• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 45 pagina's
Samenvatting

Samenvatting: Basiskennis taalonderwijs: hele boek.

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 45 pagina's

Samenvatting waarin het het heel boek van basiskennis taalonderwijs wordt besproken. Goed te gebruiken voor kennisbasis toets Nederlands PABO 3, maar ook fijne samenvatting voor pabo 1 en 2.

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting KB Nederlands


Hoofdstuk 1: de kennisbasis van de Nederlandse taal

§1: opzet van kennisbasis
 Worden steeds hogere eisen gesteld aan kennisniveau van iedereen.
 In KB taal wordt beschreven wat leraar basisonderwijs moet weten om goed
taalonderwijs te kunnen geven.
 Verdeeld in 9 domeinen:
o Mondelinge taalvaardigheid
o Woordenschat
o Beginnende geletterdheid
o Voortgezet technisch lezen
o Begrijpend lezen
o Stellen
o Jeugdliteratuur
o Taalbeschouwing.
o Spelling.

4 invalshoeken

Leerinhoud
 = wat de basisschoolleerling moet weten en kunnen in een bepaald domein.
 Kerndoelen en tussendoelen.
 Vaardigheden die kinderen moeten hebben bij het schrijven van een tekst of het
spellen van woorden.

Domeindidactiek
 = manier waarop je de leerinhoud van een bepaald domein aan kinderen onderwijst.
 Vaardigheden die een leerkracht moet hebben om goed onderwijs te kunnen geven
in een bepaald taaldomein.

Het fundament
 Bij elk domein heb je achtergrondkennis nodig. = fundament.
 Theorieën over leesproces.

Taaldidactiek en taalbeleid
 De opsplitsing van taalonderwijs is stijf, domeinen lopen door elkaar.
 Algemene taaldidactische principes.


§2: inhoud van kennisbasis
 Kennisbasis is verzameling van begrippen die belangrijk zijn voor het geven van
taalonderwijs.
 Literatuurlijst.
 Kennisbasis is naslagwerk.


§3: toetsing van kennisbasis
 Landelijke toets met 100 vragen.

Hoofdstuk 2: taalonderwijs en taal

,§1: taalonderwijs
 In basisonderwijs wordt veel tijd en energie gestoken in het taalonderwijs.
 Meeste scholen 8 uur per week aan taal.

Belang van taalonderwijs
 Kinderen leren moeiteloos hun moedertaal.
 Kinderen maken zich taal eigen in normale interactie met hun omgeving.
 Waarom wel onderwijs geven:
o Schriftelijke taalvaardigheid leren kinderen niet spontaan.
 Gebeurd op school.
 Vooral taalzwakke kinderen hebben hulp nodig.
o Niet alle kinderen kunnen zich zelfstandig een bepaald niveau van
taalvaardigheid eigen maken.
 Taalzwakke kinderen kunnen niet alles onder woorden brengen. Ze
hebben hier hulp bij nodig.
o Op school leer je een ander soort taalgebruik dan in het dagelijks leven.
 Staandaardnederlands
 Regels voor taal.
 Je leert uitdrukkingen en begrippen die je in dagelijks leven niet heel
vaak tegen komt.
 Zinnen uit elkaar halen.
o Bepaalde taalvormen leer je alleen met behulp van het taalonderwijs.
 Je leert bepaalde taalvormen niet in het dagelijks taalgebruik en bij de
verschillende vakken op school is er ook geen tijd voor.
 Je leert iets van de wereld om je heen en taal is communicatiemiddel.
o Als je kinderen plezier in het lezen van boeken wil bijbrengen, dan moet je
daar apart aandacht aan besteden.
 Boeken bieden mogelijkheden om weg te duiken van wereld.
 Kunt plezier alleen bevorderen als je kinderen in aanraking brengt met
boeken.

Taalonderwijs op de basisschool
 Taalonderwijs wordt vaak gesplitst in verschillende onderdelen of domeinen.
 Kinderen leren lezen met behulp van methode.
 Bij taalonderwijs ligt nadruk sterk op schriftelijk taalgebruik
 Methode heeft voordelen voor leerkracht.
 In de kerndoelen is taalonderwijs opgesplitst in 3 onderdelen:
o Mondeling onderwijs
o Schriftelijk onderwijs
o Taalbeschouwing.
 Indeling vaak vanaf groep 3.
 Zorgt voor overzicht.

Mondelinge taalvaardigheid
 Spreken en luisteren en voeren van gesprekken centraal.
 Discussie, spreekbeurt.
 Spreek- en luisterstrategieën leren hanteren.

Woordenschat
 Aanleren van betekenis van nieuwe woorden, uitdrukkingen, zegswijzen en
spreekwoorden.
 Strategieën aanleren om achter betekenis van onbekende woorden te komen.
 Belangrijker geworden.

,  Leren van nieuwe woorden  ontwikkelen spreek- en luistervaardigheid.

Beginnende geletterdheid
 Geletterdheid = het vermogen om schriftelijke taal te begrijpen en te gebruiken.
 Ontwikkeling van geletterdheid worden 3 stadia onderscheiden:
o Ontluikende geletterdheid = voorschoolse periode.
o Beginnende geletterdheid = groep 1 – 3.
o Gevorderde geletterdheid = na groep 3.
 Geen domein, maar fase.
 Aanvankelijk lezen: leren lezen in groep 3. Beginselen van het lezen bijbrengen.
Aparte methode.

Voortgezet technisch lezen
 = gaat om het kunnen ontcijferen van letters het hardop lezen van woorden.
 Efficiënte leesstrategieën.
 Vaardigheid van het decoderen van de teksten vergroten.

Begrijpend lezen
 = begrijpen van de tekst, het achterhalen van de bedoeling.
 Stellen van vragen over tekst.

Stellen
 = schrijven van teksten.
 Gedachten, ervaringen en waarnemingen weergeven in vorm van verschillende
soorten tekst.

Jeugdliteratuur
 Lezen van literaire teksten staat centraal.
 Informatieve boeken en fictie.
 Doel is kinderen in aanraking brengen met verschillende genres.
 Ontwikkelen literaire smaak.

Taalbeschouwing
 Kinderen laten reflecteren op de taalvorm, de manier waarop iets is verwoord en het
gebruik van taal.
 Het gaat erom dat kinderen in de vorm van de taal bijzonderheden en regelmaat
ontdekken.
 Traditionele grammatica, ontleden.

Spelling
 Kinderen kunnen de meest voorkomende woorden correct schrijven en belangrijkste
spellingsregels toepassen.
 Hanteren van interpunctie.


§2: taalsysteem
 Taal is communicatie
 We kiezen automatisch goede woorden en juiste zinsconstructies.
 Taal is ingewikkeld systeem met veel regels.



Functies van taal
 Grote rol in leven
 Taal heeft verschillende functies voor mensen:

, o Communicatieve/sociale functie
o Conceptualiserende/cognitieve functie
o Expressieve functie

Communicatieve functie
 Door middel van taal maken we contact met mensen.
 Taal als communicatiemiddel.
 Spreker geeft boodschap door aan hoorder.
 Interactie tussen mensen.
 Sociale taalfuncties:
o Zelfhandhaving: jezelf beschermen en verdedigen door middel van taal.
o Zelfsturing: ordenen met woorden en plannen aankondigen.
o Sturing van anderen: sturen van eigen handelen of gedrag van anderen.
o Structurering van gesprek: taal gebruiken om gespreksverloop te
beïnvloeden.

Conceptualiserende functie
 Taal als hulpmiddel om je gedachten te ordenen en greep te krijgen op werkelijkheid.
 Verwijzen naar betekenissen en concepten in de werkelijkheid met taal.
 3 conceptualiserende functies:
o Rapporteren: verslag doen van iets wat in de werkelijkheid voor komt.
o Redeneren: extra denkstap. Je ordent de gebeurtenis chronologisch, trekt
conclusies.
o Projecteren: proberen te verplaatsen in gedachten en gevoelens van iemand
anders.

Expressieve taalfunctie
 Taal om te experimenteren, gevoelens te uiten.
 Woordkeuze


Verschillende niveaus van taal
 Taal gebruiken we om met anderen te communiceren.
 Taal is gebonden aan bepaalde regels.
 Je kunt veel fouten maken.
 Taal is een systeem dat opgebouwd is uit allerlei elementen: klanken, woorden,
zinnen, teksten.
 Voor samenvoegen van elementen zijn regels.
 Niveaus: zie hfst. 10.
 Recursief systeem: een element van taal kan weer eenzelfde element van de taal
bevatten.




Hoofdstuk 3: mondelinge taalvaardigheid

§1: Taalverwerving

Gekoppeld boek
 image
Henk Huizenga, Robbe Basiskennis taalonderwijs
Uitgever: 16-01-2018 ISBN: 9789001854652 Druk: 2

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
27 januari 2022
Aantal pagina's
45
Geschreven in
2021/2022
Type
Samenvatting
€9,99

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
lottevranken00
4,5
(2)
Verkocht
13
Volgers
13
Items
5
Laatst verkocht
2 jaar geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.

Reviews van geverifieerde kopers




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen