Hoorcolleges en werkcolleges (Sociale psychologie)
Hoorcollege 1
Sociale contacten
Geen sociale relates eeeen is slec t voor de gezond eid.
Sociale contacten zorgen o.a. voor:
minder eenzaam eid;
Minder depressie;
Kleinere kans op eerder overlijden;
Kleinere kans om opgenomen te worden in een psyc iatrisc e inric tng;
Kleinere kans op art- en vaatziekten;
Betere stresseestendig eid.
Maar natuurlijk is niet elke sociale relate goed voor je!
Social media
Social media eef een eelangrijke rol in contact tegenwoordig. Denk eijvooreeeld eens na…
Binnen oeveel tjd reageer je op een faceeookeeric t/instagram/snapc at of w atsapp?
Binnen oeveel tjd wil je een reacte op je faceeookeeric t/instagram/snapc at/w atsapp?
De oeveelse ‘liker’ wil je zijn? Wat ee je liever; geen, of een negateve reacte?
Het belang van sociale steun
Hoe ingrijpender en stressvoller een levensgeeeurtenis (kan ook positef zijn), oe
waardevoller sociale steun. De ernst en frequente van de levensgeeeurtenis zijn iereij erg
van eelang. Hoe meer levensgeeeurtenissen in korte tjd, oe groter de kans op stress, eurn-
out of ziekte.
Sociale steun
Vier vormen van sociale steun:
Emotonele steun: elkaar steunen op emotoneel geeied (luisteren, omarmen).
Informatonele steun: advies en informate krijgen (informate elpt mensen op weg).
Instrumentele steun: praktsc e dingen doen voor elkaar (voor uisdier zorgen).
Waarderingssteun: eevestging van goede zelf krijgen (‘je eent goed eezig!’).
Openlijke en onzichtbare steun
Openlijke steun: degene die elpt en degene die ge olpen wordt realiseren zic eeiden dat
er steun wordt gegeven.
Onzic teare steun: De ontvanger van de steun eef niet door dat ij ge olpen wordt, maar
eef er wel proijt van.
Waargenomen steun: Het gaat niet zozeer over de daadwerkelijke steun die je ontvangt, et
gaat om et idee dat je gesteund wordt of gesteund zou kunnen worden indien nodig.
,Verklaringen van sociale steun
Verklaringen waarom wij andere mensen elpen. Alle t eorieën ieronder zijn juist en
kunnen in meerdere of mindere mate een verklaring eieden.
Verklaringen voor ulpvaardig gedrag:
Reden 1: Inclusive itness t eorie: Geneigd andere te elpen waarmee we een genetische
band eeeen. Geric t op overleven van un genen.
Reden 2: Compettve altruism t eorie: Om eigen reputatie te vereeteren. Mensen die
andere elpen zijn geliefder. Altruism eetekend dat je iets voor iemand anders doet zonder
dat je er zelf eelang eij eet. Wij willen onze eigen reputate vereeteren. Positever uit
de voeten komen.
Reden 3: Empat ie-altruïsme-t eorie: Empathie voor de ander. Als ik in deze situate zou
zitten zou ik et ijn vinden als iemand mij zou elpen. Gevoelsmatge reacte van medeleven
dat mensen ervaren als ze contact eeeen met iemand die et moeilijk eef. Zonder eigen
eelang van de ander elpen.
Reden 4: Negatve-state-relief-model: Gemotveerd om negatieve gevoelens weg te nemen
die de ander eij je opwekt. Je ziet iemand die ulp nodig eef en je gaat je rot voelen als je
iemand niet elpt. ‘Ik ee er geen zin in, maar ik doe et toc wel anders ga ik me rot
voelen’. Dus niet zozeer om de ander een plezier te doen, maar om eigen negateve
gevoelens weg te doen nemen. Men kan niet aan de situate ontsnappen.
Reden 5: Mood en ancement t eorie: Gemotveerd om zic goed te voelen. Ik doe iets voor
een ander want dan ga ik mezelf er eeter over voelen. Positeve gevoelens krijgen.
Reden 6: Ervaren van plic tseesef: Je oma eezoeken omdat et voelt alsof et moet. Je doet
iets vanuit een plicht omdat et moet, terwijl je er eigenlijk geen zin in eet. Je ouders
elpen met dingen omdat zij jou ook eel vaak elpen. Iemand die in et verleden ook veel
voor jou eef gedaan eijvooreeeld.
Reden 7: Sociale-uitwisselingst eorie: Streven naar wederkerigheid. Als ik iets doe voor een
ander, dan is de kans groter dat de ander ook iets voor mij gaat doen. Iets doen in de oop
dat ze er in de toekomst iets voor terug krijgen of omdat de ander em in et verleden eef
ge olpen. In andere woorden: voor wat, oort wat! Of et is geven en ontvangen!
Sociale steun en empathie
Waarom wil jij kinderen elpen?
- Sommige mensen om zic goed te voelen, sommige uit empat ie. Er zijn versc illende
redenen. Ook kan er sprake zijn van een ulpverleningssyndroom.
Hulpverleners syndroom: elpen van anderen om een goed zelfeeld te ouden.
Cliënt ontvangt sociale steun, maar…
Cliënt moet leren zelf weer regie te nemen, de cliënt wordt afankelijk(er), ulpverlener
neemt proelemen van cliënt mee naar uis.
,Samenwerking
Bij een optmale samenwerking is et van eelang dat er positeve sociale interdependente
is. Hiereij kunnen mensen alleen un doel eereiken als anderen un doel ook eereiken.
Hiervoor is nodig:
Groepsdoelen: gezamenlijke doelen.
Co esie: samen ang, eekommeren.
Vertrouwen: vertrouwen dat iedereen zijn deel uit kan en zal uitvoeren.
Gevoel van rec tvaardig eid: Iedereen moet zic eelangrijk voelen einnen et
project.
Bv. We willen een voldoende alen en ik kan dat alleen als jij ook een voldoende aalt.
Sociale dilemma: individueel eelang en collectef eelang staan tegenover elkaar.
Men is eerder eereid tot samenwerking wanneer er sterke sociale normen eersen:
gedragsregels die aangeven wat er van groepsleden wordt verwac t.
Injuncteve normen: Wat door de groep als (on)gewenst wordt gezien. (gesc reven of
ongesc reven regels over oe we eepaalde dingen oren te doen). Bijvooreeeld dat afval in
de prulleneak t uis oort en niet op straat (de regel – je komt op tjd).
Descripteve normen: Wat mensen denken dat anderen zouden doen of wat ze mensen zien
doen (wat je denkt dat anderen doen, of wat we daadwerkelijk doen. ‘wac t even oor dat
doen we niet, dat is teveel van et goede’). Denk aan wanneer we et milieu sc oon willen
ouden, veel mensen vervuilen namelijk et milieu. (eesc rijving – wat je waarneemt – dus
datgeen wat mensen doen. Als de regel is ‘je mag niet door rood ietsen en mensen toc
door rood rijden, stop je zelf ook niet snel voor et rode stoplic t’.
Welke van de twee eef de sterkste invloed?
- Descripteve normen.
Voortplanting
Op zoek naar een partner. In Nederland elijf slec ts zo’n 17% van de vrouwen kinderloos.
Gemiddeld telt et aantal kinderen per vrouw in Nederland 1,7.
, Sociale netwerken
Is een ge eel van mensen waarmee een relatonele eand is. Zorgen voor
steun, ontspanning en een gevoel ergens eij te oren.
Sociale netwerken zijn onder te verdelen in steungroep, sympat iegroep,
weaktes.
(Uitgaand van et gemiddelde in Nederland..)
Steungroep: ongeveer 7 personen om ons een waar we een nauwe eand mee eeeen.
Mensen waar je eij terec t kan voor persoonlijke dingen die je niet zou willen dat iedereen
die zou weten.
Sympat iegroep: ongeveer 12-15 personen, waar je et leuk vind om mee om te gaan, leuke
dingen mee te doen. Denk aan een vriendengroep.
Weaktes: max 130 personen die je oppervlakkig kent, kennissen eijvooreeeld. Vrijelijvige
contacten die vooral plezier opleveren en weinig verplic tngen met zic meeerengen. Je
kunt et contact makkelijk eeëindiggen.
Gebrekkig sociaal netwerk
Eenzaam eid: de discrepante tussen et aantal gewenste sociale contacten en et reële
aantal (dus suejectef). Discrepante is versc il, geen aesoluut aantal. Als je weinig vrienden
eet, oef dat niet erg te zijn, als je et zelf niet erg vindt.
Sociale eenzaam eid: geerek aan vrienden en contacten. Sociaal isolement.
Emotonele eenzaam eid: afwezig eid van eelangrijke centrale persoon. Emotonele
intmiteit, troost en steun. Mensen missen iemand met wie ze lief en leed kunnen delen en
eij wie ze terec t kunnen voor emotonele intmiteit, troost en steun.
Sociale eenzaam eid en emotonele eenzaam eid kunnen zowel gezamenlijk als apart
voorkomen. Iemand met veel familie en vrienden, kan zic toc eenzaam voelen omdat ij
of zij geen partner eef (emotonele eenzaam eid). Andersom kan iemand die gelukkig
getrouwd is, zic toc eenzaam voelen (sociale eenzaam eid).
Het internet kan voor een afname van eenzaam eid zorgen (ouderen en datngssite).
Wel zijn de contacten die via internet worden onder ouden, minder steunend dan gewone
contacten. Niet alle soorten steun kunnen worden gegeven via et internet, denk aan
instrumentele steun, of eij emotonele steun kun je geen sc ouderklopje geven.
Sociale identteit: onze identteit wordt mede eepaald door de groepen waar we toe
ee oren.
Sociometer ypot ese: Zelfwaardering is afankelijk van gevoel van acceptate/afwijzing
door een groep.
Aantastng zelfwaardering: gevoel er niet eij te oren. Bij uitsluitng/weinig contacten daalt
de zelfwaardering.
Hoorcollege 1
Sociale contacten
Geen sociale relates eeeen is slec t voor de gezond eid.
Sociale contacten zorgen o.a. voor:
minder eenzaam eid;
Minder depressie;
Kleinere kans op eerder overlijden;
Kleinere kans om opgenomen te worden in een psyc iatrisc e inric tng;
Kleinere kans op art- en vaatziekten;
Betere stresseestendig eid.
Maar natuurlijk is niet elke sociale relate goed voor je!
Social media
Social media eef een eelangrijke rol in contact tegenwoordig. Denk eijvooreeeld eens na…
Binnen oeveel tjd reageer je op een faceeookeeric t/instagram/snapc at of w atsapp?
Binnen oeveel tjd wil je een reacte op je faceeookeeric t/instagram/snapc at/w atsapp?
De oeveelse ‘liker’ wil je zijn? Wat ee je liever; geen, of een negateve reacte?
Het belang van sociale steun
Hoe ingrijpender en stressvoller een levensgeeeurtenis (kan ook positef zijn), oe
waardevoller sociale steun. De ernst en frequente van de levensgeeeurtenis zijn iereij erg
van eelang. Hoe meer levensgeeeurtenissen in korte tjd, oe groter de kans op stress, eurn-
out of ziekte.
Sociale steun
Vier vormen van sociale steun:
Emotonele steun: elkaar steunen op emotoneel geeied (luisteren, omarmen).
Informatonele steun: advies en informate krijgen (informate elpt mensen op weg).
Instrumentele steun: praktsc e dingen doen voor elkaar (voor uisdier zorgen).
Waarderingssteun: eevestging van goede zelf krijgen (‘je eent goed eezig!’).
Openlijke en onzichtbare steun
Openlijke steun: degene die elpt en degene die ge olpen wordt realiseren zic eeiden dat
er steun wordt gegeven.
Onzic teare steun: De ontvanger van de steun eef niet door dat ij ge olpen wordt, maar
eef er wel proijt van.
Waargenomen steun: Het gaat niet zozeer over de daadwerkelijke steun die je ontvangt, et
gaat om et idee dat je gesteund wordt of gesteund zou kunnen worden indien nodig.
,Verklaringen van sociale steun
Verklaringen waarom wij andere mensen elpen. Alle t eorieën ieronder zijn juist en
kunnen in meerdere of mindere mate een verklaring eieden.
Verklaringen voor ulpvaardig gedrag:
Reden 1: Inclusive itness t eorie: Geneigd andere te elpen waarmee we een genetische
band eeeen. Geric t op overleven van un genen.
Reden 2: Compettve altruism t eorie: Om eigen reputatie te vereeteren. Mensen die
andere elpen zijn geliefder. Altruism eetekend dat je iets voor iemand anders doet zonder
dat je er zelf eelang eij eet. Wij willen onze eigen reputate vereeteren. Positever uit
de voeten komen.
Reden 3: Empat ie-altruïsme-t eorie: Empathie voor de ander. Als ik in deze situate zou
zitten zou ik et ijn vinden als iemand mij zou elpen. Gevoelsmatge reacte van medeleven
dat mensen ervaren als ze contact eeeen met iemand die et moeilijk eef. Zonder eigen
eelang van de ander elpen.
Reden 4: Negatve-state-relief-model: Gemotveerd om negatieve gevoelens weg te nemen
die de ander eij je opwekt. Je ziet iemand die ulp nodig eef en je gaat je rot voelen als je
iemand niet elpt. ‘Ik ee er geen zin in, maar ik doe et toc wel anders ga ik me rot
voelen’. Dus niet zozeer om de ander een plezier te doen, maar om eigen negateve
gevoelens weg te doen nemen. Men kan niet aan de situate ontsnappen.
Reden 5: Mood en ancement t eorie: Gemotveerd om zic goed te voelen. Ik doe iets voor
een ander want dan ga ik mezelf er eeter over voelen. Positeve gevoelens krijgen.
Reden 6: Ervaren van plic tseesef: Je oma eezoeken omdat et voelt alsof et moet. Je doet
iets vanuit een plicht omdat et moet, terwijl je er eigenlijk geen zin in eet. Je ouders
elpen met dingen omdat zij jou ook eel vaak elpen. Iemand die in et verleden ook veel
voor jou eef gedaan eijvooreeeld.
Reden 7: Sociale-uitwisselingst eorie: Streven naar wederkerigheid. Als ik iets doe voor een
ander, dan is de kans groter dat de ander ook iets voor mij gaat doen. Iets doen in de oop
dat ze er in de toekomst iets voor terug krijgen of omdat de ander em in et verleden eef
ge olpen. In andere woorden: voor wat, oort wat! Of et is geven en ontvangen!
Sociale steun en empathie
Waarom wil jij kinderen elpen?
- Sommige mensen om zic goed te voelen, sommige uit empat ie. Er zijn versc illende
redenen. Ook kan er sprake zijn van een ulpverleningssyndroom.
Hulpverleners syndroom: elpen van anderen om een goed zelfeeld te ouden.
Cliënt ontvangt sociale steun, maar…
Cliënt moet leren zelf weer regie te nemen, de cliënt wordt afankelijk(er), ulpverlener
neemt proelemen van cliënt mee naar uis.
,Samenwerking
Bij een optmale samenwerking is et van eelang dat er positeve sociale interdependente
is. Hiereij kunnen mensen alleen un doel eereiken als anderen un doel ook eereiken.
Hiervoor is nodig:
Groepsdoelen: gezamenlijke doelen.
Co esie: samen ang, eekommeren.
Vertrouwen: vertrouwen dat iedereen zijn deel uit kan en zal uitvoeren.
Gevoel van rec tvaardig eid: Iedereen moet zic eelangrijk voelen einnen et
project.
Bv. We willen een voldoende alen en ik kan dat alleen als jij ook een voldoende aalt.
Sociale dilemma: individueel eelang en collectef eelang staan tegenover elkaar.
Men is eerder eereid tot samenwerking wanneer er sterke sociale normen eersen:
gedragsregels die aangeven wat er van groepsleden wordt verwac t.
Injuncteve normen: Wat door de groep als (on)gewenst wordt gezien. (gesc reven of
ongesc reven regels over oe we eepaalde dingen oren te doen). Bijvooreeeld dat afval in
de prulleneak t uis oort en niet op straat (de regel – je komt op tjd).
Descripteve normen: Wat mensen denken dat anderen zouden doen of wat ze mensen zien
doen (wat je denkt dat anderen doen, of wat we daadwerkelijk doen. ‘wac t even oor dat
doen we niet, dat is teveel van et goede’). Denk aan wanneer we et milieu sc oon willen
ouden, veel mensen vervuilen namelijk et milieu. (eesc rijving – wat je waarneemt – dus
datgeen wat mensen doen. Als de regel is ‘je mag niet door rood ietsen en mensen toc
door rood rijden, stop je zelf ook niet snel voor et rode stoplic t’.
Welke van de twee eef de sterkste invloed?
- Descripteve normen.
Voortplanting
Op zoek naar een partner. In Nederland elijf slec ts zo’n 17% van de vrouwen kinderloos.
Gemiddeld telt et aantal kinderen per vrouw in Nederland 1,7.
, Sociale netwerken
Is een ge eel van mensen waarmee een relatonele eand is. Zorgen voor
steun, ontspanning en een gevoel ergens eij te oren.
Sociale netwerken zijn onder te verdelen in steungroep, sympat iegroep,
weaktes.
(Uitgaand van et gemiddelde in Nederland..)
Steungroep: ongeveer 7 personen om ons een waar we een nauwe eand mee eeeen.
Mensen waar je eij terec t kan voor persoonlijke dingen die je niet zou willen dat iedereen
die zou weten.
Sympat iegroep: ongeveer 12-15 personen, waar je et leuk vind om mee om te gaan, leuke
dingen mee te doen. Denk aan een vriendengroep.
Weaktes: max 130 personen die je oppervlakkig kent, kennissen eijvooreeeld. Vrijelijvige
contacten die vooral plezier opleveren en weinig verplic tngen met zic meeerengen. Je
kunt et contact makkelijk eeëindiggen.
Gebrekkig sociaal netwerk
Eenzaam eid: de discrepante tussen et aantal gewenste sociale contacten en et reële
aantal (dus suejectef). Discrepante is versc il, geen aesoluut aantal. Als je weinig vrienden
eet, oef dat niet erg te zijn, als je et zelf niet erg vindt.
Sociale eenzaam eid: geerek aan vrienden en contacten. Sociaal isolement.
Emotonele eenzaam eid: afwezig eid van eelangrijke centrale persoon. Emotonele
intmiteit, troost en steun. Mensen missen iemand met wie ze lief en leed kunnen delen en
eij wie ze terec t kunnen voor emotonele intmiteit, troost en steun.
Sociale eenzaam eid en emotonele eenzaam eid kunnen zowel gezamenlijk als apart
voorkomen. Iemand met veel familie en vrienden, kan zic toc eenzaam voelen omdat ij
of zij geen partner eef (emotonele eenzaam eid). Andersom kan iemand die gelukkig
getrouwd is, zic toc eenzaam voelen (sociale eenzaam eid).
Het internet kan voor een afname van eenzaam eid zorgen (ouderen en datngssite).
Wel zijn de contacten die via internet worden onder ouden, minder steunend dan gewone
contacten. Niet alle soorten steun kunnen worden gegeven via et internet, denk aan
instrumentele steun, of eij emotonele steun kun je geen sc ouderklopje geven.
Sociale identteit: onze identteit wordt mede eepaald door de groepen waar we toe
ee oren.
Sociometer ypot ese: Zelfwaardering is afankelijk van gevoel van acceptate/afwijzing
door een groep.
Aantastng zelfwaardering: gevoel er niet eij te oren. Bij uitsluitng/weinig contacten daalt
de zelfwaardering.