landgenoten?
Boek: v/d Horst
22,7% allochtonen in NL, waarvan meer niet-westers dan westers. Grootste aantal
komt uit Turkije, daarna Marokko en daarna Suriname (Polen als 4e)
Definities
- Migrant: vindt zijn oorsprong in het proces van migratie; geografische
mobiliteit van mensen waarbij zij een grens overschrijden met de bedoeling
langere tijd in een andere woonplaats te blijven
● Neutrale term, zegt niets over wat in de toekomst gebeurt of over het
land van herkomst of bestemming
● Emigrant: iemand die zich in het buitenland vestigt
● Immigrant: iemand die zich in een ander land dan het herkomstland
vestigt
- Allochtoon: iemand die in NL woont en staat ingeschreven en van wie ten
minste één ouder in het buitenland is geboren
● Eerste generatie: personen die zelf in het buitenland zijn geboren
● Tweede generatie: personen die in NL zijn geboren
● 25% v/d 0-25-jarigen is allochtoon
● Van alle niet-westerse migrantenkids behoort bijna 85% tot de tweede
generatie
● Voordelen term allochtoon: nuttig voor het beschrijven v/d
maatschappelijke positie en kan dienen als basis voor de ontwikkeling
van overheidsbeleid op landelijk en lokaal niveau. Ook kan er
sociaalwetenschappelijk onderzoek gedaan worden
● Nadelen term allochtoon: kan stigmatiserend werken. Alle inwoners
van verschillende etnische herkomsten worden over 1 kam geschoren
Migratiegeschiedenis
Eerste helft v/d 20e eeuw: vluchtelingen/migratie uit WOl en WOll
● 1e golf: mensen uit Nederlands-Indië/Indonesië (‘40/’50)
● 2e golf: arbeidsmigratie uit Spanje, Italië, Turkije, Marokko, Algerije &
Tunesië (‘60)
● 3e golf: gezinshereniging en -vorming van de Marokkaanse & Turkse
migranten (‘70)
● 4e golf: Surinaamse immigranten (postkoloniaal) (‘70/’80)
● 5e golf: asielmigranten uit Midden- en Oost-Europa (‘80/’90)
● 6e golf: arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa (‘80/90’)
, Marokkaanse & Turkse migranten
Belangrijkste migratieredenen van economische aard. Mannen migreerden naar NL
om de economische situatie in eigen land te verbeteren en op den duur weer terug te
keren naar hun land van herkomst
- Er was in NL sterke behoefte aan arbeidskrachten; vooral laaggeschoolde
- NL sloot wervingsverdragen met vele landen, waaronder Marokko & Turkije
- Er was geen sprake van integratiebeleid, de gastarbeiders konden en moesten
hun eigen identiteit behouden
- Arbeidsmigratie stopte in ‘70 door recessie. Veel Marokkanen en Turken
wilden in NL blijven, vanwege een mooiere toekomst. Hiermee startte de
gezinsmigratie (vrouwen & kids ook naar NL)
Surinaamse migranten
Hele andere migratiegeschiedenis. Suriname was kolonie tot ‘75. Grootste
bevolkingsgroepen in SU zijn Creolen (Afrikaanse wortels), Hindoestanen
(afstammelingen van India), Chinezen & Javanen. In ‘60 kwam er een grote
migratiestroom, vanwege de economische vooruitgang in NL
- ‘70: tweede grote migratiebeweging → migranten door achterblijvende
welvaartsgroei in SU
- Hindoestaanse Surinamers hebben angst voor politieke overheersing door
Creoolse Surinamers
- ‘75-’80: Toescheidingsovereenkomst; inwoners van SU mochten kiezen tussen
blijven in SU of Nederlander worden onder de voorwaarde dat men
emigreerde naar NL
- ‘90: migratiefactoren kregen weer economisch karakter; verslechterde
economische situatie
- Surinamers hogere SES dan Marokkanen en Turken; hogeropgeleiden uit
Suriname komen naar NL
Chinese migranten
Komen al 100 jaar naar NL. Er waren 4 immigratiegolven:
1. 1900: Chinese zeelui arriveerden in Rotterdam als goedkope arbeidskrachten
2. 1945: Chinezen uit voormalige NL koloniën vestigen zich in NL; zij zouden het
Oosterse eten missen en dit nog kunnen vinden in Chinese restaurants in NL
3. ‘70-’80: aanvankelijk mannelijke Chinese migranten vanwege economische
motieven, maar daarna ook veel vrouwen en familieleden; gezinsvorming- en
hereniging
4. Eind jaren ‘80: China gaf de meer mogelijkheden om te emigreren, voor bijv.
studeren → meer migratie (uit China & HK)
5. Vanaf 2000: sterke toename immigratie; vooral door immigratie van
jongvolwassenen die wilden studeren