Casustoets jaar 1 2010-2011
Naam student: ………………………………………………….. Studentnummer: …………….
Klas: …………… Datum: …………………………….
FYSIOTHERAPEUTISCHE DIAGNOSE
Naam patiënt : Leeftijd:
Hulpvraag :
FUNCTIONERINGSPROBLEMEN
Aard en ernst van stoornissen in functie
= alle afwijkingen van de normale anatomie en fysiologie, zoals arthrogene en myogene stoornissen,
trofiekproblemen en pijn.
Aard en ernst van beperkingen in activiteiten
= Het fysiek niet uit kunnen voeren van een vaardigheid, activiteit of sport is een 'beperking'. Alleen wanneer
deze de deelname van een persoon aan de maatschappij (= sociale rol)belemmert, spreken we van een
participatieprobleem.
Aard en ernst van problemen in participatie
= belemmering van deelname van de patiënt aan de maatschappij (= sociale rol)
N.B. Ook wanneer men, ondanks klachten, wel deel kan nemen aan de voetbaltraining of -wedstrijd, noemen
we dit een participatieprobleem. Deze persoon ondervindt hier namelijk hinder van en wordt hierdoor
belemmert om zijn 'rol' binnen het team (lees: maatschappij) op zijn eigen wijze te kunnen vervullen. Dit kan
ook gelden voor werk en schoonmaken (ook het schoonmaken betekent dat je hiermee een sociale rol vervuld
binnen een maatschappij (in dit geval een gezin)).
BELOOP
Natuurlijk: ja / nee / niet te beoordelen (doorhalen wat niet van toepassing is)
Motivatie: Beschrijf hierbij:
1. … wat het natuurlijke beloop is/zou zijn (welke fase van (bind)weefselherstel zou de
patiënt moeten zitten?
2. … met concrete voorbeelden uit de anamnese hoe deze patiënt hier wel/niet van
afwijkt. Bijvoorbeeld
patiënt blijft analgetica gebruiken
geen hervatting van participatie (werk, sport)
Pijn blijft hetzelfde of wordt erger
……
PROGNOSE EN BEINVLOEDBAARHEID
Beschrijf hierbij alle positieve en negatieve prognostische factoren. Denk hierbij aan:
- het aangedane weefsel (dit kan een hoog, matig of laag adaptief vermogen hebben)
- relevante persoonlijke factoren
- relevante medische factoren
- relevante externe factoren
Naam student: ………………………………………………….. Studentnummer: …………….
Klas: …………… Datum: …………………………….
FYSIOTHERAPEUTISCHE DIAGNOSE
Naam patiënt : Leeftijd:
Hulpvraag :
FUNCTIONERINGSPROBLEMEN
Aard en ernst van stoornissen in functie
= alle afwijkingen van de normale anatomie en fysiologie, zoals arthrogene en myogene stoornissen,
trofiekproblemen en pijn.
Aard en ernst van beperkingen in activiteiten
= Het fysiek niet uit kunnen voeren van een vaardigheid, activiteit of sport is een 'beperking'. Alleen wanneer
deze de deelname van een persoon aan de maatschappij (= sociale rol)belemmert, spreken we van een
participatieprobleem.
Aard en ernst van problemen in participatie
= belemmering van deelname van de patiënt aan de maatschappij (= sociale rol)
N.B. Ook wanneer men, ondanks klachten, wel deel kan nemen aan de voetbaltraining of -wedstrijd, noemen
we dit een participatieprobleem. Deze persoon ondervindt hier namelijk hinder van en wordt hierdoor
belemmert om zijn 'rol' binnen het team (lees: maatschappij) op zijn eigen wijze te kunnen vervullen. Dit kan
ook gelden voor werk en schoonmaken (ook het schoonmaken betekent dat je hiermee een sociale rol vervuld
binnen een maatschappij (in dit geval een gezin)).
BELOOP
Natuurlijk: ja / nee / niet te beoordelen (doorhalen wat niet van toepassing is)
Motivatie: Beschrijf hierbij:
1. … wat het natuurlijke beloop is/zou zijn (welke fase van (bind)weefselherstel zou de
patiënt moeten zitten?
2. … met concrete voorbeelden uit de anamnese hoe deze patiënt hier wel/niet van
afwijkt. Bijvoorbeeld
patiënt blijft analgetica gebruiken
geen hervatting van participatie (werk, sport)
Pijn blijft hetzelfde of wordt erger
……
PROGNOSE EN BEINVLOEDBAARHEID
Beschrijf hierbij alle positieve en negatieve prognostische factoren. Denk hierbij aan:
- het aangedane weefsel (dit kan een hoog, matig of laag adaptief vermogen hebben)
- relevante persoonlijke factoren
- relevante medische factoren
- relevante externe factoren