Vaste kosten: Veranderen niet bij toe- of afname van productieomvang à periodekosten
Variabele kosten: Veranderen als de productomvang varieert à product kosten
Directe kosten: Kosten die direct toerekenbaar zijn aan een product à bijv.: arbeidsuren
Indirecte kosten: Kosten die niet direct toerekenbaar zijn aan een product à bijv: administratiekosten
Direct Indirect
Vast • Arbeid (loonkosten) • Algemene reclame
• Afschrijving machine • Afschrijving gebouw
• Reclame voor bepaald product • Rente
• Overheadkosten
Variabel • Grondstof • Energie
• Onderdelen • Hulpstoffen
• Embaliage • Opleidingskosten
Dekkingsbijdrage: Dekking van de vaste kosten en het maken van de winst à dekken de vaste kosten
Dekkingsbijdrage als %: Hoeveel % er van de verkoopwaarde van een product overblijft
Veiligheidsmarge: Hoe ver in % de afzet boven de break-even niveau ligt
Kostprijs: Kosten per product (basis voor verkoopprijs à kostprijs + winstopslag = verkoopprijs)
Integrale kostprijs: Totale kosten per eenheid bij de normale bezetting
Normale bezetting: Gemiddelde verwachte bezetting van de productiecapaciteit in de komende jaren
Differentiële kosten: Berekening van toename van opbrengsten en kosten bij een toename van productie en afzet.
Extra kosten bij een toename van productie/afzet boven het huidige niveau.
Economische levensduur: Gebruiksduur waarbij de gemiddelde kosten per prestatie het laagst zijn.
Verkoopprijs: Inkoopprijs verhogen met brutowinstmarge (brutowinst opslag).
Brutowinstmarge: (= verkoopprijs – inkoopprijs) dient ter dekking van de indirecte kosten en de winst
Enkelvoudige opslagmeth: Een opslagpercentage. Voordeel: snelle en eenvoudige methode. Nadeel: onnauwkeurigheid.
Meervoudige opslagmeth: Meerdere opslagpercentages op basis van verband tussen indirecte en directe kosten
Hulpkostenplaats: Bieden ondersteuning aan het bedrijfsproces
Hoofdkostenplaats: Hebben betrekking op het primaire proces (productie en verkoop)
Functies budget: Planning à Communicatie à Taakstelling à Evaluatie
Efficiencyverschil: Hoeveelheidsverschil: de werkelijke gebruikte hoeveelheid grondstoffen en arbeidsuren zijn net
gelijk aan de toegestane hoeveelheid
Prijsverschil: De werkelijke betaalde prijzen wijken af van de verwachte prijzen in de voorcalculatie
1. Direct costing
a. Balanswaarde: X variabele kosten
2. Absortion costing
a. Balanswaardw X intergrale kostprijs
3. Winst voor belasting jaaromzet = c:p-v X verkoopprijs
a. C + winst voor belasting
b. Omzet = afzet X verkoopprijs
4. Differentiële kosten
a. Aantal personen X variabele kosten
b. Personen X verkoopprijs normaliter
5. Kelpunt: Geen vaste kosten = absortion costing
6. Prijs incidentiele order à differentiele order Geen vaste kosten = direct costing
7. Budgetverschil = prijsverschil + efficiency verschil
Tabel 1.1 à Gedrag van vaste en variabele kosten bij een toename van de productieomvang
Totale kosten Kosten per eenheid
Vaste kosten Blijven gelijk Dalen
Proportioneel variabele kosten Stijgen Blijven gelijk
Degressief variabele kosten Stijgen Dalen
Progressief variabele kosten Stijgen Stijgen
• Proportioneel: kosten per product altijd even hoog
• Degressief: kosten dalen bij productietoename (grondstof)
• Progressief: kosten stijgen bij toename (loon)