Verhaalniveau
- gebeurtenissen
Zie samenvatting online
- personages
Lodewijk
● adellijke afkomst, maar heeft geen geld
● doet zich voor als graaf
Jan
● bediende Lodewijk
● was soldaat van karel → diefstal paard
● doet zich voor als baron
● gaat er vandoor met karels geld
Charlotte
● verliefd op Lodewijk
● doet alsof ze rijk is
Klaar
● bediende Charlotte
● promiscue: Hans (verloofde) en jan (verliefd op)
Constance
● moeder charlotte
● zij wilt dat dochter met rijke man trouwt
Karel
● broer Charlotte
● kapitein in het leger
● herkent Jan als dief van zijn paard
● man van Sofy
Sofy
● zus van Lodewijk
● herkent Lodewijk
- tijd
Eenheid van tijd: alles speelt zich af in minder dan 24 uur. Het begint voor het middaguur en
eindigt ’s avonds om negen uur.
Het verhaal is chronologisch.
Het verhaal speelt zich af in de 18e eeuw voor 1900, kenmerkend aan de waarden, lakeien
en herbergen.
- ruimte
Eenheid van plaats: alles speelt zich af in Utrecht; huis va de waard en Constance (2,4,5) en
ervoor (1 en 3).
- perspectief
Wisselend personaal perspectief; verhaal door ogen van verschillende personages verteld,
want het is een toneelstuk . De dialogen worden verteld vanuit de persoon die aan het woord
is: de ik-persoon.
- structuur
5 bedrijven, blijspel:
1. expositie = kennismaking hoofdpersonen
2. intrige = wederzijds bedrog
3. climax = liefde tussen Jan en Klaar