Week 1 —> personen- en familie
- aangeven wat gefinancierde rechtsbijstand is, naar aanleiding van een casus of stelling
berekenen of iemand in aanmerking komt voor een toevoeging en zo ja, berekenen wat de
hoogte is van de eigen bijdrage
Er moet gekeken worden of je client eigen vermogen heeft om jou te betalen, anders of de staat
geld kan geven aan hem om te betalen, dit is gefinancierde rechtsbijstand.
Je vraagt deze toevoeging aan bij de raad voor rechtsbijstand. Dit kan alleen als je onder een
bepaald inkomen zit. De wettelijke grondslag hiervoor is art. 34 wet rechtsbijstand. Hierin staan de
inkomensgrenzen vermeld. Hiernaast zijn ook nog vermogensgrenzen. Het inkomen bereken je op
jaarbasis. Jaarinkomen (12x maandsalaris) + vakantietoeslag 8%. Vermogen is spaargeld ed.
Op grond van art. 34g wet op de rechtsbijstand staan punten waardoor de toevoeging kan worden
ingetrokken.
- aangeven welke kosten er verboden zijn aan een gerechtelijke procedure en, naar
aanleiding van een casus of stelling aangeven wie, welke kosten dient te betalen
Het moment waarop je bij de rechtbank bent, zijn proceskosten. Dit geldt vanaf de dagvaarding.
Kosten procedure:
- kosten advocaat of rechtshulpverlener
- honorarium (kantoorkosten ed.) of gesubsidieerde rechtsbijstand
- buitengerechtelijke kosten
+
- honorarium gerechtsdeurwaarder —> gerechtsdeurwaarderswet
- griffierecht —> wet griffierechten burgerlijke zaken
- proceskostenveroordeling —> omdat de verliezer vaak in proceskosten moet deelnemen, staat
er een vast bedrag voor. Anders kunnen de kosten oneindig hoog oplopen.
- uitleggen wat buitengerechtelijke kosten zijn
extra kosten die gemaakt wroden. Je maakt kosten voordat de dagvaarding verstuurd is, denk aan
gesprekken, onderhandelingen etc. art. 6:96 lid 2 sub c BW
Informatie uit werkcolleges:
- Absolute en relatieve competentie:
Absoluut:
Bij welke rechtbank wordt de zitting gehouden?
Hoofdregel: rechtbank o.g.v. art. 42 RO, meestal geen sprake van uitzondering dus rechtbank.
Dan de vraag civiel of kanton? In beginsel team civiel tenzij er sprake is van art. 93 Rv.
Relatief:
Wat is de zittingsplaats?
Hoofdregel: art. 99 Rv, woonplaats van gedaagde. Maar uitzonderingen in 100 Rv e.v.
- verloop dagvaardingsprocedure
art. 125 Rv
1. dagvaarding —> art. 111 jo. 45 Rv + 125 Rv
2. conclusie van antwoord —> nadat eiser de dagvaarding heeft ingeschreven op de rol en het
griffierecht betaald heeft en gedaagde op de eerste roldatum is verschenen en eveneens het
griffierecht tijdig heeft voldaan heeft de gedaagde de gelegenheid om schriftelijk verweer te
voeren. art. 128 lid 2 t/m 5 Rv
3. comparitie na antwoord —> nadat beide partijen hun feiten en stellingen op papier hebben
gezet, gelast de rechter dit. Dit is een zitting. art. 131 Rv.
4. vonnis —> dit volgt na de zitting, art. 229 en 230 Rv. Dit eindigt met de uiteindelijke beslissing
van de rechter (dictum)
5. verzet, hoger beroep, cassatie
- aangeven wat gefinancierde rechtsbijstand is, naar aanleiding van een casus of stelling
berekenen of iemand in aanmerking komt voor een toevoeging en zo ja, berekenen wat de
hoogte is van de eigen bijdrage
Er moet gekeken worden of je client eigen vermogen heeft om jou te betalen, anders of de staat
geld kan geven aan hem om te betalen, dit is gefinancierde rechtsbijstand.
Je vraagt deze toevoeging aan bij de raad voor rechtsbijstand. Dit kan alleen als je onder een
bepaald inkomen zit. De wettelijke grondslag hiervoor is art. 34 wet rechtsbijstand. Hierin staan de
inkomensgrenzen vermeld. Hiernaast zijn ook nog vermogensgrenzen. Het inkomen bereken je op
jaarbasis. Jaarinkomen (12x maandsalaris) + vakantietoeslag 8%. Vermogen is spaargeld ed.
Op grond van art. 34g wet op de rechtsbijstand staan punten waardoor de toevoeging kan worden
ingetrokken.
- aangeven welke kosten er verboden zijn aan een gerechtelijke procedure en, naar
aanleiding van een casus of stelling aangeven wie, welke kosten dient te betalen
Het moment waarop je bij de rechtbank bent, zijn proceskosten. Dit geldt vanaf de dagvaarding.
Kosten procedure:
- kosten advocaat of rechtshulpverlener
- honorarium (kantoorkosten ed.) of gesubsidieerde rechtsbijstand
- buitengerechtelijke kosten
+
- honorarium gerechtsdeurwaarder —> gerechtsdeurwaarderswet
- griffierecht —> wet griffierechten burgerlijke zaken
- proceskostenveroordeling —> omdat de verliezer vaak in proceskosten moet deelnemen, staat
er een vast bedrag voor. Anders kunnen de kosten oneindig hoog oplopen.
- uitleggen wat buitengerechtelijke kosten zijn
extra kosten die gemaakt wroden. Je maakt kosten voordat de dagvaarding verstuurd is, denk aan
gesprekken, onderhandelingen etc. art. 6:96 lid 2 sub c BW
Informatie uit werkcolleges:
- Absolute en relatieve competentie:
Absoluut:
Bij welke rechtbank wordt de zitting gehouden?
Hoofdregel: rechtbank o.g.v. art. 42 RO, meestal geen sprake van uitzondering dus rechtbank.
Dan de vraag civiel of kanton? In beginsel team civiel tenzij er sprake is van art. 93 Rv.
Relatief:
Wat is de zittingsplaats?
Hoofdregel: art. 99 Rv, woonplaats van gedaagde. Maar uitzonderingen in 100 Rv e.v.
- verloop dagvaardingsprocedure
art. 125 Rv
1. dagvaarding —> art. 111 jo. 45 Rv + 125 Rv
2. conclusie van antwoord —> nadat eiser de dagvaarding heeft ingeschreven op de rol en het
griffierecht betaald heeft en gedaagde op de eerste roldatum is verschenen en eveneens het
griffierecht tijdig heeft voldaan heeft de gedaagde de gelegenheid om schriftelijk verweer te
voeren. art. 128 lid 2 t/m 5 Rv
3. comparitie na antwoord —> nadat beide partijen hun feiten en stellingen op papier hebben
gezet, gelast de rechter dit. Dit is een zitting. art. 131 Rv.
4. vonnis —> dit volgt na de zitting, art. 229 en 230 Rv. Dit eindigt met de uiteindelijke beslissing
van de rechter (dictum)
5. verzet, hoger beroep, cassatie