en strafprocesrecht aan de Universiteit
Leiden)
Beccaria
Beccaria: jonge Italiaan en rechten gestudeerd, en werd dus jurist. Rijke bovenlaag van de
samenleving. Eerste werken was over het strafrecht. Het werk heeft een rare structuur.
Kernboodschap van het strafrecht van deze acteur is: leren van wat het nu is (het verleden).
Lessen voor de toekomst komen niet uit de lucht vallen, het idee wat hierachter zit is wat de
staat mag en daalt daarna naar het strafrecht. Hij heeft het over het sociaal contract, de
staat beschermt en je ruilt hiervoor rechten in. Beccaria is dus een sociaal contract denker.
Het uitgangspunt is geloofdbegeleidenis?, hij begint namelijk eerst over de verlichting. Je
denkt dus vanuit de rede die niet gebaseerd is op het goddelijke.
Er zijn drie bronnen van politiek en moraal (hoe wij met elkaar omgaan): morele en politieke
beginselen
De openbaring; in de bijbel
Natuurrecht; universeel geldend als van nature gegeven recht (is niet door mensen zelf
gemaakt maar zijn als vanzelfsprekend)
Menselijke regels: de afspraken die mensen met elkaar maken
Beccaria concentreert zich op de gemaakte maatschappelijke conventies en hun
gevolgen
De verhouding tussen deze drie hangen met elkaar samen, kunnen dus niet los van elkaar
bestaan.
Beccaria zegt hierover dat de menselijke wet wel kan afwijken van de goddelijke wet, omdat
de mens corrupt is en voor zichzelf gaat. Mensen zijn veranderlijk, vooral als ze samen
komen. Het mensbeeld van Beccaria is dus niet erg positief. De mens is zo corrupt (in ruime
zin dus niet alleen over geld) als de pest: de mens is beïnvloedbaar door eigen verlangens,
door tegen wie je opkijkt, je je niet aan de regels houdt. Beccaria stelt nadrukkelijk het
algemeen belang voorop. Regels worden hedendaags gemaakt door wetgevers, worden
voorbereid door juristen. De term jurist komt niet voor in het verhaal van Beccaria, hij stelt
namelijk dat degene die het algemeen belang het beste kennen is de schrijver (hijzelf dus).
Hij heeft een hekel aan juristen, omdat juristen een eigen belang hebben want komen uit
een hogere stand en willen dit beschermen, ze orderenen ten eerste de regels, zijn volgers
van de macht, zij interpreteren de wet en daarnaast toetsen ze aan het recht.
Juristen proberen het recht de ordenen, je zet het vast. Je bent niet bezig met nieuwe dingen
dus helemaal niet revolutionair maar conservatief. Dit staat Beccaria dus niet aan, hij wil
juist nieuwe dingen en daar helpen juristen niet bij. Beccaria houdt ons dus een spiegel voor
dat je oude dingen moet loslaten, uit de comfortzonde.
Hij zoekt dan een uitgangspunt, want Beccaria wil graag het grootst mogelijke geluk voor het
grootst mogelijke aantal mensen. Hij wil niet iedereen gelukkig, maar dus wel zo gelukkig
mogelijk. Dit bereiken we door het sociaal contract, een denkmodel dat dus ook Beccaria
gebruikt om het doel (grootst mogelijk geluk) te bereiken.
1
,Grondslag strafrecht: veiligheid. Er is sprake van recht wanneer de macht wordt aangewend
waarvoor zij bedoeld is: zoveel mogelijk geluk voor zoveel mogelijk mensen.
Sociaal contract
Natuurtoestand: is Beccaria niet erg positief over, het is een redeloze toestand. Je bent
onzeker over je eigen veiligheid maar tegelijkertijd ook vrijheid. Je bent wel vrij maar je
moet telkens je bezighouden met je veiligheid i.p.v. je vrijheid. Dus daarom een sociaal
contract.
Onvrede (ten aanzien van de natuurtoestand)
Sociaal contract: je levert je vrijheid in en in ruil daarvoor krijg je veiligheid terug. Je
levert een zo klein mogelijk stukje vrijheid in (het kleinst mogelijke deel! Kenmerkend
voor Beccaria (Rousseau denkt bijvoorbeeld al je vrijheid inleveren).
Het recht om te straffen wordt gekenmerkt door het in stand houden van het sociaal
contract, de straf moet zwaar genoeg zijn om mensen te weerhouden om straffen te begaan.
Als je als potentieel dader de straf ziet dan moet dit een drijfveer zijn om het niet te doen,
het moet een omslag geven dat je het strafbare feit niet gaat plegen. Je moet wetten maken
die aansluiten op wat mensen voelen en passen bij de drijfveren die hen bewegen.
Straffen
Doel van straffen: straffen zijn NIET bedoeld om misdaad ongedaan te maken.
Het hoofddoel is het voorkomen dat de dader opnieuw schade toebrengt aan de
maatschappij en dat het anderen afschrikt om hetzelfde te doen.
Straffen moeten proportioneel zijn aan de schade die de misdaad aan de maatschappij
toebrengt.
Beccaria kijkt naar het sociaal contract: het contract is niet je aan liefde over geven aan de
gemeenschap. Niet je volledig overgegeven aan de gemeenschap, het is heel droog: je voelt
je niet veilig je levert een klein stukje vrijheid in. Echt cruciaal voor Beccaria puur liberaal,
niet volledig voor of tegen de gemeenschap.
Hobbes: onderdanen zijn volledig opgeslokt door de Leviathan. Hij is erg pessimistisch over
de mens.
Beccaria: de soeverein garandeert je vrijheid, je wordt niet opgeslokt door de soeverein de
overheid. Het is de taak van de vorst om garant te staan. Straffen moeten beschermen.
Recht is een norm voor de macht, maar de macht heeft het voor het zeggen.
Politiek moraal: bestaat uit niets anders dan het sturen van menselijk gedrag door belonen
en straffen.
Hij trekt 4 à 5 conclusies uit het verhaal van het sociaal contract:
Er zijn wetten nodig (voort vloeit uit het contract); verplichtingen, voorwaarde van
samenleven
Wetgever
De wetgever kan moeilijk uitspraken doen over de wet, omdat algemeen zijn en je dan
dus een uitspraak concreet moet doen over de algemene wet. De rechter heb je dus
nodig om de wet concreet toe te passen.
2
,Gelijkheidsbeginsel: wetten gelden algemeen voor
Burgers
Soeverein
Beccaria stelt dat dus ook de overheid zich aan de wetten moet houden
Rechter mag alleen de wet toepassen, niet interpreteren. De wet mag slechts
geïnterpreteerd worden door de wetgever. De rechter past alleen toe. De wetgever moet
dan dus wel wetten maken die de rechter kan toepassen. Volgens Beccaria bestaat dan
niet een maximum- of minimumstraf, alleen dan kan je de rechter de wet alleen laten
toepassen. De rechter mag volgens Beccaria niet de wet interpreteren. Rechter heeft dus
dan even geen vrijheid volgens hem. De rechter moet het contract gewoon volgen punt.
Wetten moeten dus duidelijk, eenvoudig en voor iedereen toegankelijk zijn zodat burgers
weten wat hun rechten en plichten zijn. Alleen de wetten mogen straffen vaststellen,
rechters NIET interpreteren want leidt tot willekeur en onzekerheid.
Beccaria over wetten:
Kenbaar
Niet nutteloos: straffen en wetten moeten vooral nuttig zijn.
Niet in een vreemde taal
Lex certa: Lex certa is een juridisch principe dat deel uitmaakt van het legaliteitsbeginsel en
inhoudt dat strafbepalingen helder, duidelijk en begrijpelijk moeten zijn geformuleerd, zodat
burgers weten welk handelen strafbaar is en welke sancties daarop kunnen volgen.
Generale preventie: een doelstelling binnen het strafrecht, waarbij het bestraffen van een
dader bedoeld is om potentiële toekomstige daders af te schrikken en hen zo te
weerhouden van het plegen van misdrijven.
Conclusies:
In de eerste conclusie lezen we het legaliteitsbeginsel.
Wetten kunnen alleen straffen vaststellen voor misdrijven en dat deze bevoegdheid alleen
kan berusten in de persoon van de wetgever die de hele maatschappij vertegenwoordigt, die
verenigd is door het maatschappelijk verdrag.
De tweede conclusie stelt dat wanneer ieder individueel lid verbonden is aan de
maatschappij, deze op gelijke wijze gelieerd is met elk ander individueel lid door een
contract, dat uit zijn eigen aard de twee partijen vindt.
Schending van dit beginsel, betekent dat je anarchie toe laat. De soeverein die de
maatschappij zelf vertegenwoordigt, kan alleen maar algemene wetten maken die iedereen
verplichten, maar hij kan geen oordeel vellen of een van hen het contract heeft geschonden
of niet.
Het is dus noodzakelijk dat een derde oordeelt of het waar is. Het gaat hier om het beginsel
van de scheiding van machten waarbij de wetgeving en de autoriteiten die straffen
uitspreken wordt bedoeld.
De derde conclusie houdt in dat straffen en wetten vooral nuttig moeten zijn.
Doodstraf
Beccaria is uitgesproken tegenstander van de doodstraf.
3
, “ De doodstraf is niet een recht, maar een oorlog van de natie tegen de burger”
Het maakt maar een diepe korte indruk, een langdurige straf is een effectiever
afschrikmiddel. Het vooruitzicht van lang zwoegen schrikt meer af dan de angst voor een
kortstondige dood
Cruciaal argument tegen de doodstraf is dat het sociaal contract inhoudt dat je een minimaal
deel vrijheid inlevert, het meest kostbare is je leven. Het leven heb je dus nooit afgegeven
aan soeverein. Het leven kan je niet overdragen, omdat het ook een deel van god is. Je hebt
niet je beschikkingsmacht over je leven, god bepaalt wanneer je op de wereld komt en
wanneer je gaat.
Uitzondering dat je toch de doodstraf kan opleggen: wanneer je een gevaar voor de
samenleving blijft. Doodstraf alleen als persoon gevaar is voor het voortbestaan van het
sociaal contract (landverraad). Gedragingen die de staatsstructuur. Het sociale contract
omverwerpen.
De doodstraf leg je niet vaak op, dus heeft niet een erg groot preventief effect. De doodstraf
was zichtbaar omdat het publiekelijk ten uitvoer werd gelegd, het schrikte niet echt af
mensen gingen juist eropaf om het zelf te bekijken. Beccaria vond het afschrikwekkender om
in de gevangenis te blijven dan een korte dood.
Beccaria visie en invloed:
Context van de verlichting, beïnvloed door montesqieu en hobbes
Ideeën waren rationeel en humaan strafrecht
Hij pleitte voor rechtssysteem gebaseerd op de rede, duidelijkheid en algemeen welzijn,
keert zich hard tegen barbaarse en willekeurige praktijken.
Artikel 3- Foque en t’ Hart, ‘Becarria en Montesquieu’
(P. 84 – 107)
Beccaria (1738–1794)
Doel: Hervorming van strafrechtspleging; strafrecht als middel tot bescherming van vrijheid
en zekerheid van de burger.
Grondslag:
Sociaal contract: Strafrecht gebaseerd op de contractuele band tussen burgers en soeverein;
mensen dragen een deel van hun vrijheid over voor bescherming van de samenleving. Echt
fundamenteel voor zijn visie. De individuele mens is nooit geheel los te zien van zijn
contractuele band met anderen. Minimaal deel vrijheid af staan ten behoeve van de
gemeenschap.
Utilitarisme: Straffen zijn instrumenteel gericht op preventie van criminaliteit en
bescherming van samenleving.
Proportionaliteit & legaliteit: Straf moet gematigd en in verhouding tot het delict zijn.
Humaniteitsideaal: Bescherming van individuele vrijheid en autonomie; afschaffing van de
doodstraf als logisch gevolg van het primaat van zelfbehoud.
Rechtsproces: Open, contradictorisch strafproces; waarheidsvinding mag de private sfeer
van burgers niet onnodig aantasten.
4