psychologie
Kwalitatief onderzoek
Hoorcollege 1:
Theorie Een theorie is een geheel van denkbeelden, hypothesen en verklaringen die
in onderlinge samenhang worden beschreven. In de wetenschap is een
theorie een getoetst model ter verklaring van waarnemingen van de
werkelijkheid.
Empirisch: Gebaseerd op systematische waarnemingen/metingen of ervaringen die je
(Onderzoek) verzamelt en zelf uitvoert. Onderzoek dat gebaseerd is op eigen ervaring. Hierbij
wordt gebruik gemaakt van directe of indirecte waarnemingen.
Controleerb Peer review, andere onderzoekers moeten de stappen en resultaten van een
aar: onderzoek nalezen, controleren en herhalen.
(Onderzoek)
De resultaten van een onderzoek moeten controleerbaar zijn. Wanneer
andere onderzoekers een vergelijkbaar onderzoek doen, moeten de
verachtingen van het onderzoek kunnen worden bevestigd of weerlegt.
Probabilistis In theorie: het probabilisme is de leer dat zegt dat het onmogelijk is om
ch: de absoute waarheid te kennen, ze zoekt meer om de
(Onderzoek) waarschijnlijkheidsgraad te kunnen bepalen. Er is een kans dat we het
ene zien, maar dat toch het andere waar is.
Keuzes worden gemaakt aan de hand wat net meest waarschijnlijk is.
Ondersteun Data uit wetenschappelijk onderzoek
en door
data:
(Theorie)
Falsifieerbaa Een theorie moet weerlegd kunnen worden aan de hand van verzamelde
r: gegevens. De theorie moet ‘verwerpbaar zijn’.
(Theorie)
Spaarzaam De stelling is dat wanneer er verschillende hypotheses zijn die een verschijnsel in
(parsimoiou gelijke mate kunnen verklaren, de hypothese gekozen moet worden die de minste
s): aannamen bevat en het kleinste aantal entiteiten veronderstelt. Als een
(Theorie) eenvoudige theorie volstaat, is het niet nodig om deze complexer te maken.
Fundamente Een fundamentele onderzoeksvraag wordt ook wel ‘zuivere’ wetenschap
el (basic): genoemd omdat het kennis vanwege kennis is, zonder een concrete
toepassing. Het richt zich op de basismechanismen en leidt tot
ontdekkingen die bijdragen tot een beter begrip van hoe iets werkt.
De onderzoeker zoekt naar algemene informatie, zoals: ‘wat gebeurt er in het
brein van een narcist’.
‘Vergroten algemene kennis en begrip’.
,Toegepast Toegepast onderzoek start met een handelingsprobleem van de praktijk.
(applied): Bestaande wetenschappelijke kennis wordt toegepast op het
analyseren en oplossen van praktijkproblemen.
Bijvoorbeeld het maken van een interventie: ‘kunnen we Instagram op een of
andere manier aanpassen, zodat het minder leidt tot narcistische trekjes?’‘Lost
praktische problemen op’.
‘Lost praktische problemen op’.
Transnation Je gaat hier van het ene onderzoek over in het andere. Je gaat van de
aal: praktische interventie een stap verder: 'waarom werkt deze versie va Instagram
beter?' of "wat doet deze versie van Instagram met een narcist”.
Kwalitatieve Is een woord, zin of een stuk uitgesproken of neergeschreven tekst.
gegevens: Interviews, teksten of opnames. Niet ‘meetbaar’.
Kwantitatiev Is een getal is meetbaar: bv gewicht, lengte, een aantal keer lachten.
e gegevens:
Sociale Waarneembaar verschijnsel of gedrag dat ontstaat door de interactie tussen
fenomeen: mensen in een groep of de samenleving.
Respondent: Iemand die antwoord geeft, iemand die antwoord op een
responsiecollege/interview. Iemand ie een enquête beantwoord.
Inductie: Inductieve redeneringen beginnen doorgaans bij de waargenomen feiten en
omstandigheden: op grond van empirisch onderzoek kom je dan tot
een algemene regel. Dit is de bottom-up: ik zie 75 zwanen in het park die
wit zijn, conclusie: alle zwanen in het park zijn wit.
Onderzoek van specifieke waarnemingen werk je toe naar nieuwe
theorie.
Deductie: Dit is de top-down logica en staat tegenover inductie als manier van
redeneren.
Begint met een theorie en die gaan toetsen. Als de presmissen kloppen,
kun je juiste conclusies trekken:
1. “Alle mensen gaan een keer dood’ is een premisse
2. ‘Ik ben een mens’ ook een premisse
3. ‘Ik ga een keer dood’ conclusie
Bestaande theorie toetsen.
SPI(C)E:
S Setting Waar, in welke context
P Perspective/population Wie
I Interest Wat is het hoofdonderwerp
C Comparison Vergeleken met wie/wat
, E Evaluation Welk aspect wordt bestudeerd
Replicatie Dat de studie opnieuw wordt uitgevoerd om te testen of het resultaat
consistent is.
Gewicht van Wetenschappers evalueren hun theorieën daarom op basis van het gewicht van het
het bewijs bewijs (weight of the evidence) – de verzameling van studies, inclusief replicaties
van dezelfde theorie.
(weight of
the
evidence)
Peer Bedoelt om rigoureus te zijn, zorgen ervoor dat de artikelen die in
reviewers wetenschappelijke tijdschriften worden gepubliceerd, belangrijke, goed
uitgevoerde studies bevatten.
Journalistiek Is een verslag uit de tweede hand over het onderzoek, geschreven door journalisten
niet (altijd) betrouwbaar
Consument Resultaten van sociaalwetenschappelijk onderzoek moeten kunnen lezen, evalueren
van en interpreteren om ze te kunnen benutten voor hun werk
onderzoek
Producent Zelf onderzoek uitvoeren
van
onderzoek
Sociale Waarneembaar verschijnsel of gedrag dat ontstaat door de interactie tussen
fenomeen: mensen in een groep of de samenleving. In natuurlijke omgeving
Hypothese Wordt geformuleerd in termen van het onderzoeksontwerp. Het is een specifieke
uitkomst die de onderzoeker in een onderzoek zal observeren of de theorie
klopt.
Data Een reeks observaties.
Controlegro Een groep deelnemers van wetenschappelijk onderzoek die geen
ep behandeling/interventie krijgen. Om te verschillen met de interventie groep te
vergelijken.
Confounders ‘Verward’, verschillende mogelijke verklaringen voor een uitkomst.
(confounds)