• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 80 pagina's
Samenvatting

Pathologie van de Verloskunde (Declercq) - samenvatting

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 80 pagina's

Dit is een samenvatting van de powerpoints van het stukje pathologie van de verloskunde gegeven door mevrouw Declercq. Dit is de inhoud: 1) inleiden vd baring 1 2) GBS infectie – profylactie 7 3) pijnstilling – epidurale analgesie 9 4) kunstmatig beëindigen vd baring 12 5) abnormale duur vd zws 15 6) afwijkingen in de foetale groei 21 7) afwijkingen vd placenta, VLIEZEN, navelstreng en vruchtwater 24 8) afwijkende ligging/houding vd foetus 26 9) hypertensieve aandoeningen tijdens de zws 37 10) Diabetes mellitus 45 11) meerlingenzwangerschap 50 12) Navelstrengprolaps 58 13) Schouderdystocie 60 14) Afwijkingen in duur van de baring 64 15) Moederlijke complicaties tijdens de arbeid 66 16) Bloedverlies per vaginam in het 2de en 3de zwangerschapstrimester 74 17) Hyperemesis Gravidarum 78 Dit vak wordt ook gegeven door Dr Filip Claerhout en Dr Piet Claerhout, dit zijn aparte samenvatttingen die ook op mijn account te koop staan;

Voorbeeld van de inhoud

1) INLEIDEN VD BARING
TERMINOLOGIE
 Inductie
- = kunstmatig op gang brengen ve arbeid mbv mechanische/farmacologische
middelen

 Inductie moet veilig zijn vr moeder en kind
- Pte moet induceerbaar zijn -> gunstige Bishopscore
- Foetus moet rijp zijn -> 38w
- Vaginale bevalling mogelijk

 Bishopscore
- Rijpheid vd cervix beoordeeld
- Bij een onrijpe cervix => toediening v prostaglandinen of nt-farmacologische
technieken => pre-inductie

Score 0 1 2 3
Ontsluiting 0cm 1-2cm 3-4cm >5cm
Verstrijking 0-30% 40-50% 60-70% >80%
Consistentie Stug Vrij week Week
Positie vd Achter In bekkenas Voor de
portio bekkenas bekkenas
indaling Hodge 1 Hodge 2 Hodge 3 Hodge 4



 Stimulatie
- = verder stimuleren vd arbeid als de arbeid bv stilgevallen is

 Naargelang duur vd zws
- Preterme inductie: <37 weken
- À terme inductie: 37-42 weken
- Postterme inductie: >42 weken

 Naargelang de gebruikte techniek:
- Mechanische inductie => ARM (amniotomie)
- Farmacologische inductie => oxytocine, PGL
- Gecombineerde inductie => ARM en oxytocine

 Naargelang de indicatie
- Medische inductie => wnr zws een “bedreiging” betekent vr foetus & moeder
- Nt-medische inductie => “vr het gemak”

,TEGENINDICATIES
 Weigering vh koppel
 Litteken uterus -> bij een overstimulatie is er een risico op een uterusruptuur
 Cerclage -> maken dat dit weg is vóór vaginale bevalling
 Ongekende duur zws
 Onrijpe cx
 <38w
 CPD -> cefalo pelvische disproportie (-> vb te grote baby tov te kleine baby)
 Groot kind
 Stuitligging

METHODEN INLEIDEN BARING

NIET-FARMACOLOGISCHE METHODEN


LOSWOELEN VD ONDERSTE EIPOOL (STRIPPEN VD VLIEZEN)
 Wat
- Losmaken vd vliezen in het OUS -> prostaglandines vrij
- Vinger in CX brengen & proberen te roteren tgn de uteruswand

 Contra-indicatie
- Placenta praevia
- GBS pos
- Gn vaginale partus mogelijk

TEPELSTIMULATIE
 Oxytocine komt vrij
 Uterus meer samentrekken

AMNIOTOMIE
 Wat
- Doorprikken vd vliezen thv onderste eipool dmv een puntig voorwerp
(=amniotoom)
- Enkel als voorliggend deel is ingedaald
- Uitgevoerd tijdens inwendig onderzoek

 Effectiviteit
- Bij rijper cx
- 2 a 3 cm ontsluiting

 Gevaren
- Verhoogd infectiegevaar
- Navelstrenguitzakking
- Loslating placenta
- Pijn en ongemak
- Vroege deceleraties (FHT)
- Vasa praevia




 Technische uitvoering
- FHT controle -> CTG blijft aanhangen

, - Pte op bedpan
- Inwendig Onderzoek
o POVASI
o Gn vasa praevia, gn voorliggende navelstreng, aanbiedend deel op
hodge 3, nt meer opdrukbaar, hoofdligging
o Best tijdens contractie => want dan zit er meer spanning op
- Vliezenbreker met punt nr beneden tss onderzoekend vingers schuiven
- Punt vd vliezenbreker nr boven richten => met de uitwendige hand => via
tang vliezen aanhaken en aanprikken
- Vliezenbreker met punt nr beneden richten & tang verwijderen
- Inwendige vingers ter plaatse houden -> om plotse afvloei v vruchtwater te
verhinderen (navelstreng)
- Openingetje verder scheuren & water geleidelijk laten aflopen
- Rapportage in dossier = zeer belangrijk => verhoogde kans op infectie => we
willen dat ze binnen 24u bevalt

Vochtblaas

 Wat
- Tekenen -> bij het verstrijken en ontsluiten vd cervix => vliezen die over
inwendige baarmoedermond gelegen => gedeeltelijk afscheuren vd
baarmoederwand = licht bloed verlies
- Vochtblaas -> vruchtwater w tss vliezen en voorliggend deel gestuwd ->
vochtblaas gevormd

 Rol vd vochtblaas
- Functie bij verstrijken en ontsluiten vd cervix
- Bescherming tgn infectie
- Beschermt het voorliggend deel tgn druk
- Belet prolaps navelstreng

 Vorm
- Plat
- Puilend
- Slap
- Worstvormig




FOLEYBALLONCATHETER
 Foley sonde CH 18 geplaatst
 Balloncapaciteit 30cc
 Plaats: transcervicaal extra-amniotisch
 Druk v ballon op cx => PGL vrijgemaakt => 12u later de bishopscore met 2-3
punten toegenomen


“COOK” CERVICAL RIPING BALLOON
 2 ballonnen v elk 80CC => 1 transcervicaal extra-amniotisch & 1 vaginaal
 Druk v ballon op baarmoederhals & vaginaal => PGL vrijgemaakt thv cervix =>
12u later bishopscore met 2-3 punten toegenomen




FARMACOLOGISCHE METHODEN

, PROSTAGLANDINEN
 Dubbele werking
- Uteriene effecten => oxytocine laten vrijkomen => myometrium ritmisch
laten contraheren
- Rijpingseffecten => verstrijken en ontsluiting cx + verweking vd portio

 Soort prostaglandines
- Natuurlijke prostaglandines E2 => dinoproston = prepidil, prostin => gebruikt
over levensvatbare foetus
- Synthetische PG E3 => bv zwangerschapafbreking, MIU

 Effecten
- Algemene effecten
 Veneus erytheem
 Hyperthermie
 Hypertonie vd uterus

- Neonatale effecten
 Hyperstimulatie -> foetale hypoxie => drdat bm kort na elkaar
samentrekken / te lang samentrekken => bradycardie

 Toedieningswegen
- Intra-cervicaal
 0,5 mg => 1 à 2 tabletten intra-cervicaal ingebracht
 Vliezen blijven bewaard & vormen met de cervixscheiding een gel =>
waardoor pilletje weker w & opgelost w
 Pte -> nt opstaan vr 1 u => anders kan pilletje zijn plaats verliezen
 Dr gynaecoloog
 Bij voldoende rijping => ARM

- Intra-vaginaal
 Tablet 3mg -> vaginaal in achterste fornix geplaatst
 PREPIDIL gel 0,5mg -> klaargemaakte spuit => inbrengen in cervix vr
os internum

- Oraal
 0,5mg => 1 a 2 tabletten
 Minder toegepast -> nevenwerkingen gastro-intestinaal
 ANGUSTA 25mcg/2u

- Extra-amniotische toediening
 Tylose gel 0,75mg/0,75ml
 Met balloncatheter 30cc
 Ballon w opgevuld (30cc) => daarna katheter afknippen, zodat men
spuit kan opzetten, gevuld met medicatie (tylose gel) & naspuiten met
10cc fysiologisch water (-> anders zit medicatie vast in slangetje) =>
knoop leggen in slangetje
 Ballon valt eruit na 3-tal cm


OXYTOCINE
 Oxytocine

Inhoudsopgave

  1. 01 Terminologie 1
  2. 02 Tegenindicaties 2
  3. 03 Methoden inleiden baring 2
    1. Niet-farmacologische methoden 2
    2. Farmacologische methoden 3
  4. 04 Verwikkeling 5
  5. 05 Wat is GBS? 6
  6. 06 GBS-screening 7
  7. 07 Risicofactoren vr GBS besmetting bij baby 7
  8. 08 GBS besmetting 7
  9. 09 Kan GBS-ziekte voorkomen worden? 7
  10. 10 Symptomen v GBS bij de baby !!!!!! 7
  11. 11 Medicatie 8
  12. 12 Pijnstilling 9
  13. 13 Niet-farmacologische pijn-controle 9
  14. 14 Farmacologische pijncontrole 9
  15. 15 Epidurale anesthesie 10
  16. 16 Spinale verdoving 11
  17. 17 indicaties voor keuze vh instrument 12
  18. 18 episiotomie 12
  19. 19 voorwaarden voor instrumentale kunstverlossing 12
  20. 20 forceps exctractie 12
  21. 21 vacuümextractie 13
  22. 22 sectio 13
  23. 23 fundusdruk 14
  24. 24 Definities 14
  25. 25 Spontane abortus (miskraam) 15
  26. 26 Vroeggeboorte 17
  27. 27 Post terme partus = partus serotinus 19
  28. 28 IUGR (Intra Uteriene Groei Retardatie) 20
    1. Inleiding 20
    2. Definitie 21
    3. Etiologie – epidemiologie 21
    4. Diagnose 21
    5. Behandeling 21
    6. Prognose 22
  29. 29 Macrosomie 22
  30. 30 Afwijkende placentavormen 23
  31. 31 Afwijkende placentastructuur 23
  32. 32 Afwijkingen vd navelstreng 24
  33. 33 Afwijkingen vruchtwater 24
  34. 34 Ligging-houding-stand 25
  35. 35 Hulpmiddelen bij bepalen vd stand 26
  36. 36 Afwijkende hoofdliggingen 26
    1. te kennen afmetingen schedelmaten 26
    2. kruinligging (military) 27
    3. achterhoofd posterior (occiput posterior) 27
    4. voorhoofdsligging (brow) 28
    5. aangezichtsligging 29
    6. hoge rechtstand 29
    7. persisterende dwarsstand = diepe dwarstand 29
    8. wandbeenligging / asynclitisme 30
    9. schouderligging 30
    10. dwarsligging – afgeweken lengteligging 30
  37. 37 stuitligging 31
    1. 3 soorten stuitligging 31
    2. Kenmerken 31
    3. Schrijfwijze 31
    4. Oorzaken 31
    5. Diagnose 31
    6. complicatie 32
    7. prenataal beleid 33
    8. contra-indicaties vaginale stuitbevalling 33
    9. beleid tijdens de arbeid – voorbereiding stuitbevalling 33
    10. beleid tijdens uitdrijving 34
    11. handgrepen bij stuitbevalling 34
    12. uitwendige kering of versie 35
  38. 38 inleiding 36
    1. wat is pet? 36
    2. epidemiologie 36
    3. oorzaak pre-eclampsie 36
    4. vroeg in zws grote veranderingen: 36
  39. 39 definitie – classificatie v hypertensie 36
    1. chronische hypertensie 36
    2. zwangerschaps afhankelijke hypertensie 37
    3. gesuperoneerde zwangerschapshypertensie of pre-eclampsie 37
    4. ongeclassificeerde hypertensie 37
  40. 40 pathofysiologie vd pre-eclamptische zws 37
    1. 1. abnormale placenta vasculatuur 38
    2. 2. endotheliale disfunctie en disbalans van angiogene en anti-angiogene factoren 38
    3. 3. hypercoagulatie 38
    4. sFLT-1 38
    5. serumwaarden PIGF EN SFLT-1 38
    6. algemeen pathofysiologie vd pre-eclamptische zwangerschap 38
    7. huidig concept van het ontstaanmechanisme van PET 39
    8. afwijkende placenta-aanleg kan door: 39
    9. early-onset (<34 zws duur) 39
    10. late-onset (>34 weken zws duur) 39
  41. 41 voorbeschikkende factoren = meer risico 39
  42. 42 diagnose 39
  43. 43 klinisch beeld en natuurlijk beloop 39
    1. symptomen 40
    2. labo 40
    3. echografie / CTG 40
    4. behandeling 40
  44. 44 predictie 42
    1. eerste trimester screening (12w) 42
    2. vrouwen MET symptomen van pe 43
    3. vrouwen zonder symptomen van pe 43
  45. 45 beleid bij opname 43
  46. 46 Soorten diabetes mellitus 44
  47. 47 Diabetes type 1 44
  48. 48 Diabetes type 2 44
  49. 49 Zwangerschapsdiabetes = GDM = Gestational Diabetes Mellitus 44
    1. wat 44
    2. veranderingen bij de zwangere: 45
    3. prevalentie 45
    4. meer bij: 45
    5. wat gaan we onderzoeken: 45
    6. complicaties op lange termijn 45
    7. !!! screening en diagnose !!! 46
    8. management 47
    9. verloskundige beleid – opname vk 47
    10. verloskundig beleid – postpartum 47
    11. voorafbestaande diabetes 48
  50. 50 inleiding -> soorten twin 49
  51. 51 definitie 49
    1. Dizygote tweeling 49
    2. Monozygote tweeling 49
  52. 52 frequentie 49
  53. 53 verhoogd risico maternele complicaties & neonatale morbiditeit & mortaliteit 50
  54. 54 diagnose 50
  55. 55 mc versus dc 50
  56. 56 complicaties 51
    1. tijdens zws voor foetus 51
  57. 57 prenataal beleid bij tweelingen 55
    1. Doel v prenatale zorg 55
    2. 1ste trimester echografie 55
    3. Verdere prenatale echografische opvolging 55
    4. Klinische opvolging 55
  58. 58 tijdstip vd bevalling 56
  59. 59 vaginale partus 56
    1. keuze voor sectio indien: 56
    2. vaginale geboorte 56
  60. 60 Inleiding 57
  61. 61 Gevolg van: 57
  62. 62 Risicofactoren 57
  63. 63 Definitie 58
  64. 64 Diagnose 58
  65. 65 Management 58
  66. 66 Beleid 58
    1. ROEP HULP ! 58
  67. 67 Inleiding 59
  68. 68 Epidemiologie 59
  69. 69 Risicofactoren antepartum zijn: 59
  70. 70 Risicofactoren intrapartum zijn: 59
  71. 71 Risico’s 60
    1. Materneel: 60
    2. Foetaal: 60
  72. 72 Beleid 60
  73. 73 AANDACHT tijdens de baring 60
  74. 74 AANPAK 60
    1. RUST EN RUIMTE 61
    2. ACTIE!!! 61
  75. 75 Na de partus 62
  76. 76 Verslaggeving door alle partijen 62
  77. 77 Langdurige ontsluiting 63
    1. Fasen in ontsluitingsfase: 63
    2. Definitie langdurige ontsluiting 63
    3. Diagnosemiddelen voor stagnatie – progressie arbeid: 63
    4. Oorzaken van geringe progressie 63
    5. Therapie: 64
  78. 78 Langdurige uitdrijving 64
    1. Uitdrijvingsfase w bepaald dr: 64
    2. Diagnose: 64
    3. Oorzaken: 64
    4. Complicaties bij langdurige uitdrijving 64
    5. Behandeling bij langdurige uitdrijving 64
  79. 79 Risico’s van fundusdruk 65
    1. Bij het kind: 65
    2. Bij de moeder: 65
  80. 80 Tijdens de baring 65
    1. Foetaal lijden 65
    2. Diagnosestelling van foetale nood 65
    3. Hypoxemie, hypoxie en asfyxie 66
  81. 81 Moederlijke complicaties 66
    1. Overzicht 66
    2. Hypertonie 66
    3. Uterusruptuur 67
    4. Cervix- en vaginaruptuur 68
    5. Haemorrhagia postpartum (PPH) 69
    6. inverso uteri 72
  82. 82 Inleiding 73
  83. 83 Antepartum genitaal bloedverlies 73
  84. 84 Oorzaken van bloedverlies na de abortusperiode: 73
    1. Bij placentaire oorzaken: 73
    2. Laattijdig miskraam 74
    3. Tekenen of verlies van de slijmprop 74
    4. Placenta praevia 74
    5. Abruptio placentae 76
    6. Vasa praevia: 76
  85. 85 Inleiding 77
  86. 86 Verschillen tussen Emesis en Hyperemesis 77
    1. Emesis 77
    2. Hyperemesis 77
  87. 87 Mogelijke oorzaken 77
  88. 88 Symptomen 77
  89. 89 Anamnese => klinische tekenen 78
  90. 90 Differentiële diagnose 78
  91. 91 Lichamelijk onderzoek 78
  92. 92 kliniek 78
    1. Biologische veranderingen 78
  93. 93 Laboratoriumonderzoek 78
  94. 94 Behandeling 79
    1. Fysiologisch braken 79
    2. Criteria voor hospitalisatie 79
    3. Aandachtspunten bij opname 79
    4. behandeling bij opname 79
    5. Medische behandeling 80

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
18 december 2024
Aantal pagina's
80
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€7,16

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Verkocht
70
Volgers
5
Items
30
Laatst verkocht
3 weken geleden


Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen