Week 1
Leerdoelen:
- De historische ontwikkeling van talentontwikkeling schetsen.
- Verklaren waarom in een toenemende flexibele arbeidsmarkt het belang
voor talentontwikkeling voor individuen en organisaties toeneemt.
Extra materiaal: film “The Butterfly Circus’
Wooldridge (2006): “Companies do not even know how to define ‘talent’, let alone
how to manage it.”
Talent als exclusieve benadering: 10% toppers.
- Elitair perspectief
- Exclusieve benadering
- High potentials
- Happy few
Vb. Messi, Max Verstappen etc.
Talent als inclusieve benadering
Is talent alleen voldoende?
Talent als persoonlijkheid – “karakter wint van talent, als talent geen karakter heeft”
- Is talent vooral de hoeveelheid inspanning die iemand levert om sterktes tot
ontplooiing te brengen (Vallerand, 2003)
- Of is de inspanning van ondergeschikt belang ten opzichte van ‘aangeboren’
talent (Hough & Oswald, 2000)
- Of versterkt het een het ander? – Talent = competentie x betrokkenheid x
inspanning (Ulrich & Smallwood, 2012)
Dualiteit Vraagstuk
Subject – object Mensen of kenmerken van mensen?
Inclusief – exclusief In welke mate is talent aanwezig?
Aangeboren – aangeleerd Kan talent worden aangeleerd?
Input – output Betreft het motivatie of bekwaamheid?
Context onafhankelijkheid – Is talent gerelateerd, beïnvloed door de
afhankelijkheid context?
Absoluut – relatief In hoeverre talent afzetten tegen een
normgroep?
Waarom is talent development belangrijk?
Hoe meer mensen in hun kracht worden gezet des te meer nut ze hebben voor een
organisatie. Mensen worden ook gelukkiger wanneer ze in hun talent worden gezet.