per paragraaf
Open Universiteit — cursus Rechtsgeschiedenis
2026
, Hoofdstuk 1 — Wetgeving uit de periode vóór de Twaalftafelenwet
1 Codex Hammurabi
De wetgeving van koning Hammurabi van Babylon (ca. 1792–1750 v.Chr., stèle ca. 1780 v.Chr., ontdekt in
1901) ontleent haar gezag aan de goden (preambule). Vorm: casuïstisch (situatie + rechtsgevolg),
straf/proces/privaatrecht nog ongescheiden; bevat geen veehouderijregels (mogelijk omdat
gewoonterecht al bekend was). Een rechter die zijn vonnis herziet, krijgt een fikse boete én een
levenslang beroepsverbod (art. 5). Contracten op kleitabletten (dubbele envelop) tonen vroeg
bewijsrecht: 'zonder tablet geen proces'.
2 Athene
Inleidend overzicht van de Atheense rechtsontwikkeling als tweede vroege voorbeeld naast Babylon, met
de nadruk op de overgang van willekeur naar geschreven, voor iedereen kenbaar recht.
3 Athene: Draco
Draco (rond 624/621 v.Chr.) is de eerste Atheense wetgever; wetten op houten borden, zeer zware (vaak
dodelijke) straffen — 'draconisch'. Belangrijk: onderscheid tussen moord (familiezaak/bloedwraak) en
doodslag (voorgelegd aan de ephetai-rechtbank, met aandacht voor opzet) — vroege kiem van het
onderscheid opzet/onopzet.
4 Athene: Solon
Solon (594/593 v.Chr.) lost de acute schuldslavernij-crisis op (seisachtheia: schuldkwijtschelding,
afschaffing schuldslavernij) en maakt bezit i.p.v. afkomst bepalend voor politieke ambten. Laat wetten
(behalve Draco's moord/doodslag-regels) op schrift stellen op draaibare houten borden, uit oogpunt van
rechtszekerheid en rechtsgelijkheid. Staat krijgt vervolgingsmonopolie i.p.v. de familie. Hield wetten
bewust vaag, zodat de jury (het volk) de uitleg in handen kreeg.
5 De jury in Athene
Jury (dikastai) oordeelt over feiten én rechtsuitleg. Loting via de kleroterion uit 6000 burgers (groepen
van 201 tot 6000) maakte omkoping vrijwel onmogelijk. Geen hoger beroep, geheime stemming met
jetons. Jury-eed: oordelen naar de wet, en bij ontbreken daarvan naar eigen beste oordeel (to dikaion) —
wet primair, billijkheid als vangnet.
Hoofdstuk 2 — De totstandkoming van de Twaalftafelenwet
1 Periodisering van het Romeins recht
Politiek: Koninkrijk (ca. 753–509 v.Chr.) → Republiek (ca. 509–27 v.Chr.) → Keizerrijk (Principaat 27
v.Chr.–284, Dominaat 284–395) → West-/Oost-Romeins Rijk (vanaf 395). Rechtshistorisch: archaïsch →
voorklassiek (201–27 v.Chr.) → klassiek (tot 235) → naklassiek → Byzantijns (vanaf Justinianus). Dit kader
plaats je de rest van de cursus in.
2 Rome: van koning naar consul
Legendarische stichting door Romulus (753 v.Chr.); koningschap eindigt met verdrijving van Tarquinius
Superbus (510/509 v.Chr.). Consulaat: twee consuls, ambtstermijn van 1 jaar i.p.v. levenslang
koningschap — kern van het idee dat ook de hoogste macht aan regels gebonden is.
3 Ius, fas en lex
Ius = wereldlijk recht, fas = religieus/goddelijk recht (Isidorus van Sevilla), lex = door de volksvergadering
aanvaard en door de senaat bekrachtigd voorstel van een magistraat. Bij conflict tussen een lex en het
edict van een magistraat gaat de lex voor.
4 Lucretia en de overgang van koning naar consul