• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 10 van de 130 pagina's
College aantekeningen

Criminologische Psychologie (GESLAAGD) | KU Leuven | 2026/2027

Document preview thumbnail
Voorbeeld 10 van de 130 pagina's

Document bevat volledige vak criminologische psychologie van Studie Criminologie aan de KULeuven. Het bevat de powerpoint als basis, met alle aantekeningen van de les en belangrijke toevoegingen van de cursus.

Voorbeeld van de inhoud

DEEL I. EEN INLEIDING IN DE CRIMINOLOGISCHE PSYCHOLOGIE
1. EEN SCHETS VAN DE CRIMINOLOGISCHE PSYCHOLOGIE
READER tekst ‘wat is criminologische psychologie’: psychologie in recht kennen, niveaus niet in details (niveau naar criminaliteit gekeken kennen), verschillen
criminologische psychologie met ontstaan kennen, psychoanalyse en Freud niet kennen, leerpsychologie niet kennen

Psychologie: als één van de mogelijke invalshoeken om crimineel gedrag te bestuderen en te verklaren
Criminologische psychologie = een subdiscipline van de psychologie die zich richt op delinquent en antisociaal gedrag
• Onderzoekt de oorzaken van criminaliteit op groepsniveau door delinquenten en niet-delinquenten te vergelijken

1.1. VERSCHILLENDE VORMEN VAN BINNEN DE CRIMINOLOGIE TOEGEPASTE
PSYCHOLOGIE

Psychologie en recht kunnen worden onderverdeeld in 3 domeinen:
verwarring, want lijken op elkaar maar zijn toch verschillend:
 Forensische psychologie
 Rechtspsychologie
 Investigative psychology
 Police psychology
 Correctional psychology
 Criminologische psychologie (criminal/ criminological psychology)
Grootse disciplines:
 Forensische psychologie:
= Toepassing van psychologische kennis in juridische contexten, zoals daderprofilering en psychologische expertises
- Individueel niveau (individuele casussen)
- Experts geven advies over schade, toerekeningsvatbaarheid, aanwezigheid stoornissen bij slachtoffers
- Focust niet zo zeer op dader, maar vooral op slachtoffers en individuele situaties
o Bv. slachtoffer legt verklaring af en weten niet hoever die last heeft van bepaald iets in psychologie
- Forensische psychologie vaak gezien als synoniem voor criminologische psychologie en rechtspsychologie,
maar is niet zo!
o Want forensische psychologie is ander woord voor gerechtelijk  alles van psychologie dat met recht
heeft te maken
- Sluit het meeste aan van hoe het in de praktijk is
 Rechtspsychologie:
= Onderzoekt psychologische processen bij niet-daders zoals getuigen, rechters en slachtoffers
- Justitiële autoriteiten, advocatuur, getuigen
- Heeft brede focus: beperkt niet tot 1 doelgroep, niet alleen daders, verdachten, slachtoffers maar veel breder
o Ondervraging, besluitvorming, waarneming, getuigen, slachtoffers in juridische procedure (dader is
beperkte mate, leugendetector)
- Niet beperkt tot strafrecht (fp en cp wel): bv. wat de impact is van de leeftijd van een jong kind in een
bepaalde procedure, wat is verklaring van asielzoekers, beslissingen op burgerlijk vlak (bv. huurgeschillen)
 Criminologisch psychologie:
= Richt zich op verklaringen van criminaliteit en verschillen tussen delinquenten en niet-delinquenten
- Vooral focus op alleen daders en verdachten
- Bestudeert delinquent gedrag (antisociaal gedrag, deviantie)
- Zoekt verklaringen op geaggregeerd niveau (groepen delinquenten)
- Vergelijkt delinquenten met niet-delinquenten om psychologische verschillen te vinden

1

,Overlapping bij disciplines:
• A: rechtspsychologie, forensische psychologie en criminologische psychologie
- Onderzoek naar daders en verdachten van criminele feiten
o 2 termen, namelijk daders en verdachten: niet altijd duidelijk dat iemand effectief de dader is
o Dader: we weten zeker dat hij feit heeft gepleegd  focus criminologische psychologie
o Verdachte: we vermoeden dat persoon dit heeft gedaan, nog niet bewezen, wordt verder onderzocht
 verdachten komen ook in contact met politie en justitie
- Strafrechtelijke zaken en context
• B: rechtspsychologie en forensische psychologie
- Focussen niet alleen op daders en verdachten (criminologische psychologie wel)

- Focussen zich ook op slachtoffers  niet focus criminologische psychologie
- Psychologie in juridische context toepassen, maar in individueel niveau
o Bv. is er sprake van trauma bij het slachtoffer? Is de dader toerekeningsvatbaar voor zijn daden? (FP)
- Buiten strafrechtelijke contact (FP en RP)
o Bv. verkeerongeval, psychologische schade betalen, nagaan of dat dit moet gebeuren (FP)
• C: Rechtspsychologie en criminologische psychologie
- Groepsniveau
o Kijken naar verklaringen voor criminaliteit, data zoeken van zoveel mogelijk plegen van bepaalde
feiten
o Vergelijken met een groep niet-plegers, kijken wat het onderscheid is op groepsniveau (CP)
- Geen individuele rechtszaak, maar naar grote groepen van mensen te onderscheiden

- Welke factoren op groepsniveau hebben invloed op waarneming en besluitvorming
o Bv. advies geven, verhoren bestuderen (RP)
• D: police psychology en rechtspsychologie
- Focus op politionele autoriteiten

- Police psychology: alles wat te maken heeft met hoe politie werkt, maar meer aan wat moeten mensen
voldoen om politieambtenaar te worden
o HR-beleid bij politie, aanmerkingsbeleid binnen politie
- Bv. wat zijn goede verhoortechnieken? (RP)
• Investigative psychology:
- Alles wat te maken heeft met daderprofilering
o Kijken of we obv plaats delict kunnen uitvinden wie het delict heeft gepleegd = profiling
o Doel: op basis van delictkenmerken uitspraken doen over individuele daders
o Niet gericht op verklaring of voorspelling van criminaliteit, maar op opsporing
- Wordt vaak als apart domein beschouwd

- Hangt tussen Criminologische psycholie en rechtspsychologie: Ontleent inzichten waarom mensen misdrijven
plegen, om profiel op te stelen en zo politioneel onderzoek op te starten
o Focus op plegers, maar ook toepassing politie en justitie
• Correctional psychology:
- Toegepast in correctionele inrichten zoals gevangenissen of psychiatrische instellingen, detentiehuizen om
inschat te maken heb je algemene kennis nodig
o Toepassing op gevangeniswezen, gevangenisregime oprichten zodat mensen beter naar buiten gaan
- Waarom anderen misdrijf plegen, de beslissing maken en inschatting van risico’s
- Hangt tussen forensische psychologie en criminologisch psychologie: Recidive inschatting voor dat ze
opnieuw over de streep zouden gaan, de individuele inschatting


2

,1.2. WAT IS CRIMINOLOGISCHE PSYCHOLOGIE?

• Geen haarscherp afgelijnde discipline
• Raakvlakken en overlap met aanverwante disciplines
• Geen eenduidigheid, maar wel enkele gemene delers
- Focus op plegers en verdachten van crimineel gedrag
- Verklaringen voor het plegen van crimineel gedrag

- Hoe plegers en verdachten moeten worden omgegaan in strafrechtspleging

Verklaringen: waarom nemen ze de beslissing om crimineel gedrag te stellen
Wat kunnen we doen om mensen terug op juiste pad te krijgen: juiste behandeling
Vragen die centraal gaan staan:
 Welke factoren dragen bij tot crimineel gedrag

- Biologische, omgeving, verklaringen…

 Hoe kunnen we crimineel gedrag verminderen
 Waarom zijn er verschillen tussen mensen/periodes/ plaatsen/… op vlak van crimineel gedrag?

- Culturele verschillen?

Psycholoog McGuire (2004) verdeelt criminologische analyse in 5 niveaus:
1) Maatschappelijk niveau: Criminaliteit als sociaal fenomeen (conflicttheorie, spanningstheorie)
2) Gemeenschapsniveau: Criminaliteit verschilt per gebied (sociale desorganisatie, omgevingsfactoren)
3) Groepsniveau: Invloed van gezin, school en peergroep (differentiële associatie, subcultuurtheorie)
4) Delictniveau: Bestudeert patronen en kenmerken van delicten (routineactiviteitentheorie)
5) Individueel niveau: Bestudeert psychologische en biologische kenmerken van daders (impulsiviteit,
persoonlijkheidskenmerken)

1.3. DE ONTWIKKELING VAN DE CRIMINOLOGISCHE PSYCHOLOGIE

Belangrijkste grondleggers:
• Psychologie toegepast op het recht: heeft vooral Duitse roots
• Verwarring dat het uit de VS komt, maar is niet zo (zie grondleggers waarom)
Cesare Lombroso:
 Psychologische invalshoek van criminologie
 Gericht op uiterlijk van mensen
Raffaele Garofalo
 Geïnspireerd door het werk van Lombroso
 Echte misdadigers, zijn mensen die gebrek hebben aan emoties en gevoelens
 Die mensen zijn zo geboren, heeft dus weinig zin om het te straffen
- Wel sancties zoals schadevergoeding geven aan slachtoffers
 Kan fysiologische oorzaak hebben, maar obv onderzoek van Lombroso kunnen we dit niet hard maken
- Garofalo laat het in het midden waarom mensen zo worden geboren zonder gevoelens
- Hij zegt dat er wel een invloed zal zijn van sociale factoren, maar de ‘core’ van die gebrekkige emoties zal je
niet kunnen wegnemen




3

,William Stern:
 Duitser
 Eerder rechtspsycholoog, dan criminologische psycholoog
 In 1933 verhuist naar VS, gevlucht na Jodenvervolging
 Bekend voor onderzoek en discipline die vooral rechtspsychologisch is (niet zo criminologisch psychologie)
 Onderzoek naar impact van geheugen, meer specifiek van ooggetuigen: experimenten in collegezaal met zijn studenten
- Persoon beschrijven die zijn tas heeft gestolen: komen verschillende verklaringen vanuit de aula, ook al
hebben ze allemaal hetzelfde gezien
 Deed aan ‘mock crimes’ = in scene gezette misdrijven
- Onderzoek doen naar echte feiten in een veilige, ethische context
 Nam gegevens van psychologie mee in rechtbank en paste die in praktijk toe
- Toonde feilbaarheid van het brein aan binnen juridisch kader: 1 van de eerste vormen van psychologie binnen
juridische kader
- Impact in rechtbank: moest zijn kennis voor de rechter brengen over verklaringen van dossier
Hugo Münsterberg:
 Duitser
 Woonde in VS
 Zogezegd ‘founding father’ MAAR deed zich voor als grondlegger
- Schreef boeken en gebruikte anderen hun werken zonder te refereren (zoals Stern)
- Niet constructief over wat er in praktijk gebeurd
- Zegt dat juristen slecht werk afleggen, en moeten luisteren naar psychologen
 Weerstand vanuit praktijk om iets met zijn standpunten te doen  te kritisch
 Periode van ‘psychology against the law’ (psychologie tegen de wet) ipv samen te werken: moeilijke periode om
psychologie te interneren in het recht
 Zijn naam zou niet de grote naam moeten zijn, maar Stern
Hans Gross:
 Duitser, niet naar VS getrokken
 Boek ‘Kriminale psychologie’
 In Europa als grondlegger criminologische psychologie beschouwt
 Bredere toepassing van psychologie binnen het strafrecht
 Gaat uit van de psychologie met hoe mensen beslissingen moeten nemen in de criminologie: psychologie toepassen op
alle actoren (bv: beslissingen rechter, waarom bepaalde mensen beslissen criminaliteit te plegen)
- Aandacht voor alle oorzaken
 2 leerlingen die daar verder op hebben gebouwd: Hilde Kaufmann en Erich Wulffen
- Helemaal pad van criminologische psychologie verder gegaan
- Effectief onderzoek naar psychologische verklaringen en oorzaken van crimineel gedrag
- Onderzoek naar de besluitvorming van de rechter
Gustav Aschaffenburg:
 Duitse psychiater




4

,  Vooral gefocust op psychologie van misdadigers, wat zijn oorzaken dat zij in criminaliteit terechtkomen (wat gebeurd er
in hoofd van misdadigers)
 Focus op ‘waarom’
Grondleggers criminologische psychologie in Leuven  De Leuvense traditie:
Louis Braffort:
 DE grondlegger Leuvense school voor criminologie
 Oprichter Leuvense school voor criminologie in 1929
 Eerste voorzichter van Leuvense school
 Was zelf geen psycholoog of psychiater, maar een jurist
 Zorgde dat psychologie een volwaardige plaats kreeg in criminologie in Leuven
 In WO II vervolgd door krijgsraad omdat hij mensen in België bijstond, hij kreeg de raad om onder te duiken want was
niet meer veilig voor hem, maar heeft altijd geweigerd, is uiteindelijk opgepakt en heeft nekschoten gekregen
Etienne Degreeff:
 Nieuwe voorzitter na dat Braffort stierf, hadden ook tijdje samen gewerkt
 Beter in domein criminologische psychologie: bestudeerde geneeskunde, heeft stage gelopen in criminologische
psychologie en werkte in psychiatrie
 Deed onderzoek naar ontwikkelingspsychologie en onderzocht waarom mensen passionele moorden pleegden
 Criminogénèse: in kaart brengen hoe iemand tot een gegeven moment tot een misdrijf komt, dus uren en hoe persoon
tijd voor misdrijf heeft beleeft om zo het in kaart te brengen waarom persoon misdrijf pleegt + wat er ook na het
misdrijf gebeurd
 Fenomenologische benadering
René Dellaert:
 Heeft het overgenomen van Degreeff, hebben school tijdje samen geleid
 Psychiater, arts en opvoedkundige
 Waarom zoveel geneeskundigen: criminologisch psychologie heeft klinische basis (bv. genetica, hersenstructuren) 
medische benadering om criminaliteit te verklaren
 Was werkzaam in Antwerps ziekenhuis en later ook in gevangenis, kon data gebruiken om onderzoek verder te zetten in
Leuven en er les over te geven
 Interdisciplinaire visie
- Meer disciplinair verklaren, minder medisch, maar ook kijken naar bredere persoonlijkheid en hoe mensen
reageren op bepaalde situaties: baseerde op dagelijkse ervaring in gevangenis
Steven De Batselier:
 Gaf eigen invulling, totaal andere insteek
 Voorrechter van kritische criminologie, was in jaren 70 opmars
 Klinische benadering is eenzijdig en stigmatiserend  aandacht hebben voor impact van omgeving
- Te stigmatiserend om mensen in hokjes te plaatsen, zegt dat iedereen wel in de criminologie kan komen: niet
beslissen over puur de persoon, maar ook kijken naar hoe maatschappij is (hoe mensen met elkaar ogaan) 
ook meer sociologische verklaring
 Psychopathologie van de normale mens
Johan Goethals:
 Antwoord ligt in midden, valt er vanuit genetica te verklaren
 Meer genuanceerde en geïntegreerde verklaringen zoeken
 Onderzocht recidieven, stopzetten van crimineel gedrag
- Kijken naar omgeving en kansen van mensen


5

,  Interesse in onveiligheidgevoelens
Geert Vervaeke:
 Eerder echtspsycholoog, dan criminologisch psycholoog
 Invloed besluitvorming, kwaliteit van getuigen…
 Hoe moeten we omgaan met mensen die feiten hebben gepleegd en welke interventies kunnen we doen
De bijdrage van de psychologie binnen criminologische benaderingen
 Klassieke benadering

- Delinquent als rationeel handelende persoon

- Ziet criminaliteit als een bewuste keuze gebaseerd op een kosten-batenanalyse

- De focus ligt niet op het waarom, maar op hoe de samenleving moet reageren

- Psychologie speelt een minimale rol, straf is het voornaamste antwoord.

- Deze uitgangspunten leven voort in o.a. afschrikkingstheorieën, rationele keuzetheorieën,
routineactiviteitentheorie
 Neopositivistische benadering (Nieuwe Richting)

- Bekritiseert de klassieke visie

- Menselijk gedrag is niet enkel gebaseerd op vrije wil, maar wordt mede gestuurd door interne en externe
factoren

- Delinquent als "zieke" of "afwijkende" beschouwd

- Crimineel gedrag wordt verklaard door biologische, psychologische en sociale factoren

- Psychologie draagt bij via o.a. psychodynamische theorieën, leertheorieën en cognitieve
ontwikkelingstheorieën
 Labeling & kritische criminologie

- Kritiek op neopositivistische benaderingen

o Als delinquentie een ziekte is, moet straf afhangen van de aandoening i.p.v. de ernst van het delict

- Minimale bijdrage van de psychologie

- Probleem ligt niet in het gedrag zelf, maar in de maatschappelijke reactie op dat gedrag

- Criminaliteit wordt gezien als gevolg van machtsverhoudingen

1.4. CRIMINALITEIT, AFWIJKEND GEDRAG EN DE STRAFBAARSTELLING ERVAN ALS
REFERENTIEKADER VOOR DE CRIMINOLOGISCHE PSYCHOLOGIE

Wat is crimineel gedrag? (vraag altijd stellen)
 Geen eenduidigheid:

- Verschillende redenen waarom mensen iets crimineels doen

- Algemene verklaringsmodellen, niet naar specifieke misdaadmodellen kijken

 Dynamisch en evolutief:

- Studieobject is ruimte- en tijdsgebonden

- Crimineel gedrag kan bij ons strafbaar zijn maar in een ander land als normaal gezien worden
o Moeilijk om resultaten over heel de wereld met elkaar te vergelijken



6

, - Iets wat nu strafbaar is was vroeger misschien oké
o Bv: vroeger man slaagt vrouw was normaler, nu strafbaar want is partnergeweld




 Mala in se vs. mala prohibita

- Mala in se = bekijken wat we inherent slecht vinden (moreel onaanvaardbaar)
- Mala prohibita = wat verboden, strafbaar is

 Op verschillende manier te benaderen
- Recht: het is strafbaar omdat het recht dat zegt
- Moreel: misschien niet strafbaar, maar moreel niet oké om te doen
- Sociaal: wordt bij vrienden misschien niet aanvaard
- Psychologisch: iemand met psychoses kan denken dat die zich moet verdedigen en pleegt zo een misdrijf
 Niet statisch, maar een sociaal construct afhankelijk van plaats en tijd
Uitleg soorten gedrag:
geen synoniemen
 Deviant gedrag = afwijkend gedrag

- Bv. cybercriminaliteit, homoseksualiteit: niet altijd strafbaar + evolueert

 Antisociaal gedrag = mensen die over de schreef gaan en schade aanrichten
 Crimineel gedrag = “intentionele handelingen die schade berokken en veroordeeld worden door de omgeving en/of
gestraft worden door de staat”

1.5. VERKLARINGSMODELLEN VOOR CRIMINALITEIT

 Van eenzijdige verklaringsmodellen…
 …naar geïntegreerde verklaringsmodellen voor crimineel gedrag

- Complex samenspel van factoren
- Biopsychosociaal verklaringsmodel voor criminaliteit

vanuit psychologisch perspectief gedrag gaan verklaren moet je dit biopsychosociaal doen




7

,8

,2. BIOPSYCHOSOCIALE VERKLARINGEN VOOR HET PLEGEN VAN CRIMINALITEIT

2.1. HET COMPLEXE SAMENSPEL TUSSEN BIOLOGISCHE, PSYCHOLOGISCHE EN
SOCIALE FACTOREN ALS VERKLARING VOOR CRIMINEEL GEDRAG

 Van eenzijdige verklaringsmodellen obv klassiek etiologisch onderzoek…
 …naar geïntegreerde verklaringsmodellen voor crimineel gedrag
- Biopsychosociaal verklaringsmodel
- Bv. Blackburn, Andrews & Bonta, Durrant, Hollin, Hewitt, (Eysenck)
- Aandacht voor het complex samenspel van factoren
o Je kan bepaalde aanleg hebben, maar sociale factoren bepalen in welke mate dit tot uiting komt
- Erkenning van de interactie (en overlap) tussen nature & nurture

2.2. BIOLOGISCHE FACTOREN
READER: titels zelfde, maar in tekst dingen niet aangehaald die uit ppt wel kennen

Bv: door genetica kunnen we minimum en maximum lengte bepalen  dingen in je leven kunnen lengte beïnvloeden en
beslissen of je minimum of maximum haalt (slechte voeding, blessures)
ook zo bij crimineel gedrag
2.2.1. DE AANDACHT VOOR BIOLOGISCHE VERKLARINGEN: UITGANGSPUNT
 Op zoek naar link tussen specifieke biologische kenmerken van plegers van crimineel gedrag
- Kunnen eventueel iets wegsnijden: iemand met 2 nieren is crimineler dan iemand met 1, dus doen we eentje weg
 Ultieme doel:
- Voorkomen, beperken en/of stoppen van crimineel gedrag
- Inzicht in (vaak medische) interventies
om aan te tonen
Geboren criminelen en appels en bomen
• Casus: Jeffrey Landrigan:
- Op jonge leeftijd in de steek gelaten door moeder. Heeft vader nooit gekend en is gestorven zonder de kans te
hebben om hem te ontmoeten. Vader zat in gevangenis voor moord. De vader is in gevangenis overleden al
wachtende op executie. Jeffrey wordt geadopteerd en krijgt nieuwe start. Heeft op jonge leeftijd woede
uitbarstingen, pleegt diefstallen en beland zelf in gevangenis van dubbele moord. Uiteindelijk blijkt dat zijn
grootvader net zoals zijn vader ook moordenaar was, het zat dus in de familie.
- Maar eigenlijk niet zo zwart-wit: de kort door de bocht dat er geboren misdadigers zijn
• Andere casus: tweeling hadden apart een moord gepleegd, maar beide met hetzelfde wapen
2.2.2. EEN LANGE, CONTROVERSIËLE TRADITIE MET AANDACHT VOOR BIOLOGISCHE
VERKLARINGEN
 Niet onomstreden: je kan niet zeggen ‘je bent hopeloos’ en wordt onmiddellijk uit de samenleving gezet
 Problemen met causaliteit en correlatie:

- Is niet dat 2 dingen samen voorkomen dat die 2 dingen elkaar hebben beïnvloedt: wordt vaak niet uit elkaar
gehaald
- Bv. causaal verband dat je niet hard kan maken (meer testosteron): ringvinger langer dan wijsvinger  meer
kans dat je crimineel feit blijft


9

,  Een testje – 2D:4D ratio: lengte van ringvinger tov wijsvinger  als wijsvinger korter is als ringvinger zou je link hebben
met crimineel gedrag




2.2.2.1. Fysiognomie
 Griekse roots: tijd van Aristoteles
Johann Caspar Lavater (±1775): bekendste grondlegger van de fysio(g)nomie
 Link tussen criminaliteit en gelaatskenmerken/persoonlijkheidseigenschappen
- Uiterlijk van mensen zegt iets over hun persoonlijkheid
- Vooral gelaatstrekken, bv. huidskleur, oogkleur, lengte van gezicht
2.2.2.2. Frenologie
Franz Joseph Gall (±1800)
 Hersenverzamelaar
 Grondlegger van frenologie
 Link tussen schedelvorm en persoonlijkheidseigenschappen
- Schedels en hersenen in kaart brengen en kijken wat voor persoonlijkheid mensen hebben
 Persoonlijk en emoties zitten in de hersnen
 Misbruik van gemaakt, maar is baanbrekend omdat men eerst dacht dat persoonlijkheid uit het hart kwam
- Belangrijke basis voor neurowetenschap
- Emoties zitten in hersenen, niet in hart
2.2.2.3. Atavisme
Lombroso (±1876):
• Atavisme & l’uomo deliquente (de geboren crimineel)
 Plegers van criminaliteit: primitiever evolutiestadium
- Aangeboren kenmerken linken met crimineel gedrag
- Mensen die als crimineel worden geboren (geen sociale invloeden), kan je dit ook zien in hoe mensen er uit
zien
- Evolutionair achtergesteld  moeite met sociale normen
 Herkenbare primitieve uiterlijke kenmerken (gelijkend op Neanderthalers)
- Die mensen zien er minder ontwikkeld uit, mensen waarvan je ziet dat ze afstammen van apen  crimineel
o Apenoren (flaporen)
o Asymmetrie in gezicht
o Langere armen
o Kromme neus
o Terugwijkende kin
• Probleem
- Heeft groepen niet vergeleken (voorgangers ook niet): niet gekeken of uiterlijke kenmerken ook echt
overeenkomen met criminele mensen
- Geen controlegroep, dus geen bewijs dat kenmerken uniek zijn voor criminelen
- Toch basis voor moderne daderprofilering




10

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
20 september 2026
Aantal pagina's
130
Geschreven in
2025/2026
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Mergaerts lore
Bevat
Alle colleges
€16,48

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
7
Volgers
0
Items
10
Laatst verkocht
2 weken geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen