Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 113 pagina's
Samenvatting

Samenvatting strafrecht '24-'25,

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 113 pagina's

samenvatting van de lessen en de slides!

Voorbeeld van de inhoud

Strafrecht

Inleiding

Er worden onterechte effecten toegeschreven aan het strafrecht. Zwaardere
straffen werken meer recidiven in de hand. Dit is niet de berichtgeving die we
krijgen in de media. Gevaar voor punitief populisme: het voorstellen van
zwaardere straffen zonder daarbij rekening te houden met de werkelijke effecten
die straffen hebben.

- Celstraf is geen juridisch begrip, gevangenisstraf wel.
- Aanranding is geen correcte juridische term, maar aantasting van de
seksuele integriteit.

Uitgangspunt: iedereen komt ooit terug in de samenleving.

België is lid van de Raad van Europa dus dergelijke zaken als lijfstraffen of het
herinvoeren van de doodstraf zijn gewoon onmogelijk, ongeacht hoeveel er naar
gevraagd wordt.

Het strafrecht is niet het enige handhavingsmechanisme, kan ook bestuurlijk
gesanctioneerd worden door bv een GAS boete.

Strafwetboek 1867

Voor het Belgisch strafwetboek van 1867 was er de Code Napoleon, het Franse
strafwetboek. Haus en Nypels zijn aangesteld voor de totstandkoming van het
strafwetboek in 1867, maar het was in grote mate de erfenis van het
Napoleontisch strafwetboek.

Het strafwetboek van 1867 is geïnspireerd door de stroming van de klassieke
leer. Het schuldbegrip staat centraal, iedere mens kan kiezen tussen het goede
en het kwade, pleegt hij een misdrijf heeft hij hier zelf voor gekozen. Vervalt die
persoon terug in oude gewoontes, moet die nog zwaarder gestraft worden dan de
eerste keer. De doelstelling van bestraffing was vergelding, intimidatie en
preventie.

Eigentijds nieuw strafwetboek

Accuraat: moet garantie bieden voor rechtszekerheid. Rechtsregels zijn
afgestemd op de invulling van de rechtspraktijk. Als wetgever een billijk en
rechtvaardig straffenarsenaal uitdelen, zowel voor dader als slachtoffer.

Coherent: vlotte toepassing op concrete situaties.

Eenvoudig: strafrechtsregels kunnen best eenvoudig zijn want alle burgers
worden geacht de wetten te kennen.

Uitgangspunt van de gevangenisstraf als ultimum remedium

Veel aandacht aan resocialisatie en herstel, maar politiek heeft altijd het laatste
woord. Als de politiek niet wilt volgen, worden bepaalde regels gewoon niet

,gepubliceerd. Maar nog steeds zijn er strengere rediciveregels en TBS / verlengde
opvolging.




De bestraffingspijlers

- Gevangenisstraf als ultimum remedium
- Gelijkwaardige straffen, maar oog voor proportionaliteit en
individualisering van de bestraffing
- Gediversifieerd straffenpalet en strafniveaus
- Nieuwe vormen van bestraffing
- Strafuitvoeringsrechtbank (surb) als centrale uitvoeringsinstantie


Begripsbepaling strafrecht

Het strafrecht beoogt de handhaving van een aantal waarden in een bepaald land
op een gegeven ogenblik, plaats en tijd gebonden. De werkdefinitie luidt ‘het
strafrecht is het geheel van rechtsregels die bepaalde gedragingen strafbaar
stellen en sancties bepalen die op de daders toepasselijk zijn.

Drie sleutelbegrippen:
- Misdrijf
- Dader
- Strafrechtelijke sanctie

1. Misdrijf is een algemene term, vroeger was er nog de drieleding: overtreding,
wanbedrijf, misdaad. Onderscheid wordt gemaakt naargelang het
toepasselijke strafniveau.

Misdrijf: gedraging waarop de wet een sanctie stelt. Er meot een wettelijke basis
zijn om van een misdrijf te kunnen spreken, niet alles wat moreel verwerpelijk is,
is een misdrijf. Voorbeeld hiervan is vriendjespolitiek of belastingsontduiking in
bepaalde grenzen, moreel verwerpelijk ja, maar niet strafbaar. Het verbergen van
een lijk dat vermoord is door mijn kind, is niet strafbaar.

Geen wettelijke basis?  Geen misdrijf.

2. Strafrechtelijke sanctie: een straf is een strafrechtelijke sanctie, maar een
strafrechtelijke sanctie is niet enkel een straf, kan ook een maatregel zijn bv
internering.

Strafrechtelijke sanctie ≠ straf
- Ook maatregelen
- Internering
- Bestraffingsmodaliteiten bv straf met uitstel
- Punitieve sancties in de zin van artikel 6 EVRM (criminal charge)

Ook andere handhavingsmechanismes zoals de bestuurlijke sanctie bv
GASboete of tuchtsancties. Deze worden opgelegd door een bestuurlijke
overheid.

,3. Dader: moet een daderpersoon zijn, natuurlijk persoon, of een rechtspersoon.

Dieren kunnen niet strafrechtelijk verantwoordelijk worden gesteld, vroeger wel.
(plaats en tijd gebonden). Kan wel een instrument van een misdrijf zijn bv iemand
laten wurgen door wurgslang.

Er bestaan geen strafrechtelijke verantwoordelijkheid voor andermans daad.

Strafvordering kan worden opgestart zonder dat er een geïdentificeerd persoon
is. Als er na het vooronderzoek nog geen dader is geïdentificeerd, stopt het
verhaal. Dit door het principe van de niet-strafrechtelijke verantwoordelijkheid
voor andermans daad.
Dit zorgt voor seponering door het OM (na opsporingsonderzoek) OF beschikking
tot ontslag van onderzoek door raadkamer (na gerechtelijk onderzoek).

4. Kenmerken: vier kenmerken
- Sanctierecht: kan dat er op het einde van de rit een straf wordt
uigesproken, maar in werkelijkheid is dit een minderheid.
- Legaal recht
- Publiekrecht
- Autonome rechtstak

Legaal recht:

Nullum crimen sine lege: geen misdrijf zonder wet
Nulla poena sine lege: geen straf zonder wet

Publiekrecht:

De overheid straft omdat de openbare orde werd geraakt, niet omdat private
rechtsgoederen werden aangetast. Als slachtoffer heb je in een strafrechtelijk
verhaal niet veel te zeggen, de spilfiguur is het openbaar ministerie. Wanneer
het OM het niet opportuun vindt om over te gaan tot bestraffing, zal ze
seponeren.

Er is geen slachtoffer nodig om de strafprocedure te starten, vroeger waren er
klachtmisdrijven, nu zijn die er niet meer. Het slachtoffer mag zich niet inlaten
over de bestraffing, zal wel worden gehoord, maar in terme van bestraffing is
deze onnuttig. Enkel over de schadevergoeding kan deze gehoord worden. De
toestemming van het slachtoffer is irrelevant, tenzij de niet-toestemming een
constitutief bestanddeel is. Rechtsverwerking bestaat niet in het strafrecht.

Beschuldigde is enkel op zijn plaats voor de persoon die voor het Hof van Assisen
verschijnt. Anders ben je de beklaagde. Is er geen doorverwijzing gebeurd naar
de feitenrechten (politie, correctioneel,..) ben je verdachte. Als er een gerechtelijk
onderzoek wordt gevoerd ben je de in verdenking gestelde.

Dat het strafrecht publiekrecht is en de openbare orde raakt, zorgt er ook oor dat
er niet van afgeweken kan worden.

Autonome rechtstak:

Het is een handhavingsrecht met algemene draagwijdte.

, Het uitgangspunt van de conceptuele autonomie is belangrijk. Het strafrecht
bepaalt zijn eigen begrippenkader zonder gebonden te zijn door andere
rechtstakken. Uitzonderlijk moet er rekening worden gehouden met het burgerlijk
recht.




Hoofdstuk 1: De strafwet

1. Wat? Het legaliteitsbeginsel

Casare BECCARIA

“Dei delitti e delle pene”: ‘over misdrijven en straffen’. Wordt ook gezien als
geestelijke vader aangezien hij een zei dat er een wettelijke basis moet zijn voor
misdrijven en straffen.Heldere wetgeving was een remedie tegen willekeur en
wreedheid met noodzakelijke bestraffing, geen doodstraf meer, maar toch nog
repressie (bv. eeuwige slavernij als straf).

VON FEUERBACH

Wettelijke misdrijfomschrijvingen + straffen  psychologische dwang op dader.
De geestelijke vader Latijnse adagia nullum crimen sine lege: geen misdrijf
zonder wet en nulla poena sine lege: geen straf zonder wet.

Spiegelstraf: straf die het onderlinge misdrijf reflecteert, bv handen afhangen van
iemand die steelt.


1.1. Legaliteitsprincipe

- Niemand kan worden gestraft voor een misdrijf waarvan de bestanddelen
niet in de wet worden omschreven.
- Niemand kan worden gestraft met een straf waarin de wet niet voorziet.

Nurembergclausule: ‘dit artikel staat niet in de weg aan de berechting en
bestraffing van iemand die schuldig is aan een handelen of nalaten dat, ten tijde
van het handelen of nalaten, een misdrijf was overeenkomstig de algemene
beginselen die door de internationale volkerengemeenschap worden erkend.’

Kent verankering in andere wetteksten zoals de GW, het EVRM en het nieuw
strafwetboek.

Nurembergclausule:
- Art. 1 nieuw Sw.
- Art. 15 IVBPR

Inhoudsopgave

  1. 01 1. Wat? Het legaliteitsbeginsel 4
  2. 02 1.1. Legaliteitsprincipe 4
  3. 03 2. Hoe? Interpretatie van de strafwet 6
  4. 04 2.1. Verplichting van strikte interpretatie bij onduidelijkheid 7
  5. 05 2.2. Verbod analogie (enkel) in nadeel van beklaagde 7
  6. 06 3. Toepassing strafrecht ratione personae 7
  7. 07 3.1. Staatsrechtelijke immuniteiten 8
  8. 08 3.2. Volkenrechtelijke immuniteiten 8
  9. 09 4. Waar? Toepassing strafwet ratione loci 8
  10. 10 4.1. Territorialiteitsprincipe 8
  11. 11 5. Wanneer? Toepassing strafwet ratione temporis 12
  12. 12 5.1. Geldingskracht van de strafwet 13
  13. 13 5.2. Principes toepassing van de strafwet in de tijd 13
  14. 14 5.2.1. Niet-retroactiviteit van de strafwet 13
  15. 15 5.2.2. Retroactieve werking van de mildere strafwet = lex mitior 14
  16. 16 5.2.3. Toepassing overgangsrecht bij inwerkingtreding N.Sw. 15
  17. 17 1. Constitutieve bestanddelen van het misdrijf 16
  18. 18 1.1 Het materieel bestanddeel 17
  19. 19 1.2 Het moreel bestanddeel 18
  20. 20 1.2.1 Reglementaire misdrijven 19
  21. 21 1.2.2 Onopzettelijke misdrijven / onachtzaamheidsmisdrijf 19
  22. 22 1.2.2.1 Gebondenheid burgerlijke rechter? 19
  23. 23 1.2.3 Opzettelijke misdrijven 20
  24. 24 1.2.3.1 Algemeen opzet 20
  25. 25 1.2.3.2 Bijzonder opzet 21
  26. 26 1.3 Verzwarend bestanddeel 22
  27. 27 2. Classificatie van misdrijven 24
  28. 28 2.1 Misdrijf 24
  29. 29 2.1.1 Andere classificaties 25
  30. 30 2.1.1.1 Classificatie volgens de intrinsieke aard van het misdrijf 25
  31. 31 2.1.1.2 Classificatie volgens de materiële uitvoeringswijze 28
  32. 32 2.1.1.3 Overige classificaties 28
  33. 33 2.1.2 Afgeschafte classificaties 28
  34. 34 3. Strafbare poging (art. 9 Sw.) 29
  35. 35 3.1 Toepassingsvoorwaarden (cumulatief!) 29
  36. 36 3.1.1 Het voornemen om een opzettelijk misdrijf te plegen 29
  37. 37 3.1.2 Het begin van uitvoering 29
  38. 38 3.1.3 Niet-voltooiing van het misdrijf (buiten de wil van de dader) 30
  39. 39 3.1.4 Onmogelijk misdrijf 30
  40. 40 3.2 Bestraffing poging 30
  41. 41 3.2.1 Aanzetten tot het plegen van een misdrijf 31
  42. 42 4. Rechtvaardigingsgronden 32
  43. 43 4.1 Gebod of toelating bij de wet 32
  44. 44 4.1.1 Twee hypothesen 32
  45. 45 4.1.1.1 Toelating 33
  46. 46 4.1.1.2 Gebod bij de wet 33
  47. 47 4.2 Bevel van de overheid 33
  48. 48 4.2.1 Toepassingsvoorwaardem (cumulatief) 34
  49. 49 4.3 De noodtoestand 34
  50. 50 4.3.1 Toepassingsvoorwaarden (cumulatief) 34
  51. 51 4.4 De wettige verdediging 35
  52. 52 4.4.1 Toepassingsvoorwaarden (cumulatief) 36
  53. 53 4.4.2 Voorafgaande fout van de dader? 37
  54. 54 4.5 Het wettig verzet in geval van misbruik door de overheid 38
  55. 55 4.5.1 Toepassingsvoorwaarden (cumulatief) 38
  56. 56 1. Daderschap 39
  57. 57 1.1 Individuele strafrechtelijke verantwoordelijkheid 40
  58. 58 1.2 Vormen 40
  59. 59 1.3 Strafrechtelijke verantwoordelijkheid rechtspersoon 41
  60. 60 1.3.1 Toepassingsgebied ratione personae 42
  61. 61 1.3.2 Toepassingsgebied ratione materiae 42
  62. 62 1.4 Strafbare deelneming 42
  63. 63 1.4.1 Toepassingsvoorwaarden (cumulatief) 43
  64. 64 1.4.1.1 Het bestaan van een misdrijf of een strafbare poging 43
  65. 65 1.4.1.2 De wil om bij te dragen aan het plegen van het misdrijf 43
  66. 66 1.4.1.3 Betekenisvolle bijdrage tot het plegen van het misdrijf 44
  67. 67 1.4.1.4 Wettelijke deelnemingsvorm 44
  68. 68 1.4.2 Bestraffing strafbare deelneming 45
  69. 69 2. Schuldontheffingsgronden 50
  70. 70 2.1 Onweerstaanbare dwang 50
  71. 71 2.1.1 Toepassingsvoorwaarden (cumulatief) 51
  72. 72 2.2 Onoverkomelijke dwaling 51
  73. 73 2.2.1 Toepassingsvoorwaarde 52
  74. 74 3. Gronden van niet-toerekeningsvatbaarheid 53
  75. 75 3.1 Geestesstoornis 54
  76. 76 3.1.1 Internering 54
  77. 77 3.1.1.1 Opvolging en uitvoering 55
  78. 78 3.1.2 Verminderd toerekeningsvatbaar? 56
  79. 79 3.1.3 Behandeling onder vrijheidsberoving (art. 42 Sw.) 56
  80. 80 3.1.4 Psychopaten? 57
  81. 81 3.2 Minderjarigheid 57
  82. 82 3.2.1 Vlaams-jeugddelinquentiedecreet 57
  83. 83 3.2.2 Maatschappelijke antwoorden op jeugddelinquentie 58
  84. 84 3.2.3 Ouders en opvoedingsverantwoordelijken 58
  85. 85 3.2.4 Strafrechtelijke minderjarigheid 59
  86. 86 3.2.4.1 16≤ x <18 jaar – POLITIERECHTBANK 59
  87. 87 3.2.4.2 16≤ x <18 jaar – UITHANDENGEVING 59
  88. 88 3.2.4.3 GAS-wet 24 juni 2023 X≥14 jaar 59
  89. 89 1. Verschoningsgronden 62
  90. 90 2.1 Strafontheffende verschoningsgronden 62
  91. 91 2.2 Opgeheven of verboden straffen 63
  92. 92 2.3 Kenmerken van de straf 63
  93. 93 2.4 Uitvoering van de straf 64
  94. 94 2.5 De bestraffingspijlers Strafwetboek 2024 65
  95. 95 2.5.1 De doelstellingen van de straf 65
  96. 96 2.5.2 Gevangenisstraf als ultimum remedium 66
  97. 97 2.5.3 Proportionele bestraffing (art. 27 Sw) 66
  98. 98 2.5.4 Individualisering 66
  99. 99 2.5.5 Gediversifieerd straffenpallet met strafniveaus 67
  100. 100 2.5.5.1 Indeling straffen Sw. 2024 67
  101. 101 2.5.5.2 Hoofdstraffen natuurlijke personen 70
  102. 102 2.5.5.3 Bijkomende straffen natuurlijke personen 71
  103. 103 2.5.5.4 Hoofdstraffen rechtspersonen 71
  104. 104 2.5.5.5 Bijkomende straffen rechtspersonen 72
  105. 105 2.5.5.6 Geldboete 81
  106. 106 2.5.5.7 Verbeurdverklaring 83
  107. 107 2.5.5.7.1 Verplichte verbeurdverklaring-straf met neutralisatie-effect 83
  108. 108 2.5.5.7.2 Waardenconfiscatie / verbeurdverklaring bij equivalent 84
  109. 109 2.5.5.7.3 Rechten van bonafide derden op verbeurdverklaarde zaak 85
  110. 110 2.5.5.7.4 Geldstraf vastgesteld obv het verwachte of uit het misdrijf behaalde voordeel (art. 55 Sw.) 85
  111. 111 2.6 Straftoemeting 86
  112. 112 2.6.1 Straftoemeting met het oog op de individualisering 86
  113. 113 2.6.2 Bestraffingsmodaliteiten voor natuurlijk en rechtspersoon 95
  114. 114 2.6.2.1 Opschorting van de uitspraak van de veroordeling 95
  115. 115 2.6.2.2 Uitstel van tenuitvoerlegging van de straf (art. 65 Sw.) 95
  116. 116 2.6.2.3 Probatieuitstel (art. 65 Sw.) 96
  117. 117 2.6.3 Burgerrechtelijke bepalingen en beveiligingsmaatregelen 97
  118. 118 2.6.3.1 Burgerrechtelijke aansprakelijkheid voor de betaling van een vermogensstraf (art.66 Sw. 2024) 97
  119. 119 2.6.3.2 Teruggave en schadevergoeding 97
  120. 120 2.6.3.3 Hoofdelijke veroordeling tot de kosten (art. 68 Sw. 2024) 102
  121. 121 2.6.3.4 Voorrangsregeling bij onvermogen van de veroordeelde (art. 69 Sw. 2024) 102
  122. 122 2.6.3.5 Verbeurdverklaring als beveiligingsmaatregel (art.70 Sw.2024 102
  123. 123 2.6.3.6 Ontbinding van de rechtspersoon (art.71 Sw.2024) 102
  124. 124 2.6.3.7 Onwaardigheid om te erven (art. 72 Sw. 2024) 103
  125. 125 2.7 Tenietgaan van straffen en veroordelingen 103
  126. 126 2.7.1 Dood van de veroordeelde 103
  127. 127 2.7.2 Uitwissing van veroordelingen 104
  128. 128 2.7.3 Amnestie 104
  129. 129 2.7.4 Herstel in eer en rechten (art.621-634 Sv.) 104
  130. 130 2.7.5 Genade 105
  131. 131 2.7.6 Herziening (art.443 e.v. Sv.) 105
  132. 132 2.7.7 Verjaring van de straf (art. 74 Sw.2024) 105
  133. 133 2.7.7.1 Stuiting van de verjaring van de straf 106
  134. 134 2.7.7.2 Schorsing van de verjaring van de straf 106
  135. 135 2.8 Diverse bepalingen 107
  136. 136 2.8.1 Gevolgen van de veroordelingen uitgesproken in een andere lidstaat van de Europese Unie 107
  137. 137 2.8.2 Toepassing van de bepalingen van Boek I op Boek II en de bijzondere strafwetten, tenzij afwijkingen 107

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
20 januari 2025
Aantal pagina's
113
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€11,16

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
erinp0209
3,0
(1)
Verkocht
15
Volgers
0
Items
6
Laatst verkocht
6 maanden geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.

Reviews van geverifieerde kopers




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen