Hoorcollege 2 (10-2): De Wetenschappelijke Revolutie
Standaardbeeld van wetenschap
- Wetenschap moet empirisch zijn.
- Wetenschap werkt met wetten.
- Wetenschap is kritisch.
- Standaardbeeld is belangrijk maar roept ook veel vragen op.
- Standaardbeeld van wetenschap opgekomen in de Wetenschappelijke Revolutie.
o Zegt veel over het standaardbeeld van de wetenschap.
o Relevant voor historici om historisch naar wetenschap te kijken.
De Wetenschappelijke Revolutie
1. Contrast met aristotelische wetenschap.
2. Rol Renaissance-humanisme.
3. Kenmerken nieuwe wetenschap.
4. (vroegmoderne) Filosofische reflectie op kennis.
1: Contrast met aristotelische wetenschap
Aristotelische wetenschapsvisie:
- Aristotelische wetenschapsvisie tot ver in de 17 e eeuw zeer invloedrijk.
- Aristoteles (384-322 BC) -> drie vormen van kennis:
o Theoretische kennis;
Zuivere kennis van onveranderlijke zaken in de wereld; natuurkunde en
natuurwetenschappen, wiskunde, theologie, metafysica.
Natuurwetenschappen staan niet los van de observaties van de natuur.
Tegenwoordig andere onderscheiding.
Contemplatief, kennis die je verwerft door na te denken én empirisch,
waarnemingen van de natuur.
o Praktische kennis;
Kennis die je nodig hebt om moreel verantwoord te handelen; ethiek,
politieke wetenschappen, maatschappijwetenschappen.
o Poëtische kennis;
Kennis nodig om iets te maken; meubelmaker, dichters, beeldhouwers.
Onderscheid: voor ons kunst iets heel anders dan kennis. In post-
romantische opvatting van kunst is een dichter iets anders dan een
meubelmaker. Voor Aristoteles is kunst iets dat je maakt zoals tafels en
stoelen.
- Kennis is een deductief systeem:
o Deductie is een soort redeneren, iets afleiden uit iets anders.
o Bij Aristoteles hebben deductieve redeneringen de vorm van een syllogisme.
Uit twee eufemismen (stellingen) haal je één redenering die waar is.
Alle mensen zijn sterfelijk, Socrates is een mens, dus Socrates is
sterfelijk.
Alle zuivere kennis in zulke deductieve structuren vatten, dan pas begrijpen
en verklaren waarom het zo is en met zekerheid iets over onveranderlijke
natuur zeggen.
Alle kennis is logisch herleidbaar tot bepaalde eerste principes.
Wetenschappelijke kennis is een hiërarchische structuur met aan de top
, bepaalde principes waaruit je alle uitspraken over de werkelijkheid kan
herleiden.
- Principes:
1. Alle natuurlijke beweging is beweging naar een natuurlijk rustpunt.
2. Alle gedwongen beweging vereist een voortdurende inspanning van de beweger.
- Vier oorzaken:
o Causa materialis (materiële oorzaak).
Materie waarvan iets gemaakt is.
o Causa formalis (vormoorzaak).
Het principe dat iets maakt tot wat het is.
o Causa finalis (doeloorzaak).
Doel waarvoor iets is gemaakt.
o Causa efficiens (bewerkingsoorzaak).
Datgene/diegene die iets bewerkstelligt.
- Aristoteles wetenschapsbeeld wordt vooral als teleologisch gezien. Het idee ligt bij
Aristoteles bij de doeloorzaak “Iets is er omdat het een bepaald doel heeft.”
o Allerlei organische processen hebben ook een bepaald doel. Deze teleologie is in de
westerse geschiedenis heel lang belangrijk geweest.
2: Rol Renaissance-humanisme
Humanisme:
- Kritiek op aristotelische filosofie en wetenschap.
- Herontdekking filosofie van Plato.
- Opkomst filologie (tekstwetenschap), proberen iets te zeggen over ontstaansperiode en
kritische tekstwetenschap komt op.
- Ontdekking anachronisme; sommige denkbeelden en vormen van teksten horen in bepaalde
tijdsbeelden. Kunnen niet begrepen worden met hedendaagse visie.
- Humanisme Renaissance ging in beperkte mate over de natuur en was meer gericht op wat
wij nu geesteswetenschappen noemen. Ging echter ook over natuurwetenschappen en
droeg bij aan Wetenschappelijke Revolutie.
- Lorenzo Valla (1407-1457):
o Ontmaskering ‘Donatio Constantini’. Tekst kon onmogelijk in de periode geschreven
zijn wat het claimde.
- Complexe relatie tussen Wetenschappelijke Revolutie en humanisme:
o Zelfbeeld nieuwe wetenschap als breuk met het verleden.
o Two cultures in historiografie.
Aan de ene kant natuurwetenschappen en aan de andere kant
geesteswetenschappen.
o Invloed humanisme op nieuwe wetenschap (ontdekkingen, methoden).
In het humanisme herontdekking teksten uit de Oudheid, soms inspiratie
voor de natuurwetenschappen.
Ook al claimen wetenschappers uit de revolutie dat zij zich van het
humanisme afzetten, het humanisme heeft invloed op de revolutie gehad.
3: Kenmerken nieuwe wetenschap
Transformatie beeld universum
- Van geocentrisch naar heliocentrisch (van de aarde naar het heelal)
Standaardbeeld van wetenschap
- Wetenschap moet empirisch zijn.
- Wetenschap werkt met wetten.
- Wetenschap is kritisch.
- Standaardbeeld is belangrijk maar roept ook veel vragen op.
- Standaardbeeld van wetenschap opgekomen in de Wetenschappelijke Revolutie.
o Zegt veel over het standaardbeeld van de wetenschap.
o Relevant voor historici om historisch naar wetenschap te kijken.
De Wetenschappelijke Revolutie
1. Contrast met aristotelische wetenschap.
2. Rol Renaissance-humanisme.
3. Kenmerken nieuwe wetenschap.
4. (vroegmoderne) Filosofische reflectie op kennis.
1: Contrast met aristotelische wetenschap
Aristotelische wetenschapsvisie:
- Aristotelische wetenschapsvisie tot ver in de 17 e eeuw zeer invloedrijk.
- Aristoteles (384-322 BC) -> drie vormen van kennis:
o Theoretische kennis;
Zuivere kennis van onveranderlijke zaken in de wereld; natuurkunde en
natuurwetenschappen, wiskunde, theologie, metafysica.
Natuurwetenschappen staan niet los van de observaties van de natuur.
Tegenwoordig andere onderscheiding.
Contemplatief, kennis die je verwerft door na te denken én empirisch,
waarnemingen van de natuur.
o Praktische kennis;
Kennis die je nodig hebt om moreel verantwoord te handelen; ethiek,
politieke wetenschappen, maatschappijwetenschappen.
o Poëtische kennis;
Kennis nodig om iets te maken; meubelmaker, dichters, beeldhouwers.
Onderscheid: voor ons kunst iets heel anders dan kennis. In post-
romantische opvatting van kunst is een dichter iets anders dan een
meubelmaker. Voor Aristoteles is kunst iets dat je maakt zoals tafels en
stoelen.
- Kennis is een deductief systeem:
o Deductie is een soort redeneren, iets afleiden uit iets anders.
o Bij Aristoteles hebben deductieve redeneringen de vorm van een syllogisme.
Uit twee eufemismen (stellingen) haal je één redenering die waar is.
Alle mensen zijn sterfelijk, Socrates is een mens, dus Socrates is
sterfelijk.
Alle zuivere kennis in zulke deductieve structuren vatten, dan pas begrijpen
en verklaren waarom het zo is en met zekerheid iets over onveranderlijke
natuur zeggen.
Alle kennis is logisch herleidbaar tot bepaalde eerste principes.
Wetenschappelijke kennis is een hiërarchische structuur met aan de top
, bepaalde principes waaruit je alle uitspraken over de werkelijkheid kan
herleiden.
- Principes:
1. Alle natuurlijke beweging is beweging naar een natuurlijk rustpunt.
2. Alle gedwongen beweging vereist een voortdurende inspanning van de beweger.
- Vier oorzaken:
o Causa materialis (materiële oorzaak).
Materie waarvan iets gemaakt is.
o Causa formalis (vormoorzaak).
Het principe dat iets maakt tot wat het is.
o Causa finalis (doeloorzaak).
Doel waarvoor iets is gemaakt.
o Causa efficiens (bewerkingsoorzaak).
Datgene/diegene die iets bewerkstelligt.
- Aristoteles wetenschapsbeeld wordt vooral als teleologisch gezien. Het idee ligt bij
Aristoteles bij de doeloorzaak “Iets is er omdat het een bepaald doel heeft.”
o Allerlei organische processen hebben ook een bepaald doel. Deze teleologie is in de
westerse geschiedenis heel lang belangrijk geweest.
2: Rol Renaissance-humanisme
Humanisme:
- Kritiek op aristotelische filosofie en wetenschap.
- Herontdekking filosofie van Plato.
- Opkomst filologie (tekstwetenschap), proberen iets te zeggen over ontstaansperiode en
kritische tekstwetenschap komt op.
- Ontdekking anachronisme; sommige denkbeelden en vormen van teksten horen in bepaalde
tijdsbeelden. Kunnen niet begrepen worden met hedendaagse visie.
- Humanisme Renaissance ging in beperkte mate over de natuur en was meer gericht op wat
wij nu geesteswetenschappen noemen. Ging echter ook over natuurwetenschappen en
droeg bij aan Wetenschappelijke Revolutie.
- Lorenzo Valla (1407-1457):
o Ontmaskering ‘Donatio Constantini’. Tekst kon onmogelijk in de periode geschreven
zijn wat het claimde.
- Complexe relatie tussen Wetenschappelijke Revolutie en humanisme:
o Zelfbeeld nieuwe wetenschap als breuk met het verleden.
o Two cultures in historiografie.
Aan de ene kant natuurwetenschappen en aan de andere kant
geesteswetenschappen.
o Invloed humanisme op nieuwe wetenschap (ontdekkingen, methoden).
In het humanisme herontdekking teksten uit de Oudheid, soms inspiratie
voor de natuurwetenschappen.
Ook al claimen wetenschappers uit de revolutie dat zij zich van het
humanisme afzetten, het humanisme heeft invloed op de revolutie gehad.
3: Kenmerken nieuwe wetenschap
Transformatie beeld universum
- Van geocentrisch naar heliocentrisch (van de aarde naar het heelal)