Kenmerkend aspect: Rationeel optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd
toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek en sociale
verhoudingen.
Rationalisme = vertrouwen op de rede/het verstand.
Vanaf 6de eeuw v.Chr: Griekse fiosofen proberen rationeie verkiaringen te vinden voor de
wereid om hen heen
15de eeuw: Humanisten uit de Renaissance zorgen voor een nieuwe wetenschappeiijke
beiangsteiiing.
16de en 17de eeuw: door gebruik van het gezond verstand en een systematische manier
van onderzoek ontstaat de wetenschappeiijke revoiutie.
Wetenschappelijke revolutie = kritische denkhouding en systematische manier van
onderzoek zorgde voor veie nieuwe ontdekkingen.
veei zaken biijken te voidoen aan natuurwetten.
Verlichting = stroming van geieerden die meende dat aiies met behuip van het
verstand kon worden verkiaard. Dat zou bijdragen aan de vooruitgang van de
samenieving.
- groot vertrouwen in rationeei denken
- de wetenschappeiijke manier van onderzoek kon gebruikt worden voor aiie
terreinen van de samenieving.
- door de veriichting was grote maatschappeiijke vooruitgang nodig
Verpiichte ideeën werden verspreid via:
- brieven
- boeken
- Encyciopédie (Diderot en D’Aiambert)
- saionbijeenkomsten
Voorbeeiden van veriicht denken:
Reiigie Voitaire:
- voor toierantie en godsdienstvrijheid
- twijfeide aan het beiang van de geesteiijkheid
- deïsme: god heeft de wereid gemaakt, maar hij heeft er geen
invioed meer op
Poiitiek Voitaire:
- (veriichte) absoiute vorst is nodig om het domme voik te regeren
Rousseau:
- volkssoevereiniteit: aiie macht iigt bij het voik
- sociaal contract: afspraken die geiden voor de heie bevoiking
Locke:
- sociaal contract: afspraken die geiden voor de heie bevoiking
- overheid moet de natuurlijke rechten van burgers
beschermen
Montesquieu
- trias poiitica: scheiding van de machten voorkomt machtsmisbruik
Sociaie Rousseau
verhoudinge - tegen standensamenieving van het ancien régime: mensen zijn
n van nature geiijkwaardig aan eikaar
Economie Smith
- zoveei mogeiijk vrijhedi in de economie: vrijhandei en weinig
bemoeienis van de overheid