Definities
Voedingsnorm = een verzamelnaam voor de gemiddelde behoefte, aanbevolen
hoeveelheid, adequate inneming en aanvaardbare bovengrens.
Behoefte = de inneming van een voedingsstof die deficiëntieverschijnselen voorkomt
en de kans op chronische ziektes zo klein mogelijk houdt.
Gemiddelde behoefte = het niveau van inneming dat bij een normale verdeling
toereikend is voor de helft van de populatie.
Aanbevolen hoeveelheid (AH) = het niveau van inneming dat toereikend is voor de
gehele populatie. Het is de gemiddelde behoefte + twee keer de standaarddeviatie
van de behoefte.
Adequate inneming (AI) = het niveau van inneming die toereikend is voor vrijwel de
hele populatie. Het wordt vastgesteld door een commissie wanneer de gemiddelde
behoefte niet bekend is.
Aanvaardbare bovengrens (AB) = het niveau van inneming waarboven de kans
bestaat dat ongewenste effecten optreden. Oftewel: de maximale hoeveelheid die je
van iets mag binnenkrijgen.
NAOEL = No Observed Adverse Effect Level = het hoogste niveau van inneming
waarbij er bij de mens ongewenste effecten zijn geconstateerd.
LOAEL = Lowest Observed Adverse Effect Level = het laagste niveau van inneming
waarbij er bij de mens ongewenste effecten zijn geconstateerd.
Energiepercentage = het aandeel dat een voedingsstof levert aan de totale inneming
van energie.
, H1 Algemene inleiding en begripsbepaling
Gemiddelde behoefte: bij een populatie waar de behoefte aan een bepaalde
voedingsstof normaal verdeeld is geldt dat de gemiddelde behoefte voor 50% van de
populatie wel genoeg is en voor 50% van de mensen niet.
Aanbevolen hoeveelheid: kan alleen worden vastgesteld als de gemiddelde behoefte
bekend is. De AH is genoeg voor 97,5% van de populatie.
Adequate inneming: zo noem je de aanbevolen hoeveelheid als de gemiddelde
behoefte niet bekend is. De AI is voldoende voor vrijwel de hele populatie.
Aanvaardbare bovengrens: wordt bepaald m.b.v. NOAELS en LOAELS. Hier is niet veel
informatie over dus wordt er een onzekerheid gebruikt. Mensen tot 1 jaar zijn
gevoeliger voor een hoge inname dan oudere mensen en hebben dus een lagere AB.
De informatie om de gemiddelde behoefte of adequate inneming te kunnen bepalen kan op
meerdere methodes worden verkregen:
- De kans op deficiëntieziekten bij bepaalde innameniveaus (niet ethisch verantwoord) .
- De kans op chronische ziekten bij bepaalde innameniveaus.
- Biochemische parameters van de voedingstoestand.
- De factoriële methode: sommeren van de afzonderlijke factoren die de behoefte
bepalen.
Er zijn een aantal factoren die de behoefte van een populatie kunnen beïnvloeden:
- De biobeschikbaarheid van voedingsstoffen. Biobeschikbaarheid is de fractie van de
inname die beschikbaar is voor normale fysiologische functies of voor opslag.
- Bioconversie en werkzaamheid van precursors. Precursors worden in het lichaam
omgezet in een bepaalde voedingsstof.
- Persoonsgebonden factoren.
- Leefstijl- en omgevingsfactoren.
Voedingsnormen kunnen voor verschillende toepassingen worden gebruikt:
- Het programmeren van de voedselvoorziening voor gezonde groepen.
- Het opstellen van voedingsrichtlijnen voor gezonde individuen.
- Het beoordelen van consumptiecijfers van gezonde groepen.
- Het evalueren van de inname van mensen bij wie een slechte voedingsstatus is
aangetoond.
- Het opstellen van de Richtlijnen Goede Voeding.