Werkcollegeuitwerkingen: procedures, bewijs en beslag
Tilburg University
1
, Burgerlijk procesrecht & geschiloplossing werkcollege 1 (week 6)
Opdracht 1
Vraag A
Positioneel onderhandelen (klassieke benadering) en probleemoplossend onderhandelen.
Positioneel onderhandelen: Het gaat hier om je eigen positie zo goed mogelijk naar voren te
brengen. Deze benadering wordt gebruikt als de onderliggende relatieverhouding niet
belangrijk is. De kosten zijn vaak ook hoger en meestal komt er één winnaar en één verliezer
uit.
Probleemoplossend onderhandelen: Hier ga je constructief te werk. Praten vanuit de
belangen; de belangen om tot een oplossing te komen. Dit is hier belangrijk want ze zijn buren
en ze willen een goede verstandsverhouding hebben met elkaar om een duurzame relatie te
hebben. Deze onderhandelingstechniek is in dit geval dus het meest winstgevend.
De emoties liepen hoog op door het schelden en de uitgescholden partij wilt excuses hebben.
Daarmee is het van belang om probleemoplossend te onderhandelen.
Vraag B
Een mediator faciliteert dat partijen in gesprek gaan met elkaar. Relatiebehoud is hier van
belang en de emoties spelen ook, dan is een mediator een faciliterende factor om partijen te
laten praten en zelf ook tot een oplossing te laten komen.
Vraag C
Bij mediation komen de partijen zelf tot een beslissing, de mediator neemt hier zelf geen
beslissing. Terwijl bij arbitrage en een bindend advies neemt de arbiter en bindend adviseur
de beslissing die aan de partijen wordt opgelegd, en de partijen nemen de beslissing dus niet.
De partijen zijn eerder bereid om zich aan een oplossing te houden als ze die zelf hebben
bedacht dan dat een derde hen die oplossing ‘oplegt’.
Vraag D
Mediation valt of staat bij de wil van partijen. Het kan je niet worden opgelegd, dus het heeft
een vrijwillig karakter. Hier kun je geen gebruik maken van executiemiddelen. Bij
overheidsrechtspraak kun je als gedaagde ook tegen je wil in ook een procedure tegen je
kunnen hebben. Dit heeft dus een meer dwingend karakter en hierbij kan er ook gebruik
worden gemaakt van executiemiddelen.
Bij mediation zijn er ook andere niet-juridische doelen, terwijl het bij de overheidsrechter
zuiver juridisch is. Verder is mediation vertrouwelijk, en overheidsrechtspraak is in beginsel
openbaar (behalve jeugd en familierecht).
2