100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Economische Klantwaarde tentamen samenvatting boek

Beoordeling
2,5
(2)
Verkocht
9
Pagina's
44
Geüpload op
02-07-2020
Geschreven in
2019/2020

Samenvatting van het boek 'Basis van bedrijfseconomie voor non financials' van auteur Rien Brouwers en Piet de Keijzer. Deze samenvatting is een ontzettende goede samenvatting om het tentamen in één keer te halen.












Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
H3 (3.1 t/m 3.4), h4 (4.1 t/m 4.3), h5 (5.2, 5.3, 5.4, 5.7), h6 (6.2, 6.3, 6.4, 6.5, 6.1.1, 6.7, 6.8
Geüpload op
2 juli 2020
Aantal pagina's
44
Geschreven in
2019/2020
Type
Samenvatting

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting Economische Klantwaarde

Hoofdstukken:
 H3: Financiële overzichten (3.1, 3.2, 3.3, 3.4)
 H4: Investeringsselectie (4.1, 4.2, 4.3)
 H5: Werkkapitaalbeheer (5.2, 5.3, 5.4, 5.7)
 H6: Financiering van het bedrijf (6.2, 6.3, 6.4, 6.5, 6.1.1, 6.7, 6.8)
 H7: Alleen 7.2
 H17: Financiële analyse van de jaarrekening (Hele hoofdstuk)

Hoofdstuk 3 Financiële overzichten

3.1 Financiële overzichten
De bezittingen (debetzijde) en schulden (creditzijde) worden op de balans vastgelegd.
Balans = een overzicht van de bezittingen, de schulden en het eigen vermogen van een organisatie.
 een balans is een momentopname

Resultatenrekening = een overzicht waarop de opbrengsten en de kosten van de organisatie worden
weergegeven.

Kasstroomoverzicht = een overzicht waarin de geldstromen (ontvangsten en uitgaven) in een
bepaalde periode worden vastgelegd.

3.2 Balans
Er zijn twee manieren om bezittingen (en activiteiten) te financieren.
1. Met eigen geld (eigen vermogen)  hoeft niet te worden terugbetaald
2. Met geld van schuldeisers (vreemd vermogen)  moet wel worden terugbetaald

Een kenmerk van een balans is dat beiden zeiden aan elkaar gelijk moeten zijn. De debetzijde (activa)
moet even groot zijn als de creditzijde (passiva).

Vaste activa = zijn de bezittingen van een organisatie die langer dan één productieproces meegaan.
 Materiële vaste activa
Ook wel duurzame productiemiddelen genoemd, zijn bezittingen die je kunt zien en
vastpakken zoals: grond, gebouwen, machines, installaties en inventaris
 Immateriële vaste activa
Deze activa kan niet worden vastgepakt. Dit zijn meer de rechten die je hebt zoals
auteursrechten en domeinnamen. Wat ook onder immateriële vaste activa valt is goodwill.
Goodwill = het verschil tussen de betaalde waarde voor een bedrijf of onderdeken van een
bedrijf en de boekwaarde van de gekochte activa.
 Financiële vaste activa
Bedrijven kunnen het geld dat ze tijdelijk niet nodig hebben voor de bedrijfsuitvoering op
een bankrekening laten staan.

Vlottende activa = Alle bezittingen die binnen één jaar of één productieproces worden verbruikt en
binnen het jaar van de balans verdwijnen.
 Voorraden (van grondstoffen, halffabricaten naar eindproducten)
 Debiteuren (vorderingen op afnemers die op rekening hebben gekocht)
 Overlopende activa (bijvoorbeeld vooruitbetaalde verzekeringspremies)
 Beleggingen korter dan één jaar
 Liquide middelen (bank + kas)

,Eigenvermogen = het vermogen dat permanent aan de onderneming voor de financiering van de
vaste activa ter beschikking is gesteld
 Aandelenkapitaal = het totaal van het totaal uitgegeven aandelen vermenigvuldigd met
nominale waarde per aandeel
 Reserves = het gedeelte van het eigen vermogen dat niet kan worden toegerekend aan het
aandelenkapitaal (dus restpost)

Vreemd vermogen = Het vreemd vermogen bestaat uit vermogen dat tijdelijk door
vermogensschaffers aan de onderneming is verstrekt.

Vreemd vermogen lange termijn
 Voorzieningen (geld opzij zetten voor kosten die in de toekomst plaats kunnen vinden)
 Schulden (aan banken of derden die niet binnen ene jaar moeten worden afgelost

Vreemd vermogen korte termijn:
 Crediteuren
 Leningen die binnen een jaar moeten worden afgelost
 Overlopende passiva

Reserves
1. Agioreserves = het verschil tussen het ontvangen bedrag uit een aandelenemissie en de
nominale waarde van de uitgegeven aandelen
2. Herwaarderingsreserve
3. Winstreserve = winst die in een jaar niet wordt uitgekeerd

3.3 Resultatenrekening
De resultatenrekening is het overzicht van de opbrengsten en kosten van een organisatie.
De resultatenrekening begint altijd met de omzet. Daar wordt de inkoopwaarde vanaf getrokken
zodat je uiteindelijk de brutowinst overhoudt. Vervolgens worden daar nog de afschrijvingen en
overige kosten vanaf getrokken.

Omzet
IWO
Brutowinst

Het verschil tussen de brutowinst en de overige kosten is het bedrijfsresultaat. Dit wordt ook wel
EBIT genoemd (Earnings before interest and taxes).

,Omzet = is een bedrijfseconomische term die duidt op het totaalbedrag van verkopen van een
bedrijf in een bepaalde periode (prijs * hoeveelheid).

Financiële opbrengsten = zijn opbrengsten die voortkomen uit het aanhouden van onroerende
goederen, effectenwaarden, vorderingen of andere activa. Deze opbrengsten vloeien niet direct
voort uit de operationele activiteiten.

Incidentele opbrengsten = zijn opbrengsten met een eenmalig karakter. Bijvoorbeeld een verkoop
van een gebouw of een eenmalige zeer hoge opbrengst van poedermelk als gevolg van een
melkschandaal in China.

Kosten  Er zijn vele soorten kosten:
 Inkoopwaarde van de omzet; denk daarbij aan kosten van grondstoffen en halffabricaten.
Maar ook personeelskosten maken hier onderdeel van uit. Als kosten direct herleidbaar zijn
aan de omzet dan noemt men deze kosten ook wel directe kosten.
 Algemene kosten; zijn kosten die wel degelijk worden gemaakt voor het realiseren van de
omzet. Zij het dat deze kosten, bijvoorbeeld overheadkosten, niet direct aan een specifiek
onderdeel van de omzet toe te rekenen zijn. Algemene kosten worden ook wel indirecte
kosten genoemd. Het gaat hier onder andere over relatiegeschenken, afschrijvingen en
verkoopkosten. In het blok adviseren wordt ingegaan hoe je met verdeelsleutels indirecte
kosten toch aan producten of afdelingen kunt toerekenen.
 Interestkosten; dit zijn de rentekosten die betaalt moeten worden aan de verschaffers van
het vreemd vermogen. Oftewel de rentekosten over leningen die u bent aangegaan.
 Belastingen; veelal wordt hier gedoeld op alle kosten die voortvloeien uit de fiscale wet- en
regelgeving. Denk daarbij aan inkomstenbelasting of de vennootschapsbelasting.

Brutowinst; is de omzet minus de inkoopwaarde van de omzet. Een bedrijf verkoopt 500 computers
in 1 jaar. De verkoopprijs is € 1000 per computer en de inkoopprijs van de computers waren € 400
per stuk. De omzet is 500 x € 1000 = € 500.000. De inkoopwaarde is 500 x € 400 = € 200.000 -. De
Brutowinst = € 300.000.

EBIT (Earnings Before Interest and Tax); is een maatstaf voor de operationele inkomsten van een
onderneming voor aftrek van rente (interest) en belasting (tax). Het wordt gedefinieerd als de omzet
minus de kosten van gewone bedrijfsuitoefening, exclusief financiële baten en lasten en belastingen.

, De EBIT wordt vaak gebruikt voor het bepalen van de waarde van de onderneming hetgeen van
belang is voor de aandeelhouders.

Nettowinst; is een veelgebruikte boekhoudterm. De nettowinst is gelijk aan EBIT minus de te betalen
rentekosten: Earnings Before Tax (EBT) ofwel Nettowinst bij Kompjoetershop BV. Oftewel de
nettowinst is het geld dat overblijft nadat alle kosten (inclusief de rentekosten) van een onderneming
op de omzet in mindering zijn gebracht.

Winstverdeling; is de verdeling van de winst c.q. het resultaat. De Algemene
Aandeelhoudersvergadering (NV/BV) of de Algemene Ledenvergadering (vereniging/stichting) moet
een besluit nemen hoe zij de winst willen verdelen. Zo kan men besluiten om een deel van de winst
uit te keren aan de aandeelhouders via een dividenduitkering en een ander deel toe te voegen aan
het eigen vermogen van de onderneming. Uiteraard zijn hier allerlei varianten in mogelijk.

Overwinst; is de nettowinst van een onderneming na aftrek van belastingen en een redelijke
vergoeding over het eigen vermogen en het geïnvesteerde kapitaal. Met de overwinst kan je ook de
goodwill berekenen door de overwinst te vermenigvuldigen met een bepaalde factor

Kasstroomoverzichten worden gebruikt voor:
 Liquiditeit en solvabiliteit; op basis van kasstromen wordt bepaald of organisaties over
voldoende liquide middelen beschikken om uitgaven op korte en lange termijn te kunnen
betalen. Een meerjarig kasstroomoverzicht (ook wel liquiditeitsbegroting genoemd) geeft dus
de ontwikkeling van de liquiditeitspositie van een organisatie weer. Waar vervolgens weer de
solvabiliteitspositie (in combinatie met andere balansposten) kan worden afgeleid.
 Waardebepalingen ondernemingen; investeerders gebruiken kasstromen om de waarde van
een organisatie te bepalen. Dit omdat kasstromen (feitelijke in- en uitgaande gelden)
moeilijker zijn te manipuleren dan opbrengsten en kosten. Investeerders gebruiken voor de
waardebepaling van bedrijven veelal de zogenaamde vrije kasstroom. Een begrip dat
hieronder in het kasstroomoverzicht verder wordt toegelicht.
 Jaarrekening; naast de winst- en verliesrekening en de balans is het kasstroomoverzicht het
derde belangrijke document in de jaarrekening. Kasstromen geven meer dan de winst- en
verliesrekening inzicht in de financiële gezondheid van een organisatie. Verder hieronder is
een kasstroomoverzicht opgesteld en toegelicht.


3.4 Kasstroomoverzicht
Kasstroomoverzicht = laat zien hoeveel geld een bedrijf in een jaar per saldo netto heeft ontvangen,
hoeveel geld het bedrijf heeft geïnvesteerd en hoeveel geld er aan de vermogensverschaffers is
uitgekeerd. Het is dan ook een overzicht waarin een organisatie laat zien hoe de verandering van het
saldo op de bankrekening op twee balansdata tot stand is gekomen.

Een kasstroomoverzicht wordt gebruikt om voor de komende periode een inschatting te maken in
hoeveel geld men uit verschillende bronnen verwacht te ontvangen of uit te geven.
Je kan drie soorten kasstromen onderscheiden:
 Kasstroom uit operatiebasis (operationele kasstromen)
 Dit zijn de ontvangsten en betalingen die voortvloeien uit de dagelijkse activiteiten
waarmee de organisatie zijn geld verdiend. Bv: de betalingen van klanten en de betalingen
aan leveranciers, het personeel en de belastingdienst
 Kasstroom uit investeringsactiviteiten (investeringskasstromen)
 De kasstroom uit investeringsactiviteiten zijn de betalingen aan leveranciers van vaste
activa en de ontvangen van de verkoop van gebouwen, machines en inventaris die het bedrijf
niet meer nodig heeft

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 2 reviews worden weergegeven
1 jaar geleden

3 jaar geleden

2,5

2 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
1
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
floorjansen1505 Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
243
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
150
Documenten
30
Laatst verkocht
2 weken geleden

4,0

28 beoordelingen

5
11
4
10
3
4
2
1
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen