• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 17 pagina's
Samenvatting

Samenvatting hoofdstuk 1: introductie tot de plantkunde (setting the scene)

Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 17 pagina's

Dit is de samenvatting van hoofdstuk 1: "Setting the scene" van de biosfeer: planten, gegeven in de 1ste bachelor geologie en de 2de bachelor geografie en geomatica. In dit hoofdstuk worden de eigenschappen van landplanten besproken, een algemeen overzicht gegeven van de verschillende types van landplanten, en de systematiek en evolutie ervan.

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 1: setting the scene
Deel 1: wat is plantkunde
Plantkunde: de studie van planten
 maar wat is een plant dan?

Volgens Linnaeo zijn planten alle organismen die geen dieren zijn.
 Dus ook zwammen, wieren en sommige eencelligen

Nu: enkel landplanten = Embryophyta
 Embryophyta: planten die afstammen van de planten die aan land zijn
gekomen
= een monofyletische groep (met als gemeenschappelijke voorouder een
groenwier)

Soorten landplanten
 Gymnosperms: naaktzadigen
 Angiosperms: bloemplanten
 Bryophyta: mossen
 Monilophyta: Varens
 Lycophyta: varenachtigen


Deel 2: wat is een plant?
Embryophyta zijn echte planten/ planten sensu stricto
 Een plant moet aan verschillende kenmerken voldoen:

1. Het zijn meercellige organismen met cellulose in hun
celwanden




2. Het zijn organismen met cellulose in hun celwanden en
zetmeel als reservestof
 Het zijn deze twee stoffen die heterotrofe organismen uit planten
moeten halen

, 3. Het zijn foto-autotrofe organismen die chlorofyl
bevatten
Foto-autotroof: doen aan fotosynthese
 ze zetten H2O en CO2 om in carbohydraat en O2


6 CO2 + 12 H2O C6H12O6 + 6 O2 + 6
Licht-E
De CO2 is afkomstig uit de atmosfeer
 een zo goed als onuitputtelijke bron

C6H12O6 is chemische energie, opgeslagen in suikers i/d cellulose

Planten zijn primaire producenten
 heterotrofe organismen consumeren deze cellulose om aan hun energie te komen

Opm.: er zijn parasitaire planten, deze zijn hun vermogen om aan fotosynthese te doen
secundair verloren
 hebben ook geen chlorofyl meer (zijn bv. wit)

Opm. v/d opm.: er zijn planten die een mix zijn, bv. marentak

4. Het zijn organismen die een vastgehecht en wortelend
bestaan leiden
Ze zijn immobiel: ze kunnen niet bewegen en weglopen
 kunnen dus niet vluchten van vijanden/op zoek gaan nr een partner
 maken chemische stoffen aan (medicijnen, supplementen,
genotsmiddelen,…)
zie later

5. Vegetatieve vermenigvuldiging
Vegetatieve vermenigvuldiging: een type aseksuele voortplanting waarbij uit
een klein fragment (in sommige gevallen een enkele cel) een nieuw organisme
kan ontwikkelen
 dit komt niet enkel voor bij planten, maar ook bij schimmels en sommige
dieren

Intermezzo: wat is een individu?

Bij animalia is dit een makkelijke vraag om te beantwoorden
 Door aseksuele voortplanting is dit moeilijker te beantwoorden bij de planten

Bv.: in een bos zijn er vaak veel genetisch identieke bomen doordat ze elkaars klonen
zijn.

, = kloneren
 dit is de reden dat stekken kan

6. Ze doen aan generatiewisseling
Lezen p29-p33

Generatiewisseling: het aspect van de levenscyclus dat betrekking heeft op de
afwisseling van generaties.
= digenetische cyclus
 Generatie: een meercellig stadium in de ontwikkeling van een organisme. Het
begint met een voortplantingscel (spore/zygote) en ondergaat een vegetatieve
groei. Uiteindelijk vormt het organisme andere reproductieve cellen

Er zijn 3 mogelijke generaties



Gametofyt
(n)




Sporofyt (2n)


Monogenetisch Digenetisc Monogenetisch
haploïd h diploïd
 Monogenetisch haploïd: er is GEEN generatiewisseling
 er worden enkel sporen gevormd
 de voorouderlijke groenwier behoorde tot deze groep
 Digentisch: doen aan generatiewisseling
 er worden zowel gameten als sporen gevormd
 Monogentisch diploïd: er is GEEN generatiewisseling
 er worden enkel gameten gevormd
 hiertoe behoren de animalia

Opm.: deze onderverdeling was er al voor de stap naar het land gezet was

Vb. 1: de levenscyclus Zeesla
 digenetisch

Het verschil tussen de 2 gen. is niet
op het eerste zicht duidelijk
 kijken naar de structuren

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
9 april 2024
Aantal pagina's
17
Geschreven in
2023/2024
Type
Samenvatting
€4,96

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
manartahri
5,0
(1)
Verkocht
4
Volgers
2
Items
57
Laatst verkocht
9 maanden geleden


Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen