Roger’s Fenomenologische, Humanistische Self-Theory (Thema 3, deel 1)
Carl Rogers
Fenomenologisch veld = elk individu neemt de wereld op een speci eke, subjectieve
manier waar. Dit zorgt ervoor dat elk mens zijn eigen kijk op een situatie heeft en hier
anders op kan regeren als een ander (verklaart ook verschillen tussen mensen)
Er is 1 persoonlijkheidsstructuur -> de SELF. De mens neemt zijn fenomenologische
veld waar door de ogen van zijn ‘zelf’ Onze innerlijke behoeften, doelen en
overtuigingen vormen deze kijk.
Mens wil authentiek zijn. Voelt zich oncomfortabel als hij iets heeft moeten doen wat
niet bij hem past.
Individu is zelf verantwoordelijk voor zijn eigen acties. Intuïtie is onderdeel van je ware
zelf.
Werkelijke zelf vs Ideale zelf. Volgens Rogers heeft ieder mens een werkelijke zelf en
een ideale zelf (de persoon die je graag wil zijn) Een mens streeft volgens Rogers naar
zelf-groei en is vanuit zijn kern positief ingesteld. Volgens hem streeft elk mens naar
zelf-actualisatie : het uitgroeien naar een complexe entiteit, een onafhankelijk persoon
dat zichzelf vrij kan uiten. Dit is volgens hem de ultieme zelf-groei.
Echter zijn er in het leven twijfels en moeilijke momenten en kan een persoon echt niet
altijd volledig gericht zijn op zelf-actualisatie. Men streeft wel naar :
Zelf-consistentie -> mensen willen zich gedurende tijd op een manier gedragen
die overall consistent is aan zijn attitudes/overtuigingen. Bv. als men nu iets leuk
vindt, wil hij dit over een maand nog leuk vinden en niet telkens van het ene naar
het andere schieten. Deze drijfveer zorgt ervoor dat mensen bepaald gedrag
vertonen, zelfs als ze hier nier voor beloond worden.
Zelf-congruentie -> mensen willen zich gedragen op een manier die past bij het
beeld wat ze van hun ideale zelf hebben. Als ze hun ideale zelf als eerlijk zien,
ervaren ze congruentie wanneer ze ervoor zorgen dat hun werkelijke zelf zich
eerlijk gedraagt.
Incongruentie -> je gedraagt je op een manier die NIET past bij het beeld wat je van je
ideale zelf hebt. Bv. je ziet je ideale zelf als een eerlijk persoon, maar je gaat liegen. Je
ervaart dan incongruentie. Dit roept angst op en deze proberen we te voorkomen/
onderdrukken dmv verdedigingsmechanismen :
Supception -> voorkomen dat een ervaring die incongruentie oproept je bewuste
geest inkomt.
Denial -> ontkennen van de van de ideale zelf afwijkende gedraging.
Distortion -> het verdraaien van de ideale zelf afwijkende gedraging, zodat deze
wel past bij het beeld wat je hiervan hebt.
Wanneer je veel moet afwisselen in de verschillende sociale rollen die je hebt, heb je
meer kans op het ervaren van angst, depressie en lage eigenwaarde. Veel afwissling
binnen je zelfbeeld kan zorgen voor mentale problemen.
Dingen die mensen als kenmerkend voor hun eigen zelfbeeld ziet, onthoud men beter
als dingen die een bedreiging voor hun zelfbeeld vormen.
Mensen met een hoge eigenwaarde liegen minder, omdat liegen niet consistent staat
aan hun zelfbeeld.
Mensen met een lage eigenwaarde willen zich consistent aan hun zelfbeeld gedragen
om zelf-consistentie te ervaren. Echter weerhoudt dit hen van groeikansen.
Zelf-Concept (Zelfbeeld) kunnen we meten dmv :
Q-Sort Techniek. Mensen moeten kaarten met omschrijvingen van “beschrijft mij
het meeste” naar “beschrijft mij het minste” leggen. De meeste kaarten liggen in
het midden, dus individu moet speci ek de meest passende beschrijvingen van
zichzelf uitkiezen. Het is een xed methode omdat therapeut de teksten op de
fi fi fi
Carl Rogers
Fenomenologisch veld = elk individu neemt de wereld op een speci eke, subjectieve
manier waar. Dit zorgt ervoor dat elk mens zijn eigen kijk op een situatie heeft en hier
anders op kan regeren als een ander (verklaart ook verschillen tussen mensen)
Er is 1 persoonlijkheidsstructuur -> de SELF. De mens neemt zijn fenomenologische
veld waar door de ogen van zijn ‘zelf’ Onze innerlijke behoeften, doelen en
overtuigingen vormen deze kijk.
Mens wil authentiek zijn. Voelt zich oncomfortabel als hij iets heeft moeten doen wat
niet bij hem past.
Individu is zelf verantwoordelijk voor zijn eigen acties. Intuïtie is onderdeel van je ware
zelf.
Werkelijke zelf vs Ideale zelf. Volgens Rogers heeft ieder mens een werkelijke zelf en
een ideale zelf (de persoon die je graag wil zijn) Een mens streeft volgens Rogers naar
zelf-groei en is vanuit zijn kern positief ingesteld. Volgens hem streeft elk mens naar
zelf-actualisatie : het uitgroeien naar een complexe entiteit, een onafhankelijk persoon
dat zichzelf vrij kan uiten. Dit is volgens hem de ultieme zelf-groei.
Echter zijn er in het leven twijfels en moeilijke momenten en kan een persoon echt niet
altijd volledig gericht zijn op zelf-actualisatie. Men streeft wel naar :
Zelf-consistentie -> mensen willen zich gedurende tijd op een manier gedragen
die overall consistent is aan zijn attitudes/overtuigingen. Bv. als men nu iets leuk
vindt, wil hij dit over een maand nog leuk vinden en niet telkens van het ene naar
het andere schieten. Deze drijfveer zorgt ervoor dat mensen bepaald gedrag
vertonen, zelfs als ze hier nier voor beloond worden.
Zelf-congruentie -> mensen willen zich gedragen op een manier die past bij het
beeld wat ze van hun ideale zelf hebben. Als ze hun ideale zelf als eerlijk zien,
ervaren ze congruentie wanneer ze ervoor zorgen dat hun werkelijke zelf zich
eerlijk gedraagt.
Incongruentie -> je gedraagt je op een manier die NIET past bij het beeld wat je van je
ideale zelf hebt. Bv. je ziet je ideale zelf als een eerlijk persoon, maar je gaat liegen. Je
ervaart dan incongruentie. Dit roept angst op en deze proberen we te voorkomen/
onderdrukken dmv verdedigingsmechanismen :
Supception -> voorkomen dat een ervaring die incongruentie oproept je bewuste
geest inkomt.
Denial -> ontkennen van de van de ideale zelf afwijkende gedraging.
Distortion -> het verdraaien van de ideale zelf afwijkende gedraging, zodat deze
wel past bij het beeld wat je hiervan hebt.
Wanneer je veel moet afwisselen in de verschillende sociale rollen die je hebt, heb je
meer kans op het ervaren van angst, depressie en lage eigenwaarde. Veel afwissling
binnen je zelfbeeld kan zorgen voor mentale problemen.
Dingen die mensen als kenmerkend voor hun eigen zelfbeeld ziet, onthoud men beter
als dingen die een bedreiging voor hun zelfbeeld vormen.
Mensen met een hoge eigenwaarde liegen minder, omdat liegen niet consistent staat
aan hun zelfbeeld.
Mensen met een lage eigenwaarde willen zich consistent aan hun zelfbeeld gedragen
om zelf-consistentie te ervaren. Echter weerhoudt dit hen van groeikansen.
Zelf-Concept (Zelfbeeld) kunnen we meten dmv :
Q-Sort Techniek. Mensen moeten kaarten met omschrijvingen van “beschrijft mij
het meeste” naar “beschrijft mij het minste” leggen. De meeste kaarten liggen in
het midden, dus individu moet speci ek de meest passende beschrijvingen van
zichzelf uitkiezen. Het is een xed methode omdat therapeut de teksten op de
fi fi fi