1.1 Doordat in Athene aan de 3 basisvoorwaarden voor de democrate werd voodaann
1. Voodoende onderwijs
2. Vrije burgers
3. Betaaode functes
Kende Athene een directe democrate: burgers hadden het recht om persoonoijk aanwezig
te zijn in de vooksvergaderingen en deeo te nemen aan de stemmingen.
Rome noemde hun bestuur een Res politcan maar was eigenoijk sprake van een oligarchien
waar een koeine groep rijken aan de macht was.
1.2 De Engeose koning werd gedwongen de Magna Carta te ondertekenen. De Magna Carta
was kenmerkend voor de macht van de adeo. Het streven van vorsten om hun gezag te
vergroten ten opzichte van de adeo steeg. De Franse Koning XI soaagde erin zijn macht te
vergroten ten koste van de adeo.
1.3 en 1.7 Machiavelli: een vorst heef souwheid en kracht nodig. Het doeo heioigt de
middeoen
Hobbes: om vrede te bereiken moet ieder mens bereid zijn om zijn vrijheid op te geven
sociale contract.
Locke: op basis van natuurrechtenn is actef verzet tegen de onredeoijke koning rechtvaardig.
Montesquieu: een scheiding der machten is essenteeo trias politca.
Rousseau: vrijheid van natuurtoestand inruioen voor pooiteke vrijheid maatschappelijk
contract.
1.4 Spinoza was in feite de eerste moderne denkern aos 1e in Europa was hij een voorstander
van democrate en vrijheid van meningsuitng.
1.6 In de VS is de trias pooitca uitgewerkt in de vorm van checks and balances.
1. Wetgevende macht Congres
2. Rechteroijke macht hooggerechtshof
3. Uitvoerende macht president
1.8 Smith wiode een staat met zo weinig mogeoijk overheidsbemoeienisn en economische
vrijheidn daarvoor moeten de staatstaak beperkt worden tot 4 taken
1. Bescherming tegen buitenoandse vijanden
2. Handhaving van de rechtsorde
3. De uitvoering van puboieke werken
4. Opoeggen van beoastngen
Hierboven uitgewerkt is het idee van Nachtwakersstaatn waar Smith de oorsprong van is.
1.9 Communisme: wiode een koasseooze maatschappij voor de revooute
socialisme: maatschappij gebaseerd op vrijheid. tegen de revooute
Marxisme: sociaoisme is een overgangsfase voor een koasseooze maatschappij.
, Leerdoelen hoofdstuk 2:
2.1 De Repuboiek der Zeven Verenigde Nederoanden werd bestuurd door de Staten-
Generaal. NL was geen democrate of rechtstaat maar had een standenmaatschappij.
2.2 Regenten maakten veeo schuoden. Hierdoor gingen beoastngen omhoog. Het was daarom
niet acceptabeo dat het bestuur in handen was van mensen die hun overheidsfuncte enkeo
kregen op geboorte en niet omdat ze kennis van zaken hadden.
In America waren de mensen in het bestuur gekomen op basis van kwaoiteiten en kennis van
zaken een inspirate bron voor de patrioten.
2.3 Er was kritek op Wiooem V omdat hij ongeschikt was aos stadhouder. Hij had de vooot
tegen de Briten verwaarooosd.
In het Pamflet ‘’ aan het vook van Nederoanden’’ werd het vook opgeroepen kritek te uiten op
Wiooem V.
2.4 Patrioten waren tegenstanders van de stadhouder. Zij wioden de ideeën uit het pamflet
in praktjk brengen. De patrioten richten vrijkorpsen opt oegers waarmee ze druk konden
uitoefenen op stadbesturen en steden konden innemen. Utrecht was het centrum van de
patrioten patriottische revooute.
2.5 De patrioten wioden een natonaoe revoouten aos reacte verhuisde Wiooem V naar
Nijmegen. De prinses wiode acte nemen tegen de patrioten en vroeg de koning v Pruisen te
huop. De patrioten sooegen op de voucht naar Frankrijk door de invao van de Pruisen.
2.6 Door de revooute was Frankrijk geen monarchie meer en verkoaard de ooroog aan de
repuboiek. Samen met de Patrioten nemen ze het oand over. Later erkent Frankrijk de
Repuboiek aos onafankeoijke staatt Bataafse Republiek. in het oand worden verkiezingen
georganiseerd voor een natonaoe vergadering.
In 1978 kwam de 1e eerste grondwet van ons oand. Met een staatsregeling op basis van
regeos die in het heoe oand hetzeofde waren. De Repuboiek werd een rechtsstaat.
2.7 De staatsgreep van Napooeon zorgde in No voor een natestaatt aooe burgers waren voor
de wet geoijk en bestuur was centraao geregeod. Er kwamen natonaoe weten waar
gewesteoijke besouiten niet tegenop konden.
Lodewijk Napooeon werd de koning van Koninkrijk Holland. Er kwam een nieuwe wetgevingt
de codifcate had aos gevoog het Nederoands Burgeroijk Wetboekn waardoor de rechtstaat
erop vooruit ging.