Deze oefenvragen zijn bedoeld om je een idee te geven van het soort vragen dat op het tentamen zal
worden gesteld. Ze dekken zeker niet alle stof en zijn dus niet representatief voor het gehele
tentamen.
Vraag 1:
Voor een wereldwijde studie naar populatie kenmerken, zijn er data verzameld over een
verscheidenheid aan variabelen zoals populatie grootte, geboorte cijfers, religie, analfabetisme,
gemiddelde levensverwachting, en nog veel meer. In dit onderdeel gaan we na of er een verschil is in de
sterftecijfers van pasgeboren baby’s (babymort) tussen landen in een warm/heet klimaat en landen in
een wat milder klimaat. SPSS ANOVA output staat hieronder vermeld.
ANOV A
babymort
Sum of
Squares df Mean S quare F Sig.
Between Groups 29781. 322 1 29781. 322 24.922 .000
W ithin Groups 120692.1 101 1194.972
Total 150473.5 102
a. Hoeveel landen hebben er meegedaan aan dit onderzoek?
A) 100
B) 102
C) 103
D) 104
b. Wat is de waarde van de F-ratio?
A) 24.9
B) 12.3
C) 0.25
D) 18.8
c. Het verschil in de sterftecijfers van pasgeboren baby’s tussen landen in een warm/heet
klimaat en landen in een wat milder klimaat is significant. Wat is de effectgrootte voor het
verschil in gemiddelde sterftecijfers?
A) 12.3%
B) 19.8%
C) 25%
D) 80.2%