisch
- Verband tussen een vroege stoornis met de latere ontwikkeling
- Verband tussen een gebeurtenis in de vroege ontwikkeling met een latere stoornis
- Verband tussen een vroege stoornis met een latere stoornis
- Effect van een stoornis op het verloop van de huidige ontwikkeling
- Effect van ontwikkeling op de uitingsvorm van een stoornis

Epidemiologie = hoeveel kinderen in de populatie hebben deze problemen? Kan hierbij een
onderscheid maken in:
- Prevalentie = bestaande gevallen met een bepaald ziektebeeld in een bepaalde periode
Bv: 48% van de volwassenen (18-75) heeft ooit in het leven ≥ 1 psychische aandoeningen gehad
(Ten Have et al., 2023). 18% van de jongeren (12-25) had psychische klachten (CBS, 2022)
- Incidentie = aantal nieuwe gevallen wat erbij komt
Kan het met een badkuip vergelijken. Recurrence = opnieuw klachten
gekregen, er opnieuw in terugkomen. Mortality = bepaalde uitstroom, bv.
genezing/ overlijden.
Epidemiologie houdt ook bezig met de volgende onderwerpen:
- Verhouding jongens-meisjes
- Verdeling over levensloop
- Beginleeftijd

Etiologie = houdt zich bezig met factoren die ontstaan of in standhouden van psychische klachten.
- Predisponerende factoren = factoren die kunnen een kind vatbaar maken. Wil niet zeggen dat als
die factoren er zijn, sowieso stoornis is, maar maken wel kwetsbaarder. Risicovoller.
o Bv bepaalde genetica, hechtingsproblematiek, misbruik
- In standhoudende factoren = factoren die bestaande problematiek in stand houden.
o Bv stress in familie, familie die probleem ontkent, niet ondersteunend is, lage
eigenwaarde

,- Uitlokkende factoren = factoren die voorafgaand hebben plaatsgevonden aan de openbaring van
psychische problematiek, soort triggers
o Acuut stress, misbruik, pesten, verhuizen etc.
Factoren kunnen op verschillende plekken terugkomen. Per individu verschillend. Welke rol die
specifieke factor heeft gehad. Bv. Misbruik in verleden niet direct daarna psychische problemen
ontwikkelt, dan niet uitlokkend maar predisponerende factor. Van belang om te kijken wat is er
gebeurd, wanneer in de tijd en op die manier te bepalen wat voor risicofactor het is geweest.

Beschermende factoren = soort paraplu, beschermt tegen risicofactoren.
- Kunnen de ontwikkeling van psychologische problemen voorkomen
- Kunnen het effect van risicofactoren verminderen
- Karakteriseren kinderen met veerkracht (= resilience = weerstand)
Bv. Gezonde gezinssituatie, sociale steun, goede gezondheid. Familiesteun

Bij etiologie kunnen we niet praten over causaliteit + zelden is er maar 1 enkele factor die de oorzaak
is. Meestal gaat het om complex samenspel van meerdere factoren of een interactie daartussen.
- Belang om naar combinatie te kijken; individu en omgeving > gehele systeem. Individu niet
los zien van diens omgeving.

,Risicofactoren
Temperament, verschillende vormen van indelen:
- Moeilijk temperament = 10% van de kinderen, moeite met routines, vermijden, negatief
- Makkelijk temperament = 40% van de kinderen, positieve reactie op veranderingen
- Slow tot warm up = 15% van de kinderen, langzaam op nieuwe situaties, eigen tempo
- Andere vorm: teruggetrokken karakter (inhibited); verlegen, rustig in nieuwe situaties
- Niet-teruggetrokken karakter (uninhibited); open, vrolijk, nieuwe situaties aangaan

Copingstrategieën = helpen mensen omgaan met situaties waarin de eisen van een stressvolle
situatie niet in balans zijn met de beschikbare middelen om deze aan te pakken
- Emotie-gefocuste coping
- Probleem-gefocuste coping
- Vermijdende coping
Functionele coping = helpt beter om stress te beheersen en op een gezonde manier aan te pakken
Disfunctionele coping = bied op korte termijn verlichting, maar op langer termijn problemen oorzaken

Verdedigingsmechanismen = onbewuste strategieën die mensen gebruiken om angst te verminderen
wanneer ze met een conflict worden geconfronteerd:
- Hoog adaptieve verdedigingsmechanismen; anticipatie, affiliatie (samenwerken), altruïsme
(empathie zonder eigenbelang), humor, zelfassertie (opkomen voor jezelf), zelfobservatie en
sublimatie (oerdrift, zoals honger, omzetten in sociaal aanvaardbare vorm)
- Compromisvorming (mentale inhibitie); verplaatsing, dissociatie, isolatie van affect
- Grote beeldverstoring; autistische fantasie, projectieve identificatie en splitsing van het
zelfbeeld
- Actieniveau; acting out, apathische terugtrekking, hulp-afwijzend gedrag, passieve agressie

Over betrokkenheid + ouderlijke kritiek → expressed emotie →
Shizofrenie
Te weinig betrokkenheid → te weinig supervisie → achterstand in
taal → gedragsproblemen
Inconsistente discipline = niet adequaat reageren op regel
overtredend gedrag → verkeerde gedragingen internaliseren →
verwarrende communicatiepatronen → gedragsproblemen

Triangulatie = driepersoons interactie, waarbij kind tussen 2
conflicterende ouders komt te staan
- Overt triangulatie = ouders openlijk kritiek op elkaar
hebben en kind vragen kant kiezen
- Covert triangulatie = ouders niet openlijk kritiek
bespreken, maar angst voor separatie tussen kind en
ouder zorgt voor over-bescherming en inadequate
opvoeding

Hechtingspatronen van Mary Ainsworth

,Classificeren van probleemgedrag, zoomen we in op:
Symptoom = de kleinst beschrijfbare onderzoekseenheid in de geneeskunde/psychopathologie en
te beschouwen als ziekteteken
- Hoofdsymptomen: deze hebben voor de diagnose een directe oriënterende functie. Geven
richting van vorm van psychopathologie.
- Bij-symptomen: maken het beeld van de stoornis volledig zonder uit zichzelf direct
richtinggevend te zijn voor de diagnose. Bepalen niet het beeld maar maken het wel een
volwaardige stoornis, zonder daar echt richting aan te geven. Dus komen vaak ook voor bij
verschillende psychopathologie
Syndroom = een groep van (dikwijls) tezamen optredende symptomen.
Stoornis = afwijkend gedrag, langdurig, niet situatie gebonden, klinisch significant lijden,
belemmering op sociale, beroepsmatige of andere belangrijke levensgebieden en meestal in
bepaalde combinaties van gedragingen/symptomen

Doel van classificeren, drie hoofdfuncties:
1. Toegang tot kennis: informatie en expertise van professionals
2. Epidemiologische informatie: gegevens verzamelen over de prevalentie en verloop
3. Communicatie: gemeenschappelijke taal, beter onderzoek doen dus beter behandelingen
kunnen vinden; evidence-based behandeling

Wat van belang is om on te houden: classificeren en stellen van een diagnose is NIET hetzelfde.
Diagnose stellen komt hier niet aanbod.
- Bij classificeren is simpel weg aan het afvinken of iemand voldoende criteria/ symptomen
voldoet om van bepaalde psychopathologie te kunnen spreken. Dus lijstje afvinken
- Diagnose is breder dan dat; neemt hele etiologie mee, wat zijn alle factoren, om op die
manier een beeld te krijgen hoe het ontstaan is, tezamen met de huidige context.
Classificeren helpt clinici wel; het is dus een onderdeel van de diagnostische beschrijving. Je hebt
volledige beschrijving nodig voor een behandelplan te kunnen schrijven.

Hoe classificeren we? Meerdere opties:
Categoriaal = meer in hokjes denken, voldoe je aan juiste criteria. Heb je niet voldoende criteria dan
voldoe je er niet na
- DSM-5 (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders); wordt in NL meeste gebruikt
in klinische praktijk (GGZ). Zeer uitgebreid, voornamelijk psychische stoornissen
- ICD-10 (International Classification of Diseases). Beschrijft alle ziekten, ook psychische
stoornissen, geeft per stoornis een code, criteria en beschrijving van het verloop.
- DC 0-3R (Diagnostic Classification 0-3): is speciaal ontwikkeld voor het classificeren van
psychische stoornissen bij jonge kinderen (0–3 jaar). Het houdt rekening met de ouder-
kindrelatie en ontwikkeling.
Dimensioneel = meer op een continuüm te plaatsen, weinig en veel symptomen, dat het meer een
gradatie is
- ASEBA-schalen (Achenbach’s System for Empirically Based Assessment). Meet
gedragsproblemen langs twee dimensies: internaliserende, externaliserende problemen en
sociale problemen. Bij hoog scoren -> DSM. Belangrijkste onderdelen zijn CBCL, TRF, YSR
- SDQ (Strengths and Difficulties Questionnaire) = korte screeningsvragenlijst voor kinderen en
jongeren (en hun ouders/leerkrachten), die zowel problemen als positieve kenmerken meet.
- RDoC (Research Domain Criteria) = een onderzoeks-gericht model dat psychische stoornissen
niet classificeert op basis van symptomen, maar via onderliggende hersensystemen en
functies (zoals motivatie, cognitie, emotieregulatie).

Systeembenadering = ziet psychopathologie meer als functie of gevolg van bepaalde dysfuncties in
het systeem. Gezinnen met één probleem tegenover multi-probleem gezinnen. Simpel vs. complex

, Geschiedenis DSM
Aantal classificaties toegenomen > hebben we hetgeen nu
beter een naam gegeven of is de psychopathologie ook echt
toegenomen?

DSM-5 - Opgebouwd in verschillende assen:
AS I: Klinische stoornis; stoornissen van voorbijgaande aard
(bv. Angst en stemmingsstoornissen)
AS II: Persoonlijkheidsstoornissen + zwakzinnigheid
(stoornissen van niet-voorbijgaande aard)
AS III: Somatische aandoeningen
AS IV: Psychosociale + omgevingsproblemen
AS V: Algehele beoordeling van het functioneren (GAF-
score). Score voor algemeen functioneren van iemand

Ondanks dat de assen niet meer op de manier worden
gebruikt/weergegeven, wordt al deze informatie in de diagnose nog
steeds vermeld. De primaire diagnose wordt gekozen (hier is de
behandeling op gericht), de overige onderdelen worden in een lijst
daaronder weergegeven. Ook de GAF wordt nog niet opgenomen. Dit
is dus vergelijkbaar alleen wordt er niet meer naar een specifiek als
verwezenlijking. Het belangrijkste verschil met DSM-4 is dat je nu
duidelijk een primaire diagnose voor behandeling kiest. Het is
bovendien nog steeds geholpen om alle assen te lopen om zicht te
krijgen op alle gebieden en mogelijke problemen die daar spelen.
Omdat dit nu niet altijd meer systematisch wordt gedaan, worden
bepaalde zaken wel eens over het hoofd gezien en verwerkt minder lastig.

DSM-5 classificatie op basis van:
- Klinische blik; ervaring die behandelaar of therapeut heeft wordt ingezet om te herkennen
om welke classificatie gaat
- Semi-gestructureerde interviews; de MINI, in vraaggesprek op systematische manier vragen
- Observaties
- Meerdere bronnen; vaker de context meenemen bij jeugdigen (kind, ouder, school)

Context/ systeem
Binnen de ontwikkelingspsychopathologie kan individu niet los worden
gezien van de context.
Bestudeer:
- De geschiedenis van het individu; kind karakteristieken
- Zijn relationele context (ouders, peers); familie factoren, effect
behandeling hangt ook af van de omgeving
- Zijn schoolcontext, buurt, cultuur, professionele netwerk,
behandelsysteem
Begrijpen waarom iemand bepaalde psychopathologie laat zien, bepaalde
reactie meer adaptief in plaats van afwijkend.
"Door een ontwikkelingsgerichte benadering te gebruiken in de studie van
psychopathologie, zouden we kunnen ontdekken dat de stoornis verdwijnt
wanneer ze wordt begrepen als een van de vele aanpassingsprocessen tussen een individu en
levenservaringen." (Sameroff, 2000; p.298).

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
nientjedelangen Radboud Universiteit Nijmegen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
11
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
2 maanden geleden

5,0

3 beoordelingen

5
3
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen