Actieonderzoek doen – uitgebreide samenvatting
Volledige theorie uit hoofdstuk 1 t/m 11, samengevoegd zonder dubbele uitwerkingen
Routewijzer
Fase Hoofdstukken Kern
Fase 0 – Voorbereiden 1 t/m 5 Begrijpen wat actieonderzoek is,
wanneer het past, welke principes het
dragen en hoe kwaliteit wordt bewaakt.
Fase 1 – Acties ontwerpen 6 en 7 Onderzoeksontwerp, planning,
onderzoeksvraag,
stakeholderparticipatie en rolverdeling.
Fase 2 – Acties uitvoeren 8 Gegevens produceren, interventies
uitvoeren, documenteren, analyseren
en gezamenlijk betekenis geven.
Fase 3 – Reflecteren 9 Kritisch evalueren, reflecteren,
member checks, vervolg bepalen en
theoretiseren.
Fase 4 – Vastleggen en delen 10 en 11 Kennis vastleggen en delen, effecten
zichtbaar maken en leren/veranderen
duurzaam ondersteunen.
Fase 0 blijft gedurende het hele actieonderzoek de basis. De fasen ontwerpen, uitvoeren, reflecteren en
vastleggen/delen worden cyclisch en vaak meerdere keren doorlopen. De route is flexibel: wat in een cyclus wordt
geleerd, beïnvloedt de volgende stap.
Hoofdstuk 1 – Introductie en gebruiksaanwijzing actieonderzoek
Wat is actieonderzoek?
Actieonderzoek is een vorm van praktijkgericht onderzoek waarin onderzoek en actie worden gecombineerd. Het
doel is tegelijk nieuwe kennis te ontwikkelen en de praktijk daadwerkelijk te verbeteren. Onderzoek vindt niet
alleen voor of over een praktijk plaats, maar in en met de praktijk. Verandering is dus geen stap die pas na het
onderzoek volgt; zij maakt deel uit van het onderzoeksproces.
• Actieonderzoek is een onderzoeksstrategie, geen afzonderlijke onderzoeksmethode. Binnen de strategie kunnen
verschillende kwalitatieve en kwantitatieve methoden worden gebruikt.
• De directe gebruikswaarde voor de concrete praktijk staat centraal.
• Belanghebbenden zijn niet alleen informatiebronnen maar kunnen medeonderzoeker en mede-eigenaar van
verandering worden.
• De onderzoeker staat midden in de praktijk, waardoor relaties, belangen, emoties en onverwachte
gebeurtenissen onderdeel zijn van het onderzoek.
Waarom actieonderzoek?
Traditioneel praktijkgericht onderzoek kan een analyse en advies opleveren zonder dat dit advies daadwerkelijk
wordt uitgevoerd. Actieonderzoek verbindt kennisontwikkeling aan handelen. Daardoor kunnen inzichten direct
worden uitgeprobeerd, geëvalueerd en aangepast.
• Het gaat verder dan verklaren: tijdens het onderzoek wordt al iets in beweging gezet.
• Resultaten zijn direct gekoppeld aan de dagelijkse praktijk.
• De aanpak is geschikt voor concrete vraagstukken rond menselijk gedrag, professioneel handelen,
samenwerking en organisatieverandering.
• De onderzoeker en medeonderzoekers ontwikkelen tegelijk onderzoeksvaardigheden, verandervermogen en
professioneel bewustzijn.
Pagina 1
, Actieonderzoek doen
Cyclisch en emergent proces
Actieonderzoek verloopt cyclisch. Een globale cyclus bestaat uit waarnemen, nadenken, een mogelijke actie
ontwerpen, de actie uitvoeren, resultaten evalueren, leren vastleggen en vervolgens een volgende cyclus starten.
Het doel is niet terugkomen op hetzelfde punt, maar per cyclus verder komen in het vraagstuk.
• Fasen kunnen worden herhaald en gedeeltelijk tegelijkertijd plaatsvinden.
• Het proces ligt niet volledig vooraf vast. Nieuwe gebeurtenissen, informatie en feedback kunnen tot bijstelling
leiden.
• Inzichten, verklaringen en vervolgstappen ontstaan gaandeweg: het ontwerp is emergent.
• Onderzoek, veranderen, leren, documenteren en delen lopen voortdurend in elkaar over.
Voor welke vraagstukken?
Actieonderzoek is vooral geschikt wanneer alleen een advies, plan of product niet genoeg is en succesvolle
verandering afhankelijk is van de betrokkenheid van mensen in de praktijk. Het is relevant wanneer men niet
alleen wil weten wat er moet gebeuren, maar ook wil leren hoe verandering samen kan worden vormgegeven en
toegepast.
Actieonderzoek als uitdagend praktische aanpak
Midden in de praktijk
• De onderzoeker werkt met mensen die deel uitmaken van het veranderproces en staat niet op veilige afstand.
• De situatie kan onverwacht veranderen; sociale en relationele afwegingen zijn voortdurend relevant.
• Goede begeleiding is vooral voor beginnende actieonderzoekers belangrijk.
Pragmatisch én grondig
• De nadruk op bruikbaarheid betekent niet dat onderzoek vrijblijvend mag zijn.
• Actieonderzoek moet methodisch grondig, zorgvuldig en gedisciplineerd worden uitgevoerd.
• Een onderzoekende, kritische en nog-niet-wetende houding is essentieel.
Veeleisende professionele houding
• Belangrijke kwaliteiten zijn reflectievermogen, kritisch denken, brede blik, creativiteit, lef en
doorzettingsvermogen.
Opbrengsten van actieonderzoek
• Verschillende perspectieven, vaste kaders en speelruimte zichtbaar maken.
• De dynamiek van de huidige situatie begrijpen in relatie tot verleden en mogelijke toekomst.
• Een verandertraject ontwerpen en uitvoeren met participatie en medezeggenschap.
• Vaardigheden ontwikkelen zoals aandachtig luisteren, kijken, invoelen en kritisch denken.
• Zelfbewustzijn, persoonlijke groei en professioneel verandervermogen ontwikkelen.
Drie ontwikkelingslijnen
1. Kennis en begrip: meer inzicht in het onderzochte vraagstuk.
2. Praktijkontwikkeling: de beroepspraktijk daadwerkelijk verbeteren.
3. Onderzoekende houding en verandervermogen: onderzoekers en betrokkenen leren beter onderzoeken,
reflecteren en verandering vormgeven.
Leren op drie niveaus
Niveau Wie? Opbrengst
Eerste persoon – ik De individuele onderzoeker Eigen aannames bevragen,
zelfbewustzijn en
reflectievaardigheden ontwikkelen.
Tweede persoon – wij Direct betrokkenen Samen onderzoeken en handelen;
vaardigheden ontwikkelen om
gezamenlijk de praktijk te verbeteren.
Pagina 2
, Actieonderzoek doen
Derde persoon – zij / breder publiek Mensen buiten de directe Praktische kennis uit eerste- en
onderzoeksgroep tweedepersoonsonderzoek verder
ontwikkelen, publiceren en delen.
Belang van voorbereiding
Hoewel actieonderzoek uitnodigt tot handelen, is goede voorbereiding essentieel. De eerste vijf hoofdstukken
vormen de basis: begrijpen wat actieonderzoek is, wanneer het past, welke principes het werkzaam maken en hoe
kwaliteit en ethiek worden bewaakt. Daarna kan verantwoord worden ontworpen, uitgevoerd, gereflecteerd en
gedeeld.
Hoofdstuk 2 – Wat maakt actieonderzoek anders?
Pragmatisch uitgangspunt
Actieonderzoek vertrekt vanuit pragmatisme: theorie en praktijk zijn niet strikt van elkaar te scheiden en de
bruikbaarheid van kennis in de concrete praktijk staat centraal. Objectiviteit en maximale generaliseerbaarheid
zijn niet het primaire doel, maar systematische en methodisch verantwoorde kennisontwikkeling blijft
noodzakelijk.
• Een actieonderzoek begint meestal bij een praktisch vraagstuk waarvan de precieze aard en oplossing nog niet
volledig bekend zijn.
• Theorie is één kennisbron naast waarnemingen, ervaringen en gebeurtenissen in de praktijk.
• De afstand tussen onderzoeker, betrokkenen en praktijk wordt bewust klein gehouden.
• Menselijke belangen zijn altijd aanwezig en moeten zo expliciet mogelijk worden gemaakt.
Onderzoek met kleine o, middelgrote O en grote O
Niveau Kenmerken Directe gebruikswaarde
Kleine o Snelle, eenvoudige dagelijkse Handig voor alledaagse beslissingen,
onderzoekjes; weinig diepgang. meestal te oppervlakkig voor complexe
beroepsvraagstukken.
Middelgrote O Systematisch, praktijkgericht, Hoog; dit is het niveau waarop deze
ingebouwd in en samen met de vorm van actieonderzoek vooral is
praktijk. gericht.
Grote O Academisch, diepgaand, specialistisch, Kan brede en langdurig geldige kennis
langdurig en op grotere afstand van opleveren, maar vaak minder directe
dagelijkse praktijk. toepasbaarheid.
Actieonderzoek kan ook op grote-O-niveau plaatsvinden wanneer expliciet nieuwe theorie voor een breed
wetenschappelijk publiek wordt ontwikkeld en gedeeld.
Kan actieonderzoek wetenschappelijk zijn?
• Binnen een positivistische wetenschapsopvatting, waarin objectiviteit en feiten centraal staan, wordt
actieonderzoek soms niet als wetenschappelijk beschouwd.
• Binnen een pragmatische opvatting kan actieonderzoek wetenschappelijk zijn wanneer het systematisch,
methodisch verantwoord en gericht op nieuwe kennis is.
• Voor wetenschappelijk actieonderzoek op grote-O-niveau moet kennis relevant zijn voor een breder publiek en
wetenschappelijk worden gedeeld.
Dilemmavisie van McGrath
Elke onderzoeksstrategie vraagt een afweging tussen drie kwaliteiten die niet alle drie tegelijk maximaal kunnen
worden geoptimaliseerd:
• Generaliseerbaarheid: in hoeverre gelden uitkomsten ook in andere vergelijkbare situaties?
• Controleerbaarheid: in hoeverre kunnen omstandigheden en metingen worden beheerst?
• Realiteitsgehalte: in hoeverre lijkt de onderzoekssituatie op de daadwerkelijke praktijk?
Pagina 3
, Actieonderzoek doen
• Actieonderzoek kiest vooral voor hoog realiteitsgehalte en praktische bruikbaarheid, met als keerzijde
beperktere controleerbaarheid en generaliseerbaarheid.
Binnen McGraths ordening worden onder andere laboratoriumexperimenten, evaluatiestudies, enquêtes,
simulatie-experimenten, formele theorie, computersimulaties, veldexperimenten en veldstudies onderscheiden.
Actieonderzoek wordt bij veldexperimenten geplaatst: de praktijk wordt bewust beïnvloed om te leren wat werkt.
Vergelijking met andere onderzoeksstrategieën
Naturalistic Inquiry
• Onderzoekt een vraagstuk in zijn natuurlijke omgeving en gebruikt meerdere bronnen en methoden.
• Probeert de natuurlijke situatie zo weinig mogelijk te verstoren.
• Doel is vooral begrijpen; actieonderzoek heeft daarnaast expliciet een veranderdoel.
• Theorievorming uit veldwerk kan de vorm van Grounded Theory aannemen.
Casestudy
• Gedetailleerde studie van één persoon, organisatie of situatie met meerdere bronnen en methoden.
• Een casestudy heeft niet noodzakelijk een veranderdoel; actieonderzoek wel.
Ontwerpend onderzoek
• Klassiek ontwerpgericht onderzoek: ontwerpen maken en door gebruikers laten testen – research for design.
• Ontwerpend onderzoek: samen met stakeholders prototypes ontwerpen en het ontwerpen zelf als onderzoek
inzetten – research through design.
• Ontwerpend onderzoek legt sterker nadruk op het verbeelden en maken van mogelijke oplossingen; het kan
onderdeel zijn van actieonderzoek.
• Systemisch co-design combineert systeemdenken, cocreatie en samenwerking met stakeholders.
Systems Thinking en Design Thinking
• Systems Thinking focust op het hele systeem, onderlinge dynamiek, ongewenste neveneffecten en welzijn.
• Traditioneel Design Thinking focust sterker op gebruikers, concrete problemen en prototypes die
gebruiksgenoegen en bruikbaarheid verhogen.
• Beide zijn doordacht, cyclisch en innovatief en betrekken stakeholders iteratief.
Adviesproject
• Kan net als actieonderzoek kwalitatieve en kwantitatieve methoden gebruiken en verandering ondersteunen.
• Actieonderzoek gaat verder door kennis en ervaring systematisch te ontwikkelen, theoretisch te verbinden en
breder te delen.
Continu verbeteren / Lean Six Sigma
• DMAIC: Define, Measure, Analyze, Improve, Control.
• Lean Six Sigma richt zich op controleerbare processen, feiten, statistiek, verspilling en het zoeken naar een
beste oplossing.
• Het past vooral bij eenvoudige en gecompliceerde vraagstukken; actieonderzoek vooral bij complexe
vraagstukken waarin menselijke beleving en belangen mede de uitkomst bepalen.
Rol van theorie: theoretiseren
Actieonderzoek begint meestal niet met één vast conceptueel model. De praktijk wordt eerst verkend; gaandeweg
wordt relevante vakkennis gezocht, een model gekozen of aangepast, of een nieuw model ontwikkeld. Dit
voortdurende heen en weer bewegen tussen praktijk en theorie heet theoretiseren.
• Keuzes, veronderstellingen en veranderingen in theoretische richting worden vastgelegd, bijvoorbeeld in een
logboek.
• Pragmatisme betekent een verschuiving van belief mode naar design mode: niet alleen bewijzen wat al wordt
gedacht, maar al onderzoekend ontwerpen en vooruitkijken.
Pagina 4