Eindportfolio
Hogeschool Leiden Opleiding Sociaal Juridische Dienstverlening
1
,INHOUDSOPGAVEN
‘Juridische rapportage’..............................................................................................................................................1
CASUS 2.....................................................................................................................................................................3
Bezwaarschrift.......................................................................................................................................................7
CASUS 4...................................................................................................................................................................10
CASUS 5...................................................................................................................................................................14
RvS 23-10-2019, ECLI:NL:RVS:2019:3537...........................................................................................................16
RvS 23-10-2019, ECLI:NL:RVS:2019:3537...........................................................................................................18
Literatuurlijst.......................................................................................................................................................19
INLEIDING
Deze juridische rapportage gaat over vier casussen met vier verschillende
eindproducten. Elke casus wordt vanuit verschillende beroepsrollen beschreven.
Casus 2 wordt vanuit een consulair medewerker op de Nederlandse ambassade
in Tokio geschreven. Het bijbehorende eindproduct is een e-mail met een advies.
Casus 3 wordt vanuit een juridisch medewerker Sociaal Wijkteam in Leiden
geschreven. Hierbij is het eindproduct een bezwaarschrift. Casus 4 wordt vanuit
een sociaaljuridisch medewerker ScanmarQED in Houten geschreven. Het
bijbehorende eindproduct is een adviesmemo. Als laatst wordt casus 5 vanuit
een hoor- en beslismedewerker IND op het aanmeldcentrum Ter Apel
2
,geschreven. Hierbij zijn de bijbehorende eindproducten een notitie en een
beschikking.
CASUS 2
Inleiding
Casus 2 is geschreven door Ruben de Vries. Ruben is een consulair medewerker
op de Nederlandse ambassade in Tokio. Het eindproduct van casus twee is een
e-mail geschreven naar Lola en Adriana. In deze e-mail staat een korte
aanleiding, de wet- en regelgeving, de reden tot weigering van het visum, de
procedure en het advies geschreven.
To:
3
, Cc:
Subject: visum kort verblijf
From:
Geachte mevrouw Gomes Sanchez,
Op 10 januari 2020 heeft u contact met mij opgenomen, omdat u een aantal
vragen had met betrekking tot een vakantie in Nederland met uw zusje Adriana.
U wil van mij weten welke stappen u moet ondernemen voor deze vakantie.
U heeft aangegeven dat u tijdens uw vakantie in Nederland een bezoek wil
brengen aan de Sint-Janskathedraal in Den Bosch en aan de kerstmarkt in
Maastricht. Verder gaf u aan dat de vakantie twee a drie weken duurt.
Wet- en regelgeving
Adriana en u hebben beiden de Boliviaanse nationaliteit en wonen beiden in
Tokio. Voor een vakantie in Nederland bent u met een Boliviaanse nationaliteit
visumplichtig. Dat betekent dat jullie beiden een visum nodig hebben om naar
Nederland te kunnen komen. Een visum is een stempel waaruit blijkt dat jullie
toestemming hebben om naar Nederland te komen.
U heeft aangegeven dat het om een vakantie gaat van twee tot drie weken. U
heeft hiervoor een visum kort verblijf nodig. Met een visum kort verblijf kunt u
maximaal 90 dagen blijven. Voor het verkrijgen van een visum moeten u en uw
zus aan een aantal voorwaarden voldoen.
Zo stelt artikel 3 lid 1 sub a van de Vreemdelingenwet, hierna Vw, dat voor
iedere vreemdeling toegang geweigerd kan worden wanneer sprake is van
ontbrekende reisdocumenten en een visum. Verder beschrijft art. 3 lid 1 sub b
Vw dat u geen gevaar mag vormen voor de openbare orde of nationale
veiligheid. U mag niet geregistreerd staan in het opsporingsregister of het
Schengen informatiesysteem ter weigering, artikel 2.9 lid 1 sub a en b
Vreemdelingenbesluit, hierna Vb. Daarnaast kan u toegang worden geweigerd als
u niet beschikt over voldoende middelen van bestaan en geld voor een
retourticket, art. 3 lid 1 sub c Vw. Jullie moeten minimaal €34,- per dag in
Nederland hebben en dit kunnen aantonen, art. 2.10 Vb. Jullie kunnen dit
4