Verandering
Rationalisering
Het eerste deel heeft te maken met groeiende geloof in de wetenschap het belang
van godsdienst verdwijnt, waardoor traditionele en emotionele bindingen minde
belangrijk.
- Het geloof in wetenschap neemt toe mensen denken na over hun keuzes
en worden rationeler bv hekserij is nu niet meer normaal
Door het proces van rationalisering weten we beter hoor de wereld in elkaar zit
waardoor we minder afhankelijk zijn van de natuur (jagers en verzamelaars)
Het tweede deel gaat over efficiënter en effectiever inrichten van de samenleving.
- Bv zoveel opbrengst mogelijk met zo min mogelijk arbeid (effectief en
efficiënt)
Specialisering speelt een belangrijke rol: als mensen zich op een aantal taken richt
wordt er efficiënter gewerkt.
Rationalisering: overgang van een traditionele naar een rationele samenleving
- Door voorspelbaar en beheersbaar maken van de werkelijkheid waarbij
traditie plaats maakt voor rede
- Ook door middelen inzetten zodat resultaten zo efficiënt en effectief
mogelijk is.
Globalisering
Door globalisering vervagen de grenzen van landen
Landen zijn door het proces van globalisering steeds meer verbonden
Na de tweede wereldoorlog verloor het vertrouwen in de natie staat met 1 cultuur
en groeide het geloof in de multiculturele samenleving.
Er groeide hoop dat samenwerking zou zorgen voor binding tussen staten
- Zoals instituties en instellingen: EGKS
Bij globalisering ontstaan relaties en afhankelijkheden die niet ophouden bij de
grenzen van de natiestaat
- Microniveau: contacten over de hele wereld
- Macro: de instutionale contacten nemen toe op gebied van handel en politiek
Individualisering
Dit is een proces typerend voor moderne westen
Mensen worden verantwoordelijk voor hun eigen keuze en wat ze doen in hun leven
- Vroeger: standaard gedragspatroon = collectivistisch
- Nu: meer zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid= individualistisch
- Jongeren, volwassenen en ouderen: voor jezelf zorg
- Bv mannen en vrouwen: mannen inkomen en vrouwen huishouden en nu is het
verdeeld en daarmee heb je geen kostwinnergezin maar egalitair
, Democratisering
Vrijheid, gelijkheid zie je terug in democratie na de franse revolutie
Democratie: bestuursvorm waarbij het volk stemt over wetten of
vertegenwoordigers kiest die wetten maken
- Het volk is baas in eigen gebied en geen maatregelen of wetten als de meerderheid
van het volk er niet meer eens is
Burgers hebben in een democratie de vrijheid om te stemmen met gelijkheid
Bij democratie gaat proces van democratisering vooraf
Mensen met minder macht kregen meer macht door inspraak en medezeggenschap
- Vrouwen door vrouwenkiesrecht (in spraak)
3 soorten rechten:
- Klassieke grondrechten: burgerrechten om hen te beschermen in de staat
- Politieke grondrechten: burgers krijgen recht op meebeslissen
- Sociale grondrechten: welzijn en welvaart van burger centraal
Staatsvorming
Voor onderwijs, dijken of collectieve acties is samenwerking nodig.
Politieke instituties met macht zijn er zodat niet iedereen profiteert zonder mee te
betalen (zodat iedereen mee betaald bv belasting)
Ontstaan van staten is een politieke institutie (=complex van min of meer
geformaliseerde regels die het gedrag van mensen en hun onderlinge relaties rond
politieke besluitvorming en politieke machtsuitoefening reguleren)
Proces staatsvorming: alle losse gebieden met lokale heersers komen samen tot een
nieuwe en centrale staat met machtig staatshoofd
Staat bestaat uit:
- Groep mensen
- Grondgebied
- Geweld: alleen staat macht geweld gebruiken om veiligheid te garanderen en
belastingmonopolie: overheid heeft alleen recht voor belasting voor collectieve
goederen
Staat: bestuur van samenleving en is soeverein
- Interne soevereiniteit: inwoners accepteren hoogste macht
- Extern: andere staten accepteren hoogste, macht
- Er is non-interventiebeginsel: andere landen mengen niet in interne zaken van staat
- Staat heeft macht over mensen in land en door geweld- en belasting monopolie
werken mensen mee aan collectieve goederen
- Rationalisering: middelen worden doelgericht ingezet om zo efficiënt en effectief
mogelijke resultaten te bereiken, zoals onderwijs en dijken
Instutionalisering
Alle zaken die zich in de praktijk zijn ontwikkeld in instituties worden vastgelegd
Instituties zijn formeel en informeel
- Informeel: alle instituties die deel uitmaken van een cultuur en niet vastgelegd
- Formeel: vastgelegd, wetten die bepalen hoelang iemand mag
- Wetten die bepalen hoelang iemand max mag werken of recht op vergoeding=
formeel
Rationalisering
Het eerste deel heeft te maken met groeiende geloof in de wetenschap het belang
van godsdienst verdwijnt, waardoor traditionele en emotionele bindingen minde
belangrijk.
- Het geloof in wetenschap neemt toe mensen denken na over hun keuzes
en worden rationeler bv hekserij is nu niet meer normaal
Door het proces van rationalisering weten we beter hoor de wereld in elkaar zit
waardoor we minder afhankelijk zijn van de natuur (jagers en verzamelaars)
Het tweede deel gaat over efficiënter en effectiever inrichten van de samenleving.
- Bv zoveel opbrengst mogelijk met zo min mogelijk arbeid (effectief en
efficiënt)
Specialisering speelt een belangrijke rol: als mensen zich op een aantal taken richt
wordt er efficiënter gewerkt.
Rationalisering: overgang van een traditionele naar een rationele samenleving
- Door voorspelbaar en beheersbaar maken van de werkelijkheid waarbij
traditie plaats maakt voor rede
- Ook door middelen inzetten zodat resultaten zo efficiënt en effectief
mogelijk is.
Globalisering
Door globalisering vervagen de grenzen van landen
Landen zijn door het proces van globalisering steeds meer verbonden
Na de tweede wereldoorlog verloor het vertrouwen in de natie staat met 1 cultuur
en groeide het geloof in de multiculturele samenleving.
Er groeide hoop dat samenwerking zou zorgen voor binding tussen staten
- Zoals instituties en instellingen: EGKS
Bij globalisering ontstaan relaties en afhankelijkheden die niet ophouden bij de
grenzen van de natiestaat
- Microniveau: contacten over de hele wereld
- Macro: de instutionale contacten nemen toe op gebied van handel en politiek
Individualisering
Dit is een proces typerend voor moderne westen
Mensen worden verantwoordelijk voor hun eigen keuze en wat ze doen in hun leven
- Vroeger: standaard gedragspatroon = collectivistisch
- Nu: meer zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid= individualistisch
- Jongeren, volwassenen en ouderen: voor jezelf zorg
- Bv mannen en vrouwen: mannen inkomen en vrouwen huishouden en nu is het
verdeeld en daarmee heb je geen kostwinnergezin maar egalitair
, Democratisering
Vrijheid, gelijkheid zie je terug in democratie na de franse revolutie
Democratie: bestuursvorm waarbij het volk stemt over wetten of
vertegenwoordigers kiest die wetten maken
- Het volk is baas in eigen gebied en geen maatregelen of wetten als de meerderheid
van het volk er niet meer eens is
Burgers hebben in een democratie de vrijheid om te stemmen met gelijkheid
Bij democratie gaat proces van democratisering vooraf
Mensen met minder macht kregen meer macht door inspraak en medezeggenschap
- Vrouwen door vrouwenkiesrecht (in spraak)
3 soorten rechten:
- Klassieke grondrechten: burgerrechten om hen te beschermen in de staat
- Politieke grondrechten: burgers krijgen recht op meebeslissen
- Sociale grondrechten: welzijn en welvaart van burger centraal
Staatsvorming
Voor onderwijs, dijken of collectieve acties is samenwerking nodig.
Politieke instituties met macht zijn er zodat niet iedereen profiteert zonder mee te
betalen (zodat iedereen mee betaald bv belasting)
Ontstaan van staten is een politieke institutie (=complex van min of meer
geformaliseerde regels die het gedrag van mensen en hun onderlinge relaties rond
politieke besluitvorming en politieke machtsuitoefening reguleren)
Proces staatsvorming: alle losse gebieden met lokale heersers komen samen tot een
nieuwe en centrale staat met machtig staatshoofd
Staat bestaat uit:
- Groep mensen
- Grondgebied
- Geweld: alleen staat macht geweld gebruiken om veiligheid te garanderen en
belastingmonopolie: overheid heeft alleen recht voor belasting voor collectieve
goederen
Staat: bestuur van samenleving en is soeverein
- Interne soevereiniteit: inwoners accepteren hoogste macht
- Extern: andere staten accepteren hoogste, macht
- Er is non-interventiebeginsel: andere landen mengen niet in interne zaken van staat
- Staat heeft macht over mensen in land en door geweld- en belasting monopolie
werken mensen mee aan collectieve goederen
- Rationalisering: middelen worden doelgericht ingezet om zo efficiënt en effectief
mogelijke resultaten te bereiken, zoals onderwijs en dijken
Instutionalisering
Alle zaken die zich in de praktijk zijn ontwikkeld in instituties worden vastgelegd
Instituties zijn formeel en informeel
- Informeel: alle instituties die deel uitmaken van een cultuur en niet vastgelegd
- Formeel: vastgelegd, wetten die bepalen hoelang iemand mag
- Wetten die bepalen hoelang iemand max mag werken of recht op vergoeding=
formeel