1700
Vooruitgang van de wetenschap:
⁃ 17e eeuw: wetenschappelijke revolutie
⁃ Oorzaken:
⁃ Humanisme: hernieuwde belangstelling voor de klassieke cultuur
⁃ Humanisten bestudeerde teksten uit de Griekse en romeinse
oudheid (ook natuurwetenschappelijk werk) -> ontstond een
nieuw mens- en wereldbeeld
⁃ God en het hiernamaals stonden niet meer centraal (momento
Mori) , maar het individu en het leven op aarde (carpe diem)
⁃ Mensen zagen god niet meer als verklaring voor alles, begonnen
dingen op andere manieren te verklaren
⁃ Ontdekkingsreizen: handelscontacten over de hele wereld -> Europeanen
kwamen in aanraking met andere volken en culturen
⁃ > beïnvloedden de manier waarop zij naar zichzelf en hun plaats in
de wereld keken
⁃ Ontdekkingsreizen stimuleerde ontwikkeling van nieuwe
scheepstypes, betere instrumenten voor navigatie, cartografie
⁃ Vooruitgang ambachtelijke techniek: de technische vooruitgang
stimuleerde de wetenschap (bijv. Galilei kon de juistheid van Copernicus’
heliocentrisch wereldbeeld aantonen, doordat een verbeterde techniek
van glasslijpen betere telescopen opleverden)
⁃ Werkte ook andersom -> nieuwe scheepsmodellen, gebruik van
molens, etc. vroegen wetenschappelijke inzichten
⁃ Bestond ook nieuwe visie op wetenschap: wetenschappers gingen
nadenken over de manier waarop ze onderzoek deden
⁃ 2 voornaamste onderzoekmethodes:
1. Rationalisme:
⁃ Grondlegger = René Descartes
⁃ Volgens hem waren zintuigelijke
waarnemingen subjectief en dus vaak
onjuist
⁃ > pleitte dat ware kennis voorkomt
uit ratio (rede)
⁃ Je moet radicale twijfel gebruiken
om zekerheid te vinden (‘Cogito,
ergo sum’ => Ik denk, dus ik ben)
2. Emperisme:
, ⁃ Grondlegger = John Locke
⁃ Vond zintuigelijke waarnemingen wel nuttig
⁃ Door waarnemingen met elkaar te vergelijke
en te combineren ontstaan betrouwbare
kennis en komt men tot inzichten
⁃ Kennis komt voort uit ervaring, niet
aangeboren ideeën -> ‘tabula rasa’ => de
geest is bij geboorte een ongeschreven
blad, die door ervaring gevuld wordt
3. Isaac Newton bepleitte een onderzoekmethode die logica
en experimenten met elkaar combineerden:
⁃ Elk onderzoek begint met een waarneming -> deze
wordt in wiskundige termen beschreven -> daarna
wordt er een mogelijk oorzaak voor het beschreven
verschijnsel bedacht -> deze verklaring wordt met
proefmetingen gecontroleerd
⁃ Idee dat de beweging van planeten en het leven op aarde zou gehoorzamen aan
onveranderlijke natuurwetten -> tegenstrijdig met idee van de kerk (dat God vanuit de
hemel het heelal bestuurde)
⁃ Wereld die verklaard kon worden door rede en waarneming, maakte veel
gegevens die in bijbels stonden overbodig + ondermijnde macht van de kerk
⁃ Veel wetenschappers/filosofen beweerde dat ze juist de grootsheid van
god wilde benadrukken -> volgens hen had god de natuurwetten bij de
schepping ingesteld, maar dat het heelal sindsdien zelfstandig
functioneerde = mechanistisch wereldbeeld
⁃ > als god alleen op achtergrond aanwezig was en zich niet
bemoeide met individuele mensen, dan hoefden vorsten zich ook
niet te bemoeien met de geweten van hun onderdanen
=> de traditie dat de vorst veel invloed had op de religieuze keuzes
van zijn onderdanen verloor aan fundament
⁃ Verlichte denkers meenden dat de methodes die sinds de wetenschappelijke revolutie in
de wetenschappen werden toegepast, ook konden worden gebruikt in de bestudering
van de menselijke samenleving
⁃ Volgens hen was de menselijke samenleving ook onderworpen aan
onveranderlijke natuurwetten
⁃ Rationeel optimisme: het geloof dat de mens met behulp van zijn rede alle
religieuze, politiek, economische en maatschappelijke problemen kan oplossen
(*gevolg van rationalisme!!!)
, ⁃ Op traditie en geloof gebaseerde machtsaanspraken van koningen,
edelen en geestelijken werden door veel denkers in twijfel getrokken (bijv.
Droit divin)
⁃ Verlichte denkers hechtte veel waarde aan de verspreiding van wetenschappelijke kennis
en verlichte ideeën (bijv. De Encyclopédie van Diderot en D’Alembert)
⁃ Door steeds betere druk technieken -> kon kennis goedkoper en efficiënter
worden verspreid
⁃ Analfabetisme percentage nam af -> ook lagere sommige mensen uit
lagere bevolkingsgroepen waren in staat nieuws en kennis tot zich te
nemen
⁃ Niet iedereen gelukkig met encyclopedie -> bevatte veel kritiek op privileges van
de adel en positie van de kerk en geestelijkheid
⁃ Ook kranten speelde grote rol in verspreiding van nieuwe ideeën
⁃
⁃ Immanuel Kant:
⁃ ‘Sapere aude!’ = durf te denken
⁃ Spoorde mensen aan om zelfstandig te denken en niet langer afhankelijk te zijn
van autoriteiten
⁃ Vond dat luiheid en lafheid de grootste redenen/oorzaken waren waarom
mensen onwetend bleven
⁃ Natuurlijke rechten = rechten die elk mens vanaf zijn geboorte bezit en losstaan van de
wetten die de overheid heeft ingesteld
⁃ Volgens Locke waren de voornaamste natuurlijke rechten: recht op leven,
vrijheid, en eigendom
⁃ Om hun leven en eigendom te beschermen vormen mensen vrijwillig een politiek
gemeenschap (staat)
⁃ In deze staat neemt de meerderheid de beslissingen en moet iedereen
zich aan deze beslissingen houden
⁃ Een politieke gemeenschap kan ervoor kiezen de macht af te staan
(volksvertegenwoordigers, vorst)
⁃ Wanneer bestuurder zich schuldig maken aan machtsmisbruik (bijv. Zich
niet aan de wet houden, rechten van burgers schenden, hun eigen belang
boven het staatsbelang stellen) mag het volk hen afzetten en vervangen
=> Sociaal contract (denkbeeldig verdrag tussen de mensen onderling om een
politieke gemeenschap te vormen)
⁃ (Fictieve overeenkomst, die voortkomt uit het besef dat het voor
iedereen beter is een deel van de eigen vrijheid in te leveren in
ruil voor bescherming van leven en eigendommen)
⁃ Charles de Montesquieu bouwde voort op deze ideeën