Oefentoets op HBO+ Niveau
30 Meerkeuzevragen over Pathofysiologie, Diagnostiek en Behandeling • Inclusief Uitgebreide
Antwoordverantwoording
INSTRUCTIE & INFORMATIE
Deze oefentoets is samengesteld op HBO+ niveau (geschikt voor studenten Verloskunde, Gynaecologie-
verpleegkunde en Geneeskunde). De vragen sluiten nauw aan op de nationale richtlijnen voor
hypertensieve aandoeningen in de zwangerschap, waaronder pre-existente hypertensie,
zwangerschapshypertensie, pre-eclampsie, het HELLP-syndroom en eclampsie.
• Aantal vragen: 30
• Vraagtype: Single-choice (vier opties, één juist antwoord)
Deel 1: Meerkeuzevragen
Vraag 1. Wat typeert de fysiologische verandering van de maternale spiraalarteriën in een
normale zwangerschap in vergelijking met een zwangerschap gecompliceerd door een
hypertensieve aandoening?
Categorie: Pathofysiologie (Spiraalarteriën)
A. De arteriën blijven wijd en behouden hun spiermantel bij hypertensieve aandoeningen.
B. Trofoblastcellen invaseren de wanden onvoldoende, waardoor de arteriën nauw blijven en hun
spiermantel behouden.
C. Er is sprake van een overmatige invasie van trofoblastcellen waardoor de vaten verstopt raken.
D. De spiraalarteriën trekken samen door een fysiologische toename van glad spierweefsel bij een
normale zwangerschap.
Vraag 2. Welke specifieke anti-angiogene factor wordt door de placenta geproduceerd als
reactie op placentaire ischemie en hypoxie, en wat is de werking hiervan?
Categorie: Pathofysiologie (Anti-angiogene factoren)
A. Soluble FMS-like tyrosine kinase-1 (sFlt-1), dat de werking van VEGF en PlGF blokkeert.
B. Vascular Endothelial Growth Factor (VEGF), dat de werking van sFlt-1 en PlGF blokkeert.
C. Placental Growth Factor (PlGF), dat de werking van sFlt-1 stimuleert.
D. Endotheline, dat de afgifte van prostacycline stimuleert.
, Vraag 3. Welke verandering in de balans tussen vasoactieve stoffen treedt op als gevolg van
systemische endotheelschade bij pre-eclampsie?
Categorie: Pathofysiologie (Vasoactieve stoffen)
A. Een verhoging van prostacycline en stikstofmonoxide, met een daling van endotheline.
B. Een daling van zowel endotheline als tromboxaan A2, leidend tot vasodilatatie.
C. Een verhoogde afgifte van vasoconstrictoren (endotheline en tromboxaan A2) en verminderde
vasodilatoren (stikstofmonoxide en prostacycline).
D. Een verhoogde afgifte van vasodilatoren en vasoconstrictoren om de bloeddruk te stabiliseren.
Vraag 4. Waar ligt de primaire etiologische oorsprong van het ontstaan van pre-eclampsie?
Categorie: Pathofysiologie (Primaire etiologie)
A. Primair in een disfunctioneren van de maternale nieren.
B. In de cerebrale vaten van de moeder door chronische autoregulatiestoornissen.
C. In de foetale bijnieren door een verhoogde cortisolproductie.
D. In de placenta, in combinatie met een maternale systemische reactie.
Vraag 5. Wat weerspiegelt de diastolische bloeddruk fysiologisch gezien bij hypertensieve
aandoeningen in de zwangerschap?
Categorie: Pathofysiologie (Diastolische druk)
A. Een weerspiegeling van de opgetreden perifere vaatweerstand.
B. De acute vullingstoestand (het circulerend volume) van de moeder.
C. De cardiale output en het slagvolume van het maternale hart.
D. De mate van eiwitverlies door de glomerulaire filtratiebarrière.
Vraag 6. Welk mechanisme verklaart het ontstaan van cerebrale symptomen zoals
visusstoornissen, hevige hoofdpijn en hyperreflexie bij pre-eclampsie?
Categorie: Symptomen (Cerebrale symptomen)
A. Cerebrale vasoconstrictie die leidt tot algehele ischemie en atrofie.
B. Een gestoorde autoregulatie in de hersenen en endotheelschade die leidt tot hersenoedeem.
C. Een acute daling van de intracraniële druk door vochttekort.
D. Lokale ophoping van magnesium in de synaptische spleten.
Vraag 7. Wat is de directe oorzaak van de typische bovenbuikspijn of het bandgevoel bij
patiënten met (ernstige) pre-eclampsie of het HELLP-syndroom?
Categorie: Symptomen (Hepatische symptomen)
A. Gastritis door verhoogde maagzuurproductie in de zwangerschap.
B. Inklemmen van de galwegen door de groeiende uterus.
C. Vocht- en fibrine-ophoping of necrose in de lever, wat leidt tot oprekking van het leverkapsel.
D. Krampen van de galblaaswand door magnesiumtekort.
Vraag 8. Waarom treedt er bij pre-eclampsie vaak gelijktijdig oedeem én hemoconcentratie
(indikking van het bloed) op?
Categorie: Symptomen (Vochtretentie)
A. Door selectieve nierschade waarbij rode bloedcellen worden vastgehouden.
Klinische Oefentoets: Hypertensieve Aandoeningen in de Zwangerschap | Pagina 2