College 21: basis schoolleeftijd.
Bij de leefstijl die hoort bij de basisschool leeftijd, zijn vooral voeding en beweging van belang.
Alcohol begint een rol te spelen tijdens het einde van de basisschoolleeftijd. Deze trend is gelukkig
aan het keren. De leeftijd waarop het kind voor het eerst alcohol consumeert stijgt nu weer. Leefstijl
wordt beïnvloed door gezin/buurt (systeem) en school (wet op basisonderwijs verplicht scholen aan
gezondheidseducatie te doen).
Sport en spel.
Voortzetting motorische ontwikkeling. Langere tijd matig intensief sport beoefenen op jonge leeftijd
(tot 25 jaar ongeveer) geeft tot op hoge leeftijd beschermende effecten tegen HVZ.
Sociale interactie en prestatie kan bijdragen tot positief zelfbeeld.
Voeding.
Meer overgewicht en obesitas (definities?) geeft risico op allerlei ziektes op latere leeftijd. Teveel
calorieën in combinatie met te weinig bewegen (school=zitten). Veel verborgen calorieën zitten in
frisdranks, snacks, koeken en cakes. Te weinig vezels hebben een slechte invloed op de darmflora.
Metabool syndroom =?
Gezondheidsbedreigingen.
Risicokinderen: hebben problemen (risicosignalen) op tenminste 2 van de 4 leefgebieden: school,
gezin, vrije tijd en gedragsstoornissen. Daarnaast vertonen zij risicogedrag.
Risicogedrag.
Internaliserende problemen (emotioneel) zoals angst, depressieve klachten (evt. met suïcidaliteit),
psychosomatische klachten (bv.’buikpijn).
Externaliserende problemen: (gedrags-) zoals dwars/oppositioneel gedrag, agressie en delinquent
gedrag.
Sociale problemen: verstoorde relaties met anderen. Socialisatie vindt voor een belangrijk deel plaats
in de basisschoolleeftijd.
Ongezonde leefstijl: alles wat hierboven is benoemd en schoolverzuim.
Gezinsinvloeden.
Onderdeel van omgevingsinvloeden (zie model Lalonde in Sassen, 2014). Uit zich in opvoedingsstijl: 2
dimensies spelen daarbij een rol:
Autonomie controle.
Afwijzing liefde.
Bijvoorbeeld: afwijzende stijl met controle: veeleisend/ autoritair. Autonome stijl met veel afwijzing:
afstandelijke/verwaarlozen. Liefdevol en controlerend: bezitterig/overbezorgd.
Pathologische gezinsrelaties.
Parentificatie: ouder zoekt steun bij een kind (oudste). Kind wordt overbelast.
Perverse triade: 1 ouder spant samen met een kind tegen andere ouder. Destructief voor alles
relaties en leden in het gezin.
Gezinscoalitie: gezin sluit de rijen tegen alle hulpverleners.
Zondebok: 1 van de kinderen krijgt de schuld van alles: daarmee worden andere problemen ontkend.
Kind voelt zich eerst schuldig (zelfbeeld probleem). Later eventueel ongevoeligheid voor sociale
invloed (crimineel gedrag).
Bij de leefstijl die hoort bij de basisschool leeftijd, zijn vooral voeding en beweging van belang.
Alcohol begint een rol te spelen tijdens het einde van de basisschoolleeftijd. Deze trend is gelukkig
aan het keren. De leeftijd waarop het kind voor het eerst alcohol consumeert stijgt nu weer. Leefstijl
wordt beïnvloed door gezin/buurt (systeem) en school (wet op basisonderwijs verplicht scholen aan
gezondheidseducatie te doen).
Sport en spel.
Voortzetting motorische ontwikkeling. Langere tijd matig intensief sport beoefenen op jonge leeftijd
(tot 25 jaar ongeveer) geeft tot op hoge leeftijd beschermende effecten tegen HVZ.
Sociale interactie en prestatie kan bijdragen tot positief zelfbeeld.
Voeding.
Meer overgewicht en obesitas (definities?) geeft risico op allerlei ziektes op latere leeftijd. Teveel
calorieën in combinatie met te weinig bewegen (school=zitten). Veel verborgen calorieën zitten in
frisdranks, snacks, koeken en cakes. Te weinig vezels hebben een slechte invloed op de darmflora.
Metabool syndroom =?
Gezondheidsbedreigingen.
Risicokinderen: hebben problemen (risicosignalen) op tenminste 2 van de 4 leefgebieden: school,
gezin, vrije tijd en gedragsstoornissen. Daarnaast vertonen zij risicogedrag.
Risicogedrag.
Internaliserende problemen (emotioneel) zoals angst, depressieve klachten (evt. met suïcidaliteit),
psychosomatische klachten (bv.’buikpijn).
Externaliserende problemen: (gedrags-) zoals dwars/oppositioneel gedrag, agressie en delinquent
gedrag.
Sociale problemen: verstoorde relaties met anderen. Socialisatie vindt voor een belangrijk deel plaats
in de basisschoolleeftijd.
Ongezonde leefstijl: alles wat hierboven is benoemd en schoolverzuim.
Gezinsinvloeden.
Onderdeel van omgevingsinvloeden (zie model Lalonde in Sassen, 2014). Uit zich in opvoedingsstijl: 2
dimensies spelen daarbij een rol:
Autonomie controle.
Afwijzing liefde.
Bijvoorbeeld: afwijzende stijl met controle: veeleisend/ autoritair. Autonome stijl met veel afwijzing:
afstandelijke/verwaarlozen. Liefdevol en controlerend: bezitterig/overbezorgd.
Pathologische gezinsrelaties.
Parentificatie: ouder zoekt steun bij een kind (oudste). Kind wordt overbelast.
Perverse triade: 1 ouder spant samen met een kind tegen andere ouder. Destructief voor alles
relaties en leden in het gezin.
Gezinscoalitie: gezin sluit de rijen tegen alle hulpverleners.
Zondebok: 1 van de kinderen krijgt de schuld van alles: daarmee worden andere problemen ontkend.
Kind voelt zich eerst schuldig (zelfbeeld probleem). Later eventueel ongevoeligheid voor sociale
invloed (crimineel gedrag).