Hoofdstuk 2
Sociology’s major theoretical perspectives
Een theoretisch perspectief is een basis inzicht van de samenleving dat
sociologen door onderzoek en analyses begeleidt. Theoretische
perspectieven zijn de meeste brede theorieën in sociologie, ze helpen ons
de sociale wereld en sociale problemen beter te begrijpen.
Theorieën zijn uitspraken of uitleg over hoe en waarom twee of meer
feiten gerelateerd zijn aan elkaar en de connecties tussen deze twee
feiten.
Symbolisch interactie theorie (sociale constructionisme/interpretatieve
theorie) zien mensen als actieve agenten die samen een gedeelde
betekenis van symbolen en gebeurtenissen creëren en dan handelen op
basis van die gedeelde betekenissen.
Tijdens het handelen maken we gebruik van symbolen, acties of objecten
dat iets anders representeren en daarvoor een losstaande betekenis
hebben naast hun eigen bestaan. Meer dan andere theorieën in de sociale
wetenschappen, het symbolisch interactionisme gaat veel over de actieve
rol van individuelen in het maken van hun eigen sociale omgeving, dit
noemen we human agency.
George Herbert Mead, onderzocht hoe mensen situaties definiëren en
hoe we situaties begrijpen, doormiddel van het gebruik van gebaren en
symbolen. Hij examineerde ook hoe we onze sociale rollen leren in de
samenleving, inclusief verwachte gedrag, rechten, obligaties,
verantwoordelijkheden en privileges die bij een sociale status horen en
hoe we leren om naar deze rollen te gedragen.
We construeren onze sociale werelden en we hebben ook wat controle
over onze sociale werelden (Chicago School).
Een andere symbolisch interactionisme (The Iowa School) maakt een
duidelijke link tussen een persoons individuele identiteit en hem/haar
positie in organisaties. We interpreteren nieuwe situaties rekening
houdend met onze sociale posities, waarvan sommige belangrijk zijn en
verankeren hoe we de sociale wereld zien. Als een ‘core self’ eenmaal is
gevestigd, begeleidt en vormt het de manier waarop we met andere
mensen interacties hebben in veel verschillende situaties. Dus, The Iowa
School of Symbolic Interaction legt minder nadruk op individuele keuzes,
maar legt meer de nadruk op het herkennen van de micro, meso en macro
levels van de samenleving.
Samenvattend: de moderne symbolische interactie theorieën leggen
nadruk op het volgende:
- Mensen creëren en recreëren continu de samenleving door
interacties met anderen.
, - Mensen hebben interacties met anderen doormiddel van het gebruik
van gedeelde symbolen.
- We leren wie we zijn (‘our sense of ourself’) en onze plaats in de
samenleving doormiddel van interacties met anderen.
Kritiek op het symbolisch interactie theorie
Het symbolisch interactionisme legt minder nadruk op de macro-level
structuren van de samenleving die het menselijk gedrag beïnvloeden,
zoals sociale klassen, macht, geschiedenis of internationale conflicten
tussen samenlevingen, etc.
Rationele keuze theorie (exchange)
Volgens de rationele keuze theorie, houden mensen zich vooral bezig met
hun zelf-interesses, waardoor ze rationele beslissingen maken op basis
van het wegen van kosten en baten van de geprojecteerde uitkomsten
van een actie/handeling.
In elke interactie komt er een waarde ruil (exchange) voor (geld, tijd,
materiele goederen, aandacht, etc.). Mensen handelen
hoogstwaarschijnlijk als er een soort beloning of succes als uitkomst is van
hun actie/gedrag. De implicatie is dat ‘self-interest’ voor individuelen
belangrijk is in menselijke interacties.
Samenvattend:
- Mensen zijn meestal egoïstisch en ‘self-interest’ is wat hun gedrag
bepaald.
- Mensen wegen kosten en baten af in het maken van hun keuzes.
- Mensen zijn rationele wezens en daarmee wegen ze keuzes af om
hun eigen voordelen te maximaliseren en kosten te minimaliseren.
- Every interaction involves exchanges entailing rewards and penalties or
expenditures. ???
- Een sleutel element in ruil waarde is ‘reciprocity’ – een balans in de
ruil van voordelen.
- Mensen houden mentale notities in hun hoofd over of ze iemand iets
schuldig zijn, of dat iemand anders je iets schuldig is.
Kritiek op rationele keuze benadering
Rationale keuze theoretici zien mensen als egoïstische personen met rationeel
gedrag, die op zoek zijn naar het maximaliseren van beloningen en minimaliseren
van kosten. Ze geven weinig aandacht aan de micro-level interne mentale
processen, zoals zelfreflectie. Liefdadigheid, niet-egoïstische, of altruïstisch gedrag
valt niet goed uit te leggen via deze benadering. Waarom zou een soldaat zijn leven
opofferen voor zijn beste maat? Waarom hou je de deur open voor iemand?
Voorstanders van de rationele keuze benaderingen weerleggen dit kritiek door het
beargumenteren dat als een persoon goed voelt door het helpen van anderen, dat
ook een beloning op zich is en dat het compenseert met de kosten van de handeling.
Meso- en macro-level theorieën
Grotere units in het sociale leven: organisaties, instituties (familie, educatie, religie,
etc.), of globale systemen. Hoe heeft de overheid invloed op het leven van een
individueel?
,Structureel-functioneel theorie
Gaat er van uit dat alle delen van de sociale structuur (groepen, organisaties en
instituties), de cultuur (normen en waarden), en sociale processen (bijvoorbeeld
mensen die de wet maken, een instructeur die iets leert aan een kind, etc.) samen
werken om de hele samenleving soepel en harmonieus te laten verlopen.
Emilie Durkheim stelde dat de samenleving bestaat uit nodige delen dat samen in
elkaar passen tot een werkend geheel. Hij geloofde dat individuen de regels van de
samenleving volgen door een collective conscience (collectief geweten) – de
gedeelde normen en waarden van een groep. Mensen groeien op met gedeelde
normen, waarden en gedragingen als de mensen om hun heen. Geleidelijk,
internaliseren individuen deze gedeelde normen en waarden. Het gedrag van een
individu, is op een manier, in deze persoon verankerd, omdat het goed voelt en
omdat het de juiste manier is om je zo te gedragen naar verwachtingen.
Functies, consequenties van een actie of gedrag, kan manifest of latent zijn.
Manifeste functies: Dit zijn de geplande uitkomsten van interacties, sociale
organisaties of instituties. (Een magnetron bijvoorbeeld, is uitgevonden om
maaltijden snel op te warmen en voor te bereiden.)
Latente functies: Deze functies zijn niet geplande en onbewuste consequenties van
acties of sociale structuren. (De magnetron heeft ervoor gezorgd dat er bedrijven zijn
die nieuwe kookboeken heeft gemaakt.)
Latente functies kunnen functioneel zijn, of disfunctioneel (slecht voor de organisatie
of samenleving).
Functionele acties zorgen voor stabiliteit of evenwicht in de samenleving.
Disfuncties zijn de acties die de stabiliteit en evenwichtigheid in de samenleving
ondermijnen. (De magnetron heeft mensen lui gemaakt en heeft ervoor gezorgd dat
er meer mensen zijn die niet weten hoe ze echt moeten koken.)
Samenvattend:
- Onderzoekt op macro-level organisaties en patronen in de samenleving.
- Kijkt naar wat de samenleving tot stand houdt en wat ervoor zorgt dat er
sociale continuïteit is.
- Houdt rekening met de consequenties of functies van elk deel in de
samenleving.
- Focust zich op de manier hoe de structuur, de cultuur en sociale processen
samenwerken om de samenleving soepel te laten functioneren.
- Heeft manifeste functies, latente functies, en disfuncties.
Kritiek op het structurele-functionele perspectief
Sommige ideeën van functionele theoretici zijn zo abstract dat ze moeilijk zin om te
testen met data. Daarnaast hebben functionalisten het niet echt over sociale
verandering ontstaan in de samenleving, zoals conflict en revolutie. Het gaat ervan
uit dat de samenleving stabiel is en vrij van conflict.
Conflict theorie
De conflict benadering stelt dat conflict onvermijdelijk is in elke groep of samenleving.
Het claimt dat ongelijkheid en onrechtvaardigheid de bron van conflicten zijn in de
, samenleving. De meeste van ons wil meer van de bronnen in de samenleving,
waardoor er mogelijk conflict bestaat tussen de haves (degene die de bronnen
beheren) en de have-nots (degene die gebrek aan deze bronnen heeft). Deze
conflicten brengen soms een verandering in de samenleving.
Karl Marx haves vs. have-nots (je kent het verhaal). Het eindigt met de werkers
die eindelijk voor zichzelf uitspreken en het kapitalisme overhoop halen. Waardoor er
uiteindelijk een nieuwe, klasseloze, samenleving ontstaat. Collectieve eigendom, etc.
Het idee van de bourgeoisie en het proletariaat heeft invloed op de analyses van
hedendaagse conflicten tussen groepen in de samenleving.
Interest groups delen een gedeelde situatie of interesse. Conflict groups komen
op voor veranderingen. Er is altijd potentie voor conflict wanneer diegene zonder
macht realiseren wat hun gedeelde positie in de samenleving is. Hoeveel
verandering en geweld er bij komt kijken, ligt aan hoe georganiseerd deze groepen
worden.
Conflict kan ook voor oplossingen van conflicten zorgen. Conflict laat zien wat er niet
werkt voor mensen hun behoefte en daar kan het systeem zich op aanpassen.
Samenvattend:
- In elke sociale relatie zit er iets van conflict of potentieel conflict.
- Groepen mensen zijn alleen maar uit op self-interest en proberen hun bronnen
en macht te behouden.
- Er wordt verlangd naar sociale verandering, vooral veranderingen die voor
sociale gelijkheid zorgen in de samenleving.
- De bestaande sociale orde reflecteert machtige mensen die hun normen en
waarden overgeven aan de ‘zwakke’.
Kritiek op de conflict benadering
Ten eerste, veel conflict theoretici focussen zich op macro-level analyses en
verliezen zich op de individuen die zijn betrokken in de conflict situaties. Ten tweede
empirisch onderzoek om conflict te testen is gelimiteerd. Ten derde, conflict theoretici
focussen zich vooral op sociale stress, macht, dynamieken en disharmonie. Conflict
theorie is niet echt effectief voor het uitleggen van sociale cohesie en samenwerking.
Ten vierde, veel critici van de conflict benadering beargumenteren dat altruïsme en
samenwerking gedeelde motivaties zijn voor het menselijk gedrag maar deze worden
niet in de conflict theorie verwerkt.
Multilevel analyse
Veel theoretici proberen een brug te maken tussen micro en macro level analyses,
deze bieden veel relevante inzichten op elk niveau.
Max Webers contributie brengen micro en macro analyses.
Micro-level analyse: Verstehen (het diep empathisch begrijpen van mensen) dit
betekent, dat om mensen hun gedrag te begrijpen, moet je in hun schoenen staan en
de wereld zien als hoe deze mensen dat zien. Hij probeert menselijk gedrag te
begrijpen en de betekenissen die mensen geven aan hun ervaringen (symbolische
interactie theorie).