Desimpelaere Emma
Groepsnummer: A04
Fysiologie van de orgaanstelsels: practicum 1
Cardiovasculair 1
Proef 1: Rust-rechtstaan
In deze proef hebben we 2 proefpersonen gebruikt. Het doel van deze proef was om de
proefpersoon eerst 5 minuten te laten liggen op een tafel en ze daarna snel te laten
rechtstaan. We meten dan de bloeddruk voor ze rechtop gaan staan een aantal keer om de
meest accurate bloeddruk in rust te vinden en net na ze plots recht moeten staan.
We bekomen de volgende resultaten:
Proefpersoon 1:
Systole (mmHg) Diastole (mmHg)
in rust: 120 90
rechtstaan (0s): 90 70
30s na rechtstaan: 120 80
60s na rechtstaan: 120 90
90s na rechtstaan: 130 90
Proefpersoon 2:
Systole (mmHg) Diastole (mmHg)
in rust: 130 100
rechtstaan (0s): 90 60
30s na rechtstaan: 110 60
60s na rechtstaan: 130 80
90s na rechtstaan: 140 110
120s na rechtstaan: 120 90
We maken van beide proefpersonen een grafiek:
, Waarneming:
We zien bij beide proefpersonen dat hun bloeddruk in eerste instantie zakt bij het rechtop staan
tegenover hun waarde in rust als ze op tafel liggen. Zowel de systole als de diastole zijn lager
in vergelijking met rust, dit is ook wat we zouden verwachten.
Na een tijdje recht te staan zien we dat de bloeddruk weer zal stijgen en zelfs boven de rust
waarde zal komen te liggen.
Verklaring:
Het overgrote deel van ons bloed zit aan de veneuze kant. Dit zal een groot effect hebben op
het terugstromen van het bloed naar het hart.
Wanneer een persoon plat ligt, is er bijna geen hydrostatisch verschil in ons lichaam. Doordat
alles op hetzelfde niveau ligt als ons hart, kan het bloed makkelijk gepompt worden doorheen
ons systeem.
Wanneer een persoon dan plots zal rechtstaan, gaat het bloed naar beneden zakken door de
zwaartekracht. We hebben dan een minder groot veneus volume in de thorax dan al liggend,
door het hydrostatische verschil. Er is dus een verminderde veneuze return wat overeenstemt
met een daling van de preload (= de druk waarmee het ventrikel gevuld wordt). De systole is
de actieve component waarbij het bloed vanuit het linker ventrikel naar de aorta wordt gepompt
en zal bijgevolg dalen bij een verminderde preload.
De diastole geeft de vullingsfase van het hart weer en zal dus ook dalen als er een verminderde
veneuze return is en dus minder bloed wordt teruggevoerd naar het hart omdat het bloed naar
beneden zakt.
Proef 2: Isometrische spiercontractie (weinig actieve spieren)
Ook dit experiment werd uitgevoerd door 2 proefpersonen. De proefpersonen moesten eerst
hun maximale handdruk meten met behulp van een vigorimeter. De bloeddruk wordt gemeten
aan de andere arm. Vervolgens zullen de personen 30% van hun maximale handdruk
aanhouden voor ongeveer 3 à 5 minuten lang waarbij we de bloeddruk continu zullen
opvolgen.
Proefpersoon 1:
Systole (mmHg) Diastole (mmHg)
in rust: 120 90
30s 110 80
60s 120 79
90s 140 82
120s 130 90
150s 130 90
180s 140 85
210s 132 82
Proefpersoon 2:
Systole (mmHg) Diastole (mmHg)
in rust: 120 84
30s 140 92