BELASTINGRECHT II, vraagstukken week 2.
Verschil ‘bodemloze put lening’ en onzakelijke lening: bij een bodemloze put lening weet je zeker
dat je het geld nooit meer terug krijgt, bij de onzakelijke lening is de kans groot dat je het geld nooit
meer terug krijgt.
Rente
Schuld aan ‘verbonden lichaam’ (art. 10a lid 4 Vpb: 1/3e of meer belang moeder-dochter, dochter-
moeder, of dochter-dochter).
Verband tussen schuld en:
- Dividenduitkering
- Kapitaalstorting
- Overname aandelen
Uitzondering in art. 10a lid 3: tegenbewijsregeling:
- Compenserende heffing
- Zakelijke overweging m.b.t. een lening of overname van aandelen.
Om de onderwerpen van deze week beter te begrijpen beginnen we met Casus C en D, en gaan we
daarna pas verder aan casus A, B en E.
Casus C.
,Beka International NV keert dividend uit aan haar Amerikaanse aandeelhouder. Omdat de
aandeelhouder de liquide middelen niet nodig heeft, blijft Beka de dividenduitkering schuldig. Beka
is over deze schuld jaarlijks 5% rente verschuldigd.
Vraag
Kan Beka International NV de door haar aan de Amerikaanse aandeelhouder verschuldigde rente in
aftrek brengen? Waar hangt dat van af?
Er is sprake van een verbonden lichaam, zoals in art. 10a lid 4 Vpb. Er wordt eigen vermogen van
Beka (winstreserve) omgezet in vreemd vermogen (lening).
Volgens art. 10a lid 1Vpb is de rente op deze lening in beginsel niet aftrekbaar.
Is er sprake van een uitzondering (art. 10a lid 3)?
- Gaat het om een zakelijke overweging? Dit is niet aannemelijk.
- Compenserende heffing? Gaat het om een heffing van 10% of meer? Dit is heel erg
aannemelijk, aangezien de vpb in Amerika erg hoog is, óf er moet sprake zijn van een
verliessituatie bij de Amerikaanse aandeelhouder. Aangezien uit de casus blijkt dat de
Amerikaanse aandeelhouder de liquide middelen niet nodig heeft, is dit laatste
waarschijnlijk niet het geval.
Er is dus sprake van een uitzondering van lid 3 van artikel 10a, dus kan Deka de rente op de lening
gewoon aftrekken.
Casus D.
Beka International NV wil haar schuld aan de Amerikaanse aandeelhouder aflossen. Om die
aflossing te kunnen financieren, gaat Beka een lening aan bij een in Zwitserland gevestigde
groepsfinancieringsmaatschappij. Deze Zwitserse maatschappij is ook een dochtervennootschap
van de Amerikaanse moedermaatschappij. De Zwitserse maatschappij betaalt over de van Beka
ontvangen rente slechts 0,6% vennootschapsbelasting.
Vraag
Kan Beka International NV de door haar aan de Zwitserse groepsmaatschappij verschuldigde rente
in aftrek brengen?
Ook hier is sprake van een verbonden lichaam in de zin van art. 10a lid 4 Vpb. De Zwitserse
maatschappij is namelijk een dochter van de Amerikaanse aandeelhouder, waardoor het door de
meetrekregeling ook verbonden is met Beka. Is er sprake van een verband tussen de rente en de
dividenduitkering van Beka aan de Amerikaanse aandeelhouder?
Ja, want Beka gebruikt de lening van de Zwitserse maatschappij om de lening van de Amerikaanse
aandeelhouder af te lossen, die is aangegaan door de dividenduitkering. Art. 10a lid 1a: in beginsel
mag Deka de rente dus niet aftrekken.
Uitzondering van art. 10a lid 3 van toepassing?
- Is er sprake van compenserende heffing? Nee, de rente in Zwitserland is maar 0,6%.
- Is er sprake van een zakelijke overweging? Mbt de dividenduitkering: misschien wel. Mbt de
lening? Nee, dit gaat alleen om fiscale overwegingen, anders zou de lening van de
Amerikaanse aandeelhouder wel in stand blijven en deze niet omgeruild worden voor een
lening van de Zwitserse maatschappij.
Er is dus geen uitzondering; Beka kan de rente over de lening van de Zwitserse maatschappij niet
aftrekken.
, Casus A.
Beka International NV – gevestigd in Nederland – heeft een Nederlandse dochtermaatschappij:
Apotheker Almere BV. Met Apotheker Almere BV gaat het al jarenlang niet goed. Zij lijdt grote
verliezen. De toekomstverwachting is, gezien de markt waarin zij opereert, niet rooskleurig.
Om nieuwe investeringen te doen heeft Apotheker Almere BV bij diverse banken een verzoek om
een lening gedaan doch dit verzoek is door de banken afgewezen. Uiteindelijk heeft Beka
International haar toch maar een nieuwe lening verstrekt omdat de nieuwe directeur van
Apotheker Almere BV de directie van Beka ervan heeft weten te overtuigen dat alles goed zal
komen! Het betreft een bedrag van EUR 200.000 tegen een rente van 7% per jaar.
Spoedig na de verstrekking van de lening blijkt dat de financiële impuls geen enkel effect sorteert.
Beka International NV boekt haar vordering op Apotheker Almere BV af tot nihil aangezien zij inziet
dat de lening nimmer zal kunnen worden afgelost.
Vraag
Wat zijn de fiscale gevolgen van de verstrekking van de lening voor Beka International NV
en voor Apotheker Almere BV?
Is er sprake van een lening?
Er is sprake van een fiscale lening wanneer sprake is van een civielrechtelijke lening. Van een
civielrechtelijke lening is sprake wanneer er een terugbetalingsverplichting is.
Aangezien hierover niets in de casus vermeld staat, mag je ervan uitgaan dat er inderdaad een
terugbetalingsverplichting is.
Is er sprake van één van de uitzonderingen van het Unilever arrest?
- Schijnlening? Nee
- Deelnemerschapslening? Nee
- Bodemloze put? Nee, want de directie dacht en had hoop dat zij het geld wel terug zouden
krijgen.
Er is dus sprake van een lening.
Is er sprake van een onzakelijke lening?
Ja er is sprake van een debiteurenrisico die een willekeurige derde nooit zou nemen. In de casus
staat ook duidelijk vermeld dat hun verzoek om een lening door diverse banken is afgewezen.
De onzakelijke lening moet dus zakelijk gemaakt worden op grond van art. 8b Vpb.
Welk deel van de 7% rente bestaat niet uit het debiteurenrisico? Dit is een heel moeilijk vraagstuk
en hoeft ook niet zo beantwoord te worden op het tentamen.
De afwaardering is in ieder geval niet aftrekbaar. De rente voor de BV wel, dit wordt voor Beka
gewoon gezien als winst.
Casus B.
Beka International NV krijgt van haar Amerikaanse aandeelhouder een lening onder de volgende
voorwaarden:
a. Looptijd: 51 jaar;
Verschil ‘bodemloze put lening’ en onzakelijke lening: bij een bodemloze put lening weet je zeker
dat je het geld nooit meer terug krijgt, bij de onzakelijke lening is de kans groot dat je het geld nooit
meer terug krijgt.
Rente
Schuld aan ‘verbonden lichaam’ (art. 10a lid 4 Vpb: 1/3e of meer belang moeder-dochter, dochter-
moeder, of dochter-dochter).
Verband tussen schuld en:
- Dividenduitkering
- Kapitaalstorting
- Overname aandelen
Uitzondering in art. 10a lid 3: tegenbewijsregeling:
- Compenserende heffing
- Zakelijke overweging m.b.t. een lening of overname van aandelen.
Om de onderwerpen van deze week beter te begrijpen beginnen we met Casus C en D, en gaan we
daarna pas verder aan casus A, B en E.
Casus C.
,Beka International NV keert dividend uit aan haar Amerikaanse aandeelhouder. Omdat de
aandeelhouder de liquide middelen niet nodig heeft, blijft Beka de dividenduitkering schuldig. Beka
is over deze schuld jaarlijks 5% rente verschuldigd.
Vraag
Kan Beka International NV de door haar aan de Amerikaanse aandeelhouder verschuldigde rente in
aftrek brengen? Waar hangt dat van af?
Er is sprake van een verbonden lichaam, zoals in art. 10a lid 4 Vpb. Er wordt eigen vermogen van
Beka (winstreserve) omgezet in vreemd vermogen (lening).
Volgens art. 10a lid 1Vpb is de rente op deze lening in beginsel niet aftrekbaar.
Is er sprake van een uitzondering (art. 10a lid 3)?
- Gaat het om een zakelijke overweging? Dit is niet aannemelijk.
- Compenserende heffing? Gaat het om een heffing van 10% of meer? Dit is heel erg
aannemelijk, aangezien de vpb in Amerika erg hoog is, óf er moet sprake zijn van een
verliessituatie bij de Amerikaanse aandeelhouder. Aangezien uit de casus blijkt dat de
Amerikaanse aandeelhouder de liquide middelen niet nodig heeft, is dit laatste
waarschijnlijk niet het geval.
Er is dus sprake van een uitzondering van lid 3 van artikel 10a, dus kan Deka de rente op de lening
gewoon aftrekken.
Casus D.
Beka International NV wil haar schuld aan de Amerikaanse aandeelhouder aflossen. Om die
aflossing te kunnen financieren, gaat Beka een lening aan bij een in Zwitserland gevestigde
groepsfinancieringsmaatschappij. Deze Zwitserse maatschappij is ook een dochtervennootschap
van de Amerikaanse moedermaatschappij. De Zwitserse maatschappij betaalt over de van Beka
ontvangen rente slechts 0,6% vennootschapsbelasting.
Vraag
Kan Beka International NV de door haar aan de Zwitserse groepsmaatschappij verschuldigde rente
in aftrek brengen?
Ook hier is sprake van een verbonden lichaam in de zin van art. 10a lid 4 Vpb. De Zwitserse
maatschappij is namelijk een dochter van de Amerikaanse aandeelhouder, waardoor het door de
meetrekregeling ook verbonden is met Beka. Is er sprake van een verband tussen de rente en de
dividenduitkering van Beka aan de Amerikaanse aandeelhouder?
Ja, want Beka gebruikt de lening van de Zwitserse maatschappij om de lening van de Amerikaanse
aandeelhouder af te lossen, die is aangegaan door de dividenduitkering. Art. 10a lid 1a: in beginsel
mag Deka de rente dus niet aftrekken.
Uitzondering van art. 10a lid 3 van toepassing?
- Is er sprake van compenserende heffing? Nee, de rente in Zwitserland is maar 0,6%.
- Is er sprake van een zakelijke overweging? Mbt de dividenduitkering: misschien wel. Mbt de
lening? Nee, dit gaat alleen om fiscale overwegingen, anders zou de lening van de
Amerikaanse aandeelhouder wel in stand blijven en deze niet omgeruild worden voor een
lening van de Zwitserse maatschappij.
Er is dus geen uitzondering; Beka kan de rente over de lening van de Zwitserse maatschappij niet
aftrekken.
, Casus A.
Beka International NV – gevestigd in Nederland – heeft een Nederlandse dochtermaatschappij:
Apotheker Almere BV. Met Apotheker Almere BV gaat het al jarenlang niet goed. Zij lijdt grote
verliezen. De toekomstverwachting is, gezien de markt waarin zij opereert, niet rooskleurig.
Om nieuwe investeringen te doen heeft Apotheker Almere BV bij diverse banken een verzoek om
een lening gedaan doch dit verzoek is door de banken afgewezen. Uiteindelijk heeft Beka
International haar toch maar een nieuwe lening verstrekt omdat de nieuwe directeur van
Apotheker Almere BV de directie van Beka ervan heeft weten te overtuigen dat alles goed zal
komen! Het betreft een bedrag van EUR 200.000 tegen een rente van 7% per jaar.
Spoedig na de verstrekking van de lening blijkt dat de financiële impuls geen enkel effect sorteert.
Beka International NV boekt haar vordering op Apotheker Almere BV af tot nihil aangezien zij inziet
dat de lening nimmer zal kunnen worden afgelost.
Vraag
Wat zijn de fiscale gevolgen van de verstrekking van de lening voor Beka International NV
en voor Apotheker Almere BV?
Is er sprake van een lening?
Er is sprake van een fiscale lening wanneer sprake is van een civielrechtelijke lening. Van een
civielrechtelijke lening is sprake wanneer er een terugbetalingsverplichting is.
Aangezien hierover niets in de casus vermeld staat, mag je ervan uitgaan dat er inderdaad een
terugbetalingsverplichting is.
Is er sprake van één van de uitzonderingen van het Unilever arrest?
- Schijnlening? Nee
- Deelnemerschapslening? Nee
- Bodemloze put? Nee, want de directie dacht en had hoop dat zij het geld wel terug zouden
krijgen.
Er is dus sprake van een lening.
Is er sprake van een onzakelijke lening?
Ja er is sprake van een debiteurenrisico die een willekeurige derde nooit zou nemen. In de casus
staat ook duidelijk vermeld dat hun verzoek om een lening door diverse banken is afgewezen.
De onzakelijke lening moet dus zakelijk gemaakt worden op grond van art. 8b Vpb.
Welk deel van de 7% rente bestaat niet uit het debiteurenrisico? Dit is een heel moeilijk vraagstuk
en hoeft ook niet zo beantwoord te worden op het tentamen.
De afwaardering is in ieder geval niet aftrekbaar. De rente voor de BV wel, dit wordt voor Beka
gewoon gezien als winst.
Casus B.
Beka International NV krijgt van haar Amerikaanse aandeelhouder een lening onder de volgende
voorwaarden:
a. Looptijd: 51 jaar;