Omgevingsrecht week 1
Wat is omgevingsrecht?
Het recht dat betrekking heeft op de ordening en bescherming van de fysieke leefomgeving
van de mens
Fysieke leefomgeving:
o Ruimtelijke ordening, milieu, infrastructuur, water, bodem, lucht, landschappen,
natuur, erfgoed en landbouw
Relevante wetgeving
26 wetten > 1 hoofdwet:
Omgevingswet
60 algemene maatregelen van bestuur > 4 AMvB’s:
Besluit kwaliteit leefomgeving
Besluit activiteiten leefomgeving
Besluit bouwwerken leefomgeving
Omgevingsbesluit
68 ministeriële regelingen > 1 regeling:
Omgevingsregeling
Omgevingswet
Vier verbeterdoelen:
1. Inzichtelijk omgevingsrecht
2. Leefomgeving centraal
3. Ruimte voor lokaal maatwerk
4. Snellere besluitvorming
De Omgevingswet is van toepassing op de fysieke leefomgeving en op activiteiten die gevolgen
(kunnen) hebben voor de fysieke leefomgeving (art. 1.2 Ow)
- Fysieke leefomgeving (art. 1.2 lid 2 Ow): in ieder geval: bouwwerken, infrastructuur,
watersystemen, water, bodem, lucht, landschappen, natuur, cultureel erfgoed en
werelderfgoed
- Gevolgen voor de fysieke leefomgeving (art. 1.2 lid 3 Ow): in ieder geval: wijzigen van
(onderdelen van) de fysieke leefomgeving, gebruik van natuurlijke hulpbronnen, activiteiten
met emissies/hinder/risico's, nalaten van activiteiten
Maatschappelijke doelen (art. 1.3 Ow)
Deze wet is, met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land en de
bescherming en verbetering van het leefmilieu, gericht op het in onderlinge samenhang:
a. bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede
omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de natuur, en
b. doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van
maatschappelijke behoeften
,Om deze (maatschappelijke) doelen te bereiken zijn er zes kerninstrumenten:
1. Omgevingsvisie
2. Programma
3. Algemene rijksregels
4. Decentrale regels
5. Omgevingsvergunning
6. Projectbesluit
Omgevingsvisie
Integrale visie met strategische hoofdkeuzen van beleid voor de fysieke leefomgeving voor de
lange termijn (art. 3.2 Ow)
o Kwaliteit van de fysieke leefomgeving
o Hoofdlijnen ontwikkeling, gebruik, beheer, bescherming en behoud van het
grondgebied
Bindt geen burgers, maar alleen bestuursorganen onderling -> burgers kunnen geen beroep
doen op de omgevingsvisie
Voorbeeldvraag tentamen: welk kerninstrument is hiervoor het meest geschikt? (op basis van
een casus)
Omgevingsplan
Art. 2.4 Ow: De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één
omgevingsplan vast waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen
Art. 4.2 lid 1 Ow: Het omgevingsplan bevat voor het gehele grondgebied van de gemeente in
ieder geval de regels die nodig zijn met het oog op een evenwichtige toedeling van functies
aan locaties
,Tijdelijk omgevingsplan (direct na inwerkingtreding Omgevingswet)
Procedure (paragraaf 16.3.5 Ow)
1. Kennisgeving voornemen (art. 16.29 Ow), eventueel milieueffectrapport
2. Terinzagelegging ontwerp
3. Zienswijzen (art. 3:15 Awb)
4. Vaststelling omgevingsplan
5. Inwerkingtreding: vier weken na bekendmaking (art. 16.78 Ow)
Wat is een omgevingsplan: opbouw
Regels zien op de functies die aan locaties worden toegedeeld
Kenmerken functietoekenning:
o Functiekenmerken: welke tak heeft dat deel van de fysieke leefomgeving?
o Locatiekenmerken: welke kenmerken heeft deze specifieke plaats/ perceel/ gebied?
(driedimensionaal)
Omgevingsplan: voorbereidingsbescherming
Art. 4.14 Ow: voorbereidingsbesluit omgevingsplan
o Toekomstige ontwikkelingen worden tegengehouden
Doel: voorkomen dat de locatie minder geschikt wordt voor het doel dat wordt beoogd met
de voor te bereiden regels in het omgevingsplan
Gevolg: de voorbeschermingsregels worden toegevoegd aan het omgevingsplan
Week 2 Energierecht
Wat is energierecht?
Energierecht is het rechtsgebied dat alle juridische aspecten van de energievoorziening
reguleert, inclusief de productie, distributie, handel en levering van energie zoals elektriciteit,
gas en warmte. Het omvat wet- en regelgeving, tariefstelling, vergunningen en milieuregels,
met een groeiende focus op duurzame energiebronnen en de energietransitie
Unbundling
Unbundling is de elektriciteits- en gassector is het scheiden van activiteiten die mogelijk zijn in een
competitieve markt (zoals levering) van activiteiten die dat niet zijn (zoals netbeheer). Het doel is om
te voorkomen dat een bedrijf dat de energie-infrastructuur beheert, zijn macht misbruikt om de
concurrentie op de leveringsmarkt te beperken. Hierdoor kunnen consumenten kiezen voor een
andere leverancier, maar zijn ze voor het transport en onderhoud van het net nog steeds afhankelijk
van de lokale netbeheerder
, Belangrijkste aspecten van unbundling:
Netbeheer vs. levering
o Unbundling scheidt de netbeheerder (verantwoordelijk voor de infrastructuur) van
de energieleverancier (verantwoordelijk voor het leveren van het gas en stroom)
Onafhankelijkheid van netbeheerders
o De netbeheerder wordt juridisch onafhankelijk gemaakt van het productiebedrijf en
de leverancier, zodat er geen belangenverstrengeling ontstaat
Derdentoegang (Third Party Access)
o De gesplitste netbeheerder is verplicht om derden, dus elke energieleverancier,
toegang te geven tot zijn netwerk tegen redelijke voorwaarden
Geliberaliseerde markt -> open markt
o Consumenten kunnen vrij kiezen welke leverancier ze willen, omdat de netbeheerder
geen eigenaar is van de energie en dus geen concurrent is op de leveringsmarkt
Rol van de netbeheerder
o Een netbeheerder is wel verplicht om de energie van elke leverancier te
transporteren, zowel gas als elektriciteit, binnen een bepaalde regio
Kortom: unbundling zorgt in theorie voor een eerlijke en open energiemarkt door de
monopoliepositie van de netbeheerder te beperken en concurrentie op de productie-, handel en
leveringsmarkt mogelijk te maken, wat uiteindelijk ten goede komt aan de consument
Stappen in unbundling/ ontvlechting
1. Boekhoudkundige unbundling
- Wat houdt het in?
o Gescheiden boekhouding voor netbeheerproductie/ levering
- Wat verandert er?
o Juridisch blijft het één bedrijf, alleen financiële transparantie wordt verplicht
- Doel:
o Kruissubsidiëring zichtbaar maken
- Beperking:
o Discriminatie blijft mogelijk (want zelfde management, zelfde groep)
2. Juridische unbundling
- Wat houdt het in?
o Netbeheer moet in een aparte rechtspersoon worden ondergebracht
- Wat verandert er?
o Nog steeds onderdeel van dezelfde holding -> maar juridisch afgescheiden
- Doel:
o Meer onafhankelijkheid en minder directe beïnvloeding door commerciële
tak
- Beperking:
o Holding kan nog steeds strategische invloed uitoefenen
3. Functionele (of management) unbundling
- Wat houdt het in?
o Aparte managementstructuren
o Onafhankelijke besluitvorming
o Compliance-verplichtingen
- Wat verandert er?
o Management netbeheer mag geen instructies ontvangen van commerciële
tak
- Doel:
o Discriminatie in toegang tot net voorkomen