consumenten gedrag is alles wat een consument vertoont bij het zoek/kopen/verbruiken en het
evalueren van producten en diensten Customer activity cycle
Pre aankoopfase; interactie/aanbod tussen bedrijf en klant
Aankoopfase; klant heeft besloten de aankoop te doen
Post- aankoopfase; ervaring van het gebruikte product/dienst
Normatief model van consumentgedrag
Zin in een snack
Ijsje/chocolade/frietje
Iets wat niet snel gaat smelten
Frietje kiezen
Opeten
Wat het lekker
Voorwaarden voor normatief beslissingsgedrag
Ja hoog; als de beslissing in die genomen moet worden belangrijk is; is de bereidheid om informatie
te zoeken en verwerken groot
Ja laag; beslissing is minder belangrijk; de bereidheid om informatie te zoeken en verwerken is niet
groot
Nee; iemand anders is nodig voor de informatie (bijvoorbeeld voor zonnepanelen wil je informatie
van een expert hebben)
Rationele aankoop; noodzakelijke of zakelijke motief om goederen of diensten te kopen
Emotionele aankoop; gevoelsreden om een product of dienst aan te schaffen
, Kahneman
Hoorcollege 2
Motivatie; iets wat iemand tot bepaalde gedrag drijf
Doel; resultaat waarna je streeft
Behoefte; verlangen naar iets of betere situatie
Motivatie proces
Voetbalschoen zijn kapot
Prestatie gaat achteruit
Nieuwe schoenen willen kopen
Opzoek gaan
Kopen van nieuwe schoenen
Voetbal prestatie weer goed
Primaire behoefte; aangeboren behoefte (bijv. eten en drinken)
Secundaire behoefte; aangeleerde behoefte/ cultuur gebonden (bijv.
macht/vriendschap/prestaties)
Latente behoefte; nog niet in bewust zijn op gepopt (bijv. na het zien van gele M, zin in een burger)
Manifeste behoefte: bewust zijn van behoefte (bijv. elke ochtend gezond eten)
Objectieve behoefte; behoeftes gelden voor iedereen (bijv. ‘’zin in iets hartigs’’ iedereen weet wat je
bedoelt)
Subjectieve behoefte; voor iedereen anders (bijv. wat is gezelligheid)
Generiek doel; algemeen doel-> kan nog beïnvloed worden (bijv. ik wil iets drinken)