Gewaarwording vs waarneming
Gewaarwording: stimulatie vertalen naar neurale signalen (sensation)
Waarneming: interpreteren en begrijpen van de gewaarwording (perception)
Vijf traditionele zintuigen: zicht, gehoor, reuk, smaak, tast
Ward geeft aan dat er 10 zintuigen zijn: criterium: een zintuig heeft een eigen reeks van
receptoren waarvan de prikkels in een apart deel van de hersenen worden verwerkt.
5 zintuigen van ward: pijngewaarwording, temperatuurgewaarwording,
evenwichtsgevoel (vestibulair zintuig), kinesthesie (positie en beweging van gewrichten
en spieren) en interoceptie (interne sensaties zoals: honger, hartslag en blaas).
Gezichtsvermogen / zicht
Licht = vorm van elektromagnetische straling, wit licht bestaat uit alle kleuren van de
regenboog
Zichtbaar licht is tussen de 400 en 700 nm
Lichtintensiteit: aantal fotonen (energiepakketjes) die per tijdseenheid een oppervlakte
bereiken. Hoe sterker de lichtbron, hoe meer fotonen.
Het oog: het beeld moet uiteindelijk scher op netvlies vallen
1. Hoornvlies (cornae):
2. Kamervocht
3. Pupil (hieromhgeen iris: spier voor lichtregeling)
4. Lens (hieromheen ciliaire spier voor accommodatie /dichtbij veraf)
5. Glasachtig lichaam
6. Netvlies (retina)
7. Fovea (
Van oog naar occipitale lob
Oogzenuw: nasale gedeelte van biede ogen kruist, temporaal blijft aan zelfde kant
Bijziend (myopie): lens te bol, oog te lang, brandpunt te dichtbij. Bij jonge kinderen die
veel op telefoon kijken en niet buiten komen kan oog langer worden op den duur. (-
glazen)
,Verziend (hypermetropie): lens te plat/oog te kort, brandpunt te ver
(+glazen)
Presbyopie: binnenste van lens verhaed, lens niet vol genoeg (leesbril vanaf –40 jaar,
niet te voorkomen)
Astigmatisme: cornea niet geheel bolvormig
Oog laseren: cornea platter of boller maken
Staar: vertroebeling lens (ouderdom, suiker)
Macula degeneratie: focus is zwart en vervormt (rokers)
Glaucoom: perifeer zicht wordt minder (uitval m-cellen tgv druk in oog)
Kleurperceptoie
- Drie soorten kegeletjes
- Blauw: kort
- Groend: midden
- Rood: lang
Bij wit licht (alle golflengtes) vuren, alle drie de kegeltjes
Young helmholtz 1802: tri chromatische theorie: alle kleuren komen tot stand door
menging van drie primaire kleuren rgb in verschillende intensiteit.
Additieve kleurmening bij licht: meer en meer golflengtes bereiken de retina als meer
kleuren licht worden samengevoegd.
Subtractieve kleurmening bij verf: steeds minder golflengtes bereiken de retina omdat
steeds meer wordt geabsorbeerd.
- Opponente-processen theorie (hering):
De signalen uit de 3 typen kegeltjes worden op gun weg naar de hersenen, in de retina,
ge-hercodeerd in kanalen met opponente processen (rood-groen proces, geel-blauw
proces, wit-zwart proces)
Opponente-processen theorie vindt een verklaring voor kleur-nabeelden + uitputting
van deel van proces.
Kleuren deficiëntie (kleurenblind): Een of meerdere aspecten van kleurenperceptie
deficiënt. Meestal rood-groen kleuren deficiëntie
,Kleurenblindheid wordt echter vaak niet opgemerkt omdat:
- Wel andere kleuren worden gezien (behalve albino's)
- Lichtheid een cue kan zijn voor kleur (denk aan zwart-wit tv)
- Naam voor de niet0pwaargenomen kleur wel correct kan zijn.
Gehoor
Geluid bestaat uit ritmische compressie van luchtmoleculen die zich voortplant als een
golf.
Amplitude (dB)= verschil tussen hoogste en laagste drukniveau (toonsterkte)
Frequentie (Hz) = aantal cycli per sec (toonhoogte)
Timbre = aantal verschillende componenten
Mens is het gevoeligste voor geluiden tussen de 1000 en 4000 hz, komt door spraak
Het oor:
Buitenoor: Oorschelp, gehoorgang, trommelvlies
Middenoor: hamer (malleus), Aambeeld (incus), stijgbeugel (stapes)
Binnenoor: ovale venster, slakkenhuis (coclea)
In slakkenhuis: vloeistof + basilair membraan met haarcellen
Toonsterkte: bij hogere amplitude wordt trommelvlies meer doorgebogen, grotere
verschuiving van vloeistof, meer haarcellen aan vuren en deze gaan vaker vuren.
Toomhoogte: twee principes,
1. Plaats-principe (bij hoge tonen): plaats van maximale beweging is maat voor
frequentie (hoe lager de frequentie, hoe verder op membraan de maximale
beweging) + tonotope organisatie
2. Frequentie-principe (bij lage tonen): snelheid van vuren is maat voor frequentie
(300x vuren = 300 Hz, maar bij meet dan 1000 Hz: salvoprincipe)
Geluidslokalisatie: in het horizontale vlak kun je geluid tot op 1-2 graden nauwkeurig
lokaliseren.
, 2 cues voor het horizontale vlakL interaural level difference (ild) en interaural time
difference (itd)
Ild werkt alleen voor hoge tonen omdat die een geluidsschaduw hebben
ITD is niet afhankelijk van frequentie geluid, maar vooral van belang voor lokaliseren van
lage geluiden. De maximale ITD is .6 milliseconde (duizendste van sec). De JND ligt rond
20 microsec (20 miljoenste van seconde)
Volgens he tmodel van Jeffress zitten er in de hersenstam (olijfkernen)
gespecualuseerde neuronen die verschillende ITD's (locaties) detecteren
Gehoorverlies:
Tijdelijke drempelverschuiving: na hard geluid kun je zacht geluid niet waarnemen
Tinnitus: oorsuizen: oorzaak ligt wsl bij de haarcellen
Sensor neurale doofheid: schade aan middenoor/haarcellen. Hoge frequenties verlies
je als eerste.
Conductiedoofheid: gehoorbeentjes stugger (ouderdom, te verhelpen met hoortoestel).
Cochleair implantaat: microfoon op buitenoor zet geluidsgolven om in elektrische
signalen. Elektrode gaat door het slakkenhuis naar gehoorzenuw. Spraak kan redelijk
goed te verstaan zijn, maar pitch en melodie gaat verloren.
Reuk
Reukepitheel: slijmerig membraan hoog in neusholte met verschillende receptoren
voor verschillende moleculen.
Bij mens een zintuig met relatief weinig receptoren: 10 miljoen per neusgat (hond heeft
1 miljard)
Mens slecht in detecteren en identificeren van geuren (enkel aangenaam/
onaangenaam: deels aangeleerd)
Maar: Vrouwen beter dan mannen, jong volwassenen beter dan kinderen, ochtend
beter dan avond
Geurverlies (anosmie: tgv covid, vroeg teken van Parkinson en Alzheimer). Eten smaakt
niet meer.
Kakosmie: constant waarnemen vieze geur.
Gewaarwording: stimulatie vertalen naar neurale signalen (sensation)
Waarneming: interpreteren en begrijpen van de gewaarwording (perception)
Vijf traditionele zintuigen: zicht, gehoor, reuk, smaak, tast
Ward geeft aan dat er 10 zintuigen zijn: criterium: een zintuig heeft een eigen reeks van
receptoren waarvan de prikkels in een apart deel van de hersenen worden verwerkt.
5 zintuigen van ward: pijngewaarwording, temperatuurgewaarwording,
evenwichtsgevoel (vestibulair zintuig), kinesthesie (positie en beweging van gewrichten
en spieren) en interoceptie (interne sensaties zoals: honger, hartslag en blaas).
Gezichtsvermogen / zicht
Licht = vorm van elektromagnetische straling, wit licht bestaat uit alle kleuren van de
regenboog
Zichtbaar licht is tussen de 400 en 700 nm
Lichtintensiteit: aantal fotonen (energiepakketjes) die per tijdseenheid een oppervlakte
bereiken. Hoe sterker de lichtbron, hoe meer fotonen.
Het oog: het beeld moet uiteindelijk scher op netvlies vallen
1. Hoornvlies (cornae):
2. Kamervocht
3. Pupil (hieromhgeen iris: spier voor lichtregeling)
4. Lens (hieromheen ciliaire spier voor accommodatie /dichtbij veraf)
5. Glasachtig lichaam
6. Netvlies (retina)
7. Fovea (
Van oog naar occipitale lob
Oogzenuw: nasale gedeelte van biede ogen kruist, temporaal blijft aan zelfde kant
Bijziend (myopie): lens te bol, oog te lang, brandpunt te dichtbij. Bij jonge kinderen die
veel op telefoon kijken en niet buiten komen kan oog langer worden op den duur. (-
glazen)
,Verziend (hypermetropie): lens te plat/oog te kort, brandpunt te ver
(+glazen)
Presbyopie: binnenste van lens verhaed, lens niet vol genoeg (leesbril vanaf –40 jaar,
niet te voorkomen)
Astigmatisme: cornea niet geheel bolvormig
Oog laseren: cornea platter of boller maken
Staar: vertroebeling lens (ouderdom, suiker)
Macula degeneratie: focus is zwart en vervormt (rokers)
Glaucoom: perifeer zicht wordt minder (uitval m-cellen tgv druk in oog)
Kleurperceptoie
- Drie soorten kegeletjes
- Blauw: kort
- Groend: midden
- Rood: lang
Bij wit licht (alle golflengtes) vuren, alle drie de kegeltjes
Young helmholtz 1802: tri chromatische theorie: alle kleuren komen tot stand door
menging van drie primaire kleuren rgb in verschillende intensiteit.
Additieve kleurmening bij licht: meer en meer golflengtes bereiken de retina als meer
kleuren licht worden samengevoegd.
Subtractieve kleurmening bij verf: steeds minder golflengtes bereiken de retina omdat
steeds meer wordt geabsorbeerd.
- Opponente-processen theorie (hering):
De signalen uit de 3 typen kegeltjes worden op gun weg naar de hersenen, in de retina,
ge-hercodeerd in kanalen met opponente processen (rood-groen proces, geel-blauw
proces, wit-zwart proces)
Opponente-processen theorie vindt een verklaring voor kleur-nabeelden + uitputting
van deel van proces.
Kleuren deficiëntie (kleurenblind): Een of meerdere aspecten van kleurenperceptie
deficiënt. Meestal rood-groen kleuren deficiëntie
,Kleurenblindheid wordt echter vaak niet opgemerkt omdat:
- Wel andere kleuren worden gezien (behalve albino's)
- Lichtheid een cue kan zijn voor kleur (denk aan zwart-wit tv)
- Naam voor de niet0pwaargenomen kleur wel correct kan zijn.
Gehoor
Geluid bestaat uit ritmische compressie van luchtmoleculen die zich voortplant als een
golf.
Amplitude (dB)= verschil tussen hoogste en laagste drukniveau (toonsterkte)
Frequentie (Hz) = aantal cycli per sec (toonhoogte)
Timbre = aantal verschillende componenten
Mens is het gevoeligste voor geluiden tussen de 1000 en 4000 hz, komt door spraak
Het oor:
Buitenoor: Oorschelp, gehoorgang, trommelvlies
Middenoor: hamer (malleus), Aambeeld (incus), stijgbeugel (stapes)
Binnenoor: ovale venster, slakkenhuis (coclea)
In slakkenhuis: vloeistof + basilair membraan met haarcellen
Toonsterkte: bij hogere amplitude wordt trommelvlies meer doorgebogen, grotere
verschuiving van vloeistof, meer haarcellen aan vuren en deze gaan vaker vuren.
Toomhoogte: twee principes,
1. Plaats-principe (bij hoge tonen): plaats van maximale beweging is maat voor
frequentie (hoe lager de frequentie, hoe verder op membraan de maximale
beweging) + tonotope organisatie
2. Frequentie-principe (bij lage tonen): snelheid van vuren is maat voor frequentie
(300x vuren = 300 Hz, maar bij meet dan 1000 Hz: salvoprincipe)
Geluidslokalisatie: in het horizontale vlak kun je geluid tot op 1-2 graden nauwkeurig
lokaliseren.
, 2 cues voor het horizontale vlakL interaural level difference (ild) en interaural time
difference (itd)
Ild werkt alleen voor hoge tonen omdat die een geluidsschaduw hebben
ITD is niet afhankelijk van frequentie geluid, maar vooral van belang voor lokaliseren van
lage geluiden. De maximale ITD is .6 milliseconde (duizendste van sec). De JND ligt rond
20 microsec (20 miljoenste van seconde)
Volgens he tmodel van Jeffress zitten er in de hersenstam (olijfkernen)
gespecualuseerde neuronen die verschillende ITD's (locaties) detecteren
Gehoorverlies:
Tijdelijke drempelverschuiving: na hard geluid kun je zacht geluid niet waarnemen
Tinnitus: oorsuizen: oorzaak ligt wsl bij de haarcellen
Sensor neurale doofheid: schade aan middenoor/haarcellen. Hoge frequenties verlies
je als eerste.
Conductiedoofheid: gehoorbeentjes stugger (ouderdom, te verhelpen met hoortoestel).
Cochleair implantaat: microfoon op buitenoor zet geluidsgolven om in elektrische
signalen. Elektrode gaat door het slakkenhuis naar gehoorzenuw. Spraak kan redelijk
goed te verstaan zijn, maar pitch en melodie gaat verloren.
Reuk
Reukepitheel: slijmerig membraan hoog in neusholte met verschillende receptoren
voor verschillende moleculen.
Bij mens een zintuig met relatief weinig receptoren: 10 miljoen per neusgat (hond heeft
1 miljard)
Mens slecht in detecteren en identificeren van geuren (enkel aangenaam/
onaangenaam: deels aangeleerd)
Maar: Vrouwen beter dan mannen, jong volwassenen beter dan kinderen, ochtend
beter dan avond
Geurverlies (anosmie: tgv covid, vroeg teken van Parkinson en Alzheimer). Eten smaakt
niet meer.
Kakosmie: constant waarnemen vieze geur.