Wat is kwaliteit en waarom is dit belangrijk?
Leerdoel: student kan belang kwaliteitszorg benoemen.
Zorgen dat het goed gaat en laten zien dat het goed gaat en betekent tegemoet komen van
verwachtingen van klanten.
Hoe? > Techno <-> managerial approach: kennis van beide aspecten nodig om gewenste kwaliteit te
bereiken.
Techno = begrijpen variabiliteit en complexiteit van voeding door kennis van microbiologisch, fysisch,
procestechnologie, chemie, voedingsleer
Managerial = begrijpen menselijk gedrag door marketing, psychologie, sociologie
Waarom belangrijk?
1. Voedselveiligheid
- Kostenbesparend: recalls kosten geld
- Stakeholders: overheid stelt wetten, consumenten verwachten dat er continue verbetering is
- Consumentenzorgen: door schandalen is vertrouwen consument aangetast
- Beoordeling van klanten: klanten hebben verwachtingen, kwaliteit is erg belangrijk
Daarnaast is er ook wettelijke verplichting, klanten eisen het, constante productkwaliteit, heldere
organisatie.
Valkuilen: tegenwerking van medewerkers; documentatie kan als vervelend ervaren worden.
Het nut van normen: zekerheid dat een product voldoet en de eisen en er altijd aan voldoet.
Kwaliteitsmanagementsystemen
Leerdoel: student kan verschillen tussen kwaliteitsmanagementsystemen benoemen.
Kwaliteitspioniers
Deming:
Begon met gebruik statistiek in kwaliteitsbeheersing en zegt dat focus op kwaliteit de kosten
verlaagd. Management moet richting geven. PDCA cirkel Plan > Do > Control > Act (aanpassen). “een
product is goed als de gebruiker tevreden is en er een goede, stabiele markt voor is. “
Constante kwaliteit door: -Variatie zo laag mogelijk –Meten -Gegevens verzamelen -Vergelijken
Juran:
Trilogie = hoe manage je kwaliteit?
1. Kwaliteitsplanning
- wie is de klant? – wat is de behoefte? – ontwikkelen product dat daaraan voldoet – ontwikkel
systemen en processen die organisatie helpen om de producten als zodanig te produceren – zet deze
plannen in op operationeel niveau
2. Kwaliteitsbeheersing
- Onderzoek de kwaliteitsprestaties – vergelijk prestaties met het doel – onderneem actie indien er
verschil zitten tussen prestaties en doel
3. Kwaliteitsverbetering
- ontwikkel de benodigde infrastructuur om jaarlijks kwaliteitsverbetering te maken – identificeer
gebieden die verbetering nodig hebben en implementeer verbeteringsprojecten – stel team samen
dat verantwoordelijkheid neemt voor deze projecten – voorzie teams in wat ze nodig hebben.
kwaliteit = “geschiktheid voor gebruik”
Crosby:
, Kwaliteitsproblemen bestaan niet > zero defects
Kwaliteit mag niet meer kosten > kwaliteit is gratis
In één keer goed
Alle bovenstaande ideeën zijn de grondleggers van TQM
TQM = Total Quality Management
Ontstaan in de jaren 80. Het is het volledig beheersen van de voedselveiligheid en het realiseren van
kwaliteitseisen.
Aanpak: alles dat de kwaliteit beïnvloedt is een continue punt voor verbetering. Dus mensen,
processen, producten en omgeving.
Hoe? - Strategie – focus op klant, vereist feedback – statistiek, procescontrole – teamwork –
onderwijs en training – betrokken medewerkers
Kwaliteitsbeleid opzetten doe je op drie manieren:
1. Product en proces oriëntatie: technologische oplossing
2. Procedure en organisatie oriëntatie: verantwoordelijkheden benoemen, ondersteunend met WI
3. Mensen oriëntatie: problemen met mensen oplossen door trainingen, educatie en commitment
verhogen
Kwaliteitssystemen
AQAP = Allied Quality Assurance Publications
Eerste kwaliteitsmanagementsysteem. Opgericht in tweede wereldoorlog voor kwaliteitsbeheersing
van materialen. Doel: kwaliteit constant hoog houden. Hierna is dit overgegaan op food. Alle
producten in de NAVO voldoen aan de eisen van AQAP.
ISO = International Standardization Organisation
Opvolger van AQAP. Kort gezegd, zegt ISO: zeg wat je doet, doe wat je zegt en bewijs het.
NEN- EN- ISO 9001 = internationaal kwaliteitsmanagementsysteem, wordt toegepast op
verschillende industrieën en is gebaseerd op PDCA, hier wordt uitgegaan van continu verbeterproces.
Veel andere systemen zijn hier ook op gebaseerd.
NEN- EN- ISO 22000 = ISO 9001 + voedselveiligheid. Toepassingsgebied: specifiek voor
voedingsmiddelenindustrie, de organisaties die betrokken zijn bij een aspect van de voedselketen.
Key elements ISO 22000: Basisvoorwaardenprogramma, HACCP, Proces controle,
Managementsysteem, interactieve communicatie
HACCP
Ook: BRC, Global GAP (ook erkend standaard), GMP, hygiënecodes, IFS, QS, SQF (ook erkend
standaard)
Certificeringen
GFSI = Global Food Safety Initiative ( is een stichting geen standaard)
Stichting opgericht door wereldwijde retailers en producenten om vertrouwen consument terug te
winnen in voedselveiligheid. Aanleiding waren de problemen met listeria in jaren 90
Leerdoel: student kan belang kwaliteitszorg benoemen.
Zorgen dat het goed gaat en laten zien dat het goed gaat en betekent tegemoet komen van
verwachtingen van klanten.
Hoe? > Techno <-> managerial approach: kennis van beide aspecten nodig om gewenste kwaliteit te
bereiken.
Techno = begrijpen variabiliteit en complexiteit van voeding door kennis van microbiologisch, fysisch,
procestechnologie, chemie, voedingsleer
Managerial = begrijpen menselijk gedrag door marketing, psychologie, sociologie
Waarom belangrijk?
1. Voedselveiligheid
- Kostenbesparend: recalls kosten geld
- Stakeholders: overheid stelt wetten, consumenten verwachten dat er continue verbetering is
- Consumentenzorgen: door schandalen is vertrouwen consument aangetast
- Beoordeling van klanten: klanten hebben verwachtingen, kwaliteit is erg belangrijk
Daarnaast is er ook wettelijke verplichting, klanten eisen het, constante productkwaliteit, heldere
organisatie.
Valkuilen: tegenwerking van medewerkers; documentatie kan als vervelend ervaren worden.
Het nut van normen: zekerheid dat een product voldoet en de eisen en er altijd aan voldoet.
Kwaliteitsmanagementsystemen
Leerdoel: student kan verschillen tussen kwaliteitsmanagementsystemen benoemen.
Kwaliteitspioniers
Deming:
Begon met gebruik statistiek in kwaliteitsbeheersing en zegt dat focus op kwaliteit de kosten
verlaagd. Management moet richting geven. PDCA cirkel Plan > Do > Control > Act (aanpassen). “een
product is goed als de gebruiker tevreden is en er een goede, stabiele markt voor is. “
Constante kwaliteit door: -Variatie zo laag mogelijk –Meten -Gegevens verzamelen -Vergelijken
Juran:
Trilogie = hoe manage je kwaliteit?
1. Kwaliteitsplanning
- wie is de klant? – wat is de behoefte? – ontwikkelen product dat daaraan voldoet – ontwikkel
systemen en processen die organisatie helpen om de producten als zodanig te produceren – zet deze
plannen in op operationeel niveau
2. Kwaliteitsbeheersing
- Onderzoek de kwaliteitsprestaties – vergelijk prestaties met het doel – onderneem actie indien er
verschil zitten tussen prestaties en doel
3. Kwaliteitsverbetering
- ontwikkel de benodigde infrastructuur om jaarlijks kwaliteitsverbetering te maken – identificeer
gebieden die verbetering nodig hebben en implementeer verbeteringsprojecten – stel team samen
dat verantwoordelijkheid neemt voor deze projecten – voorzie teams in wat ze nodig hebben.
kwaliteit = “geschiktheid voor gebruik”
Crosby:
, Kwaliteitsproblemen bestaan niet > zero defects
Kwaliteit mag niet meer kosten > kwaliteit is gratis
In één keer goed
Alle bovenstaande ideeën zijn de grondleggers van TQM
TQM = Total Quality Management
Ontstaan in de jaren 80. Het is het volledig beheersen van de voedselveiligheid en het realiseren van
kwaliteitseisen.
Aanpak: alles dat de kwaliteit beïnvloedt is een continue punt voor verbetering. Dus mensen,
processen, producten en omgeving.
Hoe? - Strategie – focus op klant, vereist feedback – statistiek, procescontrole – teamwork –
onderwijs en training – betrokken medewerkers
Kwaliteitsbeleid opzetten doe je op drie manieren:
1. Product en proces oriëntatie: technologische oplossing
2. Procedure en organisatie oriëntatie: verantwoordelijkheden benoemen, ondersteunend met WI
3. Mensen oriëntatie: problemen met mensen oplossen door trainingen, educatie en commitment
verhogen
Kwaliteitssystemen
AQAP = Allied Quality Assurance Publications
Eerste kwaliteitsmanagementsysteem. Opgericht in tweede wereldoorlog voor kwaliteitsbeheersing
van materialen. Doel: kwaliteit constant hoog houden. Hierna is dit overgegaan op food. Alle
producten in de NAVO voldoen aan de eisen van AQAP.
ISO = International Standardization Organisation
Opvolger van AQAP. Kort gezegd, zegt ISO: zeg wat je doet, doe wat je zegt en bewijs het.
NEN- EN- ISO 9001 = internationaal kwaliteitsmanagementsysteem, wordt toegepast op
verschillende industrieën en is gebaseerd op PDCA, hier wordt uitgegaan van continu verbeterproces.
Veel andere systemen zijn hier ook op gebaseerd.
NEN- EN- ISO 22000 = ISO 9001 + voedselveiligheid. Toepassingsgebied: specifiek voor
voedingsmiddelenindustrie, de organisaties die betrokken zijn bij een aspect van de voedselketen.
Key elements ISO 22000: Basisvoorwaardenprogramma, HACCP, Proces controle,
Managementsysteem, interactieve communicatie
HACCP
Ook: BRC, Global GAP (ook erkend standaard), GMP, hygiënecodes, IFS, QS, SQF (ook erkend
standaard)
Certificeringen
GFSI = Global Food Safety Initiative ( is een stichting geen standaard)
Stichting opgericht door wereldwijde retailers en producenten om vertrouwen consument terug te
winnen in voedselveiligheid. Aanleiding waren de problemen met listeria in jaren 90