Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 58 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Motorische Controle, Leren en Ontwikkeling | UGent | 2026/27

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 58 pagina's

Studiemateriaal voor het vak Motorische controle, leren en ontwikkeling aan de Universiteit Gent (Revalidatiewetenschappen en Kinesitherapie). Het document behandelt kernconcepten zoals afbakening van motorische vaardigheid versus beweging, het onderscheid tussen skills en abilities, en het Constraints Model van Newell over de interacties tussen individu, taak en omgeving. Ideaal voor examenvoorbereiding en conceptueel begrip van motorische controle en ontwikkeling.

Voorbeeld van de inhoud

Motorische controle en
2024-2025 Leren: M. Lenoir
INHOUDSTAFEL
1. Afbakening en definities

2. Het meten van motorische vaardigheden

3. Theorieën over motorische controle en leren

4. Informatieverwerking

5. Motorische controle van specifieke vaardigheden

6. Wat is motorisch leren?

7. Etappes in motorisch leren

8. Instructie en feedback

9. Organisatie van een oefensessie

10. Een kritische blik op de cognitieve benadering van motorisch leren

11. Inleiding op motorische ontwikkeling

,H1: AFBAKENING EN DEFINITIES
Het is een kruispunt tussen verschillende disciplines, de kijk op de maatschappij hangt
samen met de kijk op de patiënt:
- Filosofie
- Psychologie
- Biomechanica/bewegingsanalyse
- (Neuro)fysiologie

Controle wijst naar een geheel van processen die ervoor zorgen dat een intentie tot
handelen ook effectief in die handeling wordt omgezet.

Leren wijst naar de veranderingen in deze processen tijdens het systematisch oefenen van
een handeling.

Ontwikkeling zijn de veranderingen in de processen door natuurlijke invloeden.

De mens en de dier bezitten over een zeer hoog vaardigheidsniveau. Bijvoorbeeld:
eenhandig balvangen, baseball, herleren na een blessure,…

1. VAARDIGHEID EN BEWEGING
Motorische vaardigheid (motor skill) of handeling (action)
= een geheel van bewegingen van lichaamsdelen die bewust en doelgericht uitgevoerd
worden en aangeleerd zijn.
 zwaaien

Beweging (movement)
= een deelcompetentie van vaardigheid en kan op verschillende manieren tot dezelfde
vaardigheid leiden.
 hand op en neer

1.1. Waarom een onderscheidt tussen vaardigheid en beweging?
- Eenzelfde doel (vaardigheid) bestaat uit verschillende individuen uit verschillende
bewegingen.
- Fysieke eigenschappen en/of beperkingen, zoals verschillen in morfologie
(lengte, gewicht,…) en er moet rekening gehouden worden met andersvaliden.
- Verschillende evaluatie-instrumenten voor beweging en vaardigheid.

2. SKILLS EN ABILITIES
Vaardigheid (skill) wordt gekenmerkt door:
- Doelgericht
= omzetten van een intentie in een succesvolle activiteit

- Consistent
= systematisch reproduceerbaar (niet éénmalig)


1

, - Efficiënt
= minimaal energieverbruik (fysiek/mentaal)

- Optimale timing
= geen synoniem voor maximale snelheid! Maar aangepast aan de taakvereisten.

Ability is een persoonlijke en relatief stabiele eigenschap die de onderbouw vormt van
iemands potentieel voor een specifieke taak (eerder iets genetisch). Een “motor ability” is
een ability voor een specifieke motorische taak (percepueel-motorische ability, psychomotor
ability). Een “All-round performers” is iemand die goed is in alles wat met motorisch gedrag
te maken heeft. “ All-round learners” zijn mensen die gemakkelijk nieuwe handelingen
leren.

Verschillen in gedrag of prestaties worden grotendeels toegeschreven aan de abilities voor
die specifieke taak. Er zijn twee visies:

1. General motor ability: alle abilities zijn sterk gerelateerd aan elkaar en reflecteren in
feite 1 onderliggende eigenschap (of gen?).

2. Specifiek motor ability: niet of nauwelijks met elkaar gerelateerd. Bijvoorbeeld
trage reacties, maar een fijne motoriek.

In de jaren 1960 zijn er veel experimentele onderzoeken gedaan naar abilities. De algemene
conclusie zegt dat abilities op enkele uitzonderingen na ongecorreleerd zijn. Dit wil zeggen
dat de meeste abilities nauwelijks of niet met elkaar samenhangen. Dit princiepe is
belangrijk met betrekking tot de opbouw van een leercyclus (LO les, training) of in de
revalidatie. Deze visie staat tegenover het idee van General motor ability.

Voorbeelden van perceptuele motorische vaardigheden:
- Multiledematen coordinatie
- Controle precisie
- Reactietijd
- Handigheid
- Mikken
- …
Voorbeelden van fysieke abilities:
- Statische kracht
- Explosieve kracht
- Dynamische kracht
- Uithouding
- Rompkracht
- …

Er werd een onderzoek gedaan met betrekking tot het evenwicht, waarbij 6 tests gebruikt
werden om evenwicht te evalueren. De resultaten van de ene test hangt niet sterk samen
met de andere testen. De score of uitkomst van de ene test is geen goede voorspelling van
een andere test. De conclusie van de test was dat elke test iets anders meet. Dit wijst erop
dat er niet zoiets bestaat als één algemene factor “evenwicht” en dan evenwichtscontrole
taakspecifiek is. De factor evenwicht bestaat dus niet, je meet altijd in context of een
bepaalde taak. Als de taak verandert, dan het evenwicht ook.



2

, Je hebt wel evenwichtscontrole in een specifieke taak-context zoals statisch, dynamisch, op
één been, in een specifiek medium (gravitatie, water) en een specifieke persoon (atleet,
fysieke beperking). Je gedrag is afhankelijk van de omgeving en de soort taak.




Skill (vaardigheid) Ability (eigenschap)
Gevolg van oefening Genetisch bepaald
Plastisch door oefening Stabiel en blijvend
Theoretisch onbeperkt Beperkt aantal (50-tal)
Gebaseerd op abilities Basis voor vaardigheid!

“ all-round atleet” is iemand die beschikt over een groot aantal abilities die op een hoog
niveau aanwezig zijn?

2.1. Van ability naar motorische vaardigheid
Taakanalyse

Via abilities kunnen we aan taakanalyse doen, we splitsen een vaardigheid op in
verschillende deelbewegingen om van daaruit de noodzakelijke abilities af te leiden.
Toepassingen:

- Een predictie van iemands vaardigheid op basis van een score op de ability-taken.
- Evaluatie: bijsturen tijdens een leerproces of revalidatie (berust op principe van transfer)
of bij motorische ontwikkeling.
- Therapie: schrijfmotoriek.

Welke abilities vormen de basis voor een vlotte schrijfstijl?
o Geheugen?
o Fijne handmotoriek?
o Aandacht?

Tseng en Chow correleerden schrijfsnelheid aan snelheid van de schrijfarm, handigheid,
sequentieel geheugen, visuo-motorische integratie, aandacht,… Telkens door middel van
een test werd dit gemeten. De conclusie was dat de visuele verwerking een grotere rol
speelt dan de fijne motoriek. Therapeutische interventies zouden dan meer daarop gericht
moeten zijn. Wanneer we een kind willen helpen, kunnen we de taak opdelen in
3

Inhoudsopgave

  1. 01 1. Vaardigheid en beweging 2
    1. 1.1. Waarom een onderscheidt tussen vaardigheid en beweging? 2
  2. 02 2. Skills en abilities 2
    1. 2.1. Van ability naar motorische vaardigheid 4
  3. 03 3. Vaardigheidsprocessen 5
  4. 04 4. Vaardigheidscomponenten 5
  5. 05 5. Classificatie van gedrag 5
    1. 5.1. We delen het in volgens een continuüm, één dimensioneel. 5
    2. 5.2. Taxonomie van Gentile: 2-dimensioneel: omgeving/taakfunctie 5
  6. 06 1. Studie van interne processen: 7
  7. 07 2. Soorten metingen: 7
  8. 08 3. Productvariabelen 7
  9. 09 4. Eendimensionele foutscore 8
  10. 10 5. Tweedimensionele foutscores 8
  11. 11 6. Procesvariabelen (hoe heeft iemand het gedaan?) 8
  12. 12 7. Brain imaging technieken: 9
    1. Deze brain imaging technieken zijn toepasbaar op motorische controle (onderzoek): 10
    2. EEG: 10
    3. Bewegingsvrijheid 10
    4. Temporele resolutie 10
    5. Negatief: spatiële resolutie (weten niet van waar het signaal komt) 10
    6. PET en fMRI: 10
    7. Negatief: bewegingsvrijheid 10
    8. Negatief: temporele resolutie (weet niet precies wanneer) 10
    9. Spatiële resolutie (weten precies waar) 10
    10. Kostrprijs 10
    11. Risico’s (fMRI) 10
  13. 13 1. Wat is een theorie? 11
    1. Beschrijving van een klasse observaties: blootleggen van belangrijke variabelen in specifiek gedrag 11
    2. Voorspelling over toekomstig gedrag: aantonen dat specifieke variabelen verantwoordelijk zijn voor een bepaald gedrag. 11
    3. Fitts’ law: speed-accuracy trade-off 11
    4. = beschrijft de relatie tussen snelheid en nauwkeurigheid van een beweging. 11
    5. Illustratie: wijzen naar twee doelen (bepaalde grootte) op een bepaalde afstand van elkaar. 11
    6. Movement tijd (MT)= a+b log2 (2D/W) 11
    7. Als D toeneemt: accuraatheid daalt en MT neemt toe. 11
    8. Als W toeneemt: accuraatheid stijgt en MT neemt af. 11
    9. Index of difficulty: log2 (2D/W) 11
    10. Moeilijkere taak= langere tijdsduur. Deze maat toont aan hoe moeilijk een taak is obv afstand tot het doel en de grote ervan. 11
  14. 14 2. De core-business van motorische controle en leren: coördinatie 11
    1. 2.1. Coördinatie 12
    2. 2.2. Evolutie naar ‘optimaal’ patroon 12
  15. 15 3. Het probleem van de vrijheidsgraden 12
    1. 3.1 Oplossing 1: centrale sturing 12
    2. 3.2 Oplossing 2: Perifere autonomie 17
  16. 16 4. samenvatting: theoretische benadering vs ecologische 19
  17. 17 1. indeling informatie 20
  18. 18 2. Illustratie van een informatieconflict 20
  19. 19 3. Indeling van de informatie 21
    1. 3.1. Tactiele informatie 21
    2. 3.2. Proprioceptieve informatie 21
    3. 3.3. Visueel systeem 23
  20. 20 4. Etappes in informatieverwerking 23
    1. 4.1. Stimulus identificatie 24
    2. 4.2. Respons selectie 24
    3. 4.3. Respons programmering 24
  21. 21 5. toetsen (onderzoeken) van informatieverwerking 24
    1. 5.1. Soorten reactietijden 24
    2. 5.2. Beïnvloedende factoren 25
  22. 22 6. Aandacht 25
    1. 6.1. Aandacht doorheen fasen 26
  23. 23 7. Implicaties voor de praktijk 27
  24. 24 8. Geheugen 28
    1. 8.1. Korte termijn sensorische opslagplaats 28
    2. 8.2. Korte termijn geheugen 28
    3. 8.3. Lange termijn geheugen 29
  25. 25 1. Posturaal evenwicht 30
    1. 1.1. Posturaal evenwicht: actie-voorbereiding 31
    2. 1.2. Posturaal evenwicht bij een handstand 31
  26. 26 2. Terminologie 32
  27. 27 3. Rol van de kinesthesie 32
  28. 28 4. Rol van de visus 33
  29. 29 5. Rol van het vestibulair orgaan 33
  30. 30 6. Posturale controle 33
  31. 31 7. EValuatie van sensorische strategie via posturografie 33
  32. 32 8. Stappen en lopen 34
    1. 8.1. Controletheorieën voor stappen en lopen 34
    2. 8.2. Visuele input 34
  33. 33 9. Wijzen, reiken, grijpen en vangen 35
  34. 34 10. Visus en prehension 36
  35. 35 1. Wat is motorisch leren? 36
  36. 36 1. INleiding 39
  37. 37 2. Fitts & Posner (1967!): kenmerken 40
    1. 2.1. Relevantie van Fitts & Posner 40
  38. 38 3. Gentile: 2 stadia (= etappestheorie) 40
    1. 3.1. Stadium 1 : bewegingsidee 40
    2. 3.2. Stadium 2: fixatie/ diversificatie 41
  39. 39 4. Veranderingen tijdens leerproces 41
    1. 4.1. 10 kenmerken die tijdens het leerproces het verschil tussen beginner en expert uitmaken 41
  40. 40 1. Wat is feedback? 44
    1. 1.1. Categorieën van feedback 45
    2. 1.2. Hoe werkt feedback 45
    3. 1.3. Nuttig? Nodig? Overbodig? Schadelijk? 46
    4. 1.4. Inhoud van feedback 47
    5. 1.5. Timing van feedback: tijdens of na? 48
    6. 1.6. Timing van feedback: frequentie? 48
  41. 41 1. 8 basisconcepten oefensessie 50
  42. 42 1. Een kritische blik op de cognitieve benadering van motorisch leren 55
    1. 1.1. Motorisch leren vanuit een constraints-benadering 55
    2. 1.2. Differentieel leren 55
  43. 43 1. Motorische ontwikkelingstheoriën 57
    1. 1.1. De rijpingstheorie: historische achtergrond 57
    2. 1.2. Informatieverwerkingstheorie 58
    3. 1.3. Ecologische benadering 58

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
23 augustus 2026
Aantal pagina's
58
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€10,16

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
10
Laatst verkocht
-

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen