&
E
e
G
g
·
!
ge · ·
,
S
i
·
· s
,Les -
1 Methoden
① Hoe ? microscopie
② Staal bewerken -- hoe
?
③ Staal kleuren
Microscopie D = instrument voor het bestuderen v .
Objecten die te klein
het bo
zijn out ee
-
Licht microscopie mbu . zichtbaar licht
Meest
gebruikte variant
*
* Lamp met wit licht of bep .
X( Laser) =
,
met bep X .
kan
je ook aan fluorescentie doen
>
-
wit licht microscopie vs .
fluorescentie microscopie
D
* Dmv .
Licht dat op het Object Zelf valt en weerkaatst wordt ( Stereomicroscoop)
=
* Dmv .
doorvallend Licht (
=
gewone' microscoop met lenzen : 1/2 oculairen en een objectief)
* Licht gaat door Object het beeld wordt
vergroot door objectief en wordt
nog meer
vergroot
#y
,
de oculair
condensor door
# staal ,
hetgene wat je onderzoekt
Y
oculair intens detector
E
* Resolutie R afstandsmaat-afstand
= = tussen 2 punten waarbij je ze
nog
van elkaar kan onderscheiden --
kleinste maat
=O
>
-
bepaald door : R
A
*
NA = Kwaliteit (ns11
*
X (zichtbaar) = 200-800nm
*
NA = nominale apartuur
↳ hoe hoe kleiner R hoe
gedetailleerder
groter , ,
-Elektronen Microscopie (transmissie EM) mbu .
bundel v . er
* X = 1000x kleiner dan die v .
Licht
afstand R 0 2 nm
(bij licht
2mm) resolutie
vergroting is hoger
>
0 +
-
= = >
-
, ,
* Veel meer detail Zichtbaar * TEM = 2D beeld op fluorescerend scherm
,
& SEM = 3D beeld op monitor
②iebron
,
(worden nr .
Staalgeschoten
Will
- elektromann
*
VIII
#- staal
Selens
A
-
detector
-
↳
, Afgeleide EM Weefsel
v
(geinteresseerd in opp
-
.
.
↳ =
Oppervlak microscopie = SEM (S =
Scanning/surface) --
3D
Et *
kijken hoe e- worden
afgeschoten en worden
weggekaatst nr .
detector
Itte
* =
Au--helpt voor efficiëntie wegkaatsinge
Staal bewerking &
*
Staal wordt
weggenomen bij chir .
Ingreep -> hoe is het
opgebouwd macroscopisch
macrosc
O >
-
8000 - weefsel
invriezen
bewar
(temp -80
%
staal
-
NEN ↳ Weefsel
>
-
goede
20
lang mogelijk kunnen
Kwaliteit DNA RNA etc.
,
,
+
bewaren
kan direct in
,
zonder schade
coupes worden
gesneden
①fixatie (met chem Op)
-
.
*
vorming Cross links tussen mol .
· &
door
formal/formaldehyde in H20 milieu
↑
>
-
maakt dan Crosslinks HPH
* alles wordt vastgezet ,
waardoor Structuur niet kan
olwegen/veranderen (blijft intact)
- eiwitten worden vastgehecht aan
cytoskelet
*
bij lichtmieros?
Glutaraldehyde
O =
c C C C
-
-
- -
C= 0
>
-
verl langere bruggen
steviger (want
>
veel Crosslinks
-
meer kunnen
gevormd worden)
② H20 wordt onttrokken -
organische solvent
↑ Het weefsel lost anders niet op in
parafine
Weefsel-parafine(-Kaarsvet)
Linsteken in
*
Weefsel moet dun
genoeg zijn voor microscoop
dn
Snijden V Weefsel waarbijstukje staal aanwezig is
>
-
.
,
-Bij licht micr : 3-4
·
um
-Bije micro 1 m
Imes Wannes
, kleuringen
Na
schijf gemaakt te hebben
*
zal
, je nog niks zien onder microscoop
-
Empirische Kleuringen =
Kleurstoffen voorstoffen/tapijten/etc .
↳
experimenteren met
schijf ,
wat kleurt wat (kleurstof bindt aan een specifiek soort weefsel)
*
H &E =
hematoxyline en eosine
-
Habasische
eigenschappen --
blijft aan zuren in al kleven (nucleinezure)
blijft plakken Kern
>
DNA
-
aan -
E zure eigenschappen blijft aan basen planken (Cytoplasma)
-
= --
u
hematoxyline
⑳
=
-eosine
Enzymatische activiteit Weefsel-enzymatische
-
histochemische
V .
↑ peroxidase kleuring
⑧0
* kleurloos substraat toevoegen aan en
zym
gekleurd precipitaat
>
-
↳ DAB (= diamino benzidine = substract)
↳ wordt bruin
8
*
Enzym met peroxidase activiteit kleurt bruin
De activiteit
* uh .
weefsel moet bewaard
blijven
LEnzym voordetoxyering
>
tijdens de
staalbewerking
welk
-
enzym
-
Immuno-histochemie = aantonen + lokaliseren v .
antigen mbu .
Specifieke antistof
in weefselcoupes
·
Gebruik man v .
immunologische eigenschappen
↳ immuunreactie
*
Antilichamen eigenschappen ( bep Structuur)
gebruiken voor deel = .
↳ herkennen 1 bep Structuur-sspecifieke bind U antilichaam
. .
.
aan
antigen
·
armkankere
arm
I ↑ expr?
el tot
>
cel
heeft
-
# *
Il
lichaam
* an
blijft plakken
aan
enzym plakken aan eiwit
*
>
-
reactie v .
Kleurloos nr .
gezeurd
* Antilichaam heeft speciale voeten (is hetzelfde bij een Soort
species/organisme
=
constante deel
>
-
ook dit wordt herkend door een 22 antilichaam
Doomstructuur direct
↑ indire at
>
-
I
-
Te toegevoegde antilich .
=
primair ,
ze
toegevoegde antilich-Secundair
E
e
G
g
·
!
ge · ·
,
S
i
·
· s
,Les -
1 Methoden
① Hoe ? microscopie
② Staal bewerken -- hoe
?
③ Staal kleuren
Microscopie D = instrument voor het bestuderen v .
Objecten die te klein
het bo
zijn out ee
-
Licht microscopie mbu . zichtbaar licht
Meest
gebruikte variant
*
* Lamp met wit licht of bep .
X( Laser) =
,
met bep X .
kan
je ook aan fluorescentie doen
>
-
wit licht microscopie vs .
fluorescentie microscopie
D
* Dmv .
Licht dat op het Object Zelf valt en weerkaatst wordt ( Stereomicroscoop)
=
* Dmv .
doorvallend Licht (
=
gewone' microscoop met lenzen : 1/2 oculairen en een objectief)
* Licht gaat door Object het beeld wordt
vergroot door objectief en wordt
nog meer
vergroot
#y
,
de oculair
condensor door
# staal ,
hetgene wat je onderzoekt
Y
oculair intens detector
E
* Resolutie R afstandsmaat-afstand
= = tussen 2 punten waarbij je ze
nog
van elkaar kan onderscheiden --
kleinste maat
=O
>
-
bepaald door : R
A
*
NA = Kwaliteit (ns11
*
X (zichtbaar) = 200-800nm
*
NA = nominale apartuur
↳ hoe hoe kleiner R hoe
gedetailleerder
groter , ,
-Elektronen Microscopie (transmissie EM) mbu .
bundel v . er
* X = 1000x kleiner dan die v .
Licht
afstand R 0 2 nm
(bij licht
2mm) resolutie
vergroting is hoger
>
0 +
-
= = >
-
, ,
* Veel meer detail Zichtbaar * TEM = 2D beeld op fluorescerend scherm
,
& SEM = 3D beeld op monitor
②iebron
,
(worden nr .
Staalgeschoten
Will
- elektromann
*
VIII
#- staal
Selens
A
-
detector
-
↳
, Afgeleide EM Weefsel
v
(geinteresseerd in opp
-
.
.
↳ =
Oppervlak microscopie = SEM (S =
Scanning/surface) --
3D
Et *
kijken hoe e- worden
afgeschoten en worden
weggekaatst nr .
detector
Itte
* =
Au--helpt voor efficiëntie wegkaatsinge
Staal bewerking &
*
Staal wordt
weggenomen bij chir .
Ingreep -> hoe is het
opgebouwd macroscopisch
macrosc
O >
-
8000 - weefsel
invriezen
bewar
(temp -80
%
staal
-
NEN ↳ Weefsel
>
-
goede
20
lang mogelijk kunnen
Kwaliteit DNA RNA etc.
,
,
+
bewaren
kan direct in
,
zonder schade
coupes worden
gesneden
①fixatie (met chem Op)
-
.
*
vorming Cross links tussen mol .
· &
door
formal/formaldehyde in H20 milieu
↑
>
-
maakt dan Crosslinks HPH
* alles wordt vastgezet ,
waardoor Structuur niet kan
olwegen/veranderen (blijft intact)
- eiwitten worden vastgehecht aan
cytoskelet
*
bij lichtmieros?
Glutaraldehyde
O =
c C C C
-
-
- -
C= 0
>
-
verl langere bruggen
steviger (want
>
veel Crosslinks
-
meer kunnen
gevormd worden)
② H20 wordt onttrokken -
organische solvent
↑ Het weefsel lost anders niet op in
parafine
Weefsel-parafine(-Kaarsvet)
Linsteken in
*
Weefsel moet dun
genoeg zijn voor microscoop
dn
Snijden V Weefsel waarbijstukje staal aanwezig is
>
-
.
,
-Bij licht micr : 3-4
·
um
-Bije micro 1 m
Imes Wannes
, kleuringen
Na
schijf gemaakt te hebben
*
zal
, je nog niks zien onder microscoop
-
Empirische Kleuringen =
Kleurstoffen voorstoffen/tapijten/etc .
↳
experimenteren met
schijf ,
wat kleurt wat (kleurstof bindt aan een specifiek soort weefsel)
*
H &E =
hematoxyline en eosine
-
Habasische
eigenschappen --
blijft aan zuren in al kleven (nucleinezure)
blijft plakken Kern
>
DNA
-
aan -
E zure eigenschappen blijft aan basen planken (Cytoplasma)
-
= --
u
hematoxyline
⑳
=
-eosine
Enzymatische activiteit Weefsel-enzymatische
-
histochemische
V .
↑ peroxidase kleuring
⑧0
* kleurloos substraat toevoegen aan en
zym
gekleurd precipitaat
>
-
↳ DAB (= diamino benzidine = substract)
↳ wordt bruin
8
*
Enzym met peroxidase activiteit kleurt bruin
De activiteit
* uh .
weefsel moet bewaard
blijven
LEnzym voordetoxyering
>
tijdens de
staalbewerking
welk
-
enzym
-
Immuno-histochemie = aantonen + lokaliseren v .
antigen mbu .
Specifieke antistof
in weefselcoupes
·
Gebruik man v .
immunologische eigenschappen
↳ immuunreactie
*
Antilichamen eigenschappen ( bep Structuur)
gebruiken voor deel = .
↳ herkennen 1 bep Structuur-sspecifieke bind U antilichaam
. .
.
aan
antigen
·
armkankere
arm
I ↑ expr?
el tot
>
cel
heeft
-
# *
Il
lichaam
* an
blijft plakken
aan
enzym plakken aan eiwit
*
>
-
reactie v .
Kleurloos nr .
gezeurd
* Antilichaam heeft speciale voeten (is hetzelfde bij een Soort
species/organisme
=
constante deel
>
-
ook dit wordt herkend door een 22 antilichaam
Doomstructuur direct
↑ indire at
>
-
I
-
Te toegevoegde antilich .
=
primair ,
ze
toegevoegde antilich-Secundair