Leerling, onderwijs en begeleiding
Deel A
Week 1
Onderwijsstelsels vergeleken: leren, werken en
burgerschap
Beleidsdiscussies over de inrichting van het Nederlandse
onderwijsstelsel
Redenen voor aanhoudend debat
Het debat over de inrichting van het Nederlands onderwijsstelsel is er nog
steeds. Daar zijn verschillende redenen voor:
- Beschikbaar van internationale data
- Continu veranderde samenleving
Kenmerken van het Nederlandse onderwijsstelsel
Selectie en differentiatie
Een van de belangrijkste kenmerken van het Nederlandse
onderwijssysteem is de selectie voor en differentiatie in verschillende
schooltypen met een eigen curriculum na de bassischool. Momenteel is er
een trend van verkorting en versmalling van de heterogene brugperiode.
De selectie vindt daardoor direct na een jaar plaats.
Gevolg: minder mogelijkheden voor op en afstromen en een sterke
scheiding tussen het beroeps- en algemeen vormend onderwijs.
Mobiliteit
Het Nederlandse onderwijsstelsel combineert een vroege selectie met de
mogelijkheid om door te stromen naar een hoger of lager niveau. Deze
stapelmogelijkheid biedt leerlingen de kans om verschillende niveaus te
behalen.de inspectie van het onderwijs geeft aan dat het stapelen
afneemt.
Beroepsgerichtheid
Het Nederlandse onderwijsstelsel kent een sterk ontwikkelde
beroepsgerichte poot. De laatste jaren stromen er steeds minder
leerlingen in op het vmbo. Daarbij legt het beroepsonderwijs ook meer
nadruk op verwerving van meer algemene vaardigheden zoals rekenen en
taal.
Standaardisatie
,Het Nederlandse onderwijs maakt gebruik van gestandaardiseerde
eindtermen.
Kenmerken (oefententamen)
Veel tracks
Vroege selectie
Sterke beroepskolom
Verschillende functies van onderwijs
In het onderwijs ligt er veel nadruk op de cognitieve ontwikkelingsfunctie
(= nadruk op bijdrage van het onderwijs aan de ontwikkeling van kennis
en vaardigheden), daarnaast heeft het onderwijs ook een
arbeidsmarktfunctie (= nadruk op bijdrage van het onderwijs aan de
economische groei) tot slot heeft het onderwijs ook een socialisatiefunctie
(= nadruk op bijdrage van het onderwijs aan het functioneren als burger in
de samenleving)
Policy trade-offs
Er is sprake van een policy trade-offs, dit betekent dat het stelsel zo wordt
ingericht dat de ene functie of groep leerlingen zo goed mogelijk wordt
bediend, dan kan dit ten koste gaan van de realisatie van een andere
functie van het onderwijs of een groep leerlingen.
Functies van het onderwijs en stelselkenmerken
Drie functies van onderwijs
Cognitieve ontwikkelingsfunctie: Het onderwijs moet bijdragen aan de
ontwikkeling van kennis en vaardigheden van leerlingen op alle niveaus. Er
is opnieuw aandacht voor de cognitieve ontwikkelingsfunctie, dit komt
doordat:
Vanuit de economie behoefte aan een hoger niveau van algemene
competenties zoals taal en rekenvaardigheden
We weten beter hoe leerlingen presteren ten opzichte van andere
landen.
Arbeidsmarktfunctie: Het onderwijs dient voldoende voor te bereiden op
de kenmerken van huidige en toekomstige banen.
Socialisatiefunctie: Het onderwijs dient betrokkenheid bijde samenleving in
brede zin te bevorderen.
Selectie
, Selectie van een onderwijssysteem geeft aan op welk moment en in welke
vorm leerlingen worden gescheiden voor verschillende
onderwijsloopbanen. Hier horen de leerstromen (tracks) bij. Kinderen uit
lagere sociale klassen krijgen bij uitstel van selectie meer de kans om
geselecteerd te worden op hun eigen capaciteiten. Een ander onderdeel
van selectie is het gemakkelijk kunnen over stappen, door het stapelen
wordt vroege selectie tegengegaan.
Nederland heeft een vroege selectie
Standaardisatie
Een tweede dimensie waarop onderwijssystemen verschillen is de mate
van nationale standaardisatie. Standaardisatie van input gaat over
factoren zoals studiematerialen en lerarenopleidingen en de output over
de centraal vastgestelde eindtermen.
Voordeel: transparantie van diploma’s
Nederland zijn onderwijsstelsel is met name gebaseerd op out
standaardisatie
Een land met weinig standaardisatie is de VS, België, Zweden, Spanje,
Zwitserland en Griekenland.
Beroepsgerichtheid
Het Nederlandse onderwijssysteem is sterk beroepsgericht met
beroepsopleidingen. De VS en Engeland hebben ook beroepsgerichtheid
onderwijs.
Samengevat
Als we het Nederlandse onderwijsstelsel zouden moeten samenvatten in
het licht van deze drie dimensies, is te zien dat
- Nederland selecteert vroeg en regide met veel tracks
- Nederland heeft een grote mate van outputstandaardisatie en
nauwelijks standaardisatie van inhoudelijke input is (behalve
standaar- disatie van geldstromen en lerarenopleidingen)
- Nederland heeft een omvangrijk beroepsonderwijsstelsel is dat
echter een minder grote duale component bevat dan andere landen
met een omvangrijk beroepsonderwijsstelsel.
Deel A
Week 1
Onderwijsstelsels vergeleken: leren, werken en
burgerschap
Beleidsdiscussies over de inrichting van het Nederlandse
onderwijsstelsel
Redenen voor aanhoudend debat
Het debat over de inrichting van het Nederlands onderwijsstelsel is er nog
steeds. Daar zijn verschillende redenen voor:
- Beschikbaar van internationale data
- Continu veranderde samenleving
Kenmerken van het Nederlandse onderwijsstelsel
Selectie en differentiatie
Een van de belangrijkste kenmerken van het Nederlandse
onderwijssysteem is de selectie voor en differentiatie in verschillende
schooltypen met een eigen curriculum na de bassischool. Momenteel is er
een trend van verkorting en versmalling van de heterogene brugperiode.
De selectie vindt daardoor direct na een jaar plaats.
Gevolg: minder mogelijkheden voor op en afstromen en een sterke
scheiding tussen het beroeps- en algemeen vormend onderwijs.
Mobiliteit
Het Nederlandse onderwijsstelsel combineert een vroege selectie met de
mogelijkheid om door te stromen naar een hoger of lager niveau. Deze
stapelmogelijkheid biedt leerlingen de kans om verschillende niveaus te
behalen.de inspectie van het onderwijs geeft aan dat het stapelen
afneemt.
Beroepsgerichtheid
Het Nederlandse onderwijsstelsel kent een sterk ontwikkelde
beroepsgerichte poot. De laatste jaren stromen er steeds minder
leerlingen in op het vmbo. Daarbij legt het beroepsonderwijs ook meer
nadruk op verwerving van meer algemene vaardigheden zoals rekenen en
taal.
Standaardisatie
,Het Nederlandse onderwijs maakt gebruik van gestandaardiseerde
eindtermen.
Kenmerken (oefententamen)
Veel tracks
Vroege selectie
Sterke beroepskolom
Verschillende functies van onderwijs
In het onderwijs ligt er veel nadruk op de cognitieve ontwikkelingsfunctie
(= nadruk op bijdrage van het onderwijs aan de ontwikkeling van kennis
en vaardigheden), daarnaast heeft het onderwijs ook een
arbeidsmarktfunctie (= nadruk op bijdrage van het onderwijs aan de
economische groei) tot slot heeft het onderwijs ook een socialisatiefunctie
(= nadruk op bijdrage van het onderwijs aan het functioneren als burger in
de samenleving)
Policy trade-offs
Er is sprake van een policy trade-offs, dit betekent dat het stelsel zo wordt
ingericht dat de ene functie of groep leerlingen zo goed mogelijk wordt
bediend, dan kan dit ten koste gaan van de realisatie van een andere
functie van het onderwijs of een groep leerlingen.
Functies van het onderwijs en stelselkenmerken
Drie functies van onderwijs
Cognitieve ontwikkelingsfunctie: Het onderwijs moet bijdragen aan de
ontwikkeling van kennis en vaardigheden van leerlingen op alle niveaus. Er
is opnieuw aandacht voor de cognitieve ontwikkelingsfunctie, dit komt
doordat:
Vanuit de economie behoefte aan een hoger niveau van algemene
competenties zoals taal en rekenvaardigheden
We weten beter hoe leerlingen presteren ten opzichte van andere
landen.
Arbeidsmarktfunctie: Het onderwijs dient voldoende voor te bereiden op
de kenmerken van huidige en toekomstige banen.
Socialisatiefunctie: Het onderwijs dient betrokkenheid bijde samenleving in
brede zin te bevorderen.
Selectie
, Selectie van een onderwijssysteem geeft aan op welk moment en in welke
vorm leerlingen worden gescheiden voor verschillende
onderwijsloopbanen. Hier horen de leerstromen (tracks) bij. Kinderen uit
lagere sociale klassen krijgen bij uitstel van selectie meer de kans om
geselecteerd te worden op hun eigen capaciteiten. Een ander onderdeel
van selectie is het gemakkelijk kunnen over stappen, door het stapelen
wordt vroege selectie tegengegaan.
Nederland heeft een vroege selectie
Standaardisatie
Een tweede dimensie waarop onderwijssystemen verschillen is de mate
van nationale standaardisatie. Standaardisatie van input gaat over
factoren zoals studiematerialen en lerarenopleidingen en de output over
de centraal vastgestelde eindtermen.
Voordeel: transparantie van diploma’s
Nederland zijn onderwijsstelsel is met name gebaseerd op out
standaardisatie
Een land met weinig standaardisatie is de VS, België, Zweden, Spanje,
Zwitserland en Griekenland.
Beroepsgerichtheid
Het Nederlandse onderwijssysteem is sterk beroepsgericht met
beroepsopleidingen. De VS en Engeland hebben ook beroepsgerichtheid
onderwijs.
Samengevat
Als we het Nederlandse onderwijsstelsel zouden moeten samenvatten in
het licht van deze drie dimensies, is te zien dat
- Nederland selecteert vroeg en regide met veel tracks
- Nederland heeft een grote mate van outputstandaardisatie en
nauwelijks standaardisatie van inhoudelijke input is (behalve
standaar- disatie van geldstromen en lerarenopleidingen)
- Nederland heeft een omvangrijk beroepsonderwijsstelsel is dat
echter een minder grote duale component bevat dan andere landen
met een omvangrijk beroepsonderwijsstelsel.