,Inhoudsopgave
1 Inleiding............................................................................................................................................ 4
2 Casus en Diagnostisch Proces........................................................................................................ 6
3 Unieke Hulpvraag ............................................................................................................................ 9
4 Analyse volgens International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF) ............. 10
5 Critically Appraised Topic (CAT) ................................................................................................... 12
6 Werkwijze....................................................................................................................................... 25
7 Klinimetrie ...................................................................................................................................... 29
8 Keuze interventie ........................................................................................................................... 34
9 Uitvoeren Interventie...................................................................................................................... 36
10 Afsluiting zorg ................................................................................................................................ 44
11 Logboek ......................................................................................................................................... 49
Literatuurlijst ........................................................................................................................................... 53
Bijlagen ................................................................................................................................................... 58
BIJLAGE 1: FORMULIER INFORMED CONSENT ........................................................................... 59
BIJLAGE 2: INTAKE/ANAMNESE ..................................................................................................... 60
BIJLAGE 3: ONDERZOEK ................................................................................................................ 62
BIJLAGE 4A: Beoordelingscriteria voor een Systematische review van randomised controlled trials -
Rehabilitation effects of land and water-based aerobic exercise on lung function, dyspnea, and
exercise capacity in patients with chronic obstructive pulmonary disease. A systematic review and
meta-analysis. Chen et al. (2021) ...................................................................................................... 66
BIJLAGE 4B: Beoordelingscriteria voor een Systematische review van randomised controlled trials -
Effectiveness of Water-Based Exercise in Patients with Chronic Obstructive Pulmonary Disease:
Systematic Review and Meta-Analysis. Benzo-Iglesias (2023). ....................................................... 68
BIJLAGE 4C: Beoordelingscriteria voor een randomised controlled trial (RCT) ............................... 71
BIJLAGE 4D: Beoordelingscriteria voor een Systematische review van randomised controlled trials
- Effects of Inspiratory Muscle Training in People with Chronic Obstructive Pulmonary Disease: A
Systematic Review and Meta-Analysis. Han et al (2024). ................................................................. 75
BIJLAGE 4E: Beoordelingscriteria voor een Systematische review van randomised controlled trials -
Inspiratory Muscle Training in COPD. Figueiredo et al. (2020). ........................................................ 77
BIJLAGE 4F: Beoordelingscriteria voor een Systematische review van randomised controlled trials -
Effects of inspiratory muscle training in COPD patients: A systematic review and meta-analysis.
Beaumont et al. (2018). ..................................................................................................................... 79
BIJLAGE 4G: Geselecteerde artikelen CAT 1 en CAT 2................................................................... 81
BIJLAGE 5: Goedkeur opdrachtgever ............................................................................................... 83
BIJLAGE 6: Trainingsschema Aquatherapie ..................................................................................... 84
BIJLAGE 7: Instructie IMT (Nederlands en Turks) ............................................................................ 85
BIJLAGE 8: Verslag arts .................................................................................................................... 89
BIJLAGE 9: PREM ............................................................................................................................. 91
3
, 1 Inleiding
1.1 Context en aanleiding
Chronische obstructieve longziekte (COPD) is een aandoening die je kunt voorkomen en
behandelen. Het wordt gekenmerkt door een aanhoudende blokkade van de luchtwegen, wat
leidt tot klachten als benauwdheid (dyspneu) en hoesten (GOLD, 2024). In dit verslag staat
een 67-jarige mannelijke patiënt centraal met matige COPD, oftewel GOLD stadium II. Dit
betekent dat zijn longfunctie (FEV1) verminderd is; bij deze patiënt is een FEV1 van 58% van
de voorspelde waarde gemeten, wat past binnen de range van GOLD stadium II (50–80%).
Naast COPD heeft deze patiënt ook last van bilaterale knieartrose, een slijtage van het
kraakbeen die pijn en stijfheid veroorzaakt (KNGF-richtlijn Artrose, 2018). De combinatie van
deze twee aandoeningen zorgt voor een vicieuze cirkel: de benauwdheid en de pijn in de
knieën leiden ertoe dat de patiënt minder beweegt. Hierdoor gaat zijn algehele conditie
verder achteruit, waardoor hij bij dagelijkse activiteiten nóg sneller klachten ervaart en
afhankelijker wordt van zijn omgeving.
1.2 Epidemiologie en maatschappelijke impact
Zowel COPD als knieartrose kennen een hoge prevalentie en hebben een aanzienlijke
maatschappelijke impact. Wereldwijd lijden meer dan 384 miljoen mensen aan COPD
(RIVM, 2021). In Nederland betreft dit ongeveer 2,4% van de mannen en 1,4% van de
vrouwen boven de 45 jaar (RIVM, 2021). Knieartrose komt nog vaker voor: in 2023 stonden
er zo'n 805.000 mensen geregistreerd bij de huisarts, maar waarschijnlijk ligt het echte
aantal dubbel zo hoog (VZinfo, 2024; Join2Move, 2022). De combinatie van deze
aandoeningen leidt tot hogere zorgkosten, toegenomen ziekteverzuim en een grotere druk
op het zorgstelsel. Alleen al knieartrose kost de samenleving jaarlijks 1,2 miljard euro
(ReumaNederland, 2024). Door de fysiotherapeutische behandelmogelijkheden voor deze
comorbide groep te optimaliseren, kan de individuele ziektelast afnemen en kunnen deze
maatschappelijke kosten mogelijk worden beperkt.
1.3 Complexiteit: interactie COPD en Artrose
Voor zowel COPD GOLD II als knieartrose is oefentherapie de belangrijkste
fysiotherapeutische behandeling. De KNGF-richtlijnen adviseren een combinatie van duur-,
interval- en krachttraining (KNGF-richtlijn COPD, 2020; KNGF-richtlijn Artrose, 2018). Een
knelpunt in de praktijk is echter dat bij patiënten die beide aandoeningen hebben, de
standaard oefentherapie op het 'droge' vaak niet goed werkt. De mechanische belasting op
de knieën belemmert de trainingsintensiteit die vereist is voor pulmonale adaptatie.
Daarnaast hebben dyspneu en bewegingsangst een negatief effect op de therapietrouw. Dit
leidt ertoe dat veel patiënten stoppen met de therapie (14-66%) en de behandeling niet het
gewenste resultaat heeft (McNamara et al., 2013). Dit probleem in de praktijk vraagt om een
andere, meer op de persoon afgestemde aanpak.
Recent onderzoek toont aan dat twee specifieke interventies voor deze doelgroep
veelbelovend zijn. Een meta-analyse van Chen et al. (2021) toonde aan dat oefenen in water
(aquatherapie) beter werkt voor het uithoudingsvermogen van COPD-patiënten dan trainen
op het land. In het water worden de gewrichten minder belast, waardoor intensiever trainen
mogelijk wordt. Daarnaast blijkt uit een meta-analyse van Han et al. (2024) dat het trainen
van de inademingsspieren (IMT) de spierkracht, benauwdheid en kwaliteit van leven bij
COPD-patiënten duidelijk verbetert.
4