Week 3
Algemene voorwaarden
1. Literatuur
R&O, Hoofdstuk 2 (nr. 76) en Hoofdstuk 6.
Klik, Hoofdstuk 9 (par. 9.1, 9.3 en 9.4).
Brunner, Noot HR 31 december 1993, NJ 1995, 389 (Matatag/De Schelde).
Snijders, Noot HR 6 april 2001, NJ 2002, 385 (VNP/Havrij).
Hijma, Noot HR 1 oktober 1999, NJ 2000, 207 (Geurtzen/Kampstaal).
Hijma, Noot HR 14 juni 2002, NJ 2003, 112 (Bramer/Hofman Beheer BV).
Verkade, Conclusie HR 18 juni 2004, NJ 2004, 585 (Kuunders/Swinkels).
2. Jurisprudentie
HR 31 december 1993, NJ 1995, 389 (Matatag/De Schelde).
HR 1 oktober 1999, NJ 2000, 207 (Geurtzen/Kampstaal).
HR 6 april 2001, NJ 2002, 385 (VNP/Havrij).
HR 14 juni 2002, NJ 2003, 112 (Bramer/Hofman Beheer BV).
HR 18 juni 2004, NJ 2004, 585 (Kuunders/Swinkels).
HR 2 december 2011, NJ 2011, 574 (Echoput/X).
HR 21 september 2012, LJN BW6135 (X/X).
3. Korte omschrijving
Vaak worden er in de praktijk algemene voorwaarden van toepassing verklaard op een contract.
Niet zelden ontstaat er dan achteraf een discussie over de vraag of die algemene voorwaarden
eigenlijk wel van toepassing zijn, gegeven de onduidelijke manier waarop die van
toepassingverklaring in het kader van de totstandkoming van het contract heeft plaatsgevonden. Wat
ook nog wel eens voorkomt is dat beide partijen denken dat hun eigen algemene voorwaarden van
toepassing zijn en dat daar achteraf strijd over ontstaat. De te beantwoorden vraag is derhalve: hoe
worden algemene voorwaarden op een geldige manier op een contract van toepassing verklaard en
hoe lost het recht discussies op waarin partijen twisten over de vraag of en welke algemene
voorwaarden van toepassing zijn verklaard op het contract? Dat is de eerste belangrijke vraag die in
deze week centraal zal staan.
Door algemene voorwaarden op hun contract van toepassing te verklaren, geven partijen een
nadere invulling aan de inhoud van hetgeen zij zijn overeengekomen. Zoals we in week 1 zagen,
kan die inhoud worden begrensd door de redelijkheid en billijkheid. In deze week zullen we zien dat
die begrenzing voor wat betreft de inhoud van algemene voorwaarden nader staat uitgewerkt in de
wet. Dat betekent dat een beroep op de wet onder omstandigheden tot gevolg kan hebben dat een in
Contractenrecht 2013-2014, Werkgroep 3 | 1
, de algemene voorwaarden opgenomen onredelijk bezwarend beding terzijde moet worden gesteld.
Hoe dat precies in zijn werk gaat, leert u deze week.
4. Opdrachten
Voor de vraag hoe u de opdrachten moet maken, verwijzen we u voorts naar Deel C van dit
werkboek.
Als het gaat om algemene voorwaarden moet je je afvragen hoe je het probleem moet oplossen.
Kan het door te kijken naar de informatieplicht/battle of forms of door te kijken naar de inhoud?
Soms wordt er in de casus verteld dat er feitelijk ter hand is gesteld ed., dus dan weet je dat daar
het probleem niet ligt en dat je moet kijken naar de inhoud.
Opdracht 1
Pronk is eigenaar van een schip waarmee hij vis vangt op de Noordzee. Hij wil 300 tonnen kopen
om vis te vervoeren. Hij komt in contact met Rosting B.V. Zowel Pronk B.V. als Rosting B.V.
zijn vrijgesteld van de verplichting om de jaarrekening te publiceren en hebben niet meer dan 5
werknemers in dienst. Op 15 januari 2012 stuurt Rosting aan Pronk op diens verzoek een offerte
toe. In de begeleidende brief schrijft Rosting dat de bijgevoegde „Algemene voorwaarden
Rosting B.V.‟ van toepassing zijn op een eventueel te sluiten overeenkomst. Pronk plaatst op 15
februari 2012 een order bij Rosting voor 300 tonnen. Onder aan deze brief staat in kleine
voorgedrukte letters: “Van toepassing zijn onze algemene voorwaarden te raadplegen bij de
Kamer van Koophandel te Amsterdam.”
Vraag 1
Wiens algemene voorwaarden zijn van toepassing op de overeenkomst?
- Voorvragen: wat zijn de feiten, wie zijn de partijen, om wat voor overeenkomst gaat het en
wat is het object van de overeenkomst?
- Wat is het probleem in deze casus? Beide partijen verwijzen naar eigen algemene
voorwaarden, dit wordt schriftelijk gedaan.
- Het gaat om het leerstuk battle of forms. In de casus worden twee algemene voorwaarden van
toepassing verklaard. Rosting verklaart eerst zijn voorwaarden van toepassing, daarna doe
Pronk dat. Welke voorwaarden, de voorwaarden van Pronk of de voorwaarden van Rosting,
zijn van toepassing op de overeenkomst?
- Artikel 6:225 lid 3 BW (first shot theorie: de eerste verwijzing is het sterkste, tenzij de
tweede de eerste voorwaarden uitdrukkelijk van de hand wijst.): „Verwijzen aanbod en
aanvaarding naar verschillende algemene voorwaarden, dan komt aan de tweede verwijzing
geen werking toe, wanneer daarbij niet tevens de toepasselijkheid van de in de eerste
verwijzing aangegeven algemene voorwaarden uitdrukkelijk van de hand wordt gewezen.’
Uitdrukkelijk van de hand wijzen doe je in duidelijke bewoordingen.
- Wie is de eerste die naar zijn algemene voorwaarden heeft verwezen? Dat is Rosting, dus dan
is Pronk de tweede.
Contractenrecht 2013-2014, Werkgroep 3 | 2
Algemene voorwaarden
1. Literatuur
R&O, Hoofdstuk 2 (nr. 76) en Hoofdstuk 6.
Klik, Hoofdstuk 9 (par. 9.1, 9.3 en 9.4).
Brunner, Noot HR 31 december 1993, NJ 1995, 389 (Matatag/De Schelde).
Snijders, Noot HR 6 april 2001, NJ 2002, 385 (VNP/Havrij).
Hijma, Noot HR 1 oktober 1999, NJ 2000, 207 (Geurtzen/Kampstaal).
Hijma, Noot HR 14 juni 2002, NJ 2003, 112 (Bramer/Hofman Beheer BV).
Verkade, Conclusie HR 18 juni 2004, NJ 2004, 585 (Kuunders/Swinkels).
2. Jurisprudentie
HR 31 december 1993, NJ 1995, 389 (Matatag/De Schelde).
HR 1 oktober 1999, NJ 2000, 207 (Geurtzen/Kampstaal).
HR 6 april 2001, NJ 2002, 385 (VNP/Havrij).
HR 14 juni 2002, NJ 2003, 112 (Bramer/Hofman Beheer BV).
HR 18 juni 2004, NJ 2004, 585 (Kuunders/Swinkels).
HR 2 december 2011, NJ 2011, 574 (Echoput/X).
HR 21 september 2012, LJN BW6135 (X/X).
3. Korte omschrijving
Vaak worden er in de praktijk algemene voorwaarden van toepassing verklaard op een contract.
Niet zelden ontstaat er dan achteraf een discussie over de vraag of die algemene voorwaarden
eigenlijk wel van toepassing zijn, gegeven de onduidelijke manier waarop die van
toepassingverklaring in het kader van de totstandkoming van het contract heeft plaatsgevonden. Wat
ook nog wel eens voorkomt is dat beide partijen denken dat hun eigen algemene voorwaarden van
toepassing zijn en dat daar achteraf strijd over ontstaat. De te beantwoorden vraag is derhalve: hoe
worden algemene voorwaarden op een geldige manier op een contract van toepassing verklaard en
hoe lost het recht discussies op waarin partijen twisten over de vraag of en welke algemene
voorwaarden van toepassing zijn verklaard op het contract? Dat is de eerste belangrijke vraag die in
deze week centraal zal staan.
Door algemene voorwaarden op hun contract van toepassing te verklaren, geven partijen een
nadere invulling aan de inhoud van hetgeen zij zijn overeengekomen. Zoals we in week 1 zagen,
kan die inhoud worden begrensd door de redelijkheid en billijkheid. In deze week zullen we zien dat
die begrenzing voor wat betreft de inhoud van algemene voorwaarden nader staat uitgewerkt in de
wet. Dat betekent dat een beroep op de wet onder omstandigheden tot gevolg kan hebben dat een in
Contractenrecht 2013-2014, Werkgroep 3 | 1
, de algemene voorwaarden opgenomen onredelijk bezwarend beding terzijde moet worden gesteld.
Hoe dat precies in zijn werk gaat, leert u deze week.
4. Opdrachten
Voor de vraag hoe u de opdrachten moet maken, verwijzen we u voorts naar Deel C van dit
werkboek.
Als het gaat om algemene voorwaarden moet je je afvragen hoe je het probleem moet oplossen.
Kan het door te kijken naar de informatieplicht/battle of forms of door te kijken naar de inhoud?
Soms wordt er in de casus verteld dat er feitelijk ter hand is gesteld ed., dus dan weet je dat daar
het probleem niet ligt en dat je moet kijken naar de inhoud.
Opdracht 1
Pronk is eigenaar van een schip waarmee hij vis vangt op de Noordzee. Hij wil 300 tonnen kopen
om vis te vervoeren. Hij komt in contact met Rosting B.V. Zowel Pronk B.V. als Rosting B.V.
zijn vrijgesteld van de verplichting om de jaarrekening te publiceren en hebben niet meer dan 5
werknemers in dienst. Op 15 januari 2012 stuurt Rosting aan Pronk op diens verzoek een offerte
toe. In de begeleidende brief schrijft Rosting dat de bijgevoegde „Algemene voorwaarden
Rosting B.V.‟ van toepassing zijn op een eventueel te sluiten overeenkomst. Pronk plaatst op 15
februari 2012 een order bij Rosting voor 300 tonnen. Onder aan deze brief staat in kleine
voorgedrukte letters: “Van toepassing zijn onze algemene voorwaarden te raadplegen bij de
Kamer van Koophandel te Amsterdam.”
Vraag 1
Wiens algemene voorwaarden zijn van toepassing op de overeenkomst?
- Voorvragen: wat zijn de feiten, wie zijn de partijen, om wat voor overeenkomst gaat het en
wat is het object van de overeenkomst?
- Wat is het probleem in deze casus? Beide partijen verwijzen naar eigen algemene
voorwaarden, dit wordt schriftelijk gedaan.
- Het gaat om het leerstuk battle of forms. In de casus worden twee algemene voorwaarden van
toepassing verklaard. Rosting verklaart eerst zijn voorwaarden van toepassing, daarna doe
Pronk dat. Welke voorwaarden, de voorwaarden van Pronk of de voorwaarden van Rosting,
zijn van toepassing op de overeenkomst?
- Artikel 6:225 lid 3 BW (first shot theorie: de eerste verwijzing is het sterkste, tenzij de
tweede de eerste voorwaarden uitdrukkelijk van de hand wijst.): „Verwijzen aanbod en
aanvaarding naar verschillende algemene voorwaarden, dan komt aan de tweede verwijzing
geen werking toe, wanneer daarbij niet tevens de toepasselijkheid van de in de eerste
verwijzing aangegeven algemene voorwaarden uitdrukkelijk van de hand wordt gewezen.’
Uitdrukkelijk van de hand wijzen doe je in duidelijke bewoordingen.
- Wie is de eerste die naar zijn algemene voorwaarden heeft verwezen? Dat is Rosting, dus dan
is Pronk de tweede.
Contractenrecht 2013-2014, Werkgroep 3 | 2