ORGANISATIEPSYCHOLOGIE
HOORCOLLEGE 1: HOOFDSTUK 1: INLEIDING TOT DE
ORGANISATIEPSYCHOLOGIE
1. INLEIDING
VERSCHILLENDE UITDAGINGEN BINNEN DE ORGANISATIE: UITDAGING 1:
VERANDERING
We leven nu in een VUCA-omgeving flexibiliteit is belangrijk
o Volatility
Tijden veranderen snel, waardoor een organisatie snel moeten
kunnen reageren en adapteren
o Uncertainty
De toekomst is onvoorspelbaar, we weten niet wat er gaat
gebeuren.
o Complexity
Processen worden steeds ingewikkelder
o Ambiguity
Een dubbelzinnige, vage, onzekere omgeving, waarbij de
veranderingen die er doorgevoerd worden onzekere resultaten met
zich meebrengen
o Agility
Flexibiliteit om mee te kunnen gaan met de veranderingen
Cruciaal in een veranderende omgeving
Levenslang leren:
o Dit gaat alleen wanneer een organisatie bereid is om in te zetten op LLL
(levenslang leren).
o HRM beleid van de 21ste eeuw voor levenslang leren
Kritisch denken
Creatief denken
Ondernemingszin
Oplossingsgericht
Zorgzaamheid
Computitional thinking
Informatie vervaardigen
Mediawijsheid
Ict-basisvaardigheden
Communiceren
Samenwerken
1
, Sociale en culturele vaardigheden
Loopbaancompetities
leergoesting
o Dit is een essentieel element om te blijven renderen op de werkplek.
VUCA competenties:
o 4 competenties die noodzakelijk zijn in een VUCA omgeving:
Vision: om richting te kunnen geven aan de toekomst (kort- en lang
termijn)
Clarity: Op een heldere manier een aanpak hebben
Understanding: Analytisch vermogen hebben om veranderingen te
kunnen begrijpen
Agility: Wendbaarheid, flexibiliteit
VERSCHILLENDE UITDAGINGEN BINNEN DE ORGANISATIES: UITDAGING 2:
SCHAARSTE OP DE ARBEIDSMARKT
War for talent
o Schaarste op de arbeidsmarkt
o Vergrijzing van de bevolking
o Hogere beroepsmobiliteit bij de jongere generatie
Jongeren gaan rapper van baan veranderen
Veel vraag naar verschillende jobs
o Nieuwe jobs door digitalisering
o Sectorspecifieke uitdagingen
creëren van omgeving waarbij jobs niet ingevuld geraakt
jobs met veel vraag alleen het beste binnenhalen
Jobcrafting
o Jobinhoud aanpassen aan
Kennis
Vaardigheden
Talenten
Interesses
Behoeften van de medewerker
o Streven naar een passende jobinvulling
o Focus op creëren van een balans tussen taken die energie geven en taken
die energie kosten
2. WAT IS ORGANISATIEPSYCHOLOGIE
Organisatiepsychologie = studie van gedrag in organisaties
Dit kan gaan om zowel individueel gedrag, als collectief/gedrag in groepen
Individueel gedrag:
o Perceptie = hoe ervaart of neemt iemand zijn werk waar?
o Prestatie = welke prestaties levert de werknemer?
o Motivatie = hoe kunnen we hun gemotiveerd krijgen?
Collectief/gedrag in groepen:
o Hoe komen groepen tot stand?
o Welke typen groepen zijn er?
o Leiderschap
DOEL?
o Verklaring kunnen geven voor gedrag
o Voorspellen van gedrag
2
,3. GESCHIEDENIS VAN DE ORGANISATIEPSYCHOLOGIE
Adam Smith (1716)
o Nestreven van de individuele welvaart resulteert in een maximale welvaart
voor de samenleving
o Geboorte van de taakverdeling
Ieder verschillende taken
Samenwerken voor het maken van een product
Als je maar een klein deeltje moet uitvoeren specialiseren
o Comparatieve voordelen
Goede match job inhoud en talenten van werknemer
Frederick Taylor (1911)
o Scientific management
Organisatie is
Wetenschappelijk
Rationeel werken
o Time is money
Machines
Welke bewegingen heeft de werknemer
Timen hoelang de bewegingen duren
Schrappen om productie te verhogen
Kijken hoe bewegingen sneller kunnen
o Luie medewerkers
Niet gemotiveerde werknemers
Geen intrinsieke motivatie
o Prestatieloon
Tegen luiheid
Hoe meer je produceert hoe meer geld
Industriële psychologie
o Aandacht voor rekrutering
o Selectie voor beloningsbeleid, training en opleiding
o Aanpassing van de mens aan de organisatie
Omgekeerde jobcrafting
Taken aangepast op de mens
o Leidde uiteindelijk naar vervreemding (wisten niet waar ze mee bezig
waren omdat de rol zo klein was)
Elton Mayo (1924)
o Grondlegger van de human relations beweging
o Hawthorne experiment
Nagaan wat de invloed is van de omgeving op de motivatie en de
productiviteit van de werknemer
Productiever en gemotiveerder omdat ze meer aandacht kregen
productie stijgt
o Organisatie als sociaal systeem
Revisionisme
o Niet enkel sociale relaties
o Hackman & oldham
Perceptie van zinvol werk
Ervaren verantwoordelijkheid
Kennis van resultaten
o Organisatie als technisch en sociaal systeem
3
, o Eerste voor van HRM
o Zet zich af tegen human relationsbeweging en scientific management
4. WAT IS EEN ORGANISATIE
2 of meer personen
Realiseren van doelstellingen
Missie
Stakeholders (tegengestelde belangen)
Bewust
Structuur
Gericht op toekomst
o Eenmanszaak is geen organisatie
o Meerdere mensen die bewust samenkomen om doelstellingen te realiseren
en bijdragen aan een missie en om dat te kunnen doen is er een
organisatiestructuur vereist
o Organisatie is afhankelijk van stakeholders
5. TENDENSEN IN ONZE HEDENDAAGSE ORGANISATIES
Virtuele bedrijf
o De lege doos
o Maximaal uitbesteden van taken
o United colors of benetton
Mensgerichte organisatie
o Verhogen van inzetbaarheid
Taakverbreding: werknemers krijgen meer diverse taken
Taakverrijking: werknemers krijgen meer verantwoordelijkheid en
autonomie binnen hun functie
o Verhogen van betrokkenheid
Groepswerk
o Empowerment
Decentralisatie: niet alle beslissingen bij het management. Opdelen
in kleine teams die zelf beslissingen maken
o Een mensgerichte organisatie <-> scientific management.
Kennisonderneming
o Kennis als belangrijkste economische hulpbron (Peter Drucker)
o Van arbeider naar kenniswerker
o De lerende organisatie
o Oude kennis achterlaten en nieuwe kennis omarmen agility
o Trend naar hoog opgeleid personeel
Geautomatiseerd bedrijf
o Beperkte menselijke factor
o AI
o ERP Processen (Enterprise resource planning): Omvat logistieke processen,
voorraden
o die door een technologisch systeem gemonteerd worden en automatisch
dingen detecteert.
Klantgerichte organisatie
o Wensen van de klant
o Tevreden klant als doel
4
HOORCOLLEGE 1: HOOFDSTUK 1: INLEIDING TOT DE
ORGANISATIEPSYCHOLOGIE
1. INLEIDING
VERSCHILLENDE UITDAGINGEN BINNEN DE ORGANISATIE: UITDAGING 1:
VERANDERING
We leven nu in een VUCA-omgeving flexibiliteit is belangrijk
o Volatility
Tijden veranderen snel, waardoor een organisatie snel moeten
kunnen reageren en adapteren
o Uncertainty
De toekomst is onvoorspelbaar, we weten niet wat er gaat
gebeuren.
o Complexity
Processen worden steeds ingewikkelder
o Ambiguity
Een dubbelzinnige, vage, onzekere omgeving, waarbij de
veranderingen die er doorgevoerd worden onzekere resultaten met
zich meebrengen
o Agility
Flexibiliteit om mee te kunnen gaan met de veranderingen
Cruciaal in een veranderende omgeving
Levenslang leren:
o Dit gaat alleen wanneer een organisatie bereid is om in te zetten op LLL
(levenslang leren).
o HRM beleid van de 21ste eeuw voor levenslang leren
Kritisch denken
Creatief denken
Ondernemingszin
Oplossingsgericht
Zorgzaamheid
Computitional thinking
Informatie vervaardigen
Mediawijsheid
Ict-basisvaardigheden
Communiceren
Samenwerken
1
, Sociale en culturele vaardigheden
Loopbaancompetities
leergoesting
o Dit is een essentieel element om te blijven renderen op de werkplek.
VUCA competenties:
o 4 competenties die noodzakelijk zijn in een VUCA omgeving:
Vision: om richting te kunnen geven aan de toekomst (kort- en lang
termijn)
Clarity: Op een heldere manier een aanpak hebben
Understanding: Analytisch vermogen hebben om veranderingen te
kunnen begrijpen
Agility: Wendbaarheid, flexibiliteit
VERSCHILLENDE UITDAGINGEN BINNEN DE ORGANISATIES: UITDAGING 2:
SCHAARSTE OP DE ARBEIDSMARKT
War for talent
o Schaarste op de arbeidsmarkt
o Vergrijzing van de bevolking
o Hogere beroepsmobiliteit bij de jongere generatie
Jongeren gaan rapper van baan veranderen
Veel vraag naar verschillende jobs
o Nieuwe jobs door digitalisering
o Sectorspecifieke uitdagingen
creëren van omgeving waarbij jobs niet ingevuld geraakt
jobs met veel vraag alleen het beste binnenhalen
Jobcrafting
o Jobinhoud aanpassen aan
Kennis
Vaardigheden
Talenten
Interesses
Behoeften van de medewerker
o Streven naar een passende jobinvulling
o Focus op creëren van een balans tussen taken die energie geven en taken
die energie kosten
2. WAT IS ORGANISATIEPSYCHOLOGIE
Organisatiepsychologie = studie van gedrag in organisaties
Dit kan gaan om zowel individueel gedrag, als collectief/gedrag in groepen
Individueel gedrag:
o Perceptie = hoe ervaart of neemt iemand zijn werk waar?
o Prestatie = welke prestaties levert de werknemer?
o Motivatie = hoe kunnen we hun gemotiveerd krijgen?
Collectief/gedrag in groepen:
o Hoe komen groepen tot stand?
o Welke typen groepen zijn er?
o Leiderschap
DOEL?
o Verklaring kunnen geven voor gedrag
o Voorspellen van gedrag
2
,3. GESCHIEDENIS VAN DE ORGANISATIEPSYCHOLOGIE
Adam Smith (1716)
o Nestreven van de individuele welvaart resulteert in een maximale welvaart
voor de samenleving
o Geboorte van de taakverdeling
Ieder verschillende taken
Samenwerken voor het maken van een product
Als je maar een klein deeltje moet uitvoeren specialiseren
o Comparatieve voordelen
Goede match job inhoud en talenten van werknemer
Frederick Taylor (1911)
o Scientific management
Organisatie is
Wetenschappelijk
Rationeel werken
o Time is money
Machines
Welke bewegingen heeft de werknemer
Timen hoelang de bewegingen duren
Schrappen om productie te verhogen
Kijken hoe bewegingen sneller kunnen
o Luie medewerkers
Niet gemotiveerde werknemers
Geen intrinsieke motivatie
o Prestatieloon
Tegen luiheid
Hoe meer je produceert hoe meer geld
Industriële psychologie
o Aandacht voor rekrutering
o Selectie voor beloningsbeleid, training en opleiding
o Aanpassing van de mens aan de organisatie
Omgekeerde jobcrafting
Taken aangepast op de mens
o Leidde uiteindelijk naar vervreemding (wisten niet waar ze mee bezig
waren omdat de rol zo klein was)
Elton Mayo (1924)
o Grondlegger van de human relations beweging
o Hawthorne experiment
Nagaan wat de invloed is van de omgeving op de motivatie en de
productiviteit van de werknemer
Productiever en gemotiveerder omdat ze meer aandacht kregen
productie stijgt
o Organisatie als sociaal systeem
Revisionisme
o Niet enkel sociale relaties
o Hackman & oldham
Perceptie van zinvol werk
Ervaren verantwoordelijkheid
Kennis van resultaten
o Organisatie als technisch en sociaal systeem
3
, o Eerste voor van HRM
o Zet zich af tegen human relationsbeweging en scientific management
4. WAT IS EEN ORGANISATIE
2 of meer personen
Realiseren van doelstellingen
Missie
Stakeholders (tegengestelde belangen)
Bewust
Structuur
Gericht op toekomst
o Eenmanszaak is geen organisatie
o Meerdere mensen die bewust samenkomen om doelstellingen te realiseren
en bijdragen aan een missie en om dat te kunnen doen is er een
organisatiestructuur vereist
o Organisatie is afhankelijk van stakeholders
5. TENDENSEN IN ONZE HEDENDAAGSE ORGANISATIES
Virtuele bedrijf
o De lege doos
o Maximaal uitbesteden van taken
o United colors of benetton
Mensgerichte organisatie
o Verhogen van inzetbaarheid
Taakverbreding: werknemers krijgen meer diverse taken
Taakverrijking: werknemers krijgen meer verantwoordelijkheid en
autonomie binnen hun functie
o Verhogen van betrokkenheid
Groepswerk
o Empowerment
Decentralisatie: niet alle beslissingen bij het management. Opdelen
in kleine teams die zelf beslissingen maken
o Een mensgerichte organisatie <-> scientific management.
Kennisonderneming
o Kennis als belangrijkste economische hulpbron (Peter Drucker)
o Van arbeider naar kenniswerker
o De lerende organisatie
o Oude kennis achterlaten en nieuwe kennis omarmen agility
o Trend naar hoog opgeleid personeel
Geautomatiseerd bedrijf
o Beperkte menselijke factor
o AI
o ERP Processen (Enterprise resource planning): Omvat logistieke processen,
voorraden
o die door een technologisch systeem gemonteerd worden en automatisch
dingen detecteert.
Klantgerichte organisatie
o Wensen van de klant
o Tevreden klant als doel
4