Samenvatting Inleiding Strafrecht
HC 1:
We hebben het in het strafrecht over mensen.
Strafrecht = een rechtsgebied.
- Het is een zelfstandig rechtsgebied dat nauw met andere gebieden verbonden is
- Het houdt zich bezig met het bestraffen van personen die een strafbaar feit hebben
begaan
o Bestraffen: Welke sancties kent het strafrecht en wanneer en waarom mag
worden gestraft?
o Wie bestraft er?
o Hoe vindt het plaats?
o Wie kunnen worden bestraft?
o Wat is een strafbaar feit? (HC 2)
Strafrecht vanuit:
- Criminologie:
o Perspectief van het slachtoffer en nabestaanden
o Perspectief van de verdachte en dader
o Perspectief van de overheid
o Op een sociaal-maatschappelijke manier
- Juristen:
o Herkennen deze perspectieven, maar stellen daarbij andere vragen.
o Dit komt omdat wij hier altijd op een normatieve manier naar kijken
o Hoe zou iets moeten zijn?
Regels van het strafrecht zijn democratisch opgesteld. Strafrecht bestaat in het verband van
een democratische rechtsstaat
- Strafrecht is democratisch gefundeerd
- Inzet van het strafrecht moet aan rechtsstatelijke eisen voldoen
o Eerbieding van grond- en mensenrechten
o Legaliteitsbeginsel
Waar gaat het over?:
Materieel strafrecht = deel van het strafrecht dat gaat over strafbare feiten en
strafrechtelijke aansprakelijkheid voor die feiten.
- Wat zijn de termen die we gebruiken om de gebeurtenis juridisch te omschrijven?
- Materieel strafrecht bepaalt welk gedrag niet toegestaan is en welke personen
daarvoor kunnen worden bestraft.
- Het gaat over:
o Personen (natuurlijk- en rechtspersonen)
o Gedrag
o Uitsluiting van strafrechtelijke aansprakelijkheid
o Verruiming van strafrechtelijke aansprakelijkheid
- Wetboek van Strafrecht
,Formeel strafrecht = het deel van het strafrecht dat gaat over opsporing, vervolging en
berechtiging van strafbare feiten.
- Dit deel van het strafrecht bepaalt welke regels moeten worden gevolgd wanneer
een norm van het materiële strafrecht (vermoedelijk) is overtreden
- Een straf kan pas worden opgelegd wanneer de daarvoor geldend regels zijn gevolgd.
Die vinden we in het formele strafrecht.
- Strafprocesrecht bestaat onder meer uit:
o Taakstellende normen: bepalen welke organen welke taken uitoefenen
o Bevoegdheid verlenende normen: bepalen welke organen welke
bevoegdheden in welke gevallen en op welke gronden en voor welke duur
mogen uitoefenen.
- Wetboek van Strafvordering
Sanctierecht = recht betreffende strafrechtelijke sancties
- Hoe gaan we die sancties dan uitvoeren?
Commuun strafrecht = Wetboek van Strafrecht
Bijzonder strafrecht = alle andere wetten buiten het Wetboek van Strafrecht
Legaliteitsbeginsel:
Art. 1 lid 1 Sr: ‘Geen feit is strafbaar dan uit kracht van een daaraan voorafgegane wettelijke
strafbepaling.’
- ‘Geen feit’: Strafbaar zijn alleen feiten of gedragingen
- ‘Wettelijke strafbepaling’:
o Eis van geschreven recht (lex scripta)
o Ook wet in niet-formele zin
o Moet zo toegankelijk en voorzienbaar mogelijk zijn omschreven (lex certa)
- ‘Daaraan voorgegane’: verbod van terugwerkende kracht
- Een gedraging is alleen strafbaar als het voldoet aan een duidelijke
delictsomschrijving!
Als iets onduidelijk is in een concrete zaak, dan is het woord aan de rechter:
- Wetshistorische interpretatie (wetsgeschiedenis)
- Grammaticale interpretatie (letterlijke betekenis)
- Systematische interpretatie (bijv de plek waar een wetsartikel in de wet staat)
- Teleologische interpretatie (kijk naar achterliggende doel)
Art. 1 Sv: ‘Strafvordering heeft alleen plaats op de wijze bij de wet voorzien’
- Wettelijke grondslag nodig voor het inzetten van strafvorderlijke bevoegdheden
- Heeft alleen betrekking op wetten in formele zin
o Zie Muilkorf-arrest!
Typen strafvordering:
- Voorbereidend onderzoek = het onderzoek hetwelk aan de behandeling ter
terechtzitting vooraf gaat (art. 132 Sv)
o Opsporing
o Wel of niet naar de volgende fase?
, - Onderzoek ter terechtzitting = behandeling van de zaak door de rechter
Staande magistratuur = Officier van Justitie (OvJ)
Zittende magistratuur = Rechters
2. 3. 4.
1.
5.
8.
6.
7.
Legenda:
1. OvJ
2. ‘Oudste’/ ervaren rechter
3. Voorzitter (Rechter die de zaak leidt)
4. ‘Jongste’/ minst ervaren rechter
5. Griffier
6. Verdachte
7. Advocaat
8. Podium
Procesdeelnemers:
- Verdachte
o Redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit (art. 27 Sv)
- Raadsman/ raadsvrouw
o Advocaat (art. 37 Sv)
o Perspectief van de verdachte aan het licht brengen
o Partijdig
- Slachtoffer
o Als rechtstreeks gevolg van een strafbaar feit schade of nadeel ondervonden
- Nabestaande
o Familieleden van een persoon wiens overlijden rechtstreeks veroorzaakt is
door een strafbaar feit (art. 51a Sv)
- Politie
, o Taak daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde in ondergeschiktheid aan
het bevoegd gezag (art. 3 Politiewet 2012)
o Optreden ter strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde is onder gezag
van de officier van justitie (art. 12 Politiewet 2012)
- Officier van Justitie (OvJ)
o Lid van het Openbaar Ministerie
o Openbaar Ministerie = organisatie die hiërarchisch is georganiseerd
Parketten verspreid over het land
Specifieke parketten
Ressortsparket
College van Procureurs-Generaal
- Rechtspraak
o Totaal 11 rechtbanken in Nederland
o Rechtbanken behandelen straffen in eerste aanleg
o Uitspraak van de rechtbank heet een vonnis
o Gerechtshoven behandelen zaken in Hoger Beroep
4 gerechtshoven
Uitspraak heet arrest
o Hoge Raad in Den Haag
Cassatierechter
Behandelt geen feiten
Is het recht goed toegepast?
Sanctierecht:
Regelt welke strafrechtelijke sancties er zijn en ‘heeft betrekking op de voorwaarden
waaronder bepaalde sancties mogen worden opgelegd en ten uitvoer gelegd.’
- In Wetboek van Strafrecht, Wetboek van Strafvordering en in bijzondere wetten
- EBI = Extra Beveiligde Inrichting m= een gevangenis binnen een gevangenis
Strafrecht normeert:
- Het strafrecht maakt duidelijk wat we wel/niet mogen doen.
- Het heeft als belangrijk doel het voorkomen van eigenrichting. De staat grijpt in, niet
de burger. De burger die eigen rechter speelt kan zelf strafrechtelijk aansprakelijk zijn
- Wettelijke bepalingen stellen grenzen aan wat de strafrechtelijke overheid mag en
niet mag.
- Maar niet alleen de wet stelt grenzen. Dat doen bij ook (inter)nationale
mensenrechten:
o EVRM, IVBPR
o Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie
- Belangrijk is ook dat mensenrechten nader worden uitgewerkt:
o Europees Hof voor de Rechten van de Mens
o Hof van Justitie van de Europese Unie
WG 1:
Muilkorf- arrest:
- Alleen door middel van wet in formele zin kan strafvorderlijke bevoegdheden in het
leven worden geroepen
HC 1:
We hebben het in het strafrecht over mensen.
Strafrecht = een rechtsgebied.
- Het is een zelfstandig rechtsgebied dat nauw met andere gebieden verbonden is
- Het houdt zich bezig met het bestraffen van personen die een strafbaar feit hebben
begaan
o Bestraffen: Welke sancties kent het strafrecht en wanneer en waarom mag
worden gestraft?
o Wie bestraft er?
o Hoe vindt het plaats?
o Wie kunnen worden bestraft?
o Wat is een strafbaar feit? (HC 2)
Strafrecht vanuit:
- Criminologie:
o Perspectief van het slachtoffer en nabestaanden
o Perspectief van de verdachte en dader
o Perspectief van de overheid
o Op een sociaal-maatschappelijke manier
- Juristen:
o Herkennen deze perspectieven, maar stellen daarbij andere vragen.
o Dit komt omdat wij hier altijd op een normatieve manier naar kijken
o Hoe zou iets moeten zijn?
Regels van het strafrecht zijn democratisch opgesteld. Strafrecht bestaat in het verband van
een democratische rechtsstaat
- Strafrecht is democratisch gefundeerd
- Inzet van het strafrecht moet aan rechtsstatelijke eisen voldoen
o Eerbieding van grond- en mensenrechten
o Legaliteitsbeginsel
Waar gaat het over?:
Materieel strafrecht = deel van het strafrecht dat gaat over strafbare feiten en
strafrechtelijke aansprakelijkheid voor die feiten.
- Wat zijn de termen die we gebruiken om de gebeurtenis juridisch te omschrijven?
- Materieel strafrecht bepaalt welk gedrag niet toegestaan is en welke personen
daarvoor kunnen worden bestraft.
- Het gaat over:
o Personen (natuurlijk- en rechtspersonen)
o Gedrag
o Uitsluiting van strafrechtelijke aansprakelijkheid
o Verruiming van strafrechtelijke aansprakelijkheid
- Wetboek van Strafrecht
,Formeel strafrecht = het deel van het strafrecht dat gaat over opsporing, vervolging en
berechtiging van strafbare feiten.
- Dit deel van het strafrecht bepaalt welke regels moeten worden gevolgd wanneer
een norm van het materiële strafrecht (vermoedelijk) is overtreden
- Een straf kan pas worden opgelegd wanneer de daarvoor geldend regels zijn gevolgd.
Die vinden we in het formele strafrecht.
- Strafprocesrecht bestaat onder meer uit:
o Taakstellende normen: bepalen welke organen welke taken uitoefenen
o Bevoegdheid verlenende normen: bepalen welke organen welke
bevoegdheden in welke gevallen en op welke gronden en voor welke duur
mogen uitoefenen.
- Wetboek van Strafvordering
Sanctierecht = recht betreffende strafrechtelijke sancties
- Hoe gaan we die sancties dan uitvoeren?
Commuun strafrecht = Wetboek van Strafrecht
Bijzonder strafrecht = alle andere wetten buiten het Wetboek van Strafrecht
Legaliteitsbeginsel:
Art. 1 lid 1 Sr: ‘Geen feit is strafbaar dan uit kracht van een daaraan voorafgegane wettelijke
strafbepaling.’
- ‘Geen feit’: Strafbaar zijn alleen feiten of gedragingen
- ‘Wettelijke strafbepaling’:
o Eis van geschreven recht (lex scripta)
o Ook wet in niet-formele zin
o Moet zo toegankelijk en voorzienbaar mogelijk zijn omschreven (lex certa)
- ‘Daaraan voorgegane’: verbod van terugwerkende kracht
- Een gedraging is alleen strafbaar als het voldoet aan een duidelijke
delictsomschrijving!
Als iets onduidelijk is in een concrete zaak, dan is het woord aan de rechter:
- Wetshistorische interpretatie (wetsgeschiedenis)
- Grammaticale interpretatie (letterlijke betekenis)
- Systematische interpretatie (bijv de plek waar een wetsartikel in de wet staat)
- Teleologische interpretatie (kijk naar achterliggende doel)
Art. 1 Sv: ‘Strafvordering heeft alleen plaats op de wijze bij de wet voorzien’
- Wettelijke grondslag nodig voor het inzetten van strafvorderlijke bevoegdheden
- Heeft alleen betrekking op wetten in formele zin
o Zie Muilkorf-arrest!
Typen strafvordering:
- Voorbereidend onderzoek = het onderzoek hetwelk aan de behandeling ter
terechtzitting vooraf gaat (art. 132 Sv)
o Opsporing
o Wel of niet naar de volgende fase?
, - Onderzoek ter terechtzitting = behandeling van de zaak door de rechter
Staande magistratuur = Officier van Justitie (OvJ)
Zittende magistratuur = Rechters
2. 3. 4.
1.
5.
8.
6.
7.
Legenda:
1. OvJ
2. ‘Oudste’/ ervaren rechter
3. Voorzitter (Rechter die de zaak leidt)
4. ‘Jongste’/ minst ervaren rechter
5. Griffier
6. Verdachte
7. Advocaat
8. Podium
Procesdeelnemers:
- Verdachte
o Redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit (art. 27 Sv)
- Raadsman/ raadsvrouw
o Advocaat (art. 37 Sv)
o Perspectief van de verdachte aan het licht brengen
o Partijdig
- Slachtoffer
o Als rechtstreeks gevolg van een strafbaar feit schade of nadeel ondervonden
- Nabestaande
o Familieleden van een persoon wiens overlijden rechtstreeks veroorzaakt is
door een strafbaar feit (art. 51a Sv)
- Politie
, o Taak daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde in ondergeschiktheid aan
het bevoegd gezag (art. 3 Politiewet 2012)
o Optreden ter strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde is onder gezag
van de officier van justitie (art. 12 Politiewet 2012)
- Officier van Justitie (OvJ)
o Lid van het Openbaar Ministerie
o Openbaar Ministerie = organisatie die hiërarchisch is georganiseerd
Parketten verspreid over het land
Specifieke parketten
Ressortsparket
College van Procureurs-Generaal
- Rechtspraak
o Totaal 11 rechtbanken in Nederland
o Rechtbanken behandelen straffen in eerste aanleg
o Uitspraak van de rechtbank heet een vonnis
o Gerechtshoven behandelen zaken in Hoger Beroep
4 gerechtshoven
Uitspraak heet arrest
o Hoge Raad in Den Haag
Cassatierechter
Behandelt geen feiten
Is het recht goed toegepast?
Sanctierecht:
Regelt welke strafrechtelijke sancties er zijn en ‘heeft betrekking op de voorwaarden
waaronder bepaalde sancties mogen worden opgelegd en ten uitvoer gelegd.’
- In Wetboek van Strafrecht, Wetboek van Strafvordering en in bijzondere wetten
- EBI = Extra Beveiligde Inrichting m= een gevangenis binnen een gevangenis
Strafrecht normeert:
- Het strafrecht maakt duidelijk wat we wel/niet mogen doen.
- Het heeft als belangrijk doel het voorkomen van eigenrichting. De staat grijpt in, niet
de burger. De burger die eigen rechter speelt kan zelf strafrechtelijk aansprakelijk zijn
- Wettelijke bepalingen stellen grenzen aan wat de strafrechtelijke overheid mag en
niet mag.
- Maar niet alleen de wet stelt grenzen. Dat doen bij ook (inter)nationale
mensenrechten:
o EVRM, IVBPR
o Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie
- Belangrijk is ook dat mensenrechten nader worden uitgewerkt:
o Europees Hof voor de Rechten van de Mens
o Hof van Justitie van de Europese Unie
WG 1:
Muilkorf- arrest:
- Alleen door middel van wet in formele zin kan strafvorderlijke bevoegdheden in het
leven worden geroepen