1. Voorafgaand aan het tentamen:
2. Niet vergeten:
3. Measuring scale:
4. Descriptives: (Centrummaten Spreidingsmaten (dispersion))
5. Wanneer kies je welke test?
6. One sample t-toets:
7. Paired sample t test:
8. Independent T-test:
9. One way anova:
2. Check descriptives en assumpties en betrouwbaarheidsanalyse
10. Factorial Anova:
11. Chi-kwadraattoets:
11.1. Chi-square test of association:
11.2. Chi square goodness of fit:
12. Correlatie:
13. Partial correlation (mogelijke 3e variabele):
14. Lineair regression:
Cooks distance
15. Formuleblad
Formule standardized residual:
ODDS en ODDS Ratio =
Sum of Squares?
16. Punten sprokkelen – wat te rapporteren:
, 1. Voorafgaand aan het tentamen:
- Je kunt in jamovi rechtsboven bij de drie puntjes instellen hoe je de resultaten wilt
zien. Je kunt dan bij de results kiezen voor 2dp (decimal points) bij 'number format'
en 3dp bij 'p-value format'. Als het goed is zien je antwoorden dan net zo uit als die
van ons.
2.Niet vergeten:
- Residuen ook met skew en kurt normaliteit berekenen.
- Cramer’s V moet je alleen rapporteren als daarom explicitet gevraagd wordt. Noteer
wel de Odds Ratio. Dat heeft voorkeur.
- Ze kijken alleen naar apa rapport!!!
- Lukt hercoderen niet? appendix pu 7 en 8 bekijken
- Conclusie van een test, duidelijk en logisch formuleren. zo nodig herschrijven
- Na elke geteste hypothese een samenvatting van de uitkomsten en de hypothese,
ook tussendoor!
- bij inzichtvragen, altijd formule bij antwoord zetten, wat de concepten inhouden
- EERST CHECKEN WAT HET MEETNIVEAU IS VAN JE VARIABELEN. DAN
CHECKEN MET VRAAGSTELLING
- De N hoef je op het tentamen niet te rapporteren
CLT = According to the Central Limit Theorem, the sampling distribution of the mean
approximates a normal distribution when the sample size is sufficiently large (commonly n >
40), regardless of the shape of the population distribution. This justified our use of statistical
tests that assume normality for the calculation of confidence intervals and significance tests.
Given our large dataset (N = 2663) we can rely on the central limit theorem to assume normality and
we performed a Pearson correlation analysis to test the hypothesis.
3.Measuring scale:
- Categorial
o Nominal = categoriaal maar geen ordening of beter/slechter (bv.
Man/vrouw, automerken)
o Ordinal = categoriaal met ordening (bv. beetje oneens, eens, beetje eens)
geen gelijke sprongen naar de schalen
- Continue
o Interval = ordening met wel gelijke sprongen naar de schalen, geen
absoluut 0 punt (bv. IQ, temperatuur)
§ A Likert scale produces ordinal data because the responses are
ordered but not necessarily equally spaced. When multiple Likert
items are combined, researchers often treat the resulting score as
interval for practical reasons, although this is not strictly accurate.
Therefore, we say it is quasi-interval.
, o Ratio = hetzelfde als interval maar ze hebben wel een absoluut 0 punt
(lengte, afstand, snelheid, leeftijd)
4.Descriptives: (Centrummaten
Spreidingsmaten (dispersion))
- N = steekproefgrootte
- Mean (M) = som van alle scores gedeeld door de steekproefgrootte
- Median = score waaronder en waarboven 50% van alle scores liggen, middelste waarde
- Mode = score met de hoogste frequentie (= die het vaakst voorkomt)
- Standard deviation (SD) = gemiddelde afwijking van de scores t.o.v. het gemiddelde
- Variance (s2) = standaarddeviatie in het kwadraat
Je gebruikt bij een normale verdeling de mean (beste samenvatting centrum data) anders
gebruik je op basis van data mediaan want robuuster voor uitschieters en geeft het midden
van de data aan ongeacht extreme waarden. Dus bij non-parametrische toets ook mediaan
geven.
Spreidingsmaat = hoe goed is het gemiddelde in het karakteriseren van de individuele
score? Oftewel hoe groter de spreiding hoe slechter de mean als karakteristiek van alle
scores
Negatieve skew: staart ligt links (gemiddelde < mediaan)
Postieve skew: staart ligt rechts (gemiddelde > mediaan)
Standaard error:
- De standaardfout gaat over de spreiding van steekproefgemiddelden, niet van
individuele scores.
- Hoe kleiner de standaardfout, hoe betrouwbaarder je gemiddelde.
grafieken
plots
, 5.Wanneer kies je welke test?
Statistische test Wanneer gebruiken? Soort variabelen / Voorbeeld onderzoeksvraag
Meetniveau
One sample t-test Vergelijk gemiddelde van 1 continue variabele Is het gemiddelde IQ van
1 groep met vast getal studenten hoger dan 100?
Independent t-test Vergelijk gemiddelden 1 dichotome Verschilt het gemiddelde
tussen 2 onafhankelijke onafhankelijke + 1 gewicht tussen mannen en
groepen continue afhankelijke vrouwen?
variabele
Dependent t-test Vergelijk 2 metingen 1 continue variabele, Verschilt bloeddruk vóór en na
(paired) binnen dezelfde groep gemeten 2× dieet bij dezelfde personen?
(pre-test/post-test)
One-way ANOVA Vergelijk gemiddelden 1 categorische (3+) Verschilt het gemiddelde cijfer
tussen 3 of meer onafhankelijke + 1 tussen 3 lesmethodes?
onafhankelijke groepen continue afhankelijke
Factorial ANOVA Effect(en) van 2+ 2(+) categorische Hoe beïnvloeden geslacht en
categorische (factoren) onafh. + 1 continue studiemethode samen het
op gemiddelde afhankelijke tentamencijfer?
Chi-square Is er een relatie tussen 2 2 categorische Is er een relatie tussen
association categorische variabelen? variabelen (check geslacht (m/v) en stemgedrag
goed of het geen (A/B/C)?
schaal-antwoorden
zijn -> dan is het