Inhoudsopgave:
Inleiding:....................................................................................................... 2
,Hoofdstuk 1: Casuïstiek Mw. X........................................................................3
1.1 Opbouw van vertrouwen........................................................................................... 4
1.2 Casuïstiek................................................................................................................. 4
1.3 Klinisch redeneren op casuïstiekniveau....................................................................5
1.4 Voorgeschiedenis...................................................................................................... 5
1.5 Vitale functies........................................................................................................... 5
1.6 Medicatie.................................................................................................................. 6
Hoofdstuk 2: Anamnese Mw. X........................................................................7
2.1 De 11 patronen van Gordon......................................................................................7
2.2 Thuissituatie............................................................................................................. 9
2.3 Ecogram................................................................................................................... 9
2.3.1 Toelichting ecogram van Mw. X.........................................................................10
2.4 Barthel index.......................................................................................................... 10
2.4.1 Toelichting Barthel index van Mw. X.................................................................11
2.5 Short Nutritional Assessment Questionnaire for Residential Care (SNAQ-RC).........11
2.5.1 Toelichting SNAQ RC van Mw. X........................................................................11
2.6 Checklist for Cognitive and Emotional Consequence of Stroke (CLCE-24)...............11
2.6.1 Toelichting CLCE-24 van Mw. X.........................................................................12
Hoofdstuk 3: Klinisch redeneren & verpleegkundige diagnoses......................12
3.1 Clusteren................................................................................................................ 13
3.2 Prioritering.............................................................................................................. 15
3.2.1 Uitkomst prioriteren.......................................................................................... 16
3.3 Prioriteren met Mw. X.............................................................................................. 17
3.3.1 Prioritering van Mw. X.......................................................................................17
3.4 Gecombineerde prioritering....................................................................................18
3.5 PES-uitwerking........................................................................................................ 18
Hoofdstuk 4: Doelen.....................................................................................19
4.1 Zorgresultaten mobiliteitstekort, lichamelijk...........................................................20
4.2 Zorgresultaten slikstoornis.....................................................................................21
4.3 Zorgresultaten vermoeidheid.................................................................................22
Hoofdstuk 5: Interventies.............................................................................23
5.1 Interventies mobiliteitstekort, lichamelijk...............................................................24
5.2 Interventies slikstoornis.......................................................................................... 26
5.3 Interventies vermoeidheid......................................................................................28
Hoofdstuk 6: Organiseren van de zorg...........................................................29
6.1 Verpleegkundig specialist (VS) & specialist ouderen geneeskunde (SOG)..............30
, 6.2 Verpleegkundige..................................................................................................... 30
6.3 Ergotherapeut......................................................................................................... 30
6.4 Fysiotherapeut........................................................................................................ 31
6.5 Logopedist.............................................................................................................. 31
6.6 Diëtist..................................................................................................................... 31
6.7 Medisch maatschappelijk werk...............................................................................31
6.8 Psycholoog.............................................................................................................. 32
Hoofdstuk 7: Monitoren en evalueren............................................................32
7.1 Evaluatievragen...................................................................................................... 32
7.2 Voortgangsevaluatie revalidatie Mw. X...................................................................34
Hoofdstuk 8: ICT...........................................................................................35
8.1 Qwiek up................................................................................................................. 36
8.2 Fietslabyrint............................................................................................................ 36
8.3 ICT & Mw. X............................................................................................................. 36
Hoofdstuk 9: Uitvoering in de praktijk...........................................................37
Hoofdstuk 10: Casuïstiek bespreking.............................................................39
10.1 ICF-model casuïstiek bespreking...........................................................................41
Literatuurlijst:.............................................................................................. 41
Bijlage A – Reflectie tussenbeoordeling.........................................................46
Bijlage B – Reflectie eindbeoordeling.............................................................47
Bijlage C – Waarderingsformulier tussenbeoordeling......................................48
Bijlage D – Waarderingsformulier eindbeoordeling.........................................50
Bijlage E – Anti plagiaat verklaring................................................................54
Inleiding:
Met trots presenteer ik mijn module ‘’Beargumenteren van zorg’’, voortkomend uit mijn PLP3-
stageperiode binnen de neurorevalidatie van NeiBertilla. Tijdens deze stage heb ik ervaring
opgedaan met het verlenen van verpleegkundige zorg aan revalidanten met neurologische
aandoeningen en een revalidatiebehoefte. Hierbij stonden het stimuleren van
zelfstandigheid, participatie en kwaliteit van leven centraal. Daarnaast heb ik actief gewerkt
volgens de principes van de neurorevalidatie, zoals doelgericht werken, interdisciplinair
samenwerken en het betrekken van de familie in het revalidatieproces. Daarnaast kwamen
tijdens de module de verschillende CanMEDS-rollen naar voren, waaronder die van
, communicator, reflectieve EBP-professional en zorgverlener zoals beschreven door Bouwes
et al. (2023)
Binnen deze module staat de casus van Mw. X centraal. Bij Mw. X werd een
intraparenchymateuze bloeding in de rechter basale kernen vastgesteld, waarna zij werd
opgenomen op de afdeling neurorevalidatie van NeiBertilla. Het volledige verpleegkundig
proces is uitgewerkt volgens de stappen van Rosendal & Van Dorst (2019). De casuïstiek
van Mw. X is hoog complex vanwege de combinatie van mobiliteitsproblematiek, volledige
afhankelijkheid van ADL-zorg en vermoeidheid, waardoor voortdurende afstemming van de
zorg noodzakelijk is (Haze en Rosmulder (2022). Achtereenvolgens komen in de module de
casuïstiek, anamnese, verpleegkundige diagnoses, doelen, interventies, organisatie en
evaluatie van zorg aan bod. Daarnaast wordt aandacht besteed aan het gebruik van ICT
binnen de zorgverlening, het professioneel handelen in de praktijk en de
casuïstiekbespreking die door de student is georganiseerd.
Graag wil ik mijn werkbegeleiders en collega’s binnen NeiBertilla bedanken voor hun
begeleiding, ondersteuning en betrokkenheid tijdens mijn stageperiode. Ook wil ik mijn
docent bedanken voor de feedback en adviezen, die hebben bijgedragen aan mijn
persoonlijke en professionele ontwikkeling en aan de totstandkoming van deze module. De
ervaringen die ik tijdens deze stage heb opgedaan, neem ik mee in mijn verdere loopbaan
als verpleegkundige. Met deze module hoop ik een helder beeld te geven van mijn
ontwikkeling binnen de neurorevalidatie. Ik wens u veel leesplezier toe. Daarnaast is
ChatGPT gebruikt ter ondersteuning bij het verbeteren van grammatica en het herformuleren
van teksten. De inhoud is gebaseerd op literatuur en feitelijke informatie (OpenAI, 2026).
Jan Idzenga
Lippenhuizen, 22 mei 2026
Hoofdstuk 1: Casuïstiek Mw. X.
Een essentieel onderdeel van kwalitatief goede zorgverlening, en tevens de eerste fase
volgens Rosendal & Van Dorst (2019), is het opbouwen van vertrouwen. Wanneer deze
basis aanwezig is, kan relevante informatie worden verzameld om een duidelijk en volledig
beeld te vormen van de situatie van de revalidant. In hoofdstuk één wordt het klinisch beeld
van de revalidant beknopt en overzichtelijk beschreven aan de hand van een casus. De
gebruikte informatie is afkomstig uit Ysis (het elektronisch patiëntendossier) en uit gesprek
met Mw. X en haar naasten. Deze gegevens zijn verwerkt in zowel de lopende tekst als in
verschillende tabellen. Volgens Rosendal en Van Dorst (2019) vormt een volledige en
systematische gegevensverzameling de basis voor effectief klinisch redeneren.
Inleiding:....................................................................................................... 2
,Hoofdstuk 1: Casuïstiek Mw. X........................................................................3
1.1 Opbouw van vertrouwen........................................................................................... 4
1.2 Casuïstiek................................................................................................................. 4
1.3 Klinisch redeneren op casuïstiekniveau....................................................................5
1.4 Voorgeschiedenis...................................................................................................... 5
1.5 Vitale functies........................................................................................................... 5
1.6 Medicatie.................................................................................................................. 6
Hoofdstuk 2: Anamnese Mw. X........................................................................7
2.1 De 11 patronen van Gordon......................................................................................7
2.2 Thuissituatie............................................................................................................. 9
2.3 Ecogram................................................................................................................... 9
2.3.1 Toelichting ecogram van Mw. X.........................................................................10
2.4 Barthel index.......................................................................................................... 10
2.4.1 Toelichting Barthel index van Mw. X.................................................................11
2.5 Short Nutritional Assessment Questionnaire for Residential Care (SNAQ-RC).........11
2.5.1 Toelichting SNAQ RC van Mw. X........................................................................11
2.6 Checklist for Cognitive and Emotional Consequence of Stroke (CLCE-24)...............11
2.6.1 Toelichting CLCE-24 van Mw. X.........................................................................12
Hoofdstuk 3: Klinisch redeneren & verpleegkundige diagnoses......................12
3.1 Clusteren................................................................................................................ 13
3.2 Prioritering.............................................................................................................. 15
3.2.1 Uitkomst prioriteren.......................................................................................... 16
3.3 Prioriteren met Mw. X.............................................................................................. 17
3.3.1 Prioritering van Mw. X.......................................................................................17
3.4 Gecombineerde prioritering....................................................................................18
3.5 PES-uitwerking........................................................................................................ 18
Hoofdstuk 4: Doelen.....................................................................................19
4.1 Zorgresultaten mobiliteitstekort, lichamelijk...........................................................20
4.2 Zorgresultaten slikstoornis.....................................................................................21
4.3 Zorgresultaten vermoeidheid.................................................................................22
Hoofdstuk 5: Interventies.............................................................................23
5.1 Interventies mobiliteitstekort, lichamelijk...............................................................24
5.2 Interventies slikstoornis.......................................................................................... 26
5.3 Interventies vermoeidheid......................................................................................28
Hoofdstuk 6: Organiseren van de zorg...........................................................29
6.1 Verpleegkundig specialist (VS) & specialist ouderen geneeskunde (SOG)..............30
, 6.2 Verpleegkundige..................................................................................................... 30
6.3 Ergotherapeut......................................................................................................... 30
6.4 Fysiotherapeut........................................................................................................ 31
6.5 Logopedist.............................................................................................................. 31
6.6 Diëtist..................................................................................................................... 31
6.7 Medisch maatschappelijk werk...............................................................................31
6.8 Psycholoog.............................................................................................................. 32
Hoofdstuk 7: Monitoren en evalueren............................................................32
7.1 Evaluatievragen...................................................................................................... 32
7.2 Voortgangsevaluatie revalidatie Mw. X...................................................................34
Hoofdstuk 8: ICT...........................................................................................35
8.1 Qwiek up................................................................................................................. 36
8.2 Fietslabyrint............................................................................................................ 36
8.3 ICT & Mw. X............................................................................................................. 36
Hoofdstuk 9: Uitvoering in de praktijk...........................................................37
Hoofdstuk 10: Casuïstiek bespreking.............................................................39
10.1 ICF-model casuïstiek bespreking...........................................................................41
Literatuurlijst:.............................................................................................. 41
Bijlage A – Reflectie tussenbeoordeling.........................................................46
Bijlage B – Reflectie eindbeoordeling.............................................................47
Bijlage C – Waarderingsformulier tussenbeoordeling......................................48
Bijlage D – Waarderingsformulier eindbeoordeling.........................................50
Bijlage E – Anti plagiaat verklaring................................................................54
Inleiding:
Met trots presenteer ik mijn module ‘’Beargumenteren van zorg’’, voortkomend uit mijn PLP3-
stageperiode binnen de neurorevalidatie van NeiBertilla. Tijdens deze stage heb ik ervaring
opgedaan met het verlenen van verpleegkundige zorg aan revalidanten met neurologische
aandoeningen en een revalidatiebehoefte. Hierbij stonden het stimuleren van
zelfstandigheid, participatie en kwaliteit van leven centraal. Daarnaast heb ik actief gewerkt
volgens de principes van de neurorevalidatie, zoals doelgericht werken, interdisciplinair
samenwerken en het betrekken van de familie in het revalidatieproces. Daarnaast kwamen
tijdens de module de verschillende CanMEDS-rollen naar voren, waaronder die van
, communicator, reflectieve EBP-professional en zorgverlener zoals beschreven door Bouwes
et al. (2023)
Binnen deze module staat de casus van Mw. X centraal. Bij Mw. X werd een
intraparenchymateuze bloeding in de rechter basale kernen vastgesteld, waarna zij werd
opgenomen op de afdeling neurorevalidatie van NeiBertilla. Het volledige verpleegkundig
proces is uitgewerkt volgens de stappen van Rosendal & Van Dorst (2019). De casuïstiek
van Mw. X is hoog complex vanwege de combinatie van mobiliteitsproblematiek, volledige
afhankelijkheid van ADL-zorg en vermoeidheid, waardoor voortdurende afstemming van de
zorg noodzakelijk is (Haze en Rosmulder (2022). Achtereenvolgens komen in de module de
casuïstiek, anamnese, verpleegkundige diagnoses, doelen, interventies, organisatie en
evaluatie van zorg aan bod. Daarnaast wordt aandacht besteed aan het gebruik van ICT
binnen de zorgverlening, het professioneel handelen in de praktijk en de
casuïstiekbespreking die door de student is georganiseerd.
Graag wil ik mijn werkbegeleiders en collega’s binnen NeiBertilla bedanken voor hun
begeleiding, ondersteuning en betrokkenheid tijdens mijn stageperiode. Ook wil ik mijn
docent bedanken voor de feedback en adviezen, die hebben bijgedragen aan mijn
persoonlijke en professionele ontwikkeling en aan de totstandkoming van deze module. De
ervaringen die ik tijdens deze stage heb opgedaan, neem ik mee in mijn verdere loopbaan
als verpleegkundige. Met deze module hoop ik een helder beeld te geven van mijn
ontwikkeling binnen de neurorevalidatie. Ik wens u veel leesplezier toe. Daarnaast is
ChatGPT gebruikt ter ondersteuning bij het verbeteren van grammatica en het herformuleren
van teksten. De inhoud is gebaseerd op literatuur en feitelijke informatie (OpenAI, 2026).
Jan Idzenga
Lippenhuizen, 22 mei 2026
Hoofdstuk 1: Casuïstiek Mw. X.
Een essentieel onderdeel van kwalitatief goede zorgverlening, en tevens de eerste fase
volgens Rosendal & Van Dorst (2019), is het opbouwen van vertrouwen. Wanneer deze
basis aanwezig is, kan relevante informatie worden verzameld om een duidelijk en volledig
beeld te vormen van de situatie van de revalidant. In hoofdstuk één wordt het klinisch beeld
van de revalidant beknopt en overzichtelijk beschreven aan de hand van een casus. De
gebruikte informatie is afkomstig uit Ysis (het elektronisch patiëntendossier) en uit gesprek
met Mw. X en haar naasten. Deze gegevens zijn verwerkt in zowel de lopende tekst als in
verschillende tabellen. Volgens Rosendal en Van Dorst (2019) vormt een volledige en
systematische gegevensverzameling de basis voor effectief klinisch redeneren.