,A1. Menstruele cyclus
Je kunt de belangrijkste fasen van de menstruele cyclus benoemen.
Hypothalamus – hypofyse – target organen.
Menstruatiestoornis wordt aangestuurd door het hoofd.
o Hypothalamus
o Hypofyse
Sutren eierstokken aan
Fsh; stimuleert de eierstokken, eierstok gaat op reactie van
stimullie, 1 eiblaasje uitgroeien.
Gaat oestrogeen maken (neemt toe)
Eiblaasaje mooi rijp, dan zet het de hypofyse aan tot
een LH piek.
LH, later in cyclus voor eisprong
Ei springt uit het eiblaasje
Achterblijven van eiblaasje, gele lichaam, corpus lithium
maakt progesteron aan, zodat baarmoederslijmvlies wordt
klaarmgeaakt voor innesteling van embryo
o Target organen
De eisprong vindt plaats ongeveer 14 dagen voor de eerste dag van de
volgende te verwachten menstruatie
• Vrijwel alle zwangerschappen ontstaan door een coïtus op dag 8‐14 van de
, normale cyclus (de 6 dagen voorafgaand aan de eisprong)
• Coïtusfrequentie van 2‐3 keer per week in deze periode is voldoende
• De consistentie en helderheid van het cervixslijm geven een goede
indicatie voor de vruchtbare periode
Je kunt de invloed van hormonale veranderingen op de baarmoeder en het
baarmoederslijmvlies uitleggen.
Ja, hormonale veranderingen hebben een aanzienlijke invloed op de baarmoeder
en het baarmoederslijmvlies (endometrium). Deze veranderingen spelen een
cruciale rol in de menstruatiecyclus, zwangerschap en andere reproductieve
processen. Hier is hoe hormonale veranderingen de baarmoeder en het
baarmoederslijmvlies beïnvloeden:
1. Menstruatiecyclus en de rol van hormonen
De menstruatiecyclus wordt gereguleerd door een reeks hormonen die door de
hersenen (hypofyse) en de eierstokken worden geproduceerd. De belangrijkste
hormonen die hierbij betrokken zijn, zijn oestrogeen, progesteron, en
luteïniserend hormoon (LH).
Fase 1: Folliculaire fase (eerst 14 dagen)
Oestrogeen: In de eerste helft van de cyclus stijgt het niveau van oestrogeen,
wat ervoor zorgt dat het baarmoederslijmvlies (endometrium) dikker wordt om
zich voor te bereiden op een mogelijke zwangerschap. Dit is een opbouwfase
voor de baarmoeder.
Baarmoederslijmvlies: Het endometrium wordt dikker en rijker aan bloedvaten,
zodat het een geschikt milieu kan bieden voor een bevruchte eicel om zich in te
nestelen.
Fase 2: Ovulatie (rond de 14de dag)
LH en FSH: Deze hormonen veroorzaken de eisprong, waarbij de rijpe eicel uit de
eierstok vrijkomt. Dit gebeurt meestal rond de 14de dag van de cyclus.
Oestrogeen: Na de eisprong daalt het niveau van oestrogeen weer, maar dit
bereidt het endometrium voor op een mogelijk zwangerschap.
Fase 3: Luteale fase (laatste 14 dagen)
Progesteron: Na de eisprong komt de gele lichaam (corpus luteum) tot stand in
de eierstok en begint progesteron te produceren. Dit hormoon zorgt ervoor dat
het baarmoederslijmvlies zich verder ontwikkelt, dikker wordt en stabiel blijft,
zodat het een bevruchte eicel kan ontvangen.
Baarmoederslijmvlies: Progesteron helpt het endometrium om te verankeren en
de juiste textuur te behouden voor implantatie van een bevruchte eicel. Als er
geen bevruchting plaatsvindt, neemt het progesteronniveau af, waardoor het
baarmoederslijmvlies afgebroken wordt en menstrueert.
2. Invloed van hormonen bij zwangerschap
Progesteron: Als er wel een bevruchting heeft plaatsgevonden, stijgt het
progesteronniveau om het baarmoederslijmvlies in stand te houden. Dit
voorkomt dat het slijmvlies afbreekt en zorgt ervoor dat het embryo zich in de
baarmoederwand kan nestelen.