SCHEIKUNDE – HOOFDSTUK 9
5VWO
PARAGRAAF 1
Zure oplossingen en basische oplossingen geleiden elektrische stroom. De stroomgeleiding van zuren kun je op microniveau
verklaren, in water staat het zuur een H+ ion af waarbij H3O+ ontstaat.
Alle basische oplossingen bevatten OH- ionen zoals alle zure oplossingen H3O+ ionen bevatten. Een base is een tegenhanger van
een zuur, een zuur kan een H+ ion afgeven en een base kan een H+ ion opnemen.
Een base die in water in een aflopende reactie OH- ionen vormt, is een sterke base. Een base die in water in een
evenwichtsreactie OH- ionen vormt, is een zwakke base. Als een zwakke base een H+ ion opneemt, ontstaat een zwak zuur dat
weer een H+ ion kan afgeven een geconjugeerd zuur-base paar.
PARAGRAAF 2
Er zijn 2 soorten basen die je vaak tegenkomt, basische moleculaire stoffen en basische ionen. In een basische oplossingen komt
het OH- ion voor. De meest eenvoudige basen zijn daarom zouten met een OH- ion als negatief ion. Veel basen zijn negatief
geladen ionen. Deze ionen kunnen vrijkomen als een zout oplost in water en ze reageren dan als base.
Binas tabel 49:
- De sterkste basen staan rechts onderaan
- De base boven H2O zijn alleen in theorie basen, ze reageren niet met water
- De basen die tussen OH- en H2O staan zijn zwak, er treedt een evenwichtsreactie op met water
- De basen die onder OH- staan, zijn sterk en reageren aflopend met water
In tabel 49 staan geen zouten, alleen de ionen. Om te weten of een oplossing van een zout basisch is moet je het negatieve ion
van het zout in de tabel opzoeken. Vervolgens bepaal je of het zout goed of slecht oplost met tabel 45A.
Een goed oplosbaar zout met een sterk basisch ion
Als een goed oplosbaar zout een sterke base bevat, staat in de vergelijking voor de reactie met water de formule van het zout.
Een slecht oplosbaar zout met een sterk basisch ion
Er komen maar weinig ionen in oplossing als je dit zout in water brengt. Er verloopt geen reactie tussen de base en het water.
Een goed oplosbaar zout met een zwak basisch ion
Het zout zal eerst splitsen in water voordat er evenreactie plaatsvindt, er is dus sprake van 2 reactievergelijkingen. Eerst een
oplosvergelijking van het zout in water, dan een reactievergelijking van het zwak basische ion in water.
Een slecht oplosbaar zout met een zwak basisch ion
Er komen maar weinig ionen in de oplossing als je het zout in water brengt. Er verloopt geen reactie tussen de base en het
water.
Meerwaardige basen
Een meerwaardige zwakke base neemt meestal maar 1 H+ ion op van water. De tweede reactie noteer je dus niet. Er zijn
negatief geladen ionen die niet basisch zijn.
Basen die meer dan 1 H+ ion kunnen opnemen zijn meerwaardige basen.
5VWO
PARAGRAAF 1
Zure oplossingen en basische oplossingen geleiden elektrische stroom. De stroomgeleiding van zuren kun je op microniveau
verklaren, in water staat het zuur een H+ ion af waarbij H3O+ ontstaat.
Alle basische oplossingen bevatten OH- ionen zoals alle zure oplossingen H3O+ ionen bevatten. Een base is een tegenhanger van
een zuur, een zuur kan een H+ ion afgeven en een base kan een H+ ion opnemen.
Een base die in water in een aflopende reactie OH- ionen vormt, is een sterke base. Een base die in water in een
evenwichtsreactie OH- ionen vormt, is een zwakke base. Als een zwakke base een H+ ion opneemt, ontstaat een zwak zuur dat
weer een H+ ion kan afgeven een geconjugeerd zuur-base paar.
PARAGRAAF 2
Er zijn 2 soorten basen die je vaak tegenkomt, basische moleculaire stoffen en basische ionen. In een basische oplossingen komt
het OH- ion voor. De meest eenvoudige basen zijn daarom zouten met een OH- ion als negatief ion. Veel basen zijn negatief
geladen ionen. Deze ionen kunnen vrijkomen als een zout oplost in water en ze reageren dan als base.
Binas tabel 49:
- De sterkste basen staan rechts onderaan
- De base boven H2O zijn alleen in theorie basen, ze reageren niet met water
- De basen die tussen OH- en H2O staan zijn zwak, er treedt een evenwichtsreactie op met water
- De basen die onder OH- staan, zijn sterk en reageren aflopend met water
In tabel 49 staan geen zouten, alleen de ionen. Om te weten of een oplossing van een zout basisch is moet je het negatieve ion
van het zout in de tabel opzoeken. Vervolgens bepaal je of het zout goed of slecht oplost met tabel 45A.
Een goed oplosbaar zout met een sterk basisch ion
Als een goed oplosbaar zout een sterke base bevat, staat in de vergelijking voor de reactie met water de formule van het zout.
Een slecht oplosbaar zout met een sterk basisch ion
Er komen maar weinig ionen in oplossing als je dit zout in water brengt. Er verloopt geen reactie tussen de base en het water.
Een goed oplosbaar zout met een zwak basisch ion
Het zout zal eerst splitsen in water voordat er evenreactie plaatsvindt, er is dus sprake van 2 reactievergelijkingen. Eerst een
oplosvergelijking van het zout in water, dan een reactievergelijking van het zwak basische ion in water.
Een slecht oplosbaar zout met een zwak basisch ion
Er komen maar weinig ionen in de oplossing als je het zout in water brengt. Er verloopt geen reactie tussen de base en het
water.
Meerwaardige basen
Een meerwaardige zwakke base neemt meestal maar 1 H+ ion op van water. De tweede reactie noteer je dus niet. Er zijn
negatief geladen ionen die niet basisch zijn.
Basen die meer dan 1 H+ ion kunnen opnemen zijn meerwaardige basen.